Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202500611/1/A2

Uitspraak 202500611/1/A2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3679
Datum uitspraak
6 augustus 2025
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 11 december 2023 heeft de CSG een aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. Bij besluit van 3 mei 2024 heeft de CSG het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 17 januari 2025 heeft de rechtbank het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft [appellante] hoger beroep ingesteld.
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202500611/1/A2.
Datum uitspraak: 6 augustus 2025

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak als bedoeld in artikel 8:57 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het hoger beroep van:

[appellante], wonend in [woonplaats],

appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland­West­Brabant van 17 januari 2025 in zaak nr. 24/4781 in het geding tussen:

[appellante]

en

de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG).

Procesverloop

Bij besluit van 11 december 2023 heeft de CSG een aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen.

Bij besluit van 3 mei 2024 heeft de CSG het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 17 januari 2025 heeft de rechtbank het door [appellante] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [appellante] hoger beroep ingesteld.

De CSG heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

Geen van de partijen heeft binnen de gestelde termijn verklaard gebruik te willen maken van het recht ter zitting te worden gehoord, waarna de Afdeling het onderzoek met toepassing van artikel 8:57, derde lid, gelezen in verbinding met artikel 8:108, eerste lid, van de Awb heeft gesloten.

Overwegingen

1.       [appellante] heeft de aanvraag ingediend omdat zij slachtoffer en getuige is geweest van zeer ernstig huiselijk geweld.

2.       De CSG heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellante] de aanvraag niet voldoende heeft onderbouwd met objectieve aanwijzingen.

Met het besluit van 3 mei 2024 heeft de CSG de afwijzing gehandhaafd, omdat uit de door [appellante] overgelegde medische informatie niet duidelijk wordt wat haar is overkomen. De CSG heeft zich verder op het standpunt gesteld dat zij van [appellante] geen eenduidige informatie heeft gekregen over de periode waarbinnen zij getuige werd van huiselijk geweld. De CSG heeft erop gewezen dat zij aan de moeder van [appellante] eerder een uitkering heeft toegekend wegens tegen haar gepleegd geweld en dat de broer van [appellante] eerder ook een uitkering heeft ontvangen vanwege het feit dat hij het huiselijk geweld moest waarnemen. In de procedures van de moeder en de broer van [appellante] heeft de CSG aannemelijk geacht dat het huiselijk geweld heeft plaatsgevonden in de periode van 2002 tot en met 2004. [appellante] is geboren op 30 oktober 2004. De CSG beschikt voor de periode na de geboorte van [appellante] niet over onderbouwing met objectieve aanwijzingen waaruit blijkt dat zij getuige was van huiselijk geweld.

3.       De rechtbank heeft overwogen dat de CSG zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat [appellante] onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het huiselijk geweld ook na haar geboorte heeft plaatsgevonden en dat zij ook slachtoffer hiervan is geworden. Dat betekent volgens de rechtbank niet dat wat [appellante] over het huiselijk geweld in de periode na 2004 heeft verklaard, niet zou zijn gebeurd, maar slechts dat zij niet aan haar bewijslast heeft voldaan.

4.       De gronden die [appellante] in hoger beroep heeft aangevoerd zijn zo goed als een herhaling van wat zij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. [appellante] heeft geen redenen aangevoerd waarom de gemotiveerde beoordeling van die gronden in de aangevallen uitspraak onjuist of onvolledig zou zijn. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder 3.6 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd. Zij voegt daaraan toe dat [appellante] met de enkele verwijzing naar de omstandigheid dat haar broer slechts een jaar ouder is dan zij, gelet op haar geboortedatum, niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij slachtoffer is geworden van huiselijk geweld in dezelfde periode als waarin de CSG aannemelijk heeft geacht dat de broer huiselijk geweld heeft moeten waarnemen.

5.       Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

6.       De CSG hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. E.A. Minderhoud, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. T. van Goeverden-Clarenbeek, griffier.

w.g. Minderhoud
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Van Goeverden-Clarenbeek
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 6 augustus 2025

488-1175


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon