Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200306956/2

Uitspraak 200306956/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:AN7250
Datum uitspraak
30 oktober 2003
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 september 2003 heeft verzoeker geweigerd het geboortejaar van [partij] in de gemeentelijke basisadministratie te wijzigen van 1942 in 1921.
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200306956/2.
Datum uitspraak: 30 oktober 2003

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
verzoeker,

tegen de uitspraak van de rechtbank te 's-Gravenhage van 25 september 2003 in het geding tussen:

[partij], wonend te [woonplaats]

en

verzoeker.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 september 2003 heeft verzoeker geweigerd het geboortejaar van [partij] in de gemeentelijke basisadministratie te wijzigen van 1942 in 1921.

Bij besluit van 4 april 2003 heeft verzoeker het daartegen door [partij] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 25 september 2003, verzonden op 26 september 2003, heeft de rechtbank te 's-Gravenhage (hierna: de rechtbank) het daartegen door [partij] ingestelde beroep gegrond verklaard, de bestreden beslissing op bezwaar vernietigd en bepaald dat verzoeker binnen vier weken na de datum van verzending van de uitspraak een nieuw besluit neemt met inachtneming van het in de uitspraak bepaalde.

Tegen deze uitspraak heeft verzoeker bij brief van 20 oktober 2003, bij de Raad van State ingekomen op 22 oktober 2003, hoger beroep ingesteld.
Voorts heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 27 oktober 2003, waar verzoeker, vertegenwoordigd door dr. H. Kokken en mr. M. Hertogs, beiden ambtenaar der gemeente, en [partij] in persoon, bijgestaan door mr. G.O. Perquin, advocaat te Zoetermeer, en zijn zoon [naam zoon], zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Het verzoek om voorlopige voorziening is erop gericht te voorkomen dat hangende de hoger beroepsprocedure, conform het in de aangevallen uitspraak bepaalde, dient te worden beslist dat de door [partij] verzochte wijziging in de gemeentelijke basisadministratie wordt toegestaan. Het college heeft in dat kader betoogd dat de afnemers van de gegevens van de gemeentelijke basisadministratie op basis van een eventueel tijdelijke wijziging ingrijpende beslissingen zouden kunnen dan wel moeten nemen.

2.3. Dit belang van het college acht de Voorzitter, afgewogen tegen het belang van [partij] bij een spoedige beslissing op bezwaar, voldoende spoedeisend en zwaarwegend om, in afwachting van de behandeling door de Afdeling, de verzochte voorlopige voorziening te treffen. Daarbij neemt de Voorzitter in aanmerking dat ter zitting is gebleken dat de uitkering die [partij] ontvangt op grond van de Algemene bijstandswet niet zal worden beëindigd voordat is beslist in de bodemprocedure.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat het college van burgemeester en wethouders van Den Haag geen nieuw besluit hoeft te nemen voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.

Aldus vastgesteld door mr. W. van den Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.Z.C. Koutstaal, ambtenaar van Staat.

w.g. Van den Brink w.g. Koutstaal
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 30 oktober 2003

383.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon