Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202304460/1/A3

Uitspraak 202304460/1/A3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4986
Datum uitspraak
4 december 2024
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 april 2021 heeft de burgemeester van Almelo besloten om de woning van [appellant] aan [locatie] in Almelo voor een periode van vier maanden te sluiten. [appellant] en haar [echtgenoot] zijn eigenaar van de woning. Op 23 februari 2021 heeft de burgemeester van de politie een bestuurlijke rapportage ontvangen. Daarin staat dat de politie in 2020 een strafrechtelijk onderzoek is gestart naar [echtgenoot] in verband met de verdenking van de handel in verdovende middelen. Op 10 december 2020 is hij na een door de politie waargenomen drugsdeal aangehouden en op dezelfde dag heeft een huiszoeking plaatsgevonden. Bij die doorzoeking is het volgende aangetroffen en in beslag genomen: 55,97 gr cocaïne, meer dan duizend lege gripzakjes, contant briefgeld in verschillende coupures (€ 4.070,00), drie zakken met muntgeld (€ 380,66), voertuigen en (dure) horloges. De burgemeester heeft naar aanleiding hiervan besloten om de woning op grond van artikel 13b van de Opiumwet en overeenkomstig het Damoclesbeleid 2019 voor vier maanden te sluiten. Het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar heeft hij ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dat besluit in stand gelaten.
  • Hoger beroep
  • Drugs

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202304460/1/A3.
Datum uitspraak: 4 december 2024

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend in Almelo,
appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 26 mei 2023 in zaak nr. 21/1471 in het geding tussen:

[appellant]

en

de burgemeester van Almelo.

Procesverloop

Bij besluit van 1 april 2021 heeft de burgemeester besloten om de woning van [appellant] aan [locatie] in Almelo voor een periode van vier maanden te sluiten.

Bij besluit van 19 juli 2021 heeft de burgemeester het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 26 mei 2023 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

De burgemeester heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak op de zitting van 20 november 2024 behandeld, waar de burgemeester, vertegenwoordigd door mr. M. Ichoh, is verschenen.

Overwegingen

Inleiding

1.       [appellant] en haar [echtgenoot] zijn eigenaar van de woning aan [locatie] in Almelo. Op 23 februari 2021 heeft de burgemeester van de politie een bestuurlijke rapportage ontvangen. Daarin staat dat de politie in 2020 een strafrechtelijk onderzoek is gestart naar [echtgenoot] in verband met de verdenking van de handel in verdovende middelen. Op 10 december 2020 is hij na een door de politie waargenomen drugsdeal aangehouden en op dezelfde dag heeft een huiszoeking plaatsgevonden. Bij die doorzoeking is het volgende aangetroffen en in beslag genomen: 55,97 gr cocaïne, meer dan duizend lege gripzakjes, contant briefgeld in verschillende coupures (€ 4.070,00), drie zakken met muntgeld (€ 380,66), voertuigen en (dure) horloges. De burgemeester heeft naar aanleiding hiervan besloten om de woning op grond van artikel 13b van de Opiumwet en overeenkomstig het Damoclesbeleid 2019 voor vier maanden te sluiten. Het daartegen door [appellant] gemaakte bezwaar heeft hij ongegrond verklaard. De rechtbank heeft dat besluit in stand gelaten.

Hoger beroep

2.       [appellant] betoogt dat zij niet op de hoogte was van de verdovende middelen en handelsattributen in haar woning. Uit het feit dat bij de huiszoeking ook voertuigen, horloges en contant geld zijn aangetroffen, kan niet zonder meer volgen dat [appellant] kennis droeg van de activiteiten van haar echtgenoot, dan wel dat zij daar redelijkerwijs van op de hoogte had moeten zijn. De politie trof de verdovende middelen en het contante geld weliswaar aan op toegankelijke plaatsen, maar daarmee is niet gezegd dat dat eerder ook het geval is geweest. Daarom treft [appellant] geen verwijt van de overtreding. Daarnaast is van belang dat [appellant] door de detentie van haar echtgenoot een alleenstaande moeder was met de zorg voor een minderjarig kind, terwijl zij ook nog vier maanden zwanger was. Gelet op deze omstandigheden is de sluiting van haar woning onevenredig, aldus [appellant].

Beoordeling van het hoger beroep

3.       De gronden die [appellant] in hoger beroep heeft aangevoerd, zijn een herhaling van wat zij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. [appellant] heeft geen redenen aangevoerd waarom de gemotiveerde beoordeling van die gronden in de aangevallen uitspraak onjuist of onvolledig zou zijn. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder 5.6 tot en met 5.10 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd.

Het betoog slaagt niet.

Conclusie

4.       Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank dient te worden bevestigd.

Proceskosten

5.       De burgemeester hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. J.M. Willems, voorzitter, en mr. C.J. Borman en mr. M. den Heyer, leden, in tegenwoordigheid van mr. R.J.A. Meerman, griffier.

w.g. Willems
voorzitter

w.g. Meerman
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 4 december 2024

960


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon