Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202307817/1/A2

Uitspraak 202307817/1/A2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4751
Datum uitspraak
20 november 2024
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 augustus 2022 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over 2021 definitief vastgesteld op € 54,00, en € 1.237,00 aan teveel uitbetaalde voorschotten teruggevorderd. De Sociale Verzekeringsbank heeft in februari 2021 op grond van de Algemene Ouderdomswet een nabetaling van pensioen aan [appellant] gedaan van € 15.640,95 netto over de periode van 1 december 2019 tot en met 31 januari 2021. Op 25 mei 2022 heeft de Dienst Toeslagen een melding ontvangen vanuit de Basisregistratie Inkomen waaruit blijkt dat het toetsingsinkomen van [appellant] over 2021 € 30.913,00 bedraagt. Vervolgens heeft de Dienst Toeslagen bij het besluit van 5 augustus 2022 de zorgtoeslag over 2021 opnieuw definitief berekend en herzien.
  • Hoger beroep
  • Geld

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202307817/1/A2.
Datum uitspraak: 20 november 2024

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend in [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 1 december 2023 in zaak nr. 23/3134 in het geding tussen:

[appellant]

en

de Belastingdienst/Toeslagen (nu en hierna: de Dienst Toeslagen).

Procesverloop

Bij besluit van 5 augustus 2022 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellant] over 2021 definitief vastgesteld op € 54,00, en € 1.237,00 aan teveel uitbetaalde voorschotten teruggevorderd.

Bij besluit van 11 april 2023 heeft de Dienst Toeslagen het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 1 december 2023 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

De Dienst Toeslagen heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 24 oktober 2024, waar [appellant], bijgestaan door [gemachtigde A], en de Dienst Toeslagen, vertegenwoordigd door [gemachtigde B] en [gemachtigde C], zijn verschenen.

Overwegingen

1.       De Sociale Verzekeringsbank heeft in februari 2021 op grond van de Algemene Ouderdomswet (hierna: AOW) een nabetaling van pensioen aan [appellant] gedaan van € 15.640,95 netto over de periode van 1 december 2019 tot en met 31 januari 2021. Op 25 mei 2022 heeft de Dienst Toeslagen een melding ontvangen vanuit de Basisregistratie Inkomen (hierna: BRI) waaruit blijkt dat het toetsingsinkomen van [appellant] over 2021 € 30.913,00 bedraagt. Vervolgens heeft de Dienst Toeslagen bij het besluit van 5 augustus 2022 de zorgtoeslag over 2021 opnieuw definitief berekend en herzien.

2.       De gronden die [appellant] in hoger beroep heeft aangevoerd zijn zo goed als een herhaling van wat hij in beroep heeft aangevoerd. De rechtbank is gemotiveerd op die gronden ingegaan. [appellant] heeft geen redenen aangevoerd waarom de gemotiveerde beoordeling van die gronden in de aangevallen uitspraak onjuist of onvolledig zou zijn. De Afdeling kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de onder rechtsoverweging 8 tot en met 13 opgenomen overwegingen, waarop dat oordeel is gebaseerd. De Afdeling voegt daar nog aan toe dat [appellant] op de zitting duidelijk heeft gemaakt dat hij financieel in een moeilijke positie zit. De Afdeling overweegt dat de rechtbank in rechtsoverweging 12 heeft uitgelegd dat [appellant] om een persoonlijke betalingsregeling kan vragen en hoe dat werkt. De Dienst Toeslagen heeft deze uitleg op de zitting bij de Afdeling bevestigd en geadviseerd om een dergelijke aanvraag in te dienen.

3.       Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.

4.       De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. C.J. Borman, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. P.A. de Vink, griffier.

w.g. Borman
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. De Vink
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 20 november 2024

154-1129


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon