Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200302525/1

Uitspraak 200302525/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:187
Datum uitspraak
21 mei 2003
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 maart 2003, kenmerk 03B000973MIL, heeft verweerder naar aanleiding van een melding van de gemeente Enschede vastgesteld dat er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging waarvan de sanering urgent is op de [locatie] te [plaats]. Tevens heeft verweerder ingestemd met een saneringsplan voor dit geval van verontreiniging.
  • Voorlopige voorziening
  • Bodembescherming

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200302525/1.
Datum uitspraak: 21 mei 2003.

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoekers], wonend te [woonplaats]

en

het college van burgemeester en wethouders van Enschede,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 3 maart 2003, kenmerk 03B000973MIL, heeft verweerder naar aanleiding van een melding van de gemeente Enschede vastgesteld dat er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging waarvan de sanering urgent is op de [locatie] te [plaats]. Tevens heeft verweerder ingestemd met een saneringsplan voor dit geval van verontreiniging.

Tegen dit besluit hebben verzoekers bezwaar gemaakt.
Bij brief van 16 april 2003, bij de Raad van State ingekomen op 18 april 2003, hebben verzoekers de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 13 mei 2003, waar verzoekers in persoon zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel 29, eerste lid, onder b, van de Wet bodembescherming stellen gedeputeerde staten naar aanleiding van een melding als bedoeld in artikel 28, eerste lid, in een beschikking vast of sprake is van een geval van ernstige verontreiniging.

Ingevolge artikel 37, eerste lid, van de Wet bodembescherming stellen gedeputeerde staten in een beschikking als bedoeld in artikel 29, eerste lid, waarbij zij vaststellen dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging, tevens vast of er van urgentie sprake is om het geval te saneren, waarbij zij in ieder geval rekening houden met het risico voor mens, plant of dier als gevolg van blootstelling aan de verontreiniging, gegeven het gebruik van de bodem op het ogenblik waarop de beschikking wordt gegeven.

Ingevolge artikel 39, tweede lid, van de Wet bodembescherming behoeft het saneringsplan onder meer de instemming van gedeputeerde staten, die slechts met het plan instemmen indien door de daarin beschreven sanering naar hun oordeel wordt voldaan aan het bij of krachtens artikel 38 bepaalde.

Ingevolge artikel 38, eerste lid, van de Wet bodembescherming dient degene die de bodem saneert de sanering zodanig uit te voeren dat daardoor de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, plant of dier heeft, worden behouden of hersteld, tenzij zich omstandigheden voordoen als bedoeld in het derde lid.

Ingevolge artikel 88, eerste en negende lid van de Wet bodembescherming, in samenhang met artikel 1, aanhef en onder j, van het Besluit aanwijzing bevoegdgezaggemeenten Wet bodembescherming, wordt de gemeente Enschede gelijkgesteld met de provincie voor de toepassing van onder meer de artikelen 29, 37 en 39 van de Wet bodembescherming.

2.2. Verweerder heeft bij het bestreden besluit onder meer ingestemd met het bij de melding overgelegde saneringsplan van 19 december 2002, kenmerk A1882/FHU/mas, dat is opgesteld door adviesbureau Geofox B.V. In dit plan, dat betrekking heeft op bodemsanering van asbestverontreiniging op de [locatie] te [plaats], is vermeld dat alvorens met de saneringswerkzaamheden kan worden begonnen onder meer de op het terrein aanwezige begroeiing (beplanting en bomen) dient te worden verwijderd.

2.3. Verzoekers zijn van mening dat verweerder ten onrechte heeft ingestemd met het saneringsplan voorzover daarin is voorzien in de kap van een eik en een linde, beide gelegen in deelgebied B van het terrein. Zij betogen dat de twee bomen moeten worden gespaard, in welk verband zij onder meer aanvoeren dat dit zou passen binnen het groenbeleid van de gemeente Enschede, het toekomstige beleid van de gemeente Enschede ten aanzien van asbestsanering, alsmede het interim-beleid van het Ministerie van VROM.

2.3.1. Het saneringsplan is opgesteld naar aanleiding van de resultaten van het asbestonderzoek, die zijn opgenomen in het door Geofox B.V. opgestelde rapport van 2 december 2002, kenmerk A1881/RPA/rfr. Hieruit blijkt dat in deelgebied B van het terrein, waarin de desbetreffende eik en linde zijn gelegen, op willekeurige plaatsen elf sleuven zijn gegraven met een lengte van ongeveer 2,5 meter en een breedte van ongeveer 50 centimeter. In geen van deze sleuven zijn asbestverdachte materialen visueel waargenomen. Uit de analyseresultaten van een grondmonster blijkt dat sleuf 16 een concentratie van 16 mg/kg asbest bevat. In de overige sleuven in deelgebied B is geen asbestverontreiniging aangetroffen.

2.3.2. De Voorzitter is van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft aangetoond dat ter plaatse van de desbetreffende eik en linde of in hun directe omgeving asbestverontreiniging in de bodem aanwezig is, nu uit de stukken noch uit het verhandelde ter zitting is gebleken dat asbestonderzoek is verricht rondom deze twee bomen. Ook anderszins is niet gebleken waarom de kap van deze bomen noodzakelijk is voor het uitvoeren van de bodemsanering. Gelet hierop is het besluit, voorzover is ingestemd met de in het saneringsplan opgenomen kap van de op deelgebied B van het terrein aanwezige eik en linde, genomen in strijd met de bij de voorbereiding van een besluit vereiste zorgvuldigheid, zoals neergelegd in artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht. Gelet op het vorenstaande ziet de Voorzitter aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen.

2.4. Van proceskosten die voor vergoeding in aanmerking komen, is niet gebleken.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. schorst bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Enschede van 3 maart 2003, kenmerk 03B000973MIL, voorzover in het saneringsplan waarmee is ingestemd niet is voorzien in het gespaard blijven van de op deelgebied B van het terrein aanwezige eik en linde, tot zes weken na de beslissing op het door verzoekers bij verweerder ingediende bezwaarschrift;

II. gelast dat de gemeente Enschede aan verzoekers het door hen voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht (€ 116,00) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. L.J. Können, ambtenaar van Staat.

w.g. Brink w.g. Können
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 21 mei 2003.

301-353.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon