Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202003849/3/V1

Uitspraak 202003849/3/V1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:2714
Datum uitspraak
9 november 2020
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 20 maart 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202003849/3/V1.
Datum uitspraak: 9 november 2020

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om wijziging van een voorlopige voorziening (artikel 8:87 van de Awb), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, van:

[de vreemdeling],

verzoeker.

Procesverloop

Bij besluit van 20 maart 2020 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

Bij uitspraak van 15 juni 2020 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd, de staatssecretaris opgedragen om aan de vreemdeling een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen en bepaald dat de uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.

Tegen deze uitspraak heeft de staatssecretaris hoger beroep ingesteld. Ook heeft de staatssecretaris de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Bij uitspraak van 24 juli 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1791, heeft de voorzieningenrechter bij wijze van voorlopige voorziening bepaald dat de staatssecretaris geen uitvoering aan de uitspraak van de rechtbank hoeft te geven voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist (hierna: de voorlopige voorziening).

De vreemdeling heeft verzocht de voorlopige voorziening te wijzigen.

De staatssecretaris heeft desgevraagd een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

Overwegingen

1.    De voorzieningenrechter heeft in de uitspraak van 24 juli 2020 overwogen dat naar zijn voorlopig oordeel niet aannemelijk is dat de uitspraak van de rechtbank in stand blijft. Mede gelet op de belangen die de staatssecretaris en de vreemdeling naar voren hebben gebracht, heeft hij daarom de voorlopige voorziening getroffen.

1.1.    In het verzoek om wijziging van de voorlopige voorziening wijst de vreemdeling erop dat het dossier inmiddels compleet is en dat de voorzieningenrechter daardoor nu beter in staat zal zijn om een voorlopig rechtmatigheidsoordeel te vellen en een afweging te maken van de betrokken belangen. Ook voert hij gemotiveerd aan dat, ongeacht het voorlopige rechtmatigheidsoordeel, zijn belangen zwaarder moeten wegen dan die van de staatssecretaris.

1.2.    De vreemdeling heeft in zijn verzoek geen nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd die kunnen leiden tot een wijziging van de voorlopige voorziening. Dat het dossier inmiddels compleet is, is hiervoor te algemeen. De vreemdeling heeft met de door hem gestelde belangen evenmin aannemelijk gemaakt dat de uitspraak in de bodemzaak niet kan worden afgewacht.

1.3.    De voorzieningenrechter wijst het verzoek om wijziging van de voorlopige voorziening daarom af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.J. van Eck, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. A.M.L. Hanrath, griffier.

w.g. Van Eck    w.g. Hanrath
voorzieningenrechter    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 9 november 2020

154-886.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon