Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201810044/2/A3

Uitspraak 201810044/2/A3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2020:1206
Datum uitspraak
13 mei 2020
Inhoudsindicatie
[appellant] en anderen hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 6 november 2018 in zaak nr. 18/2738.
  • Geheimhoudingsbeslissing
  • Openbaarheid

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201810044/2/A3.
Datum beslissing: 13 mei 2020

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in het hoger beroep van:

[appellant], wonend te [woonplaats], en anderen,

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 6 november 2018 in zaak nr. 18/2738 in het geding tussen:

[appellant] en anderen

en

de korpschef van politie.

Procesverloop

[appellant] en anderen hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 6 november 2018 in zaak nr. 18/2738.

De korpschef heeft de Afdeling met verwijzing naar artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van door hem verstrekte inlichtingen.

Overwegingen

1.    Het geschil in de bodemzaak betreft de weigering van de korpschef in het belang van de goede uitvoering van de politietaak om [appellant] en anderen kennis te laten nemen van hen betreffende politiegegevens. Het hoger beroep van [appellant] en anderen is behandeld ter zitting van de Afdeling op 22 juli 2019. De voorzitter heeft de korpschef ter zitting verzocht het openbaar ministerie te vragen toe te lichten wat aangaande voormeld belang de stand van zaken was op het moment van het besluit van de korpschef van 5 maart 2018 en of, en zo ja, in hoeverre de belemmeringen om aan [appellant] en anderen inzage in de hen betreffende politiegegevens te verlenen inmiddels zijn weggenomen. De korpschef heeft op 17 oktober 2019 gereageerd op het verzoek en daarbij de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling kennis zal nemen van de door hem verstrekte inlichtingen. De Afdeling leidt uit het verzoek van de korpschef af dat dit zich niet uitstrekt tot de eerste bladzijde van zijn reactie en evenmin tot de bijlagen. De beslissing op het verzoek heeft daarom uitsluitend betrekking op de bladzijden 2 tot en met 9 van de reactie.

2.    Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

3.    De Afdeling heeft kennis genomen van de reactie van de korpschef. Zij acht aannemelijk dat kennisneming door [appellant] en anderen van de bladzijden 2 tot en met 9 van de reactie het belang van de opsporing en vervolging van strafbare feiten zal schaden. Naar het oordeel van de Afdeling weegt dat belang in dit geval zwaarder dan het belang dat [appellant] en anderen kennis nemen van deze bladzijden.

4.    De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek van de korpschef van politie om beperking van de kennisneming van de bladzijden 2 tot en met 9 van zijn reactie van 17 oktober 2019 toe.

Aldus vastgesteld door mr. J.J. van Eck, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. P. Klein, griffier.

w.g. Van Eck    w.g. Klein
lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer    griffier

Uitgesproken in het openbaar op 13 mei 2020

176.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon