Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200106311/1

Uitspraak 200106311/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2002:AE6485
Datum uitspraak
14 augustus 2002
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 8 maart 2000 heeft de Staatssecretaris van Justitie (hierna: de staatssecretaris) een verzoek van appellante om naturalisatie afgewezen.
  • Hoger beroep
  • Overige uitspraken (tot 2004)

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200106311/1.
Datum uitspraak: 14 augustus 2002

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellante], wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam van 18 december 2001 in het geding tussen:

appellante

en

de Staatssecretaris van Justitie.

1. Procesverloop

Bij besluit van 8 maart 2000 heeft de Staatssecretaris van Justitie (hierna: de staatssecretaris) een verzoek van appellante om naturalisatie afgewezen.

Bij besluit van 12 juli 2000 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Dit besluit is aangehecht.

Bij uitspraak van 18 december 2001, verzonden op dezelfde dag, heeft de arrondissementsrechtbank te Amsterdam (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief van 20 december 2001, bij de Raad van State ingekomen op 24 december 2001, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 20 februari 2002 heeft de staatssecretaris van antwoord gediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 2 augustus 2002, waar de de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, vertegenwoordigd door mr. A.W. van Leeuwen, advocaat te Den Haag, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Appellante betoogt tevergeefs dat de rechtbank ten onrechte aannemelijk heeft geacht dat zij niet over redelijke kennis van de Nederlandse taal beschikt. De rechtbank heeft terecht geen grond gevonden voor het oordeel dat de staatssecretaris zich, mede lettend op het verslag van de hoorzitting van 24 mei 2000, niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat appellante ten tijde van het besluit van 12 juli 2000 niet beschikte over een redelijke kennis van de Nederlandse taal in de zin van artikel 8, eerste lid, aanhef en onder d, van de Rijkswet op het Nederlanderschap. In de door appellante naar voren gebrachte omstandigheden heeft de staatssecretaris voorts geen grond hoeven vinden om aan de eis van taalbeheersing niet onverkort vast te houden.

2.2. Dat zij analfabeet is, heeft appellante, wat daar ook van zij, voor het eerst in hoger beroep gesteld, zodat de staatssecretaris daarmee ten tijde van het nemen van het in beroep bestreden besluit geen rekening heeft kunnen houden.

2.3. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling in hoger beroep bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.H.C.A. Muller, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Muller
Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 14 augustus 2002

242-345.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon