Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200104981/1

Uitspraak 200104981/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2002:AE5698
Datum uitspraak
24 juli 2002
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 13 juli 1999 heeft de Permanente Commissie Leerlingenzorg te Amstelveen (hierna: de PCL) de dochter van appellante niet toelaatbaar geacht voor de speciale school voor basisonderwijs en het advies voor een Z.M.L.K.-school gegeven.
  • Hoger beroep
  • Overige uitspraken (tot 2004)

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200104981/1.
Datum uitspraak: 24 juli 2002

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellante], wonend te [woonplaats], als wettelijk vertegenwoordigster van [dochter van appellante]

tegen de uitspraak van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam van 29 augustus 2001 in het geding tussen:

appellante

en

de Permanente Commissie Leerlingenzorg te Amstelveen.

1. Procesverloop

Bij besluit van 13 juli 1999 heeft de Permanente Commissie Leerlingenzorg te Amstelveen (hierna: de PCL) de dochter van appellante niet toelaatbaar geacht voor de speciale school voor basisonderwijs en het advies voor een Z.M.L.K.-school gegeven.

Bij besluit van 14 december 1999 heeft de PCL, nadat zij het daartegen door appellante gemaakte bezwaar gegrond had verklaard, de dochter alsnog wel toelaatbaar geacht tot de speciale school voor basisonderwijs. Twee hierop betrekking hebbende stukken zijn aangehecht.

Bij besluit van 31 januari 2000 heeft de PCL het daartegen door appellante gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 29 augustus 2001, verzonden op dezelfde dag, heeft de arrondissementsrechtbank te Amsterdam (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 8 oktober 2001, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 11 februari 2002, waar appellante in persoon, bijgestaan door [gemachtigde], is verschenen.

De Afdeling heeft het onderzoek vervolgens heropend en een door appellante overgelegd stuk alsnog aan de PCL ter kennis gebracht. De PCL heeft op dit stuk gereageerd, waarna appellante in de gelegenheid is gesteld daarop te reageren. De daarop gevolgde reactie is aangehecht. Met toestemming van partijen is afgezien van verdere behandeling ter zitting.

2. Overwegingen

2.1. Appellante betoogt tevergeefs dat de rechtbank haar beroep ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard, nu dat zich niet richt tegen de beslissing van de PCL om haar dochter toelaatbaar te achten voor de speciale school voor basisonderwijs, maar tegen de wijze van totstandkomen van de beslissing van de PCL en de daaraan ten grondslag liggende rapportages en rehabilitatie en genoegdoening voor het aangedane onrecht ten doel heeft. De rechtbank heeft terecht en op goede gronden overwogen dat appellante daarmee geen belang had bij het door haar ingestelde beroep, aangezien betrokkene inmiddels was geplaatst op een opleiding voor voortgezet speciaal onderwijs.

2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, Voorzitter, en mr. P.J.J. van Buuren en mr. J.E.M. Polak, Leden, in tegenwoordigheid van mr. J.J. Schuurman, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Schuurman
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 juli 2002

66-362.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon