Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.548
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202405830/1/R2

Bij besluit van 27 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Meierijstad het bestemmingsplan "Veghels Buiten Noordoost" vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4009
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202405830/1/R2

202406017/1/A3

Bij afzonderlijke besluiten van 19 juli 2022 en 26 juli 2022 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de verzoeken van [appellant A] en [appellant B] om kennisneming van de bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst over hen aanwezige gegevens gedeeltelijk toegewezen. [appellant A] en [appellant B] hebben beiden op grond van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 een verzoek ingediend om kennisneming van gegevens die over hen bij de AIVD aanwezig zijn. In 1994 is er in hun huis een inval geweest door de politie vanwege mogelijke betrokkenheid bij een activistische beweging. [appellant A] is toen aangehouden en verdachte geweest van een strafbaar feit. [appellant A] en [appellant B] willen weten welke rol de Binnenlandse Veiligheidsdienst (nu: de AIVD) bij deze gebeurtenissen heeft gehad. De AIVD heeft beide verzoeken toegewezen voor zover het gaat om kennisneming van niet-actuele gegevens. [appellant A] en [appellant B] hebben beiden een inzagedossier met toelichtingsformulieren ontvangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3962
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202406017/1/A3

202406132/1/A3

Bij besluit van 5 oktober 2021 heeft de korpschef van politie (hierna: de korpschef) het verzoek van [appellant] om inzage in zijn politiegegevens gedeeltelijk afgewezen. [appellant] heeft op 17 juni 2021 verzocht om inzage in processen-verbaal die zijn opgemaakt over zijn reizen naar Noorwegen en de tussenliggende periode en de periode erna vanaf 2018. Hij verzoekt met name om inzage in gegevens zoals die zijn opgenomen in twee pv’s die hij zelf heeft bijgevoegd bij zijn verzoek. Deze pv’s heeft hij al kunnen inzien omdat die zijn verstrekt door de IND in een procedure over de intrekking van zijn Nederlanderschap. Daarin stond [appellant] aangemerkt als CTER-subject en zijn andere CTER-subjecten met naam en toenaam genoemd. De korpschef heeft het verzoek gedeeltelijk afgewezen omdat inzage in deze gegevens nadelige gevolgen kan hebben voor de voorkoming, de opsporing, het onderzoek en de vervolging van strafbare feiten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3976
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Politiegegevens
  • uitspraakin de zaak202406132/1/A3

202406437/1/V6

Bij besluit van 9 maart 2023 (hierna: het besluit) heeft de minister van Buitenlandse Zaken een verzoek van appellanten om op enige wijze hun overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 2 november 2022 heeft hij verzocht om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij tussen 1 januari 2008 en 30 december 2009 heeft gewerkt als ‘site safety manager’ voor Rasheed Millat Construction Company. De Nederlandse overheid heeft RMCC in 2008 ingehuurd om betonnen muren te bouwen in Kamp Holland, bij Tarin Kowt, en Camp Hadrian, bij Deh Rawod.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4000
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202406437/1/V6

202407124/1/A3

Bij uitspraak van 13 november 2024 in zaak nr. 202401694/1/A3 (ECLI:NL:RVS:2024:4594) heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 15 maart 2024 in zaken nrs. 23/1926 en 23/2936 gegrond verklaard, die uitspraak vernietigd en de beroepen in die zaken ongegrond verklaard. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien. Als feit of omstandigheid, bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb, voert [verzoeker] aan dat de voorzitter van de meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag in de uitspraak van de rechtbank van 15 maart 2024 heeft gelogen over het aantal door [verzoeker] bij de rechtbank aangespannen procedures dan wel dat de voorzitter het juiste aantal procedures niet kende. Verder voert [verzoeker] als feit of omstandigheid, bedoeld in artikel 8:119, eerste lid, van de Awb, aan dat er in een aantal beroepsprocedures van hem bij de rechtbank Den Haag onbevoegd procesbeslissingen zijn genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4006
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Herziening
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202407124/1/A3

202407125/1/A3

Bij uitspraak van 13 november 2024 in zaak nr. 202401698/1/A3 (ECLI:NL:RVS:2024:4595) heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 15 maart 2024 in zaak nr. 23/5312 gegrond verklaard, die uitspraak vernietigd, het beroep tegen het besluit van 25 juli 2023 ongegrond verklaard, het beroep tegen het besluit van 27 februari 2024 ongegrond verklaard en het beroep tegen het besluit van 19 juli 2024 naar de Nationale ombudsman (hierna: de ombudsman) verwezen om door hem als bezwaar te worden behandeld. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4007
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Herziening
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202407125/1/A3

202407477/1/A2

Bij afzonderlijke besluiten van 7 juli 2023 en 4 augustus 2023 heeft de Dienst Toeslagen de zorg- en huurtoeslag van [appellant] over het jaar 2022 definitief vastgesteld op nihil. [appellant] heeft voor het jaar 2022 voorschotten zorg- en huurtoeslag ontvangen. Op 24 mei 2023 heeft de Dienst Toeslagen een melding gekregen uit de Basisregistratie inkomen dat het inkomensgegeven van [appellant] over het jaar 2022 € 34.652,00 is. Dat bedrag is hoger dan het geschatte jaarinkomen, doordat [appellant] in december 2022 een ontslagvergoeding van € 5.000,00 heeft gekregen en een hoger salaris bij zijn nieuwe werkgever. Bij afzonderlijke besluiten van 7 juli 2023 en 4 augustus 2023, gehandhaafd bij het besluit van 10 november 2023, heeft de Dienst Toeslagen de zorg- en huurtoeslag van [appellant] over 2022 herzien en op nihil vastgesteld, omdat het toetsingsinkomen door de inkomensstijging hoger uitviel dan het maximale inkomen dat voor 2022 aanspraak gaf op zorg- en huurtoeslag. De dienst heeft de te veel betaalde zorg- en huurtoeslag van [appellant] teruggevorderd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3975
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202407477/1/A2

202407523/1/A3

Bij besluit van 23 november 2021 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de aanwijzing van de Nederlandse Asbest Autoriteit als certificerende instelling voorwaardelijk ingetrokken. De Nederlandse Asbest Autoriteit heeft een accreditatie en is aangewezen als een certificerende instelling. In die hoedanigheid beoordeelt zij als onafhankelijke partij of een certificaathouder bij asbestwerkzaamheden voldoet aan de certificatie-eisen. De aanwijzing ten tijde van belang was geldig tot 1 februari 2022. Begin 2021 heeft de Nederlandse Arbeidsinspectie (hierna: de Arbeidsinspectie) meerdere signalen ontvangen die de onafhankelijkheid van de Nederlandse Asbest Autoriteit in twijfel trokken. Naar aanleiding hiervan is de Arbeidsinspectie een onderzoek gestart naar de naleving van wet- en regelgeving door de Nederlandse Asbest Autoriteit. In dat kader heeft ook de Raad voor Accreditatie (hierna: de RvA) een onderzoek uitgevoerd. Anders dan de RvA is de Arbeidsinspectie tot de conclusie gekomen dat de Nederlandse Asbest Autoriteit onvoldoende onafhankelijk is en daarmee niet voldoet aan de vereisten van artikel 1.5b van het Arbeidsomstandighedenbesluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3984
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202407523/1/A3

202500276/1/A2

Bij afzonderlijke besluiten van 7 oktober 2022 heeft de Dienst Toeslagen het kindgebonden budget voor [appellante] over 2017, 2018 en 2019 definitief vastgesteld op respectievelijk € 551,00, nihil en nihil. Daarnaast heeft de Dienst Toeslagen respectievelijk € 1.094,00, € 1.543,00 en € 860,00 aan te veel uitbetaalde kindgebonden budget van [appellante] teruggevorderd. [appellante] is tot [datum] 2017 gehuwd geweest met [persoon] (hierna: ex-partner). Uit dit huwelijk zijn twee kinderen geboren. [appellante] en de twee kinderen wonen vanaf 7 februari 2017 samen met [gemachtigde]. De Dienst Toeslagen heeft [gemachtigde] per 7 februari 2017 aangemerkt als toeslagpartner van [appellante]. De besluiten van 7 oktober 2022, het besluit van 21 oktober 2022, het besluit van 9 juni 2023 en het besluit van 7 augustus 2023 zijn daarom, anders dan de daaraan voorafgaande voorschotbeschikkingen, gebaseerd op het gezamenlijke inkomen van [appellante] en [gemachtigde]. Volgens [appellante] had de Dienst Toeslagen [gemachtigde] niet mogen aanmerken als haar toeslagpartner.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3978
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202500276/1/A2

202500743/1/R1

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de raad het bestemmingsplan "Gutjesweg" vastgesteld. Tegen dit besluit hebben [appellant] en anderen beroep ingesteld. De raad heeft een verweerschrift ingediend. Stichting Wonen Limburg heeft een schriftelijke uiteenzetting ingediend. De Afdeling heeft de zaak op zitting behandeld op 11 augustus 2025, waar [appellant] en anderen, vertegenwoordigd door mr. L. Bukkems, rechtsbijstanderlener te Leusden, en de raad, vertegenwoordigd door ir. ing. M.W.H. Hartjes, via een videoverbinding zijn verschenen. Voorts is op zitting via een videoverbinding Wonen Limburg, vertegenwoordigd door [partij A] en [partij B], als partij gehoord.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3997
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202500743/1/R1

202500776/1/A2

Bij besluit van 2 mei 2023 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. [appellante] is in 2009 slachtoffer geworden van een mishandeling waarbij zij is gewurgd. Bij het besluit op bezwaar heeft de CSG haar een uitkering van € 5.000,00 toegekend uit letselcategorie 3 van de Letsellijst Schadefonds Geweldsmisdrijven van 1 november 2022. In beroep heeft [appellante] betoogd dat letselcategorie 4 meer passend is. De rechtbank heeft haar beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3974
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202500776/1/A2

202501175/1/R4

Bij besluit van 13 november 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 2 november 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een platgemaakte doos, die op 2 november 2024 is aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer ter hoogte van het Mathenesserplein 76 in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het adreslabel op de doos staan. [appellante] betwist niet dat de doos van haar afkomstig is, maar voert aan dat zij niet degene is geweest die de doos naast de ondergrondse papiercontainer heeft gezet. Zij stelt dat in de doos producten zaten die zij had besteld bij winkelketen Kruidvat en dat zij deze bestelling heeft opgehaald bij de winkel van Kruidvat aan het Mathenesserplein 81.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3973
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202501175/1/R4

202502366/1/R4

Bij besluit van 30 januari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 15 januari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld.De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 15 januari 2025 is aangetroffen naast de ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van de Lippe-Biesterfeldweg 70 in Den Haag. Op de doos is een adreslabel aangetroffen met daarop de adresgegevens van [appellante] en de naam van haar minderjarige thuiswonende zoon. Het college heeft toegelicht dat, gezien deze gegevens op het adreslabel, de doos tot de zoon was te herleiden. Daarom dient [appellante] volgens het college te worden aangemerkt als overtreder. [appellante] betwist niet dat zij ervoor verantwoordelijk kan worden gehouden dat haar minderjarige zoon de doos naast de ORAC heeft gezet. Zij meent echter dat het daarvoor bij haar in rekening gebrachte bedrag van € 199,57 niet voor haar rekening zou moeten komen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3996
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202502366/1/R4

202502603/1/R4

Bij besluit van 9 februari 2025 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 28 januari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 28 januari 2025 is aangetroffen naast een ondergrondse papiercontainer ter hoogte van de Paviljoensgracht 139 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat zijn naam en adres op het adreslabel op de doos staan. [appellant] betwist niet dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij de doos niet naast de ondergrondse papiercontainer heeft gezet. Dat zijn naam en adres op het adreslabel stonden, is volgens hem geen overtuigend bewijs dat hij de doos zelf naast de papiercontainer heeft gezet. Hij vermoedt dat de doos eruit is gehaald door derden, is verplaatst of dat de doos is weggewaaid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3995
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202502603/1/R4

202503265/1/R4

Bij besluit van 4 maart 2025 heeft het college zijn beslissing om op 19 februari 2025 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een doos die op 19 februari 2025 is aangetroffen in de vulopening van de ondergrondse container ter hoogte van de Apollostraat 221h in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat op de doos een adreslabel zat waar zijn naam en adres op stonden. [appellant] betwist niet dat de doos van hem afkomstig is, maar stelt dat hij niet degene is geweest die hem naast de container heeft gezet. Dat zijn naam en adres op het adreslabel stonden, is volgens hem daarvoor onvoldoende bewijs. Verder wijst hij erop dat de container regelmatig overvol is. Dat de voorzieningen ontoereikend zijn hoort volgens hem niet tot zijn risico te komen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3994
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202503265/1/R4

202503713/1/A2

Bij beslissing van 28 maart 2025 heeft de examencommissie Moleculaire Wetenschappen van de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica, voor zover hier van belang, de verzoeken van [appellant] om hem met terugwerkende kracht per 9 februari 2024 het masterdiploma van de opleiding Molecular Chemistry toe te kennen en hem daarnaast een vrijstelling te verlenen voor de masterstage bij TNO van 30 ECTS, afgewezen. [appellant] volgt de tweejarige masteropleiding Molecular Chemistry aan de Radboud Universiteit. De master bestaat in totaal uit 120 ECTS, waarvan [appellant] inmiddels 108 ECTS heeft behaald. [appellant] heeft 4 vakken van ieder 3 ECTS nog niet behaald. Aan de beslissing van 28 maart 2025 heeft de examencommissie ten grondslag gelegd dat [appellant] nog niet alle onderdelen van de opleiding Molecular Chemistry met goed gevolg heeft afgelegd. Hij voldoet daarom niet aan de eindtermen van de master, ook niet als zijn eerder opgedane ervaringen bij stages worden meegenomen. Omdat [appellant] de masterstage bij TNO al met succes heeft afgerond, is vrijstelling hiervan niet aan de orde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3993
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503713/1/A2

202503763/1/A2

Bij beslissing van 27 februari 2025 heeft de Commissie Profileringsfonds HAN, namens het CvB, de aanvraag van [appellante] om financiële ondersteuning uit het Profileringsfonds afgewezen. Bij beslissing van 18 juni 2025 heeft het CvB het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing heeft [appellante] beroep ingesteld. [appellante] volgt sinds 1 september 2022 de bacheloropleiding Commerciële Economie Duaal aan HAN University of Applied Sciences. Op 27 oktober 2023 is zij slachtoffer geworden van een verkeersongeluk. De impact van het verkeersongeluk in combinatie met de verschillende juridische procedures tegen haar voormalige werkgever en de onderwijsinstelling heeft er volgens [appellante] toe geleid dat zij niet in staat was om haar opleiding voort te zetten. Zij heeft zich daarom op 10 december 2023 uitgeschreven. Op 15 januari 2025 heeft zij een aanvraag voor financiële ondersteuning uit het Profileringsfonds ter hoogte van € 600,00 per maand ingediend ter compensatie van de door haar opgelopen studievertraging. [appellante] heeft zich per 1 september 2025 weer ingeschreven voor de deeltijdvariant van de opleiding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3960
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503763/1/A2

202503811/1/A2

Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Almere vastgesteld dat [appellant] niet voldoet aan het vereiste voor het lidmaatschap van de raad, zoals vermeld in artikel 10, eerste lid, van de Gemeentewet, dat hij ingezetene van de gemeente Almere is. [appellant] is sinds 2010 lid van de raad van Almere. Na de gemeenteraadsverkiezingen in 2022, is hij op 24 maart 2022 opnieuw toegelaten als lid van de raad. Voor het lidmaatschap van de raad is op grond van artikel 10, eerste lid, van de Gemeentewet vereist dat iemand ingezetene van de gemeente is, de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en niet is uitgesloten van het kiesrecht. Bij het onderzoek van de geloofsbrief is nagegaan of [appellant] aan de vereisten van het lidmaatschap voldeed. De toets aan de eis van het ingezetenschap van de gemeente heeft plaatsgevonden op basis van een uittreksel uit de basisregistratie personen. Omdat de burgemeester van Almere signalen had ontvangen dat [appellant] niet meer in Almere woont, heeft hij op 25 april 2025, in zijn hoedanigheid van voorzitter van de raad, een gesprek met [appellant] gehad. Volgens het daarvan gemaakte verslag heeft [appellant] tijdens dit gesprek te kennen gegeven dat, hoewel hij in de basisregistratie personen is ingeschreven op het adres van zijn dochter, hij sinds 9 april 2025 niet meer in Almere woont, maar wel contact heeft met een makelaar over de huur van een appartement in Almere dat voldoet aan zijn zoekcriteria.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3959
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Kieswet
  • uitspraakin de zaak202503811/1/A2

202504242/1/A2

Bij beslissing van 24 maart 2025 heeft de Raad van Bestuur van het ROC Amsterdam-Flevoland het verzoek van [appellant] om toegelaten te worden tot de beroepsopleidende leerweg gespecialiseerd pedagogisch medewerker niveau 4 van het MBO College Hilversum afgewezen. [appellant] heeft tussen 15 januari 2024 en 1 maart 2025 ingeschreven gestaan bij het MBO College West voor de BOL-opleiding. Het MBO College West is een onderdeel van het ROC Amsterdam-Flevoland. Bij beslissing van 28 februari 2025 heeft de Raad van Bestuur [appellant] verwijderd van deze opleiding na een geweldsincident op de campus. In deze beslissing heeft de Raad van Bestuur de mogelijkheid opengehouden dat [appellant] zich bij een andere mbo-instelling van het ROC voor dezelfde opleiding kan inschrijven. Bij uitspraak van 30 juli 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:3575) heeft de Afdeling het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3904
Datum uitspraak
20 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202504242/1/A2

202405254/1/V2

Bij besluit van 19 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw niet-ontvankelijk verklaard en hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3933
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405254/1/V2

202500141/1/V3

Bij besluit van 11 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3922
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500141/1/V3

202504122/2/V3

Bij besluit van 5 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3932
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504122/2/V3

BRS.25.000337

Bij besluit van 11 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3903
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000337

BRS.25.000981

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3918
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000981

BRS.25.001006

Bij besluit van 8 november 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3916
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001006

BRS.25.001012

Bij besluit van 28 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3917
Datum uitspraak
19 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001012

202407502/1/V3

Bij besluit van 19 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3925
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407502/1/V3

202407558/1/V3

Bij brief van 15 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in kennis gesteld van haar besluit om de overdrachtstermijn met twaalf maanden te verlengen (hierna: het verlengingsbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3924
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202407558/1/V3

202502009/2/R1

Bij besluit van 24 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas een omgevingsvergunning op grond van artikel 2.1, eerste lid, onder a en c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verleend voor een gebouw ten behoeve van de huisvesting van arbeidsmigranten. De Reulsberg B.V. is eigenaar van een camping op het perceel Venloseweg 110 te Horst aan de Maas. De gronden van de camping hebben op grond van het bestemmingsplan "Camping Venloseweg 110, Horst" de bestemming "Recreatie". Op het perceel worden in een bestaand legaal logiesgebouw 42 arbeidsmigranten gehuisvest. Bij besluit van 13 juli 2017 is aan de rechtsvoorganger van De Reulsberg B.V. een vergunning verleend voor het realiseren van een tweede gebouw op het perceel voor het huisvesten van 28 arbeidsmigranten. Dit gebouw is niet gerealiseerd. De Reulsberg B.V. heeft de nu aan de orde zijnde aanvraag ingediend omdat zij meer arbeidsmigranten wil huisvesten in een groter gebouw dan in 2017 vergund.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3919
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202502009/2/R1

202503431/1/V1

Bij besluit van 7 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3923
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503431/1/V1

202503677/1/V3

Bij besluit van 22 januari 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 20 juni 2025 heeft de rechtbank het tegen het voortduren van de maatregel door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. J. van Bennekom, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3911
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503677/1/V3

202504008/1/V2

Bij besluit van 27 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3926
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504008/1/V2

202504200/1/V3

Bij besluit van 27 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 17 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A.M.V. Bandhoe, advocaat in Zoetermeer, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3912
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504200/1/V3

202504202/1/V3

Bij besluit van 3 juli 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 21 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. G.S.S. de Kok, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3915
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504202/1/V3

202504224/2/V3

Bij besluit van 24 maart 2025 heeft de minister een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 15 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3914
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504224/2/V3

202504235/1/V3 en 202504235/2/V3

Bij besluit van 17 mei 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 18 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. E.R. Weegenaar, advocaat in Den Haag, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3913
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504235/1/V3 en 202504235/2/V3

202504239/2/R3

Bij besluit van 24 april 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze geweigerd om aan [verzoekster] een omgevingsvergunning te verlenen voor het legaliseren van het gebruik van de woning aan de [locatie] in Gasselte (hierna: het perceel). [verzoekster] heeft toegelicht dat zij met het verzoek om voorlopige voorziening wil bereiken dat de last onder dwangsom geschorst wordt totdat uitspraak is gedaan op haar hoger beroep, zodat zij haar woning weer kan betrekken en daar ook kan blijven wonen zonder dat zij de dwangsom verbeurt. De voorzieningenrechter zal daarom niet ingaan op de geweigerde omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3921
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504239/2/R3

202504419/2/V3

Bij besluit van 31 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat verzoeker geen verblijfsrecht als gemeenschapsonderdaan in Nederland meer heeft.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3929
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504419/2/V3

202504479/1/V3

Bij besluit van 14 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij mondelinge uitspraak van 17 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M.M.J. van Zantvoort, advocaat in 's-Hertogenbosch, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3910
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504479/1/V3

202504538/2/V1

Bij besluit van 9 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3928
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504538/2/V1

202504595/1/V3

Bij besluit van 6 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3927
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504595/1/V3

202504633/2/V2

Bij besluit van 10 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3944
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504633/2/V2

BRS.25.000267

Bij besluit van 31 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3902
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000267

BRS.25.000886

Bij besluit van 24 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie bepaald dat betrokkene wordt overgedragen aan België.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3906
Datum uitspraak
18 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000886

BRS.25.001003 en BRS.25.001004

Bij besluit van 27 november 2023, aangevuld bij besluit van 2 januari 2024, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3803
Datum uitspraak
15 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001003 en BRS.25.001004

202306150/1/V3

Bij besluit van 26 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 30 augustus 2023 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. I.M. Zuidhoek, advocaat in Gieten, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3892
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306150/1/V3

202500069/1/V2

Bij besluit van 18 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 10 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellanten ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben appellanten hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3891
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202500069/1/V2

202502393/1/V3

Bij besluit van 26 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 18 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S.L. Sarin, advocaat in Zaandam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3895
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502393/1/V3

202503542/2/R4

Bij besluit van 9 december 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht [verzoekster] onder oplegging van een dwangsom gelast om een bouwwerk aan de [locatie] in Utrecht te verwijderen en verwijderd te houden. Op 9 januari 2024 heeft een gemeentelijke toezichthouder, naar aanleiding van een anonieme melding, geconstateerd dat [verzoekster] ten behoeve van een terras vóór haar horecabedrijf aan de [locatie] in Utrecht een bouwwerk heeft gebouwd. Het bouwwerk staat op enige afstand van de gevel, en bestaat uit een langwerpig (dubbel) zonnescherm op twee in de grond verankerde palen, met een lengte van ongeveer 4,5 m en een hoogte van ongeveer 3 m (hierna: het zonnescherm). De locatie van het zonnescherm heeft in het bestemmingsplan "Binnenstad", dat deel uitmaakt van het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Utrecht, een verkeersbestemming die weliswaar terrassen toestaat, maar geen gebouwde terrassen. Dit betekent volgens het besluit van 9 december 2024 dat het zonder omgevingsvergunning bouwen van het zonnescherm in strijd is met artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet. Het college heeft [verzoekster] daarom in dit besluit gelast om het zonnescherm te verwijderen en verwijderd te houden, onder oplegging van een eenmalige dwangsom van € 3.000.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3887
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202503542/2/R4

202504228/1/V3

Bij besluit van 27 juni 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 15 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. G.S.S. de Kok, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3893
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504228/1/V3

202504236/1/V3

Bij besluit van 25 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid appellant opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten. Bij uitspraak van 24 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep gegrond verklaard, de minister veroordeeld in de proceskosten tot een bedrag van € 2.267,50 en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M. Görsültürk, advocaat in Oss, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3811
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504236/1/V3

202504442/2/A3, 202504449/2/A3 en 202504453/2/A3

Bij verschillende besluiten heeft de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur beslist op verschillende verzoeken van journalisten om op grond van de Wet open overheid bedrijfsgegevens van veehouderijen in Nederland openbaar te maken en besloten de gevraagde informatie grotendeels openbaar te maken. Het verzoek van de minister strekt ertoe dat bij wijze van voorlopige voorziening wordt bepaald dat de uitspraken van de rechtbank worden geschorst. Uitvoering van de aangevallen uitspraken heeft tot gevolg dat de gevraagde bedrijfsgegevens van veehouderijen in Nederland openbaar moeten worden gemaakt, wat niet meer ongedaan kan worden gemaakt en dus onomkeerbaar is. Daarmee zou ook het belang aan de bodemprocedure komen te vervallen, omdat de informatie dan openbaar is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3886
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202504442/2/A3, 202504449/2/A3 en 202504453/2/A3

BRS.25.000559

Bij besluit van 19 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3800
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000559

BRS.25.001059

Bij besluit van 12 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3907
Datum uitspraak
14 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001059

202302589/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3812
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302589/1/V1

202303101/2/R4

Bij besluit van 16 maart 2023 heeft de raad van de gemeente Druten het bestemmingsplan "Oude Koningstraat naast [locatie 1], Puiflijk" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw mogelijk van twee twee-aaneen of geschakelde woningen op een locatie naast de [locatie 1] in Puiflijk. Aanleiding voor het bestemmingsplan is een initiatief van [partij A], [partij C] en [partij B] (hierna: de initiatiefnemers) om op deze locatie twee geschakelde seniorenwoningen, bestaande uit één laag met kap, te realiseren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3804
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202303101/2/R4

202406784/1/V3

Bij besluit van 13 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3807
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406784/1/V3

202501889/1/A2 en 202501889/2/A2

Bij besluit van 30 juni 2021 heeft de CSG aan [appellant] een uitkering van € 10.000,00 (letselcategorie 4) uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven (hierna: het Schadefonds) toegekend. [appellant] is in zijn jeugd, in de periode 1981-1985, slachtoffer geworden van zedenmisdrijven met binnendringen van het lichaam dat wekelijks plaatsvond, gepleegd door zijn broer en gepleegd door een buurjongen van een vriendje waarbij andere daders aanwezig waren. Later in zijn leven is hij verslaafd geraakt aan verdovende middelen en heeft hij door een val onder invloed van drugs in 1998 een dwarslaesie opgelopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3674
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202501889/1/A2 en 202501889/2/A2

202501931/1/V2

Bij brief van 21 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in kennis gesteld van haar besluit om de overdrachtstermijn met twaalf maanden te verlengen (hierna: het verlengingsbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3808
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202501931/1/V2

202503216/1/V2

Bij besluit van 24 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3806
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503216/1/V2

202503914/2/A2

[verzoeker] heeft de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen hangende het beroep tegen de beslissing van de commissie van 2 juni 2025.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3797
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503914/2/A2

202504178/2/V2

Bij besluit van 27 augustus 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 17 maart 2025 heeft de minister het daartegen door verzoeker gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 24 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3810
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202504178/2/V2

202504183/2/V2

Bij besluit van 6 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3809
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202504183/2/V2

202504447/2/V2

Bij besluit van 27 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 28 juli 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3896
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504447/2/V2

BRS.25.000846

Bij besluit van 25 mei 2025 heeft de minister appellant een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3814
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000846

BRS.25.000905

Bij besluit van 27 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie de termijn van de aan appellant opgelegde bewaringsmaatregel verlengd met ten hoogste twaalf maanden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3752
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000905

BRS.25.000959

Bij besluit van 22 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3776
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000959

202101981/1/R4

Bij besluit van 2 juli 2020 heeft het college [wederpartij A] en [wederpartij B] onder oplegging van een dwangsom gelast om de overtreding van artikel 2.3, aanhef en onder b, en artikel 2.1 eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht te beëindigen en beëindigd te houden. Volgens dit besluit kunnen [wederpartij A] en [wederpartij B] aan de last voldoen door de oude woning en het oude bijgebouw op een perceel aan [locatie] te verwijderen en verwijderd te houden. Bij besluit van 19 november 2020 heeft het college het door [wederpartij A] en [wederpartij B] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3820
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202101981/1/R4

202202336/1/A3

Bij besluiten van 19 juni 2020 en 26 juni 2020 heeft de voorzitter de demonstraties verboden. De Stichting heeft kennisgevingen gedaan voor demonstraties op het Malieveld in Den Haag op 21 juni 2020 en 28 juni 2020. De demonstraties waren gericht tegen de maatregelen van de regering rondom het coronavirus. De voorzitter heeft de demonstraties op grond van artikel 5 van de Wet openbare manifestaties (hierna: Wom) verboden ter bescherming van de volksgezondheid en ter voorkoming van wanordelijkheden. Volgens de voorzitter was het door de grote verwachte opkomst onwaarschijnlijk dat de demonstranten de vereiste 1,5 m afstand zouden kunnen bewaren. Ook vond de voorzitter het aannemelijk dat verschillende groepen naar de demonstraties zouden komen die in het verleden voor wanordelijkheden hebben gezorgd. Ondanks het demonstratieverbod zijn op 21 juni 2020 ongeveer 4000 personen en op 28 juni enkele honderden personen naar het Malieveld gegaan. De voorzitter heeft op 21 juni alsnog toestemming voor een demonstratie van een half uur gegeven, omdat de toeloop naar het Malieveld niet kon worden gestopt en het volgens hem mogelijk was voor de demonstranten om 1,5 m afstand te houden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3877
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202202336/1/A3

202205487/1/R2

Bij besluiten van 17 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zundert geweigerd om [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het legaliseren van een luifel en bij separaat besluit aan hem een last onder dwangsom opgelegd. [appellant] is de exploitant en erfpachter van een horecagelegenheid. Hij heeft een omgevingsvergunning gevraagd om de reeds gerealiseerde luifel aan het pand te legaliseren. Het college heeft die aanvraag eerst afgewezen omdat de welstandscommissie had geconcludeerd dat de luifel niet voldeed aan redelijke eisen van welstand en de luifel het monumentale pand aantast. Ook heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd om de luifel te verwijderen en verwijderd te houden. De weigering de omgevingsvergunning te verlenen is door het college in de beroepsfase ingetrokken en de aanvraag is alsnog niet-ontvankelijk verklaard. Het college acht daartoe redengevend dat de luifel bijna volledig op grond van de gemeente is gerealiseerd en de gemeente geen toestemming geeft voor de instandlating van de luifel. Hierdoor is [appellant] volgens het college geen belanghebbende, waardoor de aanvraag buiten behandeling is gelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3875
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202205487/1/R2

202206963/1/R1

Bij besluit van 26 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Nicolaas Witsen een omgevingsvergunning verleend voor diverse bouwwerkzaamheden aan het hotel aan de Nicolaas Witsenstraat 4 in Amsterdam. Bij besluit van 18 januari 2022 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en het besluit van 26 april 2021 in stand gelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3822
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202206963/1/R1

202300143/1/A2

Bij besluit van 23 juli 2021 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het verzoek van [appellant] om herziening van het besluit van 29 april 2016, waarin de subsidieverlening op grond van de Stimuleringsregeling energieprestatie huursector (hierna: de STEP) is ingetrokken, afgewezen. [appellant] heeft in het kader van de STEP een subsidie aangevraagd voor de verbetering van de energieprestatie van 45 woningen. De minister heeft daarvan 31 woningen subsidiabel geacht en daarvoor subsidie verleend tot een bedrag van € 135.500,00. Bij besluit van 12 oktober 2015 heeft de minister het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaard, 38 woningen subsidiabel verklaard en een subsidie verleend tot een bedrag van € 166.000,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3846
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202300143/1/A2

202300172/1/A2

Bij besluit van 29 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de subsidie aan de vereniging in 2017 vastgesteld op nihil. De vereniging behartigde de belangen van huurders in Amsterdam. Het college heeft haar voor het jaar 2017 een subsidie van € 656.590,00 verleend, uit te betalen in vier voorschotten. Naar aanleiding van interne conflicten in het bestuur en het ledenbestand heeft het college de uitbetaling van de voorschotten per 1 juli 2017 gestopt, voor zover dat niet de salarislasten van vaste medewerkers betreft. Op dat moment waren de eerste twee voorschotten al uitbetaald, in totaal een bedrag van € 328.295,00. Na 1 juli 2017 heeft het college noodzakelijke salaris- en factuurbetalingen van de vereniging vergoed, in totaal een bedrag van € 132.134,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3856
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202300172/1/A2

202301160/1/R3

Bij besluit van 19 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een verzoek van de VvE om handhaving afgewezen. Volgens de VvE zijn door verbouwingswerkzaamheden op het adres [locatie 2] fundamentele wijzigingen aangebracht in de dragende tussenmuur van het pand aan de [locatie 2], de dragende constructie van de achtergevel van dit pand en daarmee de gezamenlijke muur van de beide panden aan de [locatie 1] en [locatie 2], waarmee de fundering is aangetast. De VvE stelt zich op het standpunt dat enkele werkzaamheden zonder vergunning of in afwijking van een omgevingsvergunning zijn uitgevoerd. Daarom heeft zij het college verzocht om handhavend op te treden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3871
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202301160/1/R3

202301211/1/A3

Bij besluit van 15 juli 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [appellante] om inzage in persoonsgegevens op grond van artikel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG) ingewilligd. Bij het besluit van 15 juli 2020 heeft het college inzage verleend in de verwerkte persoonsgegevens. Daartegen heeft [appellante] bezwaar gemaakt. [appellante] heeft bij brief van 23 december 2020 de gronden van dat bezwaar aangevuld. Bij die brief heeft [appellante] zowel gronden ingebracht over de inzage als over de rechtmatigheid van de verwerking van haar persoonsgegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3869
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202301211/1/A3

202302200/1/A3

Bij besluit van 4 juni 2021 heeft de Autoriteit Persoonsgegevens het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen Stichting Ymere afgewezen. [appellant] heeft Stichting Ymere verzocht om inzage in zijn door Stichting Ymere verwerkte persoonsgegevens op grond van artikel 15 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna: de AVG). Stichting Ymere heeft dit verzoek afgewezen. Naar aanleiding hiervan heeft [appellant] een klacht ingediend bij de AP. [appellant] stelt dat Stichting Ymere niet heeft voldaan aan zijn inzageverzoek waardoor Stichting Ymere de AVG heeft overtreden. [appellant] heeft de AP verzocht om handhavend op te treden tegen Stichting Ymere zodat hij inzage krijgt in zijn verwerkte persoonsgegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3833
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Openbaarheid
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202302200/1/A3

202302235/1/A3

Bij besluit van 2 september 2021 heeft de burgemeester van Steenwijkerland het verzoek van Stichting Natuurbeschermingswacht om handhavend op te treden bij het evenement "Vaar-Door" gedeeltelijk afgewezen en gedeeltelijk niet-ontvankelijk verklaard. Stichting Natuurbeschermingswacht heeft op 22 juni 2021 een handhavingsverzoek ingediend om milieuschade te voorkomen door het evenement "Vaar-Door", dat voor 3 juli 2021 was aangekondigd maar waarvan de burgemeester nog geen melding of vergunningaanvraag had gekregen. Bij dit evenement, zo was de bedoeling, varen deelnemers in hun eigen bootje een route rondom Belt-Schutsloot door het natuurgebied De Wieden, waarbij zij onderweg verschillende hapjes en drankjes krijgen. Dit evenement was wegens de coronapandemie een variant op het evenement "Vaar-In", waarbij bezoekers hun boot aanmeren op een ponton op de Kleine Belterwijde bij Belt-Schutsloot met daarop horeca en artiesten. Stichting Natuurbeschermingswacht had op 21 juni 2021 ook een verzoek om handhaving ingediend bij gedeputeerde staten van Overijssel. Naar aanleiding van overleg met gedeputeerde staten heeft de organisatie het evenement afgelast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3857
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202302235/1/A3

202303317/3/R1

De raad van de gemeente Amsterdam heeft gevraagd om verlenging van de hersteltermijn met 20 weken, dus tot en met 16 december 2025, omdat de raad niet in staat is binnen de gestelde termijn het bestreden besluit te herstellen. Daarbij geeft de raad aan dat herstel van het gebrek genoemd onder 22.d van de tussenuitspraak meer tijd vergt vanwege de samenhang met de uitspraak van 9 april 2025 in zaak nr. 202301729/1/R1. Op grond van die uitspraak moet het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam opnieuw in bezwaar beslissen op de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de tandartsenpraktijk. De raad verwacht dat het college de concept ruimtelijke motivering in augustus of september aan [tandarts] zal voorleggen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3805
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202303317/3/R1

202303597/1/R4

Bij besluit van 12 februari 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zwolle zijn beslissing om [appellante] op 11 februari 2021 mondeling te gelasten de sloopwerkzaamheden op het perceel aan de [locatie] in Zwolle stil te leggen, op schrift gesteld, en haar onder oplegging van een dwangsom gelast om de uitvoering van de sloopwerkzaamheden te staken en gestaakt te houden. [appellante] is een bedrijf dat sloopwerkzaamheden verricht en is gecertificeerd voor het verwijderen van asbest. Op 15 december 2020 is een sloopmelding gedaan voor het slopen van het bedrijfsgebouw aan de [locatie] in Zwolle en het daarbij verwijderen van asbest. Het college is bij brief van 19 januari 2021 onder voorwaarden akkoord gegaan met de aangevraagde werkzaamheden. Op 4 februari 2021 is [appellante] gestart met de asbestverwijderingswerkzaamheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3855
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Milieu - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202303597/1/R4

202303628/1/R1

Bij besluit van 8 september 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Leudal het door [partij A] en [partij B] daartegen gemaakte bezwaar gegrond verklaard en het besluit van 22 maart 2021 herroepen door de omgevingsvergunning alsnog te weigeren. Bij besluit van 19 juli 2022 heeft het college het besluit van 8 september 2021 ingetrokken en een nieuw besluit op bezwaar genomen. Dat nieuwe besluit houdt in dat de bij besluit van 22 maart 2021 verleende omgevingsvergunning wordt gewijzigd in die zin dat de aanbouw/garage aan de (zuid)westzijde van de woning, overeenkomstig de bij het besluit gevoegde tekening, op twee meter uit de perceelsgrens wordt gerealiseerd en de omgevingsvergunning voor het overige wordt gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3824
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202303628/1/R1

202304256/1/A3

Bij besluit van 24 november 2021 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport beslist op een informatieverzoek van de vennootschap op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: de Wob) en een aantal documenten openbaar gemaakt. Bij brief van 1 maart 2021 heeft de vennootschap de minister verzocht om, voor zover hier van belang, openbaarmaking op grond van de Wob van documenten vanaf 1 januari 2018 over geneesmiddelentekorten. Op 22 april 2021 heeft de vennootschap gepreciseerd dat het haar gaat om informatie over de procedure om te beoordelen of er sprake is van een geneesmiddelentekort, het op de geneesmiddelen Disulfiram en Lithiumcarbonaat toegespitste toepassingskader van deze procedure, en de definitie van een geneesmiddelentekort en de daarna te volgen stappen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3870
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202304256/1/A3

202305501/1/R1

Bij besluit van 4 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht [appellant] een omgevingsvergunning verleend voor het in strijd met het bestemmingsplan gebruiken van het pand aan de [locatie] in Utrecht voor een restaurant. [appellant] is eigenaar van het pand aan de [locatie] in Utrecht. Het pand werd ten tijde van de aanvraag als winkelpand gebruikt. [appellant] wil dat in het pand een restaurant gevestigd kan worden om het pand beter verhuurbaar te maken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3858
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202305501/1/R1

202305584/1/R1

Bij besluit van 9 maart 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk aan WeLiving B.V. (hierna: WeLiving) een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een permanente logies voorziening voor tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten (hierna: arbeidershotel) op het perceel Goede Reede 6 in Harderwijk (hierna: het perceel). WeLiving heeft een aanvraag ingediend om een arbeidershotel te mogen realiseren op het perceel. In de aanvraag staat dat het gaat om een voorziening voor 150 personen. Het arbeidershotel is een L-vormig gebouw dat grotendeels uit twee verdiepingen bestaat. Tot de aanvraag behoort het stuk "Ruimtelijke onderbouwing", opgesteld door Lycent op 29 december 2020 (hierna: de ruimtelijke onderbouwing). Hierin staat dat het gebouw voor het grootste gedeelte bestaat uit voornamelijk zelfstandige wooneenheden met eigen sanitair voor één of twee personen. Daarnaast zijn er éénpersoons slaapkamers. Er zijn 15 woonkamers, waar de arbeidsmigranten buiten de eigen kamer kunnen verblijven. Ook is er onder andere een fitnessruimte, een gezamenlijke eetzaal en een gezamenlijke verblijfsruimte/lobby.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3874
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202305584/1/R1

202305734/1/R4

Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Buren het bestemmingsplan "Lienden, Zonnepark Panderweg" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. Bij besluit van 18 juli 2023 heeft het college een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een zonnepark. Deze besluiten zijn gecoördineerd voorbereid en bekendgemaakt met toepassing van artikel 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro). Met het bestemmingsplan en de daarmee gecoördineerd voorbereide omgevingsvergunning wordt de realisatie van een zonnepark mogelijk gemaakt aan de Panderweg in Lienden. Het perceel is nu, op een windmolen na, onbebouwd. Op basis van het voorgaande bestemmingsplan "Buitengebied, derde herziening" had het grootste gedeelte van het perceel de bestemming "Agrarisch met waarden - Komgebied". Een klein gedeelte van het perceel had op grond van het voorgaande bestemmingsplan "Buitengebied Buren 2008" de bestemming "Agrarisch - Komgebied".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3841
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202305734/1/R4

202305971/1/R1

Bij besluit van 20 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend, voor zover hier van belang, voor het kappen van 23 bomen op het perceel aan de [locatie 1] in Bergen. [vergunninghouder] is eigenaar van het perceel aan de [locatie 1] en woont daar. Hij heeft een aanvraag ingediend om op dat perceel onder meer bomen te kappen. [appellant sub 1] woont aan de [locatie 2]. [appellant sub 2A] en [appellant sub 2B] wonen aan de [locatie 3]. De stichting Mr. Frits Zeiler heeft onder meer als doel, het behoud van het kenmerkende natuur- en dorpsschoon in Bergen. De percelen ten westen van de Rondelaan behoorden tot het voormalige Middeleeuwse landgoed van de buitenplaats het Oude Hof. Het perceel ligt in de woonwijk Van Reenenpark. De aanwezige bebouwing bestaat uit grote, vrijstaande woningen op ruime kavels met vaak grote, groene voortuinen en oprijlanen. De woonwijk is een beschermd dorpsgezicht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3840
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Kapvergunningen
  • uitspraakin de zaak202305971/1/R1

202305973/1/R1

Bij besluit van 11 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen, voor zover hier van belang, aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een woning op het perceel aan de [locatie 1] in Bergen. [vergunninghouder] is eigenaar van het perceel aan de [locatie 1] en woont daar. Hij wil op dat perceel een nieuwe woning bouwen ter vervanging van de bestaande woning en heeft daarvoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Het bouwplan omvat een woning met een kelder, twee verdiepingen en een kap. Op de begane grond komt een veranda. In de kelder komen onder meer een zwembad en een parkeergarage.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3839
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202305973/1/R1

202306211/1/A3

Bij besluit van 27 oktober 2022 heeft de korpschef van politie een aanvraag van [bedrijf] te Capelle aan den IJssel om [appellant] beveiligingswerkzaamheden te mogen laten verrichten voor dat bedrijf afgewezen. Op 10 juni 2022 heeft [bedrijf] toestemming verzocht als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (hierna: de Wpbr) om [appellant] beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten. De korpschef heeft de toestemming onthouden, omdat [appellant] volgens de korpschef niet beschikt over de betrouwbaarheid die nodig is voor het te verrichten beveiligerswerk. Bij zijn beoordeling heeft de korpschef paragraaf 3.3 van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (hierna: de Beleidsregels) toegepast. De korpschef heeft aan zijn besluit ten grondslag gelegd dat [appellant] op [datum] 2018 is veroordeeld tot twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van twee jaren vanwege mishandeling. De korpschef heeft geen aanleiding gezien om af te wijken van de terugkijktermijn, als bedoeld in paragraaf 3.3, aanhef en onder a, van de Beleidsregels. In bezwaar heeft de korpschef de onthouding van de toestemming gehandhaafd. [appellant] is het niet eens met de besluitvorming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3878
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202306211/1/A3

202306747/1/R3

Bij besluit van 5 september 2023 heeft de raad van de gemeente Zuidplas het bestemmingsplan "Verzamelplan Zuidplas 2023" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. In het plan krijgen de twee bedrijfswoningen op de percelen Parallelweg-Noord 14 en 16 in Nieuwerkerk aan den IJssel elk een reguliere woonbestemming die een gebruik als burgerwoning mogelijk maakt. Onder het voorheen geldende bestemmingsplan "Zuidplas West" waren de woningen als bedrijfswoning binnen de bestemming "Agrarisch - Glastuinbouw" bestemd. [appellante] en anderen zijn gevestigd of wonend aan de [locatie] in Nieuwerkerk aan den IJssel en komen op tegen de wijziging van de bestemming, omdat zij vrezen voor een aantasting van hun bedrijfsvoering en een beperking van hun uitbreidingsmogelijkheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3859
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202306747/1/R3

202306864/1/A3

Bij besluit van 9 juni 2022 heeft de korpschef van politie een aanvraag van [bedrijf] om [appellant] beveiligingswerkzaamheden te mogen laten verrichten voor dat bedrijf afgewezen. Op 26 februari 2022 heeft [bedrijf] toestemming verzocht als bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (hierna: de Wpbr) om [appellant] beveiligingswerkzaamheden te laten verrichten. De korpschef heeft de toestemming onthouden, omdat [appellant] volgens de korpschef niet beschikt over de betrouwbaarheid die nodig is voor het te verrichten beveiligerswerk. Bij zijn beoordeling heeft de korpschef paragraaf 3.3 van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (hierna: de Beleidsregels) toegepast. De korpschef heeft aan zijn besluit ten grondslag gelegd dat het Openbaar Ministerie (hierna: het OM) op [datum] 2022 aan [appellant] een strafbeschikking van € 500,00 heeft opgelegd in verband met het rijden tijdens een rijverbod. Dit rijverbod was aan [appellant] opgelegd omdat na een staandehouding sporen van cocaïnegebruik bij hem waren vastgesteld en [appellant] verklaard heeft die bewuste dag cocaïne te hebben gebruikt. De officier van justitie heeft de zaak vanwege rijden onder invloed op [datum] 2022 geseponeerd onder verwijzing naar de code ‘ten onrechte als verdachte aangemerkt’. In bezwaar heeft de korpschef de onthouding van de toestemming gehandhaafd. [appellant] is het niet eens met de besluitvorming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3880
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Beveiligingswerkzaamheden
  • uitspraakin de zaak202306864/1/A3

202306915/1/R2

Bij besluit van 31 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel [appellant] onder meer en voor zover hier nog van belang opgedragen om de uitrit bij [locatie] te verwijderen en verwijderd te houden. Als hij dat niet doet, moet hij een dwangsom betalen van € 5.000,00. Bij besluit van 4 april 2023 heeft het college het tegen deze last onder dwangsom door [appellant] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard onder aanvulling van de motivering van het besluit van 31 januari 2022. Daarnaast heeft het college [appellant] alsnog opgedragen om de rijbaan van de weg zodanig aan te leggen dat het water op een doelmatige wijze wordt afgevoerd. Als hij dat niet doet, moet hij een dwangsom betalen van € 10.000,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3815
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306915/1/R2

202307070/1/R2

Bij besluit van 25 mei 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland aan de Stichting Goereese Gemeenschap een vergunning verleend op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming voor het tijdelijk openstellen van de vuurtoren aan de Groenedijk 62 in Ouddorp. Bij tussenuitspraak van 6 juni 2023 heeft de rechtbank het college in de gelegenheid gesteld om het in het besluit van 25 mei 2021 geconstateerde gebrek te herstellen. Bij besluit van 3 juli 2023 heeft het college het besluit van 25 mei 2021 gewijzigd door een nieuw voorschrift op te nemen en dat besluit voor het overige in stand gelaten. Bij einduitspraak van 23 oktober 2023 heeft de rechtbank het door [appellant] en anderen tegen het besluit van 25 mei 2021 ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3828
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202307070/1/R2

202307227/1/R1

Bij besluit van 12 mei 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam [appellante] onder oplegging van een dwangsom gelast haar auto te verwijderen en verwijderd te houden van de Diemerzeedijk en de groenstrook naast de Diemerzeedijk wegens strijd met het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3816
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202307227/1/R1

202307355/1/R1

Bij besluit van 17 oktober 2023 heeft de raad van de gemeente Lelystad het bestemmingsplan "Uitbreiding Flevokust Haven Zuid" vastgesteld. Het plan maakt een uitbreiding van het bedrijventerrein Flevokust Haven mogelijk. Dat bedrijventerrein ligt ten noorden van Lelystad. Bol.com is eigenaar van een zogeheten XXL-kavel van ongeveer 26 ha en wil daar een nieuw distributiecentrum bouwen. Naast het plangebied is aan de Karperweg 8 in Lelystad het bedrijf 3D Metal Forming gevestigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3860
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202307355/1/R1

202307490/1/R3

Bij besluit van 26 oktober 2023 heeft de raad van de gemeente Westland het bestemmingsplan "Gemeentekantoor Monster" vastgesteld. Het plan maakt de bouw van 40 woningen mogelijk op de locatie van het voormalige gemeentekantoor in Monster aan de Choorstraat 41. Het plangebied omvat ook een deel van de openbare ruimte, dat in samenhang met de bouw van de woningen opnieuw zal worden ingericht. Arcade Wonen is initiatiefneemster van de ontwikkeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3861
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202307490/1/R3

202400131/1/A3

Op 17 juni 2021 heeft [appellant] de Commissie Bezwaarschriften gemeente Het Hogeland op grond van artikel 15 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (EU) 2016/679 (hierna: AVG) verzocht om inzage in de verwerking van haar persoonsgegevens. Op 16 juli 2021 heeft het college op dit verzoek gereageerd, omdat het stelt verwerkingsverantwoordelijke te zijn voor verwerking van persoonsgegevens door de Commissie. Daarbij heeft het college 95 documenten, waarin persoonsgegevens van [appellant] voorkomen, aan [appellant] verstrekt. In het besluit van 23 november 2021 heeft het college het hiertegen gemaakte bezwaar van [appellant] gedeeltelijk gegrond verklaard voor zover het college alleen zichzelf als verwerkingsverantwoordelijke had aangemerkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3844
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202400131/1/A3

202400214/1/R4

Bij besluit van 27 november 2023 heeft de raad van de gemeente De Ronde Venen het bestemmingsplan "Herenweg 116-118, Wilnis" vastgesteld. Aan de Herenweg 116-118 in Wilnis was voorheen het [bedrijf] gevestigd. De bestaande bedrijfsbebouwing wordt verwijderd en de bodem ter plaatse wordt gesaneerd. Het bestemmingsplan beoogt hier en op de achtergelegen gronden de bouw van 49 woningen, waarvan 26 vrijstaande koopwoningen, vijftien sociale huurwoningen en acht middeldure huurwoningen, mogelijk te maken. De planologische mogelijkheid voor bedrijfsbebouwing komt te vervallen. [appellant sub 2] woont in een woonark naast het plangebied. [appellant sub 1] woonde daar in een woonark, maar is inmiddels verhuisd. Zij vrezen voor nadelige gevolgen voor het woon- en leefklimaat en de landschappelijke kwaliteit door de nieuwe woonbebouwing, met name op de twee achter het perceel Herenweg 116-118 gelegen legakkers. [partij] is de initiatiefnemer van de ontwikkeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3865
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202400214/1/R4

202400254/1/A3

Bij besluit van 9 maart 2022 heeft de burgemeester een last onder dwangsom aan [appellant] opgelegd wegens overtreding van artikel 2:74 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Purmerend .

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3817
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202400254/1/A3

202400268/1/R4

Bij besluit van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een dakkapel en een dakopbouw op de woning aan de [locatie 1] in Emmeloord. [appellant] woont aan de [locatie 2] in Emmeloord en heeft zonnepanelen op het dak van de achterzijde van zijn woning. Het college heeft aan zijn buurman een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een dakopbouw (hierna: nokverhoging) aan de voorzijde en een dakkapel aan de achterzijde van de woning aan de [locatie 1]. [appellant] is het daarmee niet eens omdat de dakkapel volgens hem leidt tot verlies van zonlicht op zijn zonnepanelen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3834
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202400268/1/R4

202400502/1/A3

Bij besluit van 13 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Land van Cuijk [appellant] ambtshalve uitgeschreven uit de Basisregistratie personen .

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3829
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202400502/1/A3

202400790/1/R3

Bij besluit van 28 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hengelo aan The Padellers een omgevingsvergunning verleend voor het ombouwen van tennisvelden naar zes padelbanen aan de Nico Maasstraat 8 in Hengelo. De omgevingsvergunning maakt de aanleg van zes padelbanen mogelijk op het perceel Nico Maasstraat 8 in Hengelo (hierna: het perceel). Op het perceel lagen voorheen acht tennisbanen. De omgevingsvergunning is verleend voor de bouw van de wanden van de banen, een geluidswand, een uitbreiding van het hoofdgebouw en lichtmasten. Aan de oostkant van de padelbanen staat een gebouw dat in gebruik is voor de trampolinehal van JumpXL.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3845
Datum uitspraak
13 augustus 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202400790/1/R3
vorige pagina1...424344...1.246volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon