Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.417
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202400120/1/A3

Bij besluit van 14 februari 2022 heeft de raad van de gemeente De Bilt een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. [appellant] heeft op 21 januari 2022 onder verwijzing naar de Wob een verzoek om openbaarmaking en daarmee een verzoek tot opheffing van de geheimhouding ingediend ten aanzien van het document ‘Gemeentelijke indicatieve financiële raming ontwikkeling Utrechtseweg 341’. Het document betreft een interne financiële raming van de ontwikkeling van een terrein in De Bilt van het college van burgemeesters en wethouders, die ertoe diende een inschatting te maken van enkele stellingen van de projectontwikkelaar over het raadsvoorstel van het bestemmingsplan voor die locatie. De financiële raming is alleen bestemd voor intern gebruik om de onderhandelingspositie in te kunnen schatten. Op 20 januari 2022 had de gemeenteraad besloten de verplichting tot geheimhouding van dit document op grond van het voormalige artikel 25 van de Gemeentewet te bekrachtigen, omdat openbaarmaking gevolgen kan hebben voor de financiële belangen van de gemeente.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4934
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202400120/1/A3

202400427/1/A3

Op 28 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Asten gereageerd op twee verzoeken om informatie van [appellant]. Het college heeft het bezwaar van [appellant] bij het besluit van 4 juli 2022 niet-ontvankelijk verklaard, omdat dit bezwaar niet is gericht tegen een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Volgens het college kan het verzoek om informatie van [appellant] niet als een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur worden aangemerkt, maar als een algemeen verzoek om informatie dat betrekking heeft op gegevens uit bestemmingsplannen en regelgeving die al actief openbaar zijn gemaakt. Tegen een reactie op een algemeen verzoek om informatie, zoals die in de brief van 28 oktober 2021, staat volgens het college geen rechtsmiddel op grond van de Awb open. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat zijn verzoek om informatie moet worden aangemerkt als een algemeen informatieverzoek en niet als een Wob-verzoek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4935
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202400427/1/A3

202400720/1/A2

Bij besluit van 30 augustus 2022 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de tegemoetkoming van DVS'33 Ermelo voor de periode april tot en met juni 2021 op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming amateurorganisaties en verhuurders sportaccommodaties COVID-19 vastgesteld op nihil en het verstrekte voorschot van € 21.000,- van DVS'33 Ermelo teruggevorderd. DVS’33 Ermelo is een voetbalvereniging met volledige rechtsbevoegdheid. De stichting Businessclub DVS’33 Ermelo is aan DVS’33 Ermelo gelieerd. Zij heeft volgens haar statuten het doel om binnen het verband van DVS’33 Ermelo de voetbalsport op het hoogst mogelijke amateurniveau te bevorderen en een gezonde financiële huishouding van DVS’33 Ermelo te bevorderen en ondersteunen. Dit doel probeert de stichting onder meer te bereiken door het eerste seniorenelftal van DVS’33 Ermelo financieel te adopteren en daartoe contracten aan te gaan met spelers. Op grond van deze contracten krijgen de spelers, wegens de zomerstop in juni en juli, betaald voor de maanden augustus tot en met mei. De stichting en DVS’33 Ermelo stellen jaarlijks een geconsolideerde jaarrekening op.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4930
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202400720/1/A2

202401443/1/R2

Bij besluit van 16 maart 2023 heeft het college de aan [appellant] verleende omgevingsvergunning van 10 juli 2003 en de daarmee verband houdende omgevingsvergunningen van 15 januari 2004, 13 mei 2004 en 15 november 2004 voor het wijzigen van de omgevingsvergunning van 10 juli 2003 voor de bouw van een kantoor met magazijn op het perceel aan de [locatie] in Eindhoven ingetrokken. [appellant] is eigenaar van een perceel waarop zij een kantoor met magazijn wil bouwen. Op 10 juli 2003 heeft zij hiervoor een omgevingsvergunning gekregen. In 2004 heeft het college drie omgevingsvergunningen verleend voor het wijzigen van deze omgevingsvergunning. [appellant] is op enig moment begonnen met de bouw: in het inspectierapport van 16 oktober 2019 staat dat er een fundatie is gemaakt en een gedeelte van de stalen constructie is gemonteerd en dat deze situatie al meer dan vijf jaar zo bestaat. Het college heeft daarna geconstateerd dat dat er al vijf jaar niet verder wordt gebouwd en heeft daarom de omgevingsvergunningen ingetrokken. [appellant] is het hier niet mee eens, omdat zij het kantoor en magazijn toch nog wil afbouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4937
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202401443/1/R2

202401798/1/A3

Bij besluit van 21 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk naar aanleiding van een verzoek van Diahome om openbaarmaking van informatie de gevraagde documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Diahome heeft op 26 augustus 2021 verzocht om openbaarmaking van documenten die betrekking hebben op de omgevingsvergunning Bronckhorststraat 69 in Noordwijk. Het college heeft een aantal documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. In het besluit op bezwaar heeft het college bepaalde documenten na een aanvullende zoekslag alsnog verstrekt. Het geschil gaat alleen nog over de vraag of het college de bijlage bij een e-mail van 10 november 2015, bestaande uit een tekening die volgens Diahome relevant kan zijn bij een langslepende bouwvergunningsprocedure, in gedigitaliseerde vorm heeft en daarom ook zou moeten verstrekken. Diahome heeft een afschrift van de e-mail en de bijlage ontvangen in gescande vorm, maar die zijn slecht tot niet leesbaar en daarmee niet behulpzaam bij het nagaan van de geschetste grootte van de parkeerplaatsen op het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4933
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202401798/1/A3

202401948/1/A2

Bij besluit van 20 februari 2023 heeft de minister van Financiën geweigerd een private schuld van [appellant] over te nemen. Bij besluit van 8 september 2023 heeft de minister het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellant] is een gedupeerde van de toeslagenaffaire. Zij heeft verzocht om overname van een schuld van € 38.682,00 aan [persoon], haar ex-schoonzus. Haar ex-schoonzus heeft jarenlang de huur voor [appellant] voorgeschoten en deze voor [appellant] rechtstreeks aan de verhuurder overgemaakt. De minister heeft bij besluit van 20 februari 2023 de aanvraag afgewezen. Bij besluit van 8 september 2023 heeft de minister het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Hij heeft daaraan ten grondslag gelegd dat de schuld niet is vastgelegd in een notariële akte. De rechtbank heeft geoordeeld dat de minister terecht heeft beoordeeld of de schuld voldoet aan de vereisten van artikel 4.1, derde lid, van de Wht, omdat deze vereisten als limitatieve nadere eisen moeten worden bezien, naast de algemene voorwaarden van het tweede lid van de bepaling. In wat [appellant] heeft aangevoerd heeft de minister geen aanleiding hoeven zien om de hardheidsclausule toe te passen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4928
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202401948/1/A2

202403598/1/A3

Bij besluit van 20 december 2022 heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit naar aanleiding van een verzoek van [appellant] om openbaarmaking van informatie documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. [appellant] exploiteerde de onderneming ‘[bedrijf]’. Hij heeft om informatie verzocht over het inspectiebezoek van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit op 9 maart 2018 bij zijn bedrijf. De minister heeft zeventien documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Delen van informatie uit de documenten heeft hij geweigerd openbaar te maken wegens vertrouwelijk aan de overheid verstrekte bedrijfs- en fabricagegegevens, het belang van inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen en eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, voorkomen van onevenredige benadeling en wegens persoonlijke beleidsopvattingen in documenten voor intern beraad. In het besluit op bezwaar heeft hij bepaalde informatie, vooral over persoonlijke beleidsopvattingen bestemd voor intern beraad, alsnog in niet tot personen herleidbare vorm openbaar gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4932
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202403598/1/A3

202403817/1/R3

Bij besluit van 22 april 2024 heeft de raad van de gemeente Albrandswaard het bestemmingsplan "[locatie 1] Poortugaal" vastgesteld. Het plan maakt het mogelijk om op het perceel [locatie 1] in Poortugaal een eengezinswoning te bouwen. In het voorheen geldende plan was het toevoegen van een woning op deze locatie niet toegestaan. [appellant] woont op het adres [locatie 2], dat grenst aan het plangebied. Hij is het niet eens met de mogelijkheid voor een woning op het perceel [locatie 1], omdat hij vreest dat deze woning leidt tot een aantasting van zijn woon- en leefklimaat. [partijen] willen de woning bouwen die het plan mogelijk maakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4951
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202403817/1/R3

202404372/1/A2

Bij afzonderlijke besluiten van 7 maart 2023 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een schriftelijke ‘waarschuwing preventieve stillegging van werk’ gegeven en een bestuurlijke boete opgelegd van in totaal € 79.000,- vanwege overtredingen van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag respectievelijk het Besluit minimumloon en minimumvakantiebijslag. [appellante] houdt zich onder meer bezig met het schoonmaken van een aantal McDonaldsvestigingen op Schiphol. Naar aanleiding van een melding op 5 augustus 2020 van een ex-werknemer van [appellante] zijn arbeidsinspecteurs van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid een onderzoek gestart. Naar aanleiding van dit onderzoek heeft de Arbeidsinspectie een boeterapport Wml, een boeterapport Atw en een aanvullend boeterapport Wml opgesteld. De minister heeft aan [appellante] boetes opgelegd vanwege overtredingen van de Wml en de Atw en aan haar een schriftelijke waarschuwing gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4948
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202404372/1/A2

202404947/1/A2

Bij besluit van 5 juli 2023 heeft de minister van Financiën, namens deze de Programmadirecteur Schulden de aanvraag van [appellante] om compensatie voor een afgeloste geldschuld gedeeltelijk afgewezen. Deze uitspraak gaat over compensatie voor afgeloste private schulden in het kader van de hersteloperatie toeslagen. Deze regeling is onderdeel van de regeling voor overneming en betaling van private schulden die is opgenomen in de Wet hersteloperatie toeslagen. [appellante] is een gedupeerde ouder van de toeslagenaffaire. Zij heeft, op basis van de zogenoemde Catshuisregeling, op 9 januari 2023 een bedrag van € 30.000,00 ontvangen. [appellante] heeft een aanvraag gedaan om compensatie voor afgeloste schulden, zoals bedoeld in artikel 4.3 van de Wht. Het gaat om een bedrag van € 2.998,42 dat zij verschuldigd was aan Eneco en een bedrag van € 1.782,48 dat zij verschuldigd was aan [kinderopvang]. Op de dag dat [appellante] het bedrag van € 30.000,00 ontving, heeft zij haar schulden meteen betaald. Ten tijde van de toeslagenaffaire heeft [appellante] veel moeite gedaan om haar schulden af te lossen en betalingsregelingen af te spreken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4929
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202404947/1/A2

202404960/1/A2

Bij besluit van 11 oktober 2022 heeft de minister van Financiën, namens deze de Programmadirecteur Schulden geweigerd een schuld van [appellante] over te nemen. Deze uitspraak gaat over een besluit op grond van de regeling voor overneming en betaling van private schulden die is opgenomen in de Wet hersteloperatie toeslagen. [appellante] is een gedupeerde van de toeslagenaffaire. Zij heeft verzocht om overname van een aantal schulden. In hoger beroep is in geschil of een schuld aan Shop2Max B.V. van € 8.159,03 moet worden overgenomen. De schuld zie op een huurovereenkomst voor een auto, die [appellante] heeft afgesloten op 1 januari 2019 met Shop2Max B.V. [appellante] heeft deze auto gehuurd omdat zij een auto nodig had, maar haar eigen auto niet langer kon financieren door schuldenproblematiek als gevolg van de toeslagenaffaire. De minister heeft bij besluit van 11 oktober 2022 de aanvraag afgewezen. Bij besluit van 14 april 2023 heeft de minister het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Hij heeft daaraan ten grondslag gelegd dat de schuld niet is vastgelegd in een notariële akte, wat is vereist bij een informele schuld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4926
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202404960/1/A2

202405261/1/R4

Bij besluit van 27 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Druten het bestemmingsplan "Roodhekkenpas West Druten" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet in de realisatie van 36 grondgebonden woningen in Druten. Het plangebied bevindt zich aan de westzijde van de kern Druten. Aan de noordzijde wordt het plangebied begrensd door de Heersweg, aan de oostzijde door de Roodhekkenpas en aan de westzijde door het bedrijventerrein Westerhout. Het plangebied heeft in de bestaande situatie een agrarische enkelbestemming. Het plangebied maakt onderdeel uit van de Groene ontwikkelingszone van de provincie Gelderland. [partij] is initiatiefnemer van het bestemmingsplan. [appellant] en anderen wonen ten oosten van het plangebied. Hun woonpercelen grenzen aan de Roodhekkenpas. [appellant] en anderen zijn het niet eens met het bestemmingsplan, onder meer omdat de ontwikkeling volgens hen leidt tot meer verkeer en tot geluid- en wateroverlast bij hun woningen. Ook vrezen zij voor aantasting van de Groene ontwikkelingszone.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4947
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202405261/1/R4

202405284/1/A2

Bij besluit van 13 maart 2023 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland een subsidieaanvraag van de vereniging voor het project "Bodemsanering golfbaan Watersportweg 100 te Midden-Delfland en Vlaardingen" afgewezen. Het college heeft een subsidieaanvraag van de vereniging afgewezen. De aanvraag had betrekking op de kosten voor saneringswerkzaamheden in verband met het uitvoeren van een renovatie/herinrichting van de golfbaan Watersportweg 100 in Midden-Delfland en Vlaardingen. Het college heeft die aanvraag afgewezen en het daartegen ingestelde bezwaar ongegrond verklaard. De vereniging was het hier niet mee eens. De rechtbank heeft het beroep van de vereniging echter niet inhoudelijk beoordeeld. Zij heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard, omdat het niet tijdig was ingediend en omdat dit aan de vereniging kon worden toegerekend. De vereniging voert in hoger beroep aan dat de rechtbank het beroep van de vereniging ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4946
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202405284/1/A2

202406478/1/V6

Bij besluit van 24 april 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een verzoek van appellanten om op enige wijze hun overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. Appellanten, [appellant] en zijn gezin, hebben de Afghaanse nationaliteit. Op 18 juli 2022 heeft [appellant] verzocht om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij tussen 1 oktober 2009 en 31 oktober 2010 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. Het gezin verblijft in Afghanistan. Tijdens het hoger beroep is gebleken dat [appellant] in Nederland verblijft. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4960
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202406478/1/V6

202500706/1/A2

Bij besluit van 6 november 2023 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen een derde verzoek van [wederpartij] om herziening van het besluit van 24 januari 2022, waarin staat dat [wederpartij] onderzoek moet laten doen naar zijn alcoholgebruik, afgewezen. Aan [wederpartij] is bij besluit van 17 september 2020 een educatieve maatregel alcohol en verkeer (hierna: EMA) opgelegd, omdat hij op 23 augustus 2020 geweigerd heeft om mee te werken aan een alcoholcontrole. Hij heeft vervolgens de cursus gevolgd en afgerond. Vervolgens is hij op 9 januari 2022 aangehouden met teveel alcohol op. Bij besluit van 24 januari 2022 heeft het CBR besloten dat [wederpartij] een onderzoek moet laten doen naar zijn rijgeschiktheid omdat hij niet in aanmerking komt voor nog een EMA. Vervolgens heeft [wederpartij] twee keer, namelijk op 22 juli 2022 en op 3 oktober 2022, verzoeken om herziening van het besluit van 24 januari 2022 ingediend. Aan die verzoeken heeft hij ten grondslag gelegd dat hij door de politierechter was vrijgesproken van het feit op 23 augustus 2020. Die verzoeken hebben niet geleid tot een andere uitkomst. Vervolgens heeft hij op 19 oktober 2023 opnieuw om herziening van het besluit van 24 januari 2022 gevraagd. Het CBR heeft dit verzoek afgewezen, omdat geen sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4941
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202500706/1/A2

202504459/1/A2

Bij beslissing van 12 september 2024 heeft de Centrale Studentenadministratie, namens het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam, het verzoek van [appellante] om per 1 september 2024 te worden ingeschreven voor de masteropleiding Publiekrecht aan de Universiteit van Amsterdam afgewezen. Bij beslissing van 23 juni 2025 heeft het college het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [appellante] stond in het studiejaar 2023-2024 ingeschreven voor de opleiding. Zij heeft het college verzocht haar per 1 september 2024 in te schrijven voor de opleiding voor het studiejaar 2024-2025. Het verzoek is bij beslissing van 12 september 2024 afgewezen. Het college heeft de afwijzing in bezwaar, onder verwijzing naar het advies van de geschillenadviescommissie, gehandhaafd. Volgens het college heeft [appellante] niet tijdig aan de voorwaarden voor inschrijving voldaan. Eén van die voorwaarden is dat de openstaande vordering met betrekking tot het collegegeld vóór 1 september moet zijn voldaan. Volgens het college voldeed [appellante] niet aan die voorwaarde, omdat zij het verschuldigde bedrag aan collegegeld over het studiejaar 2023-2024 pas op 9 oktober 2024 heeft betaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4924
Datum uitspraak
15 oktober 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202504459/1/A2

202305122/1/V1

Bij besluit van 9 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4910
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202305122/1/V1

202501681/1/V3

Bij besluit van 26 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4900
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202501681/1/V3

202504695/2/R2

Bij besluit van 17 juli 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek het verzoek van [partij] om handhavend op te treden tegen de activiteiten wonen/overnachten op het weiland [locatie 1] in Beek en Donk, afgewezen. Het perceel [locatie 1] in Beek en Donk heeft in het bestemmingsplan "Bedrijventerrein Bosscheweg (deelgebied Wellestraat-West)", dat sinds 1 januari 2024 deel uitmaakt van het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Laarbeek, de bestemming "Bedrijventerrein". [verzoekster] exploiteert op het perceel een internationaal transportbedrijf. [partij] woont aan de [locatie 2] in Beek en Donk. Het perceel heeft de bestemming "Bedrijventerrein". Hij heeft een verzoek om handhaving gedaan, omdat volgens hem op het perceel [locatie 1], in strijd met het omgevingsplan en het bestemmingsplan, de activiteiten wonen/overnachten plaatsvinden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4899
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504695/2/R2

202505004/1/V3

Bij besluit van 21 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant de toegang tot Nederland geweigerd en hem een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4901
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202505004/1/V3

BRS.25.001172 en BRS.25.001373

Bij besluit van 14 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4881
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001172 en BRS.25.001373

BRS.25.001305

Bij besluit van 27 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4859
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001305

BRS.25.001387

Bij besluiten van 28 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4879
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001387

202201923/5/R3

Bij besluit van 15 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Schiermonnikoog het bestemmingsplan "Verbrede reikwijdte Schiermonnikoog - Dorp" vastgesteld. [verzoekers] bewonen de woning aan de [locatie] op Schiermonnikoog. Aan deze woning is in het herstelbesluit de bestemming "Wonen" met de aanduiding "overige zone - voorwaardelijk recreatief gebruik 2" toegekend. Op de zitting van 22 september 2025 is komen vast te staan dat de redactie van artikel 28.5.3 van de planregels tot rechtsonzekerheid leidt, zoals ook door [verzoekers] in hun verzoek om voorlopige voorziening is betoogd. In dit artikel zijn twee verschillende peilmomenten opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4908
Datum uitspraak
14 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202201923/5/R3

202304139/1/V3

Bij besluit van 16 maart 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4837
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202304139/1/V3

202402040/1/V1

Verzoeker, vertegenwoordigd door mr. S. Thelosen, advocaat in Amsterdam, heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 8 maart 2024 in zaak nr. NL24.4838. De minister van Asiel en Migratie heeft een nader stuk ingediend. Verzoeker heeft het hoger beroep ingetrokken en de Afdeling verzocht om de minister te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4888
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202402040/1/V1

202403097/1/V3

Bij besluit van 5 april 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 10 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. E. Berger, advocaat in Zwolle, hoger beroep ingesteld. De staatssecretaris heeft een nader stuk ingediend, waarop appellant heeft gereageerd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4893
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403097/1/V3

202502514/1/V3

Bij besluit van 9 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 28 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M.C. de Jong, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4892
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502514/1/V3

202504116/2/R2

Bij besluit van 23 januari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal [verzoeker] onder oplegging van een dwangsom gelast de garageloods op het perceel [locatie A] in Heerle te verwijderen of zodanig uit te voeren dat deze vergunningsvrij is. [verzoeker] woont op het perceel [locatie A] in Heerle. Hij heeft op zijn perceel een garageloods gebouwd. [belanghebbende], die naast [verzoeker] woont, heeft een verzoek om handhaving ingediend. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat de garageloods zoals deze is gebouwd niet omgevingsvergunningvrij is. [verzoeker] is het niet eens met de opgelegde last onder dwangsom. Hij doet een beroep op het vertrouwensbeginsel. Hij heeft meerdere bouwtekeningen aan het college voorgelegd en het college heeft volgens hem op meerdere momenten aangegeven dat de garageloods zonder omgevingsvergunning gebouwd mocht worden. Het college had dan ook van handhavend optreden moeten afzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4885
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504116/2/R2

202505057/2/V2

Bij besluit van 8 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoekster om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4877
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202505057/2/V2

202505101/1/V3

Bij besluit van 26 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 9 september 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. D. Matadien, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4890
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202505101/1/V3

202505103/1/V3

Bij besluit van 26 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 9 september 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. D. Matadien, advocaat in Rotterdam, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4889
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202505103/1/V3

BRS.25.001209

Bij besluit van 24 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4861
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001209

BRS.25.001238

Bij besluit van 11 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4862
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001238

BRS.25.001251

Bij besluit van 27 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4882
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001251

BRS.25.001292

Bij besluit van 20 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4865
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001292

BRS.25.001325

Bij besluit van 11 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4846
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001325

BRS.25.001497

Bij besluit van 28 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4884
Datum uitspraak
13 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001497

202403275/1/V1

Bij besluit van 8 oktober 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkene een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: een mvv) te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4868
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403275/1/V1

202404567/1/R2 en 202404567/2/R2

Bij besluit van 24 oktober 2023 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg het verzoek van de Dassenwerkgroep en anderen om handhavend op te treden tegen de afbraak van het foerageergebied van de dassen op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) in het gebied Parc Zaarderheiken afgewezen. Stichting Heyerhoven legt in Parc Zaarderheiken een golfbaan aan en ook nieuwe natuur. In het gebied zijn bewoonde dassenburchten aanwezig. Voor een deel van de werkzaamheden bij de aanleg heeft het college een ontheffing verleend, omdat de werkzaamheden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van de das opzettelijk beschadigen of vernielen. Aan die ontheffing heeft het college voorschriften verbonden. De Dassenwerkgroep en anderen maken zich zorgen over de dassen in het gebied en stellen dat Stichting Heyerhoven de voorschriften van de ontheffing niet goed naleeft. Zij hebben daarom het college gevraagd om daartegen handhavend op te treden. Het college heeft dat verzoek afgewezen, omdat het in verschillende controles niet heeft vastgesteld dat Stichting Heyerhoven de voorschriften van de ontheffing overtreedt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4874
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202404567/1/R2 en 202404567/2/R2

202405172/2/R2

Bij besluit van 13 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Laarbeek het bestemmingsplan "Helmondseweg 41 (Malthezer Hoeve), Aarle-Rixtel" vastgesteld. Het plan voorziet in de herontwikkeling van het perceel Helmondseweg 41 (Malthezer Hoeve). Beoogd is om de bestaande villawoning uit te breiden en te renoveren. Ook is beoogd om op het perceel maximaal 36 woningen voor één- en tweepersoonshuishoudens te realiseren in vier boerderijvolumes. De collectieve voorzieningen worden ondergebracht in de bestaande villawoning. Omdat het voorheen geldende bestemmingsplan "Buitengebied" slechts één woning op het perceel toestaat, is een herziening van het bestemmingsplan nodig. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de juridisch-planologische mogelijkheden voor de beoogde herontwikkeling van de Malthezer Hoeve.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4871
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202405172/2/R2

202407765/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4869
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202407765/1/V1

202500808/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4870
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500808/1/V1

202501234/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4872
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501234/1/V1

202502756/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4873
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202502756/1/V1

202502890/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4875
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202502890/1/V1

BRS.25.000938

Bij besluit van 22 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om afgifte van een document als bedoeld in de artikelen 18 en 19 van het Terugtrekkingsakkoord, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4797
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000938

BRS.25.001203

Bij besluit van 16 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4864
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001203

BRS.25.001299

Bij besluit van 20 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4832
Datum uitspraak
10 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001299

202300054/1/V2

Bij besluit van 14 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4836
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202300054/1/V2

202406804/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4838
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202406804/1/V1

202407135/1/V2

Bij besluit van 28 augustus 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4839
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407135/1/V2

202407531/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4840
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202407531/1/V1

202500024/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4841
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500024/1/V1

202500632/1/V1

Appellanten hebben beroepen ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op aanvragen om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4842
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500632/1/V1

202500695/1/V1

Bij besluit van 4 oktober 2024 heeft het COa appellant overgeplaatst naar de Handhavings- en Toezichtlocatie in Hoogeveen. Bij besluit van 4 oktober 2024 heeft de minister appellant een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4844
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202500695/1/V1

202500908/3/V1

Bij besluit van 28 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4845
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500908/3/V1

202501137/1/V2

Bij besluit van 16 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4848
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501137/1/V2

202502912/1/V2

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4849
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202502912/1/V2

202503003/1/V3

Bij besluit van 15 augustus 2024 heeft de minister appellant opgedragen de Europese Unie binnen 28 dagen te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4851
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202503003/1/V3

202503411/1/V1

Betrokkenen hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4853
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202503411/1/V1

202504146/1/V2

Bij besluit van 10 oktober 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4854
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504146/1/V2

202504643/2/R1

Bij besluit van 13 november 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland aan [verzoeker] een last onder dwangsom opgelegd wegens het verbouwen van het pand aan de [locatie 1] te Zierikzee in afwijking van de daarvoor verleende omgevingsvergunning. [verzoeker] is eigenaar van het pand aan de [locatie 1] in Zierikzee, dat is aangewezen als rijksmonument. De benedenverdieping van [locatie 2] is een winkel. De rest van het pand is woonruimte. Om de woonruimte te vergroten heeft [verzoeker] op 4 november 2022 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. Bij besluit van 18 januari 2023 heeft het college de gevraagde omgevingsvergunning voor de verbouwing van het pand verleend. Nadat een toezichthouder van de gemeente constateerde dat het pand werd verbouwd in afwijking van de verleende omgevingsvergunning, is een bouw- en een gebruikstop opgelegd, die het college op 29 december 2023 op schrift heeft gesteld. Daartegen heeft [verzoeker] bezwaar gemaakt. Op 9 april 2024 heeft het college geweigerd om omgevingsvergunning te verlenen voor een gewijzigd bouwplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4835
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504643/2/R1

202504647/1/V3

Bij besluit van 23 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4855
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504647/1/V3

202504739/1/V3

Bij besluit van 29 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4856
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504739/1/V3

202504885/1/V1 en 202504885/2/V1

Bij besluit van 10 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4876
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504885/1/V1 en 202504885/2/V1

202505123/2/V2

Bij besluit van 22 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4857
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202505123/2/V2

202505193/1/V3

Bij besluit van 29 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4858
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202505193/1/V3

202505215/2/V3

Bij besluiten van 9 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie de aanvragen van verzoekers om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4878
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202505215/2/V3

BRS.25.000257

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4779
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000257

BRS.25.000291

Bij besluit van 6 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 5 juni 2024 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 21 februari 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4772
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000291

BRS.25.000824

Bij besluit van 10 december 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4774
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000824

BRS.25.001256

Bij besluit van 22 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4787
Datum uitspraak
9 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001256

202306123/5/R2

Bij besluit van 29 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel het bestemmingsplan "Buitengebied Sint-Michielsgestel, 3e actualisatie" vastgesteld. Het bestemmingsplan voorziet onder meer in het bouwen van een Ruimte voor Ruimte-woning aan de [locatie 1] in Den Dungen. [verzoekers] wonen aan de [locatie 2]. Zij vrezen onder meer voor schaduwhinder en verlies aan privacy. Met het verzoek om een voorlopige voorziening willen [verzoekers] voorkomen dat de Ruimte voor Ruimte-woning al wordt gebouwd op de [locatie 1] voordat de Afdeling uitspraak heeft gedaan op hun beroep tegen het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4796
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202306123/5/R2

202400200/1/V1

Bij besluit van 29 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4790
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202400200/1/V1

202402892/1/V1

Bij ‘kennisgeving gewijzigde identiteitsgegevens’ (hierna: de kennisgeving) van 2 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel laten weten de geboortedatum van betrokkene te hebben gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4791
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202402892/1/V1

202403048/1/V1

Bij besluit van 4 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4792
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403048/1/V1

202500713/1/V1

[appellant 2] heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4793
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500713/1/V1

202501501/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4795
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501501/1/V1

202501974/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4798
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501974/1/V1

202502060/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4819
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202502060/1/V1

202502267/1/V1

Bij besluit van 4 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4821
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202502267/1/V1

202503423/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4822
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202503423/1/V1

202504658/1/V3

Bij besluit van 22 juli 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4827
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202504658/1/V3

BRS.24.000200

Bij besluit van 12 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid betrokkene in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4715
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000200

BRS.25.000980

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4769
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000980

BRS.25.001368 en BRS.25.001369

Bij besluit van 8 augustus 2025 heeft de minister een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 17 september 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. D.W.M. van Erp, advocaat in Utrecht, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4770
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001368 en BRS.25.001369

202003468/12/R2

Bij tussenuitspraak van 10 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2823 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Oss opgedragen om binnen zesentwintig weken na verzending van de uitspraak: a. met inachtneming van overweging 45 de daarin omschreven gebreken in het besluit van 16 april 2020 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Buitengebied Oss - 2020" te herstellen; b. de Afdeling en de partijen de uitkomst mee te delen en een eventueel gewijzigd besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mee te delen. Bij besluit van 12 december 2024 heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied Oss" gewijzigd vastgesteld. [appellant sub 7] betoogt dat de raad alsnog aanleiding had moeten zien om de caravanstalling in loods 1 positief te bestemmen en, als dat niet mogelijk is, om te voorzien in een uitsterfregeling of persoonsgebonden overgangsrecht. Hij voert, onder verwijzing naar een op 10 augustus 1994 op grond van de Wet milieubeheer verleende vergunning, aan dat loods 1 al sinds 1994 in gebruik is als caravanstalling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4610
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202003468/12/R2

202003468/13/R2

Bij tussenuitspraak van 10 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2823 heeft de Afdeling de raad van de gemeente Oss opgedragen om binnen zesentwintig weken na verzending van de uitspraak: a. met inachtneming van overweging 45 de daarin omschreven gebreken in het besluit van 16 april 2020 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Buitengebied Oss - 2020 te herstellen; b. de Afdeling en de partijen de uitkomst mee te delen en een eventueel gewijzigd besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken en mee te delen. Bij besluit van 12 december 2024 (het herstelbesluit) heeft de raad het bestemmingsplan "Buitengebied Oss" gewijzigd vastgesteld. De raad en de gemeente Oss hebben beroep ingesteld tegen het eigen herstelbesluit van de raad.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4611
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202003468/13/R2

202200611/1/A2

Bij besluit van 14 november 2018 heeft de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking de aan K2 Coatings verstrekte subsidie vastgesteld op € 13.584,00 en een bedrag van € 343.400,00 teruggevorderd. In 2010 heeft de minister op grond van het Private Sector Investeringsprogramma aan Terraco Egypt Chemical Industries een subsidie verleend van € 637.360,00 voor het in samenwerking met een lokale partner oprichten van een fabriek voor duurzame verf in Ethiopië. Op 14 februari 2012 hebben Terraco en K2 Coatings de minister toestemming gevraagd voor het oprichten van een "joint venture" tussen K2 Coatings en een Ethiopisch bedrijf. De minister heeft deze toestemming verleend onder de voorwaarde dat Terraco technisch en financieel verantwoordelijk blijft voor het project. In 2014 heeft de minister een voorschot van € 356.984,00 overgemaakt aan K2 Coatings. In 2018 was het project nog steeds niet gerealiseerd. De minister heeft bij besluit van 3 april 2018 K2 Coatings aangewezen als subsidieontvanger en deze in de gelegenheid gesteld om een nieuw projectplan in te dienen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4802
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202200611/1/A2

202202375/2/R3

Bij tussenuitspraak van 23 april 2025, ECLI:NL:RVS:2025:1846 heeft de Afdeling de raad en het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam opgedragen om binnen zestien weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 24 februari 2022 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490", en het besluit van 19 februari 2024 tot wijziging van de verleende omgevingsvergunning, te herstellen. Ter uitvoering van de tussenuitspraak heeft de raad bij besluit van 19 juni 2025 het bestemmingsplan "Hoofdweg 480-490" gewijzigd vastgesteld, en heeft het college bij besluit van 25 juni 2025 de omgevingsvergunning opnieuw gewijzigd verleend. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak geoordeeld dat het bestemmingsplan niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid, omdat het vereiste inzicht in de gevolgen van het plan voor het verkeer ontbreekt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4806
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Bouwen
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202202375/2/R3

202300783/1/R3

Bij besluit van 4 juli 2022 heeft de raad van de gemeente Dantumadiel het bestemmingsplan "Damwâld-kom" vastgesteld. Het plan voorziet in een actuele planologisch-juridische regeling voor de gronden binnen de bebouwde kom van Damwâld. In de plantoelichting staat dat het plan conserverend is en geen grootschalige nieuwe ontwikkelingen mogelijk maakt. Het plan voorziet in een actuele planologisch-juridische regeling voor de gronden binnen de bebouwde kom van Damwâld. In de plantoelichting staat dat het plan conserverend is en geen grootschalige nieuwe ontwikkelingen mogelijk maakt. De ondernemingen van Multigaz Damwâld B.V. en [appellant] zijn gevestigd in het plangebied. Multigaz Damwâld B.V. is, onder meer, eigenaar van de kadastrale percelen met nummers 42 en 587 in Damwâld. [appellant] is eigenaar van het kadastrale perceel met nummer 588. Multigaz Damwâld B.V. en [appellant] kunnen zich niet met het bestemmingsplan verenigen, voor zover het perceel van [appellant] daarin niet is bestemd voor bedrijvigheid in categorie 3 van de bij de planregels behorende Staat van Bedrijven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4808
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202300783/1/R3

202305192/1/R2

Bij besluit van 13 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Land van Cuijk de aan [partij A] verleende revisievergunning voor de inrichting, gelegen aan de [locatie] in Rijkevoort, wat betreft stal 5 en de daarin te huisvesten 33.600 vleeskuikens, ingetrokken. [partij A] voerde ten tijde van het besluit van 13 december 2021 een vleeskuikenbedrijf aan de [locatie] in Rijkevoort. Op 30 augustus 2011 is aan [partij A] een revisievergunning op grond van de Wet milieubeheer verleend voor een pluimveehouderij en akkerbouwbedrijf. Op 22 februari 2021 heeft de milieuvereniging het college verzocht om de revisievergunning gedeeltelijk in te trekken, omdat het bedrijf de laatste jaren substantieel lagere aantallen vleeskuikens houdt dan is vergund. Ook is de vergunde stal 5 nog niet in zijn geheel gerealiseerd. Om te voorkomen dat ongebruikte rechten alsnog worden ingezet, heeft de milieuvereniging het college verzocht om de revisievergunning gedeeltelijk in te trekken. Dat heeft het college vervolgens gedaan bij besluit van 13 december 2021.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4812
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Milieu - Overige
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak202305192/1/R2

202306352/1/A3

Bij besluit van 4 november 2022 heeft de minister voor Rechtsbescherming, thans: de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van [appellant] om afgifte van een verklaring omtrent het gedrag afgewezen. [appellant] heeft op 29 augustus 2022 verzocht om afgifte van een VOG voor de functie van persoonlijk begeleider bij Unique People Wonen B.V. in Riel. De minister heeft het verzoek afgewezen. Hij heeft zich daarbij gebaseerd op de Beleidsregels VOG-NP-RP 2022 en het algemene screeningsprofiel met de risicogebieden informatie, geld en personen. Uit het Justitieel Documentatiesysteem is naar voren gekomen dat op 18 maart 2016 een zaak tegen [appellant] wegens ontucht met een wilsonbekwame voorwaardelijk is geseponeerd op grond van ‘gering feit’. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de minister de VOG heeft mogen weigeren. Daartoe voert [appellant] aan dat de rechtbank ten onrechte heeft aangenomen dat op 15 mei 2015 een strafbaar feit vermeld staat in het JDS, omdat die aanname ongefundeerd is, en in strijd met de onschuldpresumptie van artikel 6, tweede lid, van het Verdrag voor de Rechten van de Mens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4815
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Verklaring omtrent gedrag
  • uitspraakin de zaak202306352/1/A3

202306952/1/A3

Bij besluit van 19 september 2019 heeft de minister van Defensie de verklaring van geen bezwaar van [appellant] ingetrokken. [appellant] is op 14 juli 2017 aangemeld bij de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst voor een hernieuwd veiligheidsonderzoek op veiligheidsmachtigingsniveau B. [appellant] vervulde een vertrouwensfunctie van Instructeur Zware Wapens bij het Commando Landstrijdkrachten. [appellant] heeft bij een eerder veiligheidsonderzoek verklaard dat hij lid was van Satudarah Motorcycle Club. De minister heeft toen een verklaring van geen bezwaar afgegeven. Met het arrest van de Hoge Raad van 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1789, is het cassatieberoep tegen de beschikkingen van het gerechtshof Den Haag (over de beschikking van de rechtbank van 18 juni 2018 waarbij Satudarah verboden is verklaard en is ontbonden) verworpen. De verbodenverklaring en ontbinding van Satudarah staan daarmee in rechte vast. Volgens de minister volgt uit het veiligheidsonderzoek naar [appellant] dat onvoldoende is komen vast te staan dat hij, wegens zijn verbondenheid aan Satudarah, zijn functie onafhankelijk kan uitoefenen, volledig loyaal is jegens Defensie en een integere vervulling van de vertrouwensfunctie kan garanderen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4805
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202306952/1/A3

202306953/1/A3

Bij besluit van 19 september 2019 heeft de minister van Defensie de verklaring van geen bezwaar van [appellant] ingetrokken. [appellant] is op 6 maart 2018 aangemeld bij de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst voor een hernieuwd veiligheidsonderzoek op veiligheidsmachtigingsniveau B. [appellant] vervulde een vertrouwensfunctie van Plaatsvervangend Commandant Pantserinfanteriepeloton. [appellant] heeft bij een eerder veiligheidsonderzoek verklaard dat hij lid was van Satudarah Motorcycle Club. De minister heeft toen een verklaring van geen bezwaar afgegeven. Met het arrest van de Hoge Raad van 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1789, is het cassatieberoep tegen de beschikkingen van het gerechtshof Den Haag (over de beschikking van de rechtbank van 18 juni 2018 waarbij Satudarah verboden is verklaard en is ontbonden) verworpen. De verbodenverklaring en ontbinding van Satudarah staan daarmee in rechte vast. Volgens de minister volgt uit het veiligheidsonderzoek naar [appellant] dat onvoldoende is komen vast te staan dat hij, wegens zijn verbondenheid aan Satudarah, zijn functie onafhankelijk kan uitoefenen, volledig loyaal is jegens Defensie en een integere vervulling van de vertrouwensfunctie kan garanderen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4804
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202306953/1/A3

202307834/1/A3

Op 31 mei 2021 heeft [wederpartij] het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem in gebreke gesteld ten aanzien van het nemen van een beslissing op haar verzoeken om handhaving van een verkeersbesluit, het nemen van twee verkeersbesluiten en het verlenen van een omgevingsvergunning voor een Bed & Breakfast. Het hoger beroep richt zich tegen het oordeel van de rechtbank over het niet tijdig nemen van een besluit op het verzoek van [wederpartij] om handhaving van een verkeersbesluit en de aan dat oordeel verbonden vernietiging van het besluit van 17 juni 2021 en vaststelling van verbeurde dwangsommen. [wederpartij] wil dat het college handhavend optreedt tegen het verkeer dat onbevoegd gebruik maakt van een gedeelte van de Heijendaalseweg in Wehl, gemeente Doetinchem. De rechtbank heeft geoordeeld dat het verzoek een aanvraag is in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en dat het college op deze aanvraag niet tijdig heeft beslist. Daarom heeft de rechtbank het college opgedragen alsnog een besluit te nemen op het verzoek, het besluit van 17 juni 2021 over de dwangsommen vernietigd en zelf de hoogte van de verbeurde dwangsom vastgesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4803
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202307834/1/A3

202400052/1/R2

Bij besluit van 22 februari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van 's-Hertogenbosch onder oplegging van een dwangsom [appellant] en anderen gelast om een hooischuur op het perceel [locatie] te Rosmalen te verwijderen en verwijderd houden. [appellant] en anderen zijn eigenaar, dan wel bewoner van de woning [locatie] te Rosmalen. Op 10 november 2022 heeft een toezichthouder van de gemeente, naar aanleiding van een handhavingsverzoek, een controle uitgevoerd en vastgesteld dat er een illegaal bouwwerk aanwezig is op het perceel. Uit het controlerapport blijkt dat het bouwwerk wordt gebruikt als schuur/opslagruimte. [appellant] en anderen betogen dat het bouwwerk is gelegen in het achtererfgebied en daarom vergunningvrij is opgericht, waardoor er geen sprake is van een overtreding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4816
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202400052/1/R2

202401200/1/A3

Bij besluit van 20 januari 2022, aangevuld bij besluit van 4 maart 2022, heeft het college van burgemeester en wethouders van Nunspeet beslist op een verzoek van [wederpartij] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en een aantal documenten openbaar gemaakt. De uitspraak gaat over de toepassing van artikel 5.2, derde lid, van de Woo op een document, de memo, waarin onder meer persoonlijke beleidsopvattingen staan van een ambtenaar over de procespositie van de gemeente in een bestemmingsplanprocedure. Bij brief van 23 november 2021 heeft [wederpartij] het college op grond van de Wob verzocht documenten openbaar te maken die ten grondslag liggen aan het ontwerpbestemmingsplan "Veelhorsterweg 21/23". Het college heeft bij het besluit van 2 augustus 2022 op grond van artikel 5.2, eerste lid, van de Woo geweigerd de memo openbaar te maken, omdat deze is opgesteld ten behoeve van intern beraad en persoonlijke beleidsopvattingen bevat. De rechtbank heeft geoordeeld dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd dat de memo in zijn geheel uit persoonlijke beleidsopvattingen bestaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4814
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202401200/1/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202401200/1/A3

202401830/1/V6

Bij besluit van 14 februari 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de door [appellant] afgelegde verklaring ter verkrijging van het Nederlanderschap geweigerd te bevestigen. [appellant] is op [geboortedatum] 1989 geboren in [geboorteplaats], Zuid-Afrika. Hij heeft bij zijn geboorte naast de Zuid-Afrikaanse nationaliteit ook de Nederlandse nationaliteit verkregen, omdat zijn moeder op dat moment de Nederlandse nationaliteit bezat. Zij is in Zuid-Afrika geboren uit Nederlandse ouders, die in 1952 naar Zuid-Afrika zijn geëmigreerd. De vader van [appellant] was in het bezit van de Zuid-Afrikaanse nationaliteit. Op 1 januari 1995 heeft de moeder van [appellant] het Nederlanderschap van rechtswege verloren op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap, zoals die wet luidde tussen 1 januari 1985 en 1 april 2003 (hierna: de RWN (oud)), omdat zij van 1 januari 1985 tot 1 januari 1995 onafgebroken hoofdverblijf heeft gehad in Zuid-Afrika. Zij bezat, naast de Nederlandse nationaliteit, ook de Zuid-Afrikaanse nationaliteit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:4799
Datum uitspraak
8 oktober 2025
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202401830/1/V6
vorige pagina1...323334...1.245volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon