Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.544
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202403933/1/R2

Bij besluit van 18 april 2024 heeft de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel het bestemmingsplan "Wonen op de Donk Den Dungen" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de bouw van 43 woningen mogelijk op de locatie Donksestraat 19 in Den Dungen. Op die locatie zijn een agrarisch bedrijf en een graafmachineverhuurbedrijf gevestigd die worden gesaneerd ten behoeve van de beoogde woningbouw. Het plangebied ligt in het westen van de kern Den Dungen en op ongeveer 60 m van de kerk, het dorpshart van Den Dungen. [appellant sub 1] is eigenaresse van het pand op het perceel [locatie] (‘het Raadhuis’) ten zuidoosten van het plangebied. In het pand zijn een pensioenfondskantoor en een praktijk voor specialistische kinder- en jeugdpsychologie gevestigd. [appellant sub 1] kan zich vooral niet vinden in de keuze van de locatie voor de ontsluitingsweg tussen het Raadhuis en het schoolgebouw De Blauwe Scholk. Het Groene Hart komt op voor het behoud van de historische kern van Den Dungen en de landschappelijke waarde van het plangebied. Blauwe Scholk zet zich in voor het behoud van het schoolgebouw en het buitenterrein bij dit gebouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5600
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202403933/1/R2

202404340/1/A3

Bij besluit van 26 juli 2022 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante] boetes opgelegd van in totaal € 22.800,00 wegens zes overtredingen van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [appellante] heeft een hoveniersbedrijf dat ook soms sloopwerkzaamheden uitvoerde. Op 22 maart 2021 hebben medewerkers van [appellante] in een pand aan de [locatie] in Beverwijk sloopwerkzaamheden verricht. Een van de medewerkers was minderjarig. De sloopwerkzaamheden bestonden uit het slopen van enkele muren en een plafondconstructie. Tijdens het uitvoeren van de werkzaamheden aan het plafond is ook materiaal verwijderd dat, zoals achteraf bleek, asbesthoudend was. Op 1 april 2021 is een asbestinventarisatie in het pand uitgevoerd. Uit de inventarisatie bleek dat sprake was van asbesthoudend materiaal, waarvan de sanering in risicoklasse 2A valt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5606
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202404340/1/A3

202404432/1/R3

Bij besluit van 4 juni 2024 heeft de raad van de gemeente Krimpenerwaard het bestemmingsplan "Molenpark, Bergambacht" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de ontwikkeling mogelijk van in totaal 125 woningen op de locatie Molenpark, gelegen ten noorden van Bergambacht. De ontwikkeling bestaat uit 43 grondgebonden woningen, waaronder rijwoningen, twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen, en 82 appartementen. Het besluit hogere waarden voorziet voor een deel van de nieuwe woningen in een hogere geluidgrenswaarde als gevolg van het wegverkeer op de provinciale weg N207. [appellant] woont aan de [locatie] in Bergambacht, direct grenzend aan het plangebied. Hij kan zich niet verenigen met de besluiten, onder andere omdat hij vreest voor een vergaande aantasting van zijn leefomgeving. [partij]Ontwikkeling is de initiatiefnemer van de ontwikkeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5621
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202404432/1/R3

202404844/1/A3

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 9 juli 2024 waarbij de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hengelo van 28 juni 2023 ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft het college de bezwaren tegen de besluiten van 9 maart 2022, 22 maart 2022, en 30 maart 2022, waarbij een verzoek van [appellant] om inzage in zijn persoonsgegevens op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming is toegewezen, ongegrond verklaard. [appellant] heeft het college verzocht om inzage van zijn persoonsgegevens die worden verwerkt door de afdeling Werk en Inkomen. Het college heeft dit verzoek toegewezen en aan [appellant] meegedeeld dat hij een uitgeprint dossier kan ontvangen. [appellant] is het hier niet mee eens, omdat het college ten onrechte de afhandeling van zijn inzageverzoek heeft beperkt tot inzage in zijn dossier en persoonsgegevens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5721
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202404844/1/A3

202405336/1/R1

Bij besluit van 28 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht de locatie ter hoogte van de [locatie 1] aangewezen voor het plaatsen van een ondergrondse perscontainer voor restafval. Het college heeft met het besluit van 28 maart 2023 de locatie ter hoogte van de [locatie 1] aangewezen (hierna: de aangewezen locatie) voor het plaatsen van een ondergrondse container. Het betreft een ondergrondse perscontainer voor restafval. In het besluit op bezwaar van 16 juli 2024 heeft het college de aanwijzing in stand gelaten. [appellant] woont op de [locatie 1] naast de aangewezen locatie. De afstand van de gevel van zijn woning tot aan de aangewezen locatie is ongeveer twaalf meter. [appellant] is het niet eens met het besluit en heeft daarom beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5612
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202405336/1/R1

202405379/1/A2

Bij besluit van 9 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schiermonnikoog aan [appellant] een vergunning verleend voor het onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning op het perceel [locatie A] in Schiermonnikoog. [appellant] is eigenaar van het perceel met woning aan [locatie A] in Schiermonnikoog. [belanghebbende] is eigenaar van het naastgelegen perceel met woning aan [locatie B]. Bij besluit van 16 juli 2024 heeft het college het bezwaar van [belanghebbende] tegen het besluit van 9 maart 2018 gegrond verklaard, dit besluit herroepen en de onttrekkingsvergunning alsnog geweigerd met toepassing van artikel 18, eerste lid, aanhef en onder c van de Huisvestingsverordening Schiermonnikoog 2015. Het college is bij nader inzien tot de conclusie gekomen dat het verlenen van de aangevraagde onttrekkingsvergunning zal leiden tot een onaanvaardbare inbreuk op een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van [locatie A]. [appellant] heeft tegen het nieuwe besluit op bezwaar van 16 juli 2024 beroep ingesteld, omdat hij het niet eens is met het alsnog weigeren van de door hem aangevraagde onttrekkingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5629
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202405379/1/A2

202405622/1/R3

Bij besluit van 12 juni 2018 heeft het college een omgevingsvergunning verleend aan [appellant] voor onder meer het in strijd met het bestemmingsplan gebruiken van een deel van de woning op het perceel [locatie 1] in Schiermonnikoog voor recreatieve doeleinden. [appellant] is eigenaar van de woning [locatie 1] in Schiermonnikoog. [partij] is eigenaar van het naastgelegen perceel met woning aan [locatie 2]. Aan [appellant] is een omgevingsvergunning verleend om zijn woning uit te breiden. Zoals de Afdeling in de in het procesverloop genoemde uitspraak van 15 november 2023 onder 1 heeft overwogen, is de omgevingsvergunning voor de bouw van de uitbreiding van de woning onherroepelijk. [appellant] wenst de uitbreiding te gebruiken voor recreatieve doeleinden. Dat gebruik was in strijd met het ten tijde van de vergunningverlening en het besluit op bezwaar in 2018 geldende bestemmingsplan "Schiermonnikoog - Dorp" uit 2009.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5539
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202405622/1/R3

202406176/1/V6

Bij besluit van 5 april 2023 heeft de minister [appellant] een boete opgelegd van € 42.750,00 wegens zes overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen en zes overtredingen van artikel 15, eerste lid, van de Wav. Op 16 november 2021 hebben inspecteurs van de Nederlandse Arbeidsinspectie onderzoek gedaan op een werklocatie in Bleiswijk. De inspecteurs hebben op 24 oktober 2022 op ambtsbelofte een boeterapport opgemaakt. Daarin constateerden zij na administratief onderzoek dat [appellant] artikel 2, eerste lid, van de Wav heeft overtreden door zes vreemdelingen (hierna: de betrokkenen) te laten werken zonder dat [appellant] over tewerkstellingsvergunningen beschikte of de betrokkenen in het bezit waren van een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid. Het werk bestond uit afbouwwerkzaamheden bij nieuwbouw en/of renovatie van gebouwen. Ook constateerden de inspecteurs na administratief onderzoek dat [appellant] artikel 15, eerste lid, van de Wav heeft overtreden. [appellant] heeft de betrokkenen namelijk arbeid laten verrichten bij andere werkgevers zonder deze werkgevers een kopie van de geldige identiteitsdocumenten van de betrokkenen te verstrekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5618
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202406176/1/V6

202407754/1/A3

Bij besluit van 29 oktober 2021 heeft Dienst Toeslagen een door [appellant A], naar gesteld handelend namens [appellant B], ingediend inzageverzoek op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming afgewezen wegens het ontbreken van een geldige machtiging. De rechtbank heeft het beroep van [appellant A] niet-ontvankelijk verklaard omdat er een termijnoverschrijding is die niet verschoonbaar is. Zij heeft onbesproken gelaten of er andere redenen zijn om te twijfelen aan de ontvankelijkheid van het beroep. In dat licht is onder meer de vraag aan de orde of [appellant A] wel een geldige machtiging heeft om te procederen voor [appellant B]. Nu de Afdeling het oordeel van de rechtbank volgt over de termijnoverschrijding, zal ook zij zich hiertoe beperken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5611
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202407754/1/A3

202500619/1/A2

Bij beslissing van 24 september 2024 heeft het college van bestuur van de Rijksuniversiteit Groningen aan [appellante] meegedeeld dat aan de IND wordt gemeld dat zij gedurende het studiejaar 2023-2024 niet heeft voldaan aan de studievoortgangseis en niet gebleken is van een hiervoor bestaande verschoonbare reden. [appellante] is een internationale studente die sinds het studiejaar 2020-2021 de bacheloropleiding geneeskunde volgt aan de Rijksuniversiteit Groningen. Omdat zij een verblijfsvergunning heeft met als verblijfsdoel "studie" moet zij elk studiejaar voldoen aan de norm die voortvloeit uit de Wet Modern Migratiebeleid. Deze norm bedraagt 50% van de nominale last per studiejaar. Voor [appellante] geldt een norm van 30 ECTS per studiejaar. In studiejaar 2023-2024 heeft [appellante] 10 ECTS behaald. Aan de beslissing van 24 september 2024 heeft het CvB ten grondslag gelegd dat [appellante] onvoldoende studiepunten heeft gehaald om aan de MoMi-norm te voldoen. Omdat de MoMi-commissie heeft geconcludeerd dat [appellante] hiervoor geen verschoonbare reden heeft gegeven, heeft CvB aan haar medegedeeld dat de IND op de hoogte zou worden gesteld van het niet behalen van de MoMi-norm.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5601
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202500619/1/A2

202501342/1/A3

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van de rechtbank van 14 januari 2025 waarbij de rechtbank het beroep van [appellant] tegen het besluit van 29 februari 2024 ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft de Autoriteit Persoonsgegevens het bezwaar tegen het besluit van 23 juni 2023 ongegrond verklaard. In het besluit van 23 juni 2023 heeft de AP geweigerd handhavend op te treden tegen het Regionaal Tuchtcollege Gezondheidszorg te Zwolle (hierna: Tuchtcollege) naar aanleiding van een door [appellant] ingediende klacht op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming .

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5722
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202501342/1/A3

202501408/1/A2

Bij besluiten van 10 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Reimerswaal een tegemoetkoming in planschade aan [appellant sub 1] van € 10.000,- en aan [appellant sub 2] van € 7.000,- toegekend. [appellant sub 1] is eigenaar van de woning aan de [locatie 1] in Yerseke en [appellant sub 2] is eigenaar van de woning aan de [locatie 2] in Yerseke. Zij hebben op 18 januari 2022 het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade. Zij hebben daaraan ten grondslag gelegd dat de woningen in waarde zijn verminderd door het op 11 juli 2017 vastgestelde en op 24 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan Nieuwbouw kerk Gereformeerde Gemeente Yerseke. Het bestemmingsplan maakt aan de Steeweg de bouw mogelijk van een nieuw kerkgebouw met een maximale hoogte van 25 m met een kerktoren van 45 m. De rechtbank is van oordeel dat het college onder verwijzing naar de adviezen van Langhout voldoende inzicht heeft gegeven in de planologische vergelijking en de omvang van de nadelige gevolgen die [appellant sub 1] en [appellant sub 2] door het bestemmingsplan ondervinden. [appellant sub 1] en [appellant sub 2] hebben niet met objectieve en verifieerbare bewijsstukken onderbouwd dat de bebouwingsmogelijkheden die bestonden op grond van het bestemmingsplan Buitengebied 2016 met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid feitelijk niet realiseerbaar waren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5602
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202501408/1/A2

202503777/1/A2

Bij e-mail van 8 april 2025 heeft het hoofd Onderwijs en Studentenzaken Rechtsgeleerdheid van de faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie van de Universiteit Utrecht medegedeeld dat [appellante] voor het contact met de studieadviseurs slechts gebruik mag maken van één specifiek e-mailadres. De vraag die in deze procedure voorligt, is of de e-mail van 8 april 2025 een beslissing op grond van de Whw is waartegen [appellante] bezwaar kon maken bij het college. In de e-mail van 8 april 2025 heeft het hoofd Onderwijs en Studentenzaken Rechtsgeleerdheid medegedeeld dat [appellante] voor het contact met de studieadviseurs slechts gebruik mag maken van één specifiek e-mailadres. [appellante] betoogt dat de e-mail van 8 april 2025 het karakter heeft van een ordemaatregel in de zin van artikel 7.57h, eerste lid, van de Whw. De opgelegde communicatiebeperking is blijkens de bewoordingen van die e-mail gericht op het handhaven van orde en veiligheid binnen de faculteit. Die ordemaatregel heeft volgens [appellante] het rechtsgevolg dat haar recht op reguliere studiebegeleiding wordt ingeperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5596
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503777/1/A2

202400877/1/V3

Bij besluit van 31 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5552
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400877/1/V3

202401052/1/V3.

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5551
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202401052/1/V3.

202504275/1/V1

Bij besluit van 7 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5565
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202504275/1/V1

202504339/2/R4

Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Nijkerk het bestemmingsplan "5e Herziening Bestemmingsplan Buitengebied Nijkerk 2017, Veegplan 2" vastgesteld. Het plangebied van het bestemmingsplan, voor zover van belang, maakt onderdeel uit van het Natura 2000-gebied "Arkemheen". Het relevante plangebied heeft de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurwaarden" die afwisselend overlapt met een of meerdere van de volgende gebiedsaanduidingen: "milieuzone - hydrologische beschermingszone", "overige zone - polderlandschap", "overige zone - natura 2000-gebied", "overige zone - gelders natuurnetwerk" en "overige zone - weidevogelgebied". In het voorgaande bestemmingsplan "Buitengebied Nijkerk 2017, Veegplan 2" gold ter plaatse van deze gebiedsaanduidingen een verbod op scheuren en frezen voor graslandvernieuwing of gold een vergunningplicht voor deze activiteit. Het bestemmingsplan past deze regels aan door het scheur- en freesverbod en de vergunningplicht af te schaffen en ter plaatse van de gebiedsaanduiding "overige zone-weidevogelgebied" een meldingsplicht met voorwaarden in te voeren. Verder maakt het plan mogelijk dat overal binnen de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurwaarden" kan worden doorgezaaid in de bodem tot maximaal 15 cm onder het bestaande maaiveld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5566
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202504339/2/R4

BRS.25.000364

Bij besluit van 18 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5525
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000364

BRS.25.001500

Bij besluit van 14 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5534
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001500

202307314/2/A2

Ten aanzien van zaak nr. 202307314/1/A2, die op 24 november 2025 op zitting zal worden behandeld, heeft mr. J. Hoekstra, als lid van de meervoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak, op 17 november 2025 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen. De staatsraad heeft te kennen gegeven dat hij bij de voorbereiding van deze zaak heeft geconstateerd dat de minister van Defensie een van de partijen is. De staatsraad is voorzitter van de klachtencommissie politietaken Koninklijke Marechaussee/krijgsmacht. De Koninklijke Marechaussee is een onderdeel van het Ministerie van Defensie. Om iedere schijn van vooringenomenheid bij de behandeling van deze zaak te voorkomen, heeft de staatsraad verzocht zich te mogen verschonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5564
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Verschoning
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202307314/2/A2

202500026/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 9 december 2024 van de rechtbank Amsterdam waarbij de rechtbank het beroep van [appellante] tegen het besluit van 28 september 2023 van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft het college het bezwaar tegen het besluit van 25 februari 2023, waarbij het college [appellante] een bestuurlijke boete van € 12.570,00 heeft opgelegd wegens overtreding van artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014, ongegrond verklaard. Hangende het hoger beroep heeft het college bij besluit van 24 september 2025 het besluit van 28 september 2023 herzien en het bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaard, de boete gematigd naar € 2.500,00, het besluit van 25 februari 2023 herroepen, voor zover het de hoogte van de boete betreft, en bepaald dat de proceskosten in bezwaar worden vergoed.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6259
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202500026/1/A2

202404598/1/V1

Bij besluit van 21 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5550
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404598/1/V1

202405076/1/V3

Bij besluit van 10 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5549
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405076/1/V3

202500669/1/V2.

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5546
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202500669/1/V2.

202501164/1/V2

Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Deze uitspraak gaat over de uitleg en toepassing van artikel 42, eerste lid, van de Vw 2000. Daarin staat dat de minister binnen zes maanden na de ontvangst van een asielaanvraag een besluit moet nemen. Partijen verschillen van mening over het moment waarop de asielaanvraag volgens die bepaling is ontvangen en wanneer de beslistermijn dus aanvangt. Betrokkene stelt dat moet worden uitgegaan van het moment waarop hij zich in persoon heeft gemeld bij de autoriteiten. Daarom moet volgens betrokkene worden uitgegaan van de datum van de zogenoemde loopbrief. Dit is een brief die een vreemdeling van de minister ontvangt op het moment dat die vreemdeling zich voor het eerst heeft gemeld bij een aanmeldcentrum van de IND. De minister stelt daarentegen dat moet worden uitgegaan van het moment waarop een vreemdeling zijn asielaanvraag formeel heeft ingediend met het formulier model M35-H. Deze uitspraak gaat dus over de vraag wanneer de beslistermijn aanvangt. Het antwoord op die vraag is relevant voor het oordeel of, en op welk moment, de minister die termijn heeft overschreden. In zaken zoals deze, waarin het gaat om een beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit, moet de bestuursrechter dit toetsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5543
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501164/1/V2

202504977/3/V3.

Bij besluit van 30 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard, haar opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5541
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504977/3/V3.

BRS.25.000680

Bij brief van 11 maart 2025 heeft de minister betrokkene in kennis gesteld van haar besluit om de overdrachtstermijn met twaalf maanden te verlengen (hierna: het verlengingsbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5515
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000680

BRS.25.001541

Bij besluiten van 26 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5523
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001541

BRS.25.001760 en BRS.25.001761

Bij besluit van 17 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan appellant verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5518
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001760 en BRS.25.001761

BRS.25.001779 en BRS.25.001950

Bij besluit van 16 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5536
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001779 en BRS.25.001950

BRS.25.001958

Bij besluit van 21 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5560
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001958

202205992/1/V1

Bij besluit van 14 mei 2022, waarvan hij de motivering heeft aangevuld op 18 en 24 mei 2022, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5526
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205992/1/V1

202407632/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5528
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202407632/1/V1

202407897/1/V3

Bij besluit van 16 november 2024 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5529
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407897/1/V3

202500081/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5530
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500081/1/V1

202500842/1/V3

Bij besluit van 28 januari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5531
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500842/1/V3

202501048/1/V3

Bij besluit van 3 februari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5532
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501048/1/V3

202501060/1/V3

Bij besluit van 3 februari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5533
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501060/1/V3

202503695/2/R4

Het verzoek richt zich tegen het besluit van de minister van Klimaat en Groene Groei van 23 juni 2025, waarbij is ingestemd met het door de NAM ingediende geactualiseerde winningsplan ZO-Drenthe Zuur. De stichting heeft de voorzieningenrechter verzocht dat besluit te schorsen. Zij vreest dat de gaswinning schade zal veroorzaken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5658
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202503695/2/R4

202505441/1/R4 en 202505441/2/R4

[appellanten] bezitten ieder samen met een partner een recreatiewoning op het recreatieterrein "De Konijnenberg" aan de Korhoenlaan 2 in Harderwijk. Zij verblijven daar ongeveer de helft van het jaar. De andere helft van het jaar brengen ze, al dan niet in een aaneengesloten periode, in het buitenland door. Volgens het college gebruiken [appellanten] hun recreatiewoningen voor permanente bewoning, omdat uit gegevens uit de Basisregistratie Personen en controles van toezichthouders blijkt dat zij daar hun hoofdverblijf hebben. Volgens het college is sprake van een overtreding van artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, omdat permanente bewoning van een recreatiewoning niet is toegestaan op grond van artikel 11.4.1 van het bestemmingsplan "Veegplan Buitengebied" dat onderdeel uitmaakt van het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Harderwijk. Het college heeft [appellanten] daarom onder oplegging van een dwangsom gelast om het niet-recreatieve gebruik van hun recreatiewoning te beëindigen en beëindigd te houden. In de besluiten op bezwaar heeft het college de lasten onder dwangsom in stand gelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5527
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202505441/1/R4 en 202505441/2/R4

202505721/1/A2

Bij beslissing van 25 augustus 2025 heeft de examencommissie Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam het verzoek van [verzoeker] om een extra herkansing voor het vak Ontwikkeling, voortplanting en veroudering 3 afgewezen. [verzoeker] wil het tentamen voor het vak OVV uiterlijk herkansen op zaterdag 15 november 2025 om 12:00 uur, zodat zij - bij het behalen van dat vak - op zaterdagmiddag 15 november 2025 kan deelnemen aan de ceremoniële uitreiking van het bachelordiploma Geneeskunde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5567
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505721/1/A2

BRS.25.000025

Bij besluit van 22 november 2024 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5507
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000025

BRS.25.000896

Bij besluit van 25 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5514
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000896

BRS.25.001709 en BRS.25.001710

Bij besluit van 1 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat appellant niet voldoet aan de vereisten voor tijdelijke bescherming als bedoeld in Richtlijn 2001/55/EG.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5418
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001709 en BRS.25.001710

BRS.25.001924

Bij besluit van 24 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5535
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001924

202406041/1/V3

Bij besluiten van 24 juli 2023, 14 augustus 2023 en 14 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de verzoeken van de Cypriotische autoriteiten om appellant op grond van de Dublinverordening over te nemen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5519
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202406041/1/V3

202503421/2/R4

Bij besluit van 14 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Ermelo het "TAM omgevingsplan De Beek 77" als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Ermelo vastgesteld. Het besluit tot wijziging maakt de bouw van 3 nieuwe woningen mogelijk aan De Beek 77 in Ermelo. Op die locatie was voorheen een veehouderij gevestigd en die is nu wegbestemd. De bestaande boerderij blijft behouden als woning en op de plek van de stallen komt een vrijstaand huis en een twee-onder-een-kap woning. [verzoeker] woont op het aangrenzende perceel en heeft een aantal bezwaren tegen het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5516
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202503421/2/R4

202503862/2/A3

Bij besluiten van 27 maart 2023, gehandhaafd bij besluiten van 3 november 2023, heeft de deken van de Orde van Advocaten Gelderland aan [verzoekers] lasten onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5590
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202503862/2/A3

202504537/1/V3

Bij besluit van 28 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5520
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504537/1/V3

202504650/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5521
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504650/1/V1

BRS.25.001347 en BRS.25.001565

Bij besluit van 1 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5512
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001347 en BRS.25.001565

BRS.25.001472

Bij besluit van 25 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5412
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001472

BRS.25.001616

Bij besluit van 24 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om afgifte van een document als bedoeld artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5409
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001616

BRS.25.001703

Bij besluit van 12 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5413
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001703

202307233/1/V3

Bij besluit van 18 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5508
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307233/1/V3

202407049/2/R2

Bij besluit van 19 september 2024 heeft de raad van de gemeente Maashorst het bestemmingsplan "[locatie 1]-[locatie 2] en [locatie 3] Schaijk" vastgesteld. Met het bestemmingsplan wordt het mogelijk gemaakt om het landbouwbedrijf van [partij] te verplaatsen van de huidige locatie aan de [locatie 3] te Schaijk naar de [locatie 1]-[locatie 2] te Schaijk. Het bedrijf bevindt zich nu nabij de bebouwde kom en wordt verplaatst naar het buitengebied van Schaijk. Op 1 september 2025 heeft [partij] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een bedrijfsgebouw, het realiseren van huisvesting en het aanleggen van een uitweg aan de [locatie 1] in Schaijk. Verzoekers wonen aan de Pastoor van Winkelstraat en vrezen voor een onveilige verkeerssituatie op onder meer de Pastoor van Winkelstraat en de Broksteeg vanwege onder meer het landbouw- en vrachtverkeer dat van en naar het bedrijf rijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5417
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202407049/2/R2

202502928/1/V3

Bij besluit van 17 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5509
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202502928/1/V3

BRS.25.000975

Bij besluit van 2 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5396
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000975

BRS.25.001663

Bij besluit van 2 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5401
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001663

BRS.25.001748

Bij ‘kennisgeving gewijzigde identiteitsgegevens’ van 1 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel laten weten de geboortedatum van betrokkene te hebben gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5415
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001748

202005977/1/R2 en 202206970/1/R2

Bij besluit van 24 september 2020 heeft de raad van de gemeente Haaren het bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2020" vastgesteld. Het plan van Haaren voorziet in een partiële herziening van de plannen "Buitengebied Haaren", "Buitengebied Haaren, correctieve herziening" en "Buitengebied herziening 2014". Deze partiële herziening is bedoeld om bestaand provinciaal en gemeentelijk beleid te verwerken. De gebiedsaanduidingen en daarbij behorende regels zijn aangepast aan de provinciale "Interim omgevingsverordening Noord-Brabant". Daarnaast is het gemeentelijke "Beleid Vrijkomende Agrarische Bebouwing" in het plan van Haaren opgenomen, waardoor het college van burgemeester en wethouders van Haaren het bevoegd gezag is geworden om met toepassing van wijzigingsbevoegdheden te beslissen over initiatieven voor de herbestemming van vrijkomende agrarische bebouwing. Het plan van Haaren beoogt ook de bouwmogelijkheden voor recreatiewoningen in het buitengebied te harmoniseren. De raad van Vught heeft bij het "Herstelbesluit Buitengebied, herziening 2020" van 22 juli 2021 het plan van Haaren op een aantal punten gewijzigd voor het buitengebied dat aan de gemeente Vught is toegevoegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5486
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202005977/1/R2 en 202206970/1/R2

202200620/1/A3

Bij besluit van 14 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van Blue Boat Company om een exploitatievergunning voor het passagiersvaartuig Vossius geweigerd. Bij besluit van 12 oktober 2018 heeft het college, onder wijziging van de motivering, het door Blue Boat Company daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft geoordeeld dat Blue Boat Company geen procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de aanvraag. Met de procedure kan Blue Boat Company immers niet in een betere positie raken. Blue Boat Company beschikt al over een vergunning om met de Vossius in heel Amsterdam te kunnen varen. Blue Boat Company betoogt dat de rechtbank ten onrechte de gewijzigde motivering als rechtmatig heeft beoordeeld. Volgens Blue Boat Company is dit geen weigeringsgrond waarmee op grond van de Vob een vergunning kan worden geweigerd. Verder betoogt Blue Boat Company dat de rechtbank niet heeft onderkend dat er een belang is bij een rechtsoordeel over de beoordeling van de welstand van de Vossius.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5472
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202200620/1/A3

202203919/1/R2

Bij besluit van 9 september 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht het verzoek van Loonbrouwerij en anderen van 12 mei 2021 om de vergunning van 25 januari 2017 van de rechtsvoorganger van Kanadevia Inova Biogas Cothen B.V., verleend op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming, in te trekken op grond van artikel 5.4, eerste lid en onder c, van diezelfde wet, afgewezen. Loonbrouwerij en anderen hebben verzocht om de natuurvergunning van 25 januari 2017, verleend aan de rechtsvoorganger van Inova, in te trekken. De vergunning is verleend voor het oprichten en in werking hebben van een co-vergistingsinstallatie met be- en verwerking van digestaat aan de Graaf van Lynden van Sandenburgweg nabij 6-8 in Cothen. De vergunning is verleend op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS-vergunning). Loonbrouwerij en anderen hebben verzocht om intrekking op grond van artikel 5.4, eerste lid en onder c, van de Wnb, omdat de PAS-vergunning volgens hen is verleend in strijd met wettelijke voorschriften.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5426
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202203919/1/R2

202204793/1/R2

Bij besluit van 12 mei 2022 heeft de raad van de gemeente Gemert-Bakel het bestemmingsplan "Gemert-Bakel Buitengebied, herziening december 2021" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld. Met het bestemmingsplan wil de raad onder meer de ontwikkeling en instandhouding van natuur en landschap in het kader van de ecologische verbindingszone Esperloop Geneneind-Neerstraat in Bakel mogelijk maken. Het bestemmingsplan voorziet onder meer in een wijziging van de bestemming "Natuur", zodat een bestaande houtwal kan worden verwijderd en verplaatst kan worden en het traject van de waterloop de Esperloop deels kan worden verlegd. [appellant] woont aan [locatie] in Bakel, nabij de gronden waarop het bestemmingsplan betrekking heeft. Hij exploiteert op zijn gronden een intensieve veehouderij en teelt gewassen. Hij is het niet eens met de vaststelling van het bestemmingsplan, onder meer omdat hij vreest voor vernatting die de bedrijfsvoering op zijn gronden aantast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5473
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202204793/1/R2

202301182/1/A3

Bij besluit van 29 juli 2021 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de aanvraag van [appellant] voor een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen. [appellant] verkreeg de Turkse nationaliteit bij geboorte op [geboortedatum] 1968. Hij verkreeg ook de Nederlandse nationaliteit door naturalisatie op [datum] 1991. Op 9 februari 1997 is aan [appellant] voor het laatst een Nederlands paspoort verstrekt, geldig tot 9 februari 2002. [appellant] heeft op 10 juni 2021 bij het Nederlands Consulaat in Turkije een Nederlands paspoort aangevraagd. De minister heeft de aanvraag voor een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen, omdat hij op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (hierna: RWN) het Nederlanderschap van rechtswege op 1 april 2013 zou hebben verloren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5419
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202301182/1/A3

202302145/1/A2

Bij besluit van 28 augustus 2019 heeft de burgemeester van Utrecht de exploitatievergunning van The Palace ingetrokken. Op 30 september 2015 heeft The Palace een aanvraag voor een exploitatievergunning ingediend voor een horecabedrijf inzake zaalverhuur aan de Vlampijpstaat 63 in Utrecht. In het kader van de aanvraag heeft de burgemeester advies gevraagd aan het Landelijk Bureau Bibob. Op 7 april 2016 heeft het LBB geadviseerd dat een ernstig gevaar bestaat dat de verleende vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. De burgemeester heeft bij besluit van 8 september 2016 alsnog de vergunning onder voorschriften verleend. De burgemeester heeft de vergunning ingetrokken, omdat The Palace zich niet aan de daaraan verbonden voorschriften heeft gehouden. Volgens de burgemeester heeft [persoon B] loon ontvangen van [bedrijf A] en heeft hij daarnaast ook namens [bedrijf A] aangifte gedaan bij de politie van oplichting. De rechtbank heeft overwogen dat de burgemeester terecht heeft vastgesteld dat het dienstverband tussen [persoon B] en [bedrijf A] een schending oplevert van voorschrift 1 van de exploitatievergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5488
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Wet Bibob
  • uitspraakin de zaak202302145/1/A2

202302698/1/R1

Bij besluit van 12 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren een omgevingsvergunning voor het gebruik van gronden in strijd met het bestemmingsplan aan de [locatie 1] in Nederhorst den Berg geweigerd. [appellante] wil twee woningen bouwen op een perceel met de bestemming ‘Agrarisch’. Voor het plan is daarom een omgevingsvergunning voor gebruik in strijd met het bestemmingsplan nodig, maar volgens het college is het plan in strijd met de Provinciale Ruimtelijke Verordening en daarmee in strijd met een goede ruimtelijke ordening. [appellante] vindt dat de PRV wel ruimte biedt voor haar plan en is het niet eens met de weigering. Het college betoogt dat het beroep van [appellante] niet-ontvankelijk is, omdat belang bij een behandeling van het hoger beroep ontbreekt. Volgens het college moet het overgangsrecht van de omgevingsverordening NH2020 zo worden uitgelegd dat de PRV - die via het overgangsrecht van de NH2020 toepassing is op het besluit van 22 juli 2022 - na vernietiging van het besluit van 22 juli 2022 niet meer van toepassing is op een eventueel nieuw te nemen besluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5421
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202302698/1/R1

202303065/1/A3

Bij besluit van 21 december 2020 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 2] boetes opgelegd van in totaal € 54.000,00 wegens vijf overtredingen van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [appellante sub 2] exploiteert een vastgoedonderhoudsbedrijf. Op 12 november 2019 voerde [appellante sub 2] werkzaamheden uit bij een appartementencomplex in Nijmegen. De werkzaamheden bestonden onder meer uit het saneren van asbesthoudende beglazingskit. Op 12 november 2019 hebben twee arbeidsinspecteurs een inspectie gehouden. Uit het boeterapport van 13 mei 2020 volgt dat op 12 november 2019 twee ingeleende werknemers van [appellante sub 2] asbesthoudende beglazingskit aan het verwijderen waren. Dit zijn werkzaamheden als bedoeld in artikel 4.54a, eerste lid, van het Arbobesluit. Uit de rapportage asbestinventarisatie blijkt dat de beglazingskit 0,1-2 procent chrysotiel bevat en dat de sanering van dergelijke kit standaard wordt uitgevoerd in risicoklasse 2.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5456
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202303065/1/A3

202303651/1/A2

Bij besluit van 3 december 2020 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.[partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5428
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303651/1/A2

202303654/1/A2

Bij besluit van 22 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5422
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303654/1/A2

202303655/1/A2

Bij besluit van 3 december 2020 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5440
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303655/1/A2

202303657/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.250,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 februari 2018. [partij] was eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5441
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303657/1/A2

202303659/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 januari 2019. 2.[partij A] en [partij B] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij A] en [partij B] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5442
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303659/1/A2

202303660/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 9.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2019.2.[partij] was eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5443
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303660/1/A2

202303661/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de aanvraag van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw ten westen van appartementengebouw De Hoge Erasmus in Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5423
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303661/1/A2

202303662/1/A2

Bij besluit van 22 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.250,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 2 december 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5444
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303662/1/A2

202303663/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5424
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303663/1/A2

202303664/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 augustus 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5447
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303664/1/A2

202303665/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [appellant sub 1] een tegemoetkoming in planschade van € 10.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 december 2018. [appellant sub 1] is eigenaar van het appartement [locatie 1] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [appellant sub 1] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5450
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303665/1/A2

202303668/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 december 2018. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5438
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303668/1/A2

202303669/1/A2

Bij besluit van 18 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5437
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303669/1/A2

202303671/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 9.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 mei 2019. 2 [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5448
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303671/1/A2

202303673/1/R2

Bij besluit van 14 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Land van Cuijk aan [appellante sub 2] een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een luchtkanaal met luchtwasser bij een bestaande varkensstal op het perceel aan de [locatie] in Escharen. [appellante sub 2] voert een varkenshouderij aan de [locatie] in Escharen. De varkenshouderij bestaat uit een boerderij met twee stallen, aangeduid als stal 1 en stal 3. Op 23 juni 2020 heeft [appellante sub 2] een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van een luchtwasser en luchtkanaal bij stal 1. Het bouwplan is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2018". Bij besluit van 14 augustus 2020 heeft het college met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo, gelezen in samenhang met artikel 5.3.1, onder c, van de planregels, de gevraagde omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wabo verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5455
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202303673/1/R2

202303674/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 juni 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5439
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303674/1/A2

202303675/1/A2

Bij besluit van 18 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 16.250,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 mei 2019. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5427
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303675/1/A2

202303677/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 april 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5432
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303677/1/A2

202303678/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 augustus 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5430
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303678/1/A2

202303680/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.000,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5429
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303680/1/A2

202303682/1/A2

Bij besluit van 30 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5433
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303682/1/A2

202303685/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5435
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303685/1/A2

202303689/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.250,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5431
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303689/1/A2

202303691/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 7.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5434
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303691/1/A2

202303693/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 18.750,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 januari 2019. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5436
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303693/1/A2

202303694/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 6.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 april 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5449
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303694/1/A2

202303698/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college aan[partij] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 september 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven).[partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5452
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303698/1/A2

202303699/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij A] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 februari 2019. 2. [partij A] is eigenaar van het appartement [locatie in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven). [partij A] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5454
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303699/1/A2

202303721/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 augustus 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven). [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5451
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303721/1/A2

202304748/1/A3

Bij besluit van 6 april 2022 heeft de korpschef een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur van [appellant] afgewezen. Op 23 juli 2021 heeft [appellant] de korpschef op grond van de Wob verzocht om alle informatie openbaar te maken over de bestuurlijke aangelegenheid Pegasus Spyware van het bedrijf NSO. Met het besluit van 6 april 2022 heeft de korpschef openbaarmaking van deze informatie in het geheel geweigerd. Met het besluit van 26 september 2022 is de korpschef, nu op grond van de Wet open overheid en onder intrekking van het besluit van 6 april 2022, bij de volledige weigering gebleven. Op 1 december 2022 heeft de rechtbank uitspraak (ECLI:NL:RBAMS:2022:7647) gedaan over een beroep tegen een besluit over een verzoek om informatie van een derde. Het verzoek van deze derde gaat deels over dezelfde informatie als het verzoek van [appellant]. De korpschef heeft naar aanleiding van de voornoemde uitspraak op 6 maart 2023 een aanvullend besluit genomen over het verzoek van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5458
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202304748/1/A3

202304837/1/R4

Bij besluit van 7 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Nijmegenhet bestemmingsplan "Nijmegen Dukenburg 2021-1 (Winkelcentrum- Weezenhof)" vastgesteld. Het plan maakt de herontwikkeling van het in 2017 afgebrande winkelcentrum Weezenhof mogelijk. Het plan voorziet in maatschappelijke en commerciële functies, waaronder een supermarkt. Verder worden er 119 woningen boven het te herbouwen winkelcentrum mogelijk gemaakt. Bij het herstelbesluit heeft de raad het bestemmingsplan gewijzigd. Naar aanleiding van het beroep van Belangenvereniging Weezenhof heeft de raad besloten nader onderzoek te doen naar de aspecten verkeer en parkeren. Als gevolg daarvan heeft de raad hoofdstuk 4.13 van de plantoelichting aangepast en enkele planregels toegevoegd, dan wel aangepast. Belangenvereniging Weezenhof komt volgens haar statuten op voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in de Weezenhof en omgeving. Zij voert onder meer aan dat zij onvoldoende is betrokken bij de voorbereidingen van de herontwikkeling en wijst op enkele ruimtelijke gevolgen van het plan zoals parkeeroverlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5459
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202304837/1/R4

202305073/1/R1

Bij besluit van 7 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het exploitatieplan "Buiksloterham 5e herziening reparatie" vastgesteld. Het bestemmingsplan Buiksloterham 2009 en de daarop vastgestelde herzieningen daarvan, het exploitatieplan en het herstelplan voorzien in de ontwikkeling van het aan de noordelijke IJ-oever gelegen bedrijventerrein Buiksloterham naar een stedelijk woon-werkgebied. Het totale programma in Buiksloterham omvat ongeveer 1 miljoen m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Dat komt neer op een toename van het ruimtegebruik met 700.000 m2 bvo. Een groot deel van het plangebied krijgt een gemengde bestemming waarbinnen verschillende functies zijn toegestaan. Het gaat dan om woningen, bedrijven, kantoren, detailhandel en overige commerciële en niet-commerciële functies. In het zuiden van het bestemmingsplan ligt een gebied waar bestaande bedrijven worden gehandhaafd, maar waar zich ook nieuwe bedrijven kunnen vestigen. Het voorliggende exploitatieplan en het herstelplan vormen de vijfde herziening van het oorspronkelijke met het bestemmingsplan vastgestelde exploitatieplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5490
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202305073/1/R1
vorige pagina1...181920...1.236volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon