Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.827
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202304453/1/A3

Deze procedure gaat alleen over het briefadres dat het college op verzoek van [appellant] aan hem heeft toegekend, nadat een eerdere aanvraag buiten behandeling was gesteld. De kern van het geschil is of het college het bezwaar van [appellant] terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat het procesbelang van [appellant] zou ontbreken, nu hij in het besluit van 18 januari 2021 heeft gekregen wat hij heeft verzocht. [appellant] betoogt dat hij belang had bij het bezwaar omdat de datum waarop hem een briefadres is toegekend bepalend is voor de ingangsdatum voor zijn bijstandsuitkering. Hij wil dat de toekenning van het briefadres gebeurt met terugwerkende kracht, niet vanaf 30 november 2020, het moment van zijn tweede aanvraag, maar vanaf 14 oktober 2020, het moment van zijn eerste aanvraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4569
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202304453/1/A3

202304576/1/R2

Bij besluit van 27 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Breda aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor een vrijstaand bijgebouw op het perceel [locatie] in Breda. Op 27 januari 2022 heeft het college aan vergunninghouder een omgevingsvergunning verleend voor de activiteit "bouwen", artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, en voor de activiteit "planologisch strijdig gebruik", artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo. Wat betreft de laatstgenoemde activiteit heeft het college op grond van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onderdeel a, onder 2°, van de Wabo, gelezen in samenhang met artikel 4, aanhef en onderdeel 1, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (hierna: Bor), afgeweken van het bestemmingsplan "Heilaarpark". De omgevingsvergunning is verleend voor het realiseren van een vrijstaand bijgebouw bestaande uit een fietsenberging-, een tuinberging, een atelierberging en een hobbyruimte op het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4370
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202304576/1/R2

202304739/1/V6

Bij besluiten van 31 augustus 2021 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [appellante] een boete opgelegd van € 288.000,00 wegens 22 overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen en veertien overtredingen van artikel 15a van de Wav. Ook heeft de minister [appellante] een waarschuwing preventieve stillegging gegeven. [appellante] is het onderdeel binnen [bedrijf A] dat groottransport verzorgt. Een deel van de transportwerkzaamheden besteedt zij uit bij andere transportondernemers, zogenoemde charters. Een van deze charters was [bedrijf B]. Op 2 juli 2019 hebben arbeidsinspecteurs van de Inspectie SZW een onderzoek ingesteld naar de naleving van de Wav door [bedrijf B]. De arbeidsinspecteurs hebben op 30 december 2020 op ambtsbelofte een boeterapport opgemaakt, met aanvullende boeterapporten van 14 juli 2021 en 2 maart 2022. Daarin hebben zij geconstateerd dat in de periode van 1 juli 2018 tot en met 1 september 2019 22 chauffeurs met de Turkse nationaliteit zonder tewerkstellingsvergunning werkzaamheden hebben verricht voor [appellante] en dat die chauffeurs geen gecombineerde vergunning voor werkzaamheden bij [appellante] hadden. Daarnaast heeft [appellante] voor veertien chauffeurs niet voldaan aan de vordering op grond van artikel 15a van de Wav.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4367
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Wet arbeid vreemdelingen
  • uitspraakin de zaak202304739/1/V6

202305448/1/R2 en 202305471/1/R2

Bij besluit van 27 mei 2021 heeft het college [partij B] een last onder dwangsom opgelegd om de bouw van een bijbehorend bouwwerk (de mantelzorgwoning) op het perceel [locatie 1] in Liempde stil te leggen. Bij twee afzonderlijke besluiten van 25 oktober 2021 heeft college het door [partij A] en anderen daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en het door [appellante] daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. De familie [partij A] woont aan de [locatie 2]-[locatie 1] in Liempde. Daar staat een woonboerderij die in het verleden feitelijk is gesplitst in twee woningen. [partij A] en [partij D] wonen op nummer [locatie 1] en [partij B] en [partij E] op [locatie 2]. Vader [partij B] heeft de percelen in 1997 aangekocht en naderhand aan zijn dochters verkocht. In het achtererfgebied van het perceel [locatie 1] staan meerdere bijbehorende bouwwerken, waaronder een mantelzorgwoning in aanbouw op het perceel met nummer 706. Ook staan op het perceel met nummer 677 een tijdelijke, verplaatsbare woonzorgunit en een schuur (bouwwerk B).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4242
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202305448/1/R2 en 202305471/1/R2

202305520/1/R2

Bij besluit van 24 november 2021 heeft het college verzoeken om handhaving van [appellante sub 2] die zien op de percelen aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Liempde afgewezen. De familie [appellant sub 1] woont aan de [locatie 1]-[locatie 2] in Liempde. Daar staat een woonboerderij die in het verleden is gesplitst in twee woningen. [appellant sub 1] en [partij] wonen op nummer [locatie 2] en [partij A] en [partij B] op nummer [locatie 1]. [vader] heeft de percelen in 1997 aangekocht en naderhand aan zijn dochters verkocht. In het achtererfgebied van de woonboerderij bevinden zich onder meer een mantelzorgwoning in aanbouw op het perceel met nummer 706 en een prieel op het perceel met nummer 707 (hierna: bouwwerk F). Op het perceel met nummer 704 was een aantal paardenbakken aanwezig. Op het perceel met nummer 705 bevond zich een terreinverharding van 170 m², die vanaf de openbare weg naar de mantelzorgwoning liep.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4377
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202305520/1/R2

202305521/1/R2

Bij besluit van 13 juni 2022 heeft het college het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen de plaatsing en het gebruik van een tijdelijke woonzorgunit op het perceel aan de [locatie 1]-[locatie 2] in Liempde afgewezen. De familie [partij] woont aan de [locatie 1]-[locatie 2] in Liempde. Daar staat een woonboerderij die in het verleden is gesplitst in twee woningen. [partij] en [partij C] wonen op nummer [locatie 2] en [partij A] en [partij D] op nummer [locatie 1]. [vader] heeft de percelen in 1997 aangekocht en naderhand aan zijn dochters verkocht. In het achtererfgebied van het perceel [locatie 2] staan meerdere bijbehorende bouwwerken, waaronder een mantelzorgwoning in aanbouw op het perceel met nummer 706. Ook staat gedeeltelijk op dit perceel een tijdelijke verplaatsbare woonzorgunit. Schuin tegenover de percelen van [partij] en anderen woont [appellante], aan de [locatie 3]. Op 27 februari 2022 heeft [appellante] het college verzocht om handhavend op te treden tegen de bewoning van de woonzorgunit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4376
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202305521/1/R2

202305581/1/R4

Bij besluit van 7 juli 2023 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland aan IJsselwind B.V. een ontheffing verleend op grond van artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onder b van de Wet natuurbescherming (hierna: de Wnb) voor het opzettelijk beschadigen of vernielen van voortplantings- of rustplaatsen van de das ten behoeve van de realisering van het Windpark IJsselwind Zutphen. Het project maakt de oprichting en exploitatie mogelijk van Windpark IJsselwind. Het windpark bestaat uit drie windturbines ten noorden van het bedrijventerrein De Mars in Zutphen, de provinciale weg N348 en twee waterwegen (het Twentekanaal en de IJssel). De windturbines hebben een tiphoogte van maximaal 187,5 m, een ashoogte van maximaal 120 m, een rotordiameter van maximaal 138,25 m en een gezamenlijk nominaal vermogen van 13,5 MW. IJsselwind B.V. en het waterschap zijn initiatiefnemers van het project.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4391
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202305581/1/R4

202305590/1/A3

Het geschil gaat over een inzageverzoek op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming dat [appellante] op 30 juli 2018 heeft gedaan. Op 25 september 2018 heeft [appellante] het college in gebreke gesteld vanwege het uitblijven van een beslissing op haar verzoek. Hierdoor is een termijn van 14 dagen ingegaan om te beslissen zonder een dwangsom te verbeuren. Het college heeft bij besluit van 26 september 2018, dus binnen deze termijn, het verzoek buiten behandeling gesteld. De centrale vraag in dit geschil is of [appellante] dit besluit heeft ontvangen. Als [appellante] dit besluit niet heeft ontvangen, dan is het besluit niet juist bekendgemaakt en heeft het college van burgemeester en wethouders van Westland dwangsommen verbeurd wegens het niet tijdig beslissen, zo is tussen partijen niet in geschil.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4567
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202305590/1/A3

202305722/1/R2

Bij twee afzonderlijke besluiten van 11 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Boxtel aan [appellant] en [appellant A] respectievelijk [appellant B] en [appellant C] lasten onder dwangsom opgelegd. In de besluiten is gelast de splitsing van de woning op de percelen [locatie 1] en [locatie 2] ongedaan te maken en de totale oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken op de percelen terug te brengen naar 150 m², of de oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken in overeenstemming te brengen met de vergunde situatie. De familie [appellant] woont aan de [locatie 1]-[locatie 2]. Daar staat een woonboerderij die in het verleden is gesplitst in twee woningen. [appellant] en [appellant A] wonen op [locatie 2] en [appellant B] en [appellant C] op [locatie 2]. [vader] heeft de percelen in 1997 aangekocht en naderhand aan zijn dochters verkocht. In het achtererfgebied van het perceel [locatie 1] staan meerdere bijbehorende bouwwerken, waaronder een paardenstal op het perceel met nummer 707. Voor dit bouwwerk is in 1972 een vergunning verleend voor een oppervlakte van 168 m². In het achtererfgebied van het perceel [locatie 2] staat onder meer een mantelzorgwoning in aanbouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4375
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202305722/1/R2

202305763/1/R4

Bij besluit van 12 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Nijmegen het bestemmingsplan "Nijmegen Winkelsteeg - Stationsomgeving Goffert" vastgesteld. De raad wenst een (her)ontwikkeling van het gebied "Winkelsteeg". Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op een gedeelte van het Winkelsteeggebied, namelijk het gebied rondom het NS-station Nijmegen Goffert dat tussen de Graafseweg, de Neerbosscheweg en NXP ligt. Het bestemmingsplan voorziet in een juridisch-planologisch kader voor de ontwikkeling van ongeveer 1.250 woningen, 101 short-stay eenheden, 8.500 m2 bedrijven en 26.200 m2 voorzieningen, zo volgt uit de plantoelichting. ISNESN en ISN kunnen zich niet verenigen met het planologisch regime dat is voorzien voor de gronden, kadastraal bekend gemeente Hatert, sectie F, nummer 1452. ISN is voornemens ter plaatse een Islamitisch cultureel centrum (hierna: het ICC) op te richten. ISNESN is de beoogde exploitant van het ICC. ISNESN en ISN vinden de voorziene gebruiksmogelijkheden binnen de toegekende bestemmingen te beperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:4360
Datum uitspraak
30 oktober 2024
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202305763/1/R4
vorige pagina1...813814815...12.383volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon