Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 124.180
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202402612/1/V3

Bij besluit van 6 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 25 april 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2198
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402612/1/V3

202402660/1/V2

Bij besluit van 20 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 23 april 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2197
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402660/1/V2

202402694/1/V2

Bij besluit van 22 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld. Bij uitspraak van 25 april 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2196
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402694/1/V2

202402931/1/V3 en 202402931/2/V3

Bij besluit van 28 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 3 mei 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2263
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402931/1/V3 en 202402931/2/V3

BRS.24.000074

Bij besluit van 21 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 11 maart 2024 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2172
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000074

202103486/1/R4

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ermelo [appellante] onder oplegging van een last onder dwangsom gelast om binnen drie maanden na dagtekening van het besluit een bouwwerk aan de [locatie] in Ermelo te verwijderen en verwijderd te houden of te laten voldoen aan de eisen voor een vergunningsvrij bouwwerk. Op het perceel staat een bijgebouw van 5 m hoog en met een oppervlakte van ongeveer 81 m2. Dit bijgebouw staat op 1 m van de perceelgrens en heeft op dat punt een nokhoogte van 5 m. Het bouwwerk is gebouwd zonder omgevingsvergunning. Niet is in geschil dat het bijgebouw niet omgevingsvergunningsvrij kan worden gebouwd ingevolge de artikelen 2 of 3 van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht. Het college heeft [appellante] gelast om het bijgebouw te verwijderen of aan te passen zodanig dat de nokhoogte voldoet aan het Bor. Doet zij dit niet, dan verbeurt zij een dwangsom van € 1.500,00 per maand of deel van de maand dat de strijdige situatie voortduurt, met een maximum van € 15.000,00. Verwijdering of aanpassing van het gebouw heeft niet plaatsgevonden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2223
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202103486/1/R4

202103800/1/V1

Bij besluit van 22 augustus 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdelingen een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Referent is in september 2015 op 21-jarige leeftijd Nederland ingereisd. Bij besluit van 14 juli 2017 heeft de staatssecretaris hem met ingang van 22 september 2015 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verleend. Op 8 september 2017 heeft hij een aanvraag ingediend om zijn ouders en twee toen 16-jarige broers een mvv te verlenen als zijn familie- of gezinslid. Allen hebben de Iraakse nationaliteit. Referent woonde voor zijn vertrek uit Irak met de vreemdelingen samen. Hij heeft verklaard dat hij getrouwd was vanaf 14 oktober 2013 tot aan het overlijden van zijn vrouw op 15 maart 2015. Referent woonde ook tijdens dat huwelijk met de vreemdelingen samen. Referent heeft verder verklaard dat hij op 14- of 15-jarige leeftijd begon met voltijds werk in een meubelzaak om bij te dragen aan het gezinsinkomen. Hij heeft verklaard dat hij kostwinner was, omdat hij meer geld verdiende dan zijn vader toen zijn vader minder ging werken wegens medische problemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2145
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202103800/1/V1

202107889/1/V2

Bij besluit van 4 november 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen. De vreemdeling is een etnisch Arabier (Ahwazi) met de Iraanse nationaliteit. Deze procedure gaat over zijn tweede asielaanvraag. Een eerder besluit van 19 december 2018 op deze aanvraag is vernietigd, omdat de staatssecretaris niet deugdelijk had gemotiveerd waarom de vreemdeling door zijn deelname aan pro-Ahwazi demonstraties in Nederland niet in de negatieve belangstelling van de Iraanse autoriteiten is komen te staan. De staatssecretaris heeft op 4 november 2021 een nieuw besluit genomen. Daarin stelt hij zich op het standpunt dat geloofwaardig is dat de vreemdeling in Nederland aan ten minste één demonstratie tegen het Iraanse regime heeft meegedaan. Omdat daardoor bij terugkeer naar Iran een reëel risico op schending van artikel 3 van het EVRM dreigt, zal de staatssecretaris de vreemdeling niet uitzetten naar Iran. Toch heeft de staatssecretaris de asielaanvraag afgewezen, omdat er sprake is van misbruik van recht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2230
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202107889/1/V2

202107942/1/V1

Bij besluit van 10 december 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om de vreemdeling een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. De vreemdeling is geboren op [geboortedatum] 1994, heeft de Syrische nationaliteit en wil bij zijn vader, referent, verblijven in het kader van nareis. Referent heeft in 2016 voor het eerst een mvv-aanvraag in het kader van nareis ingediend voor zijn vrouw, hun dochter en de vreemdeling. De vreemdeling was toen 22 jaar oud. De staatssecretaris heeft deze aanvraag bij besluit van 27 maart 2017 ingewilligd en meegedeeld dat de mvv’s 90 dagen geldig zijn. Vaststaat dat de gezinsleden de mvv’s niet hebben opgehaald en dat deze dus niet meer geldig zijn. Op 20 mei 2020 heeft referent vervolgens de huidige mvv-aanvraag in het kader van nareis ingediend voor de genoemde gezinsleden. De staatssecretaris heeft alleen de aanvraag voor de vreemdeling afgewezen. De vrouw en dochter van referent verblijven al bij referent in Nederland. Omdat de vreemdeling ten tijde van de huidige mvv-aanvraag 26 jaar oud was, heeft de staatssecretaris opnieuw beoordeeld of hij in aanmerking komt voor nareis.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2146
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202107942/1/V1

202200852/1/A2

Bij besluit van 31 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan [appellant] een boete opgelegd van € 20.500,- wegens het zonder vergunning onttrekken van de woning aan de [locatie] te Amsterdam aan de woningvoorraad. [appellant] was ten tijde hier van belang eigenaar van de woning aan de [locatie] te Amsterdam. De woning, die een oppervlak heeft van 48 m2, bestaat uit een woonkamer, slaapkamer, keuken en badkamer. Naar aanleiding van een melding woonfraude hebben toezichthouders van de gemeente Amsterdam op 4 april 2019 een administratief onderzoek naar de woning ingesteld en de woning bezocht. Uit het administratief onderzoek bleek dat er op het adres twee personen staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen. Het gaat om [appellant] en [persoon]. Uit het rapport van bevindingen dat van het bezoek van 4 april 2019 is opgemaakt blijkt dat de toezichthouders in de woning twee toeristen aantroffen, een man en een vrouw. De vrouw heeft verklaard dat het contact met Robert via de mail van airbnb is gelopen, dat zij een code heeft gekregen van het sleutelkastje voor de sleutel van de voordeur en dat zij niemand heeft ontmoet.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:2240
Datum uitspraak
29 mei 2024
  • Hoger beroep
  • Boete
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202200852/1/A2
vorige pagina1...1.0521.0531.054...12.418volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon