Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft, het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten en het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft in verband met de verordening bankentoezicht.
- Kenmerk
- W06.15.0131/III
- Datum advies
- 10 juni 2015
- Vindplaats
- Staatscourant 2015, nr. 19247
- Financiën
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft, het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten en het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft in verband met de verordening bankentoezicht.
Bij Kabinetsmissive van 24 april 2015, no.2015000744, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft, het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten en het Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft in verband met de verordening bankentoezicht, met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling geeft U in overweging dienovereenkomstig te besluiten.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, is de Afdeling van oordeel dat openbaarmaking van dit advies achterwege kan blijven.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W06.15.0131/III
- De grondslagen in de aanhef van het ontwerpbesluit preciseren en verwijzen naar artikel 1:24, derde lid, 2:12, vierde lid, 2:108, derde lid, 3:8, vierde lid, 3:62a, eerste lid en 3:280, vierde lid, Wet op het financieel toezicht.
- In artikel II, onderdeel A, onder 2, verwijzen naar verordening (EU) Nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287) nu in het Besluit prudentiële regels Wft geen definitie van "de verordening bankentoezicht" is opgenomen.
Nader rapport (reactie op het advies) van 23 juni 2015
Het ontwerp geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen. De redactionele opmerkingen van de Afdeling zijn overgenomen, met uitzondering van de opmerking over de verwijzing naar de volledige titel van de verordening. De noodzaak daartoe is komen te vervallen door opname van de verordening bankentoezicht in de definities onder artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht.
Verder is van de gelegenheid gebruik gemaakt de inwerkingtredingsbepaling aan te passen. Nu de Uitvoeringswet verordening bankentoezicht reeds in werking is getreden, is de bepaling zo aangepast dat het onderhavige besluit niet meer gelijktijdig met de Uitvoeringswet in werking treedt, maar de dag na bekendmaking van het onderhavige besluit in het Staatsblad.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Financiën