Ontwerpbesluit tot vaststelling van een luchthavenbesluit voor de luchthaven Lelystad (Luchthavenbesluit Lelystad).
- Kenmerk
- W14.14.0462/IV
- Datum advies
- 21 januari 2015
- Vindplaats
- Staatscourant 2015, nr. 8344
- Infrastructuur en Waterstaat
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit tot vaststelling van een luchthavenbesluit voor de luchthaven Lelystad (Luchthavenbesluit Lelystad).
Bij Kabinetsmissive van 15 december 2014, no.2014002399, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur tot vaststelling van een luchthavenbesluit voor de luchthaven Lelystad (Luchthavenbesluit Lelystad), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling geeft U in overweging dienovereenkomstig te besluiten.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, is de Afdeling van oordeel dat openbaarmaking van dit advies achterwege kan blijven.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W14.14.0462/IV
- In artikel 1, onder a, "ATC" eerst voluit schrijven.
- In de artikelen 7, 8, 9, 10, 11, 12 en 13 opnemen dat en onder welke voorwaarden een verklaring van geen bezwaar kan worden verleend. Dit ten behoeve van de duidelijkheid, kenbaarheid en consistentie met andere luchthavenbesluiten.
Nader rapport (reactie op het advies) van 10 maart 2015
Het ontwerp geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen. Wel werden twee redactionele kanttekeningen gemaakt. De eerste redactionele kanttekening over de aanvulling van de begripsbepaling van ATC-slot in artikel 1, onderdeel a, van het Luchthavenbesluit Lelystad is verwerkt. De tweede kanttekening met betrekking tot het opnemen in de artikelen 7 tot en met 13 dat en onder welke voorwaarden een verklaring van geen bezwaar kan worden verleend is deels verwerkt.
Uit artikel 8.9 in samenhang met de artikelen 8.70, tweede lid, en 8.47, tweede lid, van de Wet luchtvaart volgt dat door de Minister van Infrastructuur en Milieu een verklaring van geen bezwaar kan worden afgegeven voor bepaalde activiteiten in een met een luchthavenbesluit ingesteld beperkingengebied. Daarbij is niet als voorwaarde gesteld dat deze mogelijkheid in een luchthavenbesluit herhaald wordt. De artikelen 7 tot en met 13 van het Luchthavenbesluit Lelystad worden daarom niet gewijzigd. Het belang van duidelijkheid, kenbaarheid en consistentie met andere luchthavenbesluiten wordt evenwel onderkend.
Vanwege de duidelijkheid en kenbaarheid was in het artikelsgewijze deel van de nota van toelichting bij de artikelen 7 tot en met 12 reeds telkens aangegeven dat een verklaring van geen bezwaar kan worden afgegeven. Bovendien was ten aanzien van de artikelen 7 tot en met 10 aangegeven welke criteria – als nadere invulling van artikel 8.9, vijfde lid, van de Wet luchtvaart – bij de afgifte van de verklaring betrokken zullen worden. Het artikelsgewijze deel van de nota van toelichting is overeenkomstig gewijzigd om ook voor de artikelen 11 tot en met 13 aan te geven wat de relevante beoordelingscriteria zijn.
Ten aanzien van de consistentie met andere luchthavenbesluiten wordt opgemerkt dat met betrekking tot de afgifte van een verklaring van geen bezwaar consistentie zal worden nagestreefd met andere luchthavenbesluiten voor regionale burgerluchthavens van nationale betekenis. Daarom zullen bij toekomstige luchthavenbesluiten voor dergelijke luchthavens de beoordelingscriteria die in het artikelsgewijze deel van deze nota van toelichting zijn opgenomen, ook worden betrokken.
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om het Luchthavenbesluit Lelystad op twee punten te verbeteren onderscheidenlijk te actualiseren. Artikel 5 is verbeterd zodat wordt bepaald dat het begin en het einde van het gebruiksjaar in afzonderlijke kalenderjaren vallen. Artikel 15 is gewijzigd zodat de inwerkingtreding niet bij koninklijk besluit maar met het Luchthavenbesluit zelf wordt geregeld. In paragraaf 6.1.1 van de nota van toelichting zijn twee wijzigingen aangebracht om de toelichting te actualiseren als gevolg van de inwerkingtreding met ingang van 12 december 2014 van het Besluit luchtverkeer 2014. Tot slot zijn in de nota van toelichting enkele redactionele verbeteringen aangebracht.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU