Ontwerpbesluit houdende regels met betrekking tot de vergunningverlening, het toezicht daarop en de handhaving daarvan voor bepaalde categorieën grote inrichtingen op Bonaire, St. Eustatius en Saba (Besluit grote inrichtingen milieubeheer BES), met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W14.14.0059/IV
- Datum advies
- 17 april 2014
- Vindplaats
- Staatscourant 2015, nr. 10953
- Infrastructuur en Waterstaat
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende regels met betrekking tot de vergunningverlening, het toezicht daarop en de handhaving daarvan voor bepaalde categorieën grote inrichtingen op Bonaire, St. Eustatius en Saba (Besluit grote inrichtingen milieubeheer BES), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 11 maart 2014, no.2014000476, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels met betrekking tot de vergunningverlening, het toezicht daarop en de handhaving daarvan voor bepaalde categorieën grote inrichtingen op Bonaire, St. Eustatius en Saba (Besluit grote inrichtingen milieubeheer BES), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit voorziet erin dat de Minister van Infrastructuur en Milieu bevoegd wordt tot de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving met betrekking tot een beperkt aantal specifieke inrichtingen in de olie-industrie op Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
De Afdeling advisering van de Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt daarbij de volgende kanttekeningen.
1. Consultatie en voorhang
a. Volgens de toelichting zijn de uitgangspunten van het ontwerpbesluit bekend gemaakt aan en besproken met zowel de lokale eilandbesturen als de betrokken bedrijven. De opmerkingen uit die consultatie zijn verwerkt in het ontwerpbesluit, aldus de toelichting. (zie noot 1)
De Afdeling merkt op dat de toelichting niet ingaat op de wijze waarop de bestuurscolleges zijn geraadpleegd. Evenmin is vermeld welke opmerkingen door de bestuurscolleges naar voren zijn gebracht, wat daarop de reactie is van de regering en in hoeverre en op welke wijze de opmerkingen zijn verwerkt in het ontwerpbesluit. Naar het oordeel van de Afdeling behoeft de toelichting op deze punten aanvulling, opdat de consultatieplicht (zie noot 2) jegens de bestuurscolleges naar behoren wordt nageleefd. (zie noot 3)
b. Het ontwerpbesluit is op 27 januari 2014 voorgehangen bij de beide Kamers der Staten-Generaal. (zie noot 4) De toelichting maakt hiervan geen melding. Ook is niet toegelicht wat de uitkomsten van de voorhang zijn.
De Afdeling adviseert in de toelichting in te gaan op de consultatie en de voorhang.
2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W14.14.0059/IV
- Artikel 1 van het ontwerpbesluit schrappen. De bepaling is overbodig omdat het toepassingsbereik van het ontwerpbesluit volgt uit artikel 1 van de Wet volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en milieubeheer BES. Zie ook aanwijzing 120a, derde lid, van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
- In artikel 5 na "en 5.25 van de wet," invoegen: de inrichting of.
- In artikel 5, artikel 8, onderdeel a, en artikel 10, aanhef, telkens aanwijzing 82, derde lid, van de Aanwijzingen voor de regelgeving in acht nemen.
- In artikel 8, onderdeel e, als een afzonderlijk lid opnemen.
- In artikel 12, derde lid, onderdeel n, de woorden "die technieken" vervangen door: beste beschikbare technieken.
- Artikel 12, tweede lid, harmoniseren met artikel 5.4 van het Besluit omgevingsrecht.
Nader rapport (reactie op het advies) van 2 maart 2015
Hierna ga ik in op de opmerking van de Raad van State.
De Raad merkt op dat de toelichting onvoldoende aandacht besteedt aan de wettelijk verplichte consultatie van de bestuurscolleges. Tevens merkt de Raad op dat de toelichting geen melding maakt van de voorhang bij de beide Kamers der Staten-Generaal en de uitkomsten hiervan. De Raad adviseert in de toelichting in te gaan op de consultatie en de voorhang.
Het advies van de Raad om de toelichting aan te vullen is gevolgd.
Daarnaast zijn de volgende wijzigingen aangebracht.
In het besluit is de grondslag voor het bepalen van de beste beschikbare technieken (BBT) aangevuld door de omstandigheden te benoemen waarmee het bevoegd gezag bij de toepassing van de BBT in de vergunning rekening dient te houden. Een verwijzing naar de Europese referentiedocumenten voor BBT (Bref) is ondervangen door een nieuw onderdeel over internationale of volkenrechtelijke documenten waarvan de Europese documenten deel kunnen uitmaken.
Het overgangsrecht met betrekking tot de afwikkeling van lopende vergunningsprocedures is zodanig aangepast dat alleen beroepszaken volgens het oude recht worden afgedaan. Het betreffen besluiten die op basis van een hinderverordening zijn vastgesteld.
Het tijdstip van inwerkingtreding van het besluit is vastgesteld op de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het besluit wordt geplaatst.
De redactionele opmerkingen van de Raad van State zijn in aanmerking genomen.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU
(1) Nota van toelichting, § 7. Advisering en consultatie.
(2) Zie de artikelen 207 en 208 van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
(3) Zie over de consultatieplicht de derde periodieke beschouwing inzake de interbestuurlijke verhoudingen, "Het kán beter, interbestuurlijke verhoudingen opnieuw beschouwd", advies van de Afdeling advisering van de Raad van State van 20 december 2012 (W04.12.0239/I), Kamerstukken II 2012/13, 33 400, VII, nr. 67, blz. 85-86.
(4) Kamerstukken II 2013/14, 32 473, nr. 19.