Ontwerpbesluit tot het bepalen van het moment en de wijze van het omzetten van het dagloon van uitkeringsrechten gebaseerd op de Werkloosheidswet zoals deze gold voor inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (Besluit conversie WW), met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W12.14.0189/III
- Datum advies
- 11 juli 2014
- Vindplaats
- -
- Sociale zaken en Werkgelegenheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit tot het bepalen van het moment en de wijze van het omzetten van het dagloon van uitkeringsrechten gebaseerd op de Werkloosheidswet zoals deze gold voor inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (Besluit conversie WW), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 4 juli 2014, no.2014001305, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot het bepalen van het moment en de wijze van het omzetten van het dagloon van uitkeringsrechten gebaseerd op de Werkloosheidswet zoals deze gold voor inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid (Besluit conversie WW), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit hangt samen met de wijzigingen van de Werkloosheidswet in verband met de Wet werk en zekerheid. (zie noot 1) In een aantal situaties moet een recht dat is gebaseerd op de Werkloosheidswet zoals die luidde voor de inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid worden omgezet in een recht op uitkering op grond de Werkloosheidswet zoals die luidt na inwerkingtreding van de Wet werk en zekerheid. Artikel 2 van het ontwerpbesluit voorziet hierin.
De Afdeling advisering van de Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt een opmerking over de voorgestelde hardheidsclausule. Zij is van oordeel dat in verband daarmee enige aanpassing van het ontwerpbesluit wenselijk is.
Omdat is voorzien dat toepassing van artikel 2 mogelijk tot ongewenste uitkomsten leidt, is in artikel 3 een hardheidsclausule opgenomen. (zie noot 2) Volgens de toelichting bij dit artikel is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van dit artikel bevoegd af te wijken van artikel 2 indien toepassing leidt tot ongewenste uitkomsten, dat wil zeggen tot een veel lagere of hogere uitkering. Uit deze passage in de toelichting, alsmede uit de formulering van het voorgestelde artikel 3 lijkt te moeten worden afgeleid dat het de bedoeling is dat de hardheidsclausule ook ten nadele van de uitkeringsgerechtigde moet kunnen worden toegepast.
De Afdeling merkt op dat een hardheidsclausule niet bedoeld kan zijn om het bestuur de mogelijkheid te geven ten nadele van de belanghebbende af te wijken van de wet. Een hardheidsclausule is slechts bedoeld om ten gunste van de belanghebbende af te wijken van de wet indien toepassing van de wet voor de belanghebbende zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. Indien het wenselijk wordt geacht ten nadele van de uitkeringsgerechtigde ongewenste uitkomsten van de toepassing van artikel 2 te kunnen corrigeren, behoeft dit een aparte basis in de wet en een regeling die is toegesneden op de eigen aard van de voorziening, waarbij in het bijzonder de toepassing ervan niet afhankelijk mag zijn van de discretie van bestuursorganen.
De Afdeling adviseert artikel 3 van het ontwerpbesluit aan te passen.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 10 december 2014
De Afdeling merkt op dat uit de formulering van het voorgestelde artikel 3 van het Besluit conversie WW alsmede uit de toelichting op dat artikel lijkt te moeten worden afgeleid dat het de bedoeling is dat de hardheidsclausule ook ten nadele van de uitkeringsgerechtigde moet kunnen worden toegepast. De hardheidsclausule is evenwel slechts bedoeld om ten gunste van de belanghebbende af te wijken van de wet, wanneer conversie voor de belanghebbende zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. In de toelichting is dit verduidelijkt.
Ik moge U hierbij, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(1) Stb. 2014, 216.
(2) Zo blijkt uit de toelichting bij artikel 3.