Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen ten behoeve van de grootschalige uitrol van de slimme meter, met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W15.14.0147/IV
- Datum advies
- 3 juli 2014
- Vindplaats
- Staatscourant 2014, nr. 30364
- Economische Zaken en Klimaat
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen ten behoeve van de grootschalige uitrol van de slimme meter, met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 20 mei 2014, no.2014000968, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Economische Zaken, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen ten behoeve van de grootschalige uitrol van de slimme meter, met nota van toelichting.
Het Besluit op afstand uitleesbare meetinrichtingen (hierna: het Besluit) voorziet sinds 1 januari 2012 in de kleinschalige inzet van een op afstand uitleesbare meter (hierna: slimme meter) voor elektriciteit en gas in Nederland. (zie noot 1) Het ontwerpbesluit voorziet in de grootschalige uitrol van deze slimme meters, waarbij aan alle Nederlandse kleinverbruikers per 31 december 2020 een dergelijke meter wordt aangeboden. Tevens wijzigt het ontwerpbesluit de eisen aan de meters.
De Afdeling advisering van de Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt daarbij een kanttekening over de schakelfunctionaliteit van de meters.
1. Schakelfunctionaliteit
Het Besluit bevat de technische eisen waaraan de slimme meters minimaal moeten voldoen om te waarborgen dat kleinverbruikers beschikken over een toekomstvaste en veilige meter. Eén van die eisen betreft de schakelfunctionaliteit waarmee de energietoevoer op afstand kan worden beëindigd en herstart. Voor elektriciteit geeft deze schakelfunctie aanvullend de mogelijkheid om de doorlaatwaarde op afstand te beperken. Het ontwerpbesluit wijzigt deze technische eis, inhoudende dat de schakelfunctionaliteit niet verplicht, maar wel mogelijk is. Als reden hiervoor noemt de toelichting dat uit de evaluatie van de kleinschalige uitrol volgt dat twijfel is geuit over de veiligheid, nut en noodzaak van deze functionaliteit. (zie noot 2) De relatieve meerwaarde van de schakelfunctie is volgens de toelichting met dusdanig veel onzekerheid omgeven dat dit niet opweegt tegen de kosten en mogelijke veiligheidsrisico’s.
Gezien de veiligheidsaspecten moeten de kleinverbruikers wel de vrijheid hebben om te kiezen of zij van deze faciliteit gebruiken maken of niet, zonder dat dit consequenties heeft voor het gebruik van de andere functionaliteiten. In de huidige situatie voldoet een meter aan de technische eisen wanneer verschillende functionaliteiten alleen gezamenlijk kunnen worden uitgezet. (zie noot 3) In die situatie heeft de kleinverbruiker echter geen vrijheid betreffende de schakelfunctionaliteit. Ter waarborging van deze keuzevrijheid zou het ontwerpbesluit moeten voorzien in de voorwaarde dat bij nieuwe meters een eventuele schakelfunctionaliteit altijd afzonderlijk is in en uit te schakelen. Onduidelijk is waarom het ontwerpbesluit niet voorziet in deze voorwaarde.
De Afdeling adviseert de toelichting op dit punt aan te vullen en zo nodig het ontwerpbesluit aan te passen.
2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W15.14.0147/IV
- In Artikel I, onderdeel A, in het voorgestelde artikel 2, na "artikel 95a, eerste lid, Elektriciteitswet" en na "artikel 95la, eerste lid, Elektriciteitswet" invoegen: 1998.
- In Artikel I, onderdeel F, laten vervallen.
Nader rapport (reactie op het advies) van 15 oktober 2014
1. De Afdeling adviseert de toelichting aan te vullen in verband met de schakelfunctionaliteit. Aan dit advies wordt gevolg gegeven door de passage over de schakelfunctionaliteit in paragraaf 3 van de toelichting uit te breiden. In deze paragraaf is opgenomen hoe in de praktijk uitvoering wordt gegeven aan het vervallen van de eis van de schakelfunctionaliteit.
2. De redactionele opmerkingen zijn overgenomen.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Economische Zaken
(1) Conform artikel 26ad, eerste lid, van de Elektriciteitswet 1998 en artikel 13, eerste lid, van de Gaswet zijn deze meters aangeboden in een beperkt aantal situaties aan huishoudens en kleine zakelijke verbruikers. Met de grootschalige uitrol wordt beoogd de consument in staat te stellen meer inzicht in zijn verbruik te bieden en er voor te zorgen dat minimaal 80 % van de huishoudens over een dergelijke meter beschikt overeenkomstig het derde Europese energiepakket.
(2) Nota van toelichting, paragraaf 3. Schakelfunctionaliteit. Aan het ontwerpbesluit liggen monitoringsrapportages van de Autoriteit Consument en Markt en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland inzake de kleine uitrol ten grondslag (eerste tussenrapportage, Kamerstukken II 2012/13, 29 023, nr. 140).
(3)Aldus de toelichting bij artikel 4, tweede lid, van het Besluit, Stb. 2011, 511.