Ontwerpbesluit houdende regels voor de bewapening en overige uitrusting van de politie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES), met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W04.10.0346/I
- Datum advies
- 11 augustus 2010
- Vindplaats
- Staatscourant 2010, nr. 15217
- Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende regels voor de bewapening en overige uitrusting van de politie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 21 juli 2010, no.10.002044, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels voor de bewapening en overige uitrusting van de politie van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit geeft de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
Voor redactionele kanttekeningen verwijst de Raad naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad geeft U in overweging dienovereenkomstig te besluiten.
Gelet op artikel 25a, vijfde lid jo vierde lid, onder b, van de Wet op de Raad van State, is het college van oordeel dat openbaarmaking van dit advies achterwege dient te blijven.
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State betreffende no.W04.10.0346/I met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
- In artikel 1, onderdeel e, "de hoofdrangen, bedoeld in" vervangen door: een hoofdrang als bedoeld in.
- In artikel 2, derde lid, "eerste lid, eerste lid" wijzigen in: eerste lid. Voorts de inhoud van artikel 2, vierde lid toevoegen aan het eerste lid.
- In artikel 4, eerste lid, onderdeel b, "de pepperspray", gelet op de artikelen 2, eerste lid, onderdeel b, en 3, eerste lid, onderdeel b, wijzigen in: pepperspray en nazorgmiddelen.
- De inhoud van artikel 7, vierde lid, toevoegen aan het eerste lid.
- Artikel 9 schrappen, nu het opnemen in de uitrusting van de daar genoemde voorwerpen specifiek wordt geregeld (bij voorbeeld artikel 5, vierde en vijfde lid).
- In artikel 10, aanhef, in de zinsnede "belast met de grensbewaking en met het toezicht op personen", het woord "personen" vervangen door het gangbare "vreemdelingen" (bij voorbeeld artikel 33 van de ontwerp-Ambtsinstructie BES, waarover de Raad van State op 8 februari 2010 advies heeft uitgebracht (no. W04.09.0548).
- In hoofdstuk 3 eerst de algemene bepalingen geven, waarbij sommige bepalingen kunnen worden gecombineerd (artikelen 19, 20, eerste lid, 21, vierde, zesde en zevende lid, 22, zesde en zevende lid, 23, tweede, vierde en vijfde lid, 24, tweede, vierde en vijfde lid, 25, 26, 27, eventueel ook artikel 21, tweede, derde en vierde lid), daarna de regels voor de verschillende soorten honden en geleiders.
- In artikel 20, eerste lid, aanwijzing 30 van de Aanwijzingen voor de regelgeving (Ar) in acht nemen; in de artikelen 13, 17, tweede lid, en 20, eerste lid, dezelfde formulering voor delegatie gebruiken.
- In artikel 20, tweede lid, onderdeel d, sub 2°, en onderdeel g, sub 2°, de woorden "op te sporen" telkens invoegen na "middelen" (tangconstructie).
- In artikel 21, eerste lid, na "ambtenaren van politie" invoegen: als bedoeld in artikel 3, onder a en c, van de rijkswet. Voorts in het derde lid "het examen" wijzigen in: een van de examens. Ten slotte in het vijfde lid "het vierde lid" vervangen door: artikel 20, tweede lid.
- Het woord "politiesurveillancehond" telkens wijzigen in: politie-surveillancehond, nu dat de spelling is in de ontwerp-Ambtsinstructie BES.
- Aanwijzing 194 Ar in acht nemen.
Nader rapport (reactie op het advies) van 22 september 2010
Het ontwerp geeft de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
De redactionele kanttekeningen van de Raad van State zijn verwerkt met dien verstande dat:
- het vierde lid van de artikelen 2 en 7 niet is toegevoegd aan het eerste lid van de desbetreffende artikelen. De in het vierde lid van beide artikelen opgesomde uitrusting wordt niet als bewapening, genoemd in het eerste lid, aangemerkt.
- artikel 9 is aangepast, zodat tot uitdrukking wordt gebracht dat het in dat artikel gaat om andere ambtenaren van politie, dan genoemd in de artikelen 5, 7 en 8.
- de formulering in artikel 10, aanhef, is gehandhaafd. Met deze formulering wordt aangesloten bij artikel 1, onder c, van de Wet toelating en uitzetting BES.
- de voorgestelde herindeling van hoofdstuk 3 niet is overgenomen, omdat de voorkeur wordt gegeven aan een indeling per soort hond.
Daarnaast is van de gelegenheid gebruik gemaakt nog enkele andere aanpassingen in het ontwerpbesluit aan te brengen. De aanpassingen volgen uit de aanpassingen van het ontwerp-besluit beheer politiekorps BES. De term "aanhoudings- en ondersteuningseenheid" is vervangen door "aanhoudings- en ondersteuningswerkzaamheden". Een dergelijke eenheid zal er als zodanig niet zijn, maar wel de ambtenaren die deze werkzaamheden feitelijk uitvoeren. Hetzelfde geldt voor de "mobiele eenheid".
Gelet op de specifieke taken die de ambtenaren die zijn belast met aanhoudings- en ondersteuningswerkzaamheden, dan wel de ambtenaren die worden ingezet bij grootschalig politieoptreden, beschikken zij op grond van het Besluit bewapening en overige uitrusting politie BES over een specifieke bewapening.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties