Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet en het Uitvoeringsbesluit Wet herstructurering varkenshouderij (voorkoming afroming bij bedrijfsverplaatsing).
- Kenmerk
- W11.01.0261/V
- Datum advies
- 31 augustus 2001
- Vindplaats
- Bijvoegsel Staatscourant 11 december 2001, nr 240
- Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet en het Uitvoeringsbesluit Wet herstructurering varkenshouderij (voorkoming afroming bij bedrijfsverplaatsing).
Bij Kabinetsmissive van 12 juni 2001, no.01.002859, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Landbouw Natuurbeheer en Visserij, in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet en het Uitvoeringsbesluit Wet herstructurering varkenshouderij (voorkoming afroming bij bedrijfsverplaatsing).
Het ontwerpbesluit voorziet in uitzonderingen op de vermindering van het varkensrecht en van het pluimveerecht bij de overgang van deze rechten in geval van verplaatsing van de varkens- of pluimveehouderij naar een ander bedrijf of naar een andere locatie binnen hetzelfde bedrijf. Daartoe worden het Uitvoeringsbesluit Wet herstructurering varkenshouderij en het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet gewijzigd. Dit mede om de uitvoering van de komende Reconstructiewet concentratiegebieden te vergemakkelijken. Het ontwerpbesluit geeft de Raad van State aanleiding tot het maken van de volgende opmerking.
1. Het in het ontwerpbesluit voorkomende begrip "locatie" komt ook in de Meststoffenwet voor (onder meer in de artikelen 58 en 58s, derde lid). In paragraaf 3 van de nota van toelichting wordt uiteengezet dat het begrip "locatie" moet worden begrepen als een duidelijk afgebakend bedrijfsdeel waar een grotere mestproductie plaatsvindt dan 125 kilogram fosfaat per hectare per jaar. Aldus wordt een uitleg gegeven aan het begrip "locatie" dat niet eerder in de Meststoffenwet is gedefinieerd, en daarin wellicht een ruimere betekenis heeft; bovendien wijkt het af van het gewone spraakgebruik.(zie noot 1) De Raad acht dit ongewenst en adviseert in het ontwerpbesluit het begrip locatie te vermijden en te vervangen door de in de toelichting gegeven omschrijving alsmede de nota van toelichting dienovereenkomstig aan te passen
2. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State van 31 augustus 2001, no.W11.01.0261/V, met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
- In de aanhef van het ontwerpbesluit tevens verwijzen naar artikel 21, tweede lid, van de Wet herstructurering varkenshouderij.
- In de paragrafen 2.2, onder c, 3 en 5.3 van de nota van toelichting de verwijzing naar de brief waarin een Wet ammoniak en veehouderij is aangekondigd, actualiseren, aangezien inmiddels een voorstel van wet van die strekking bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal is ingediend (Kamerstukken II 2000/01, 27 836, nrs.1 en 2).
Nader rapport (reactie op het advies) van 21 november 2001
1. Naar aanleiding van het advies van de Raad wordt in de nota va toelichting het begrip "locatie" thans niet nader uitgewerkt. Omdat het nieuwe artikel 17b van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet tot uitdrukking moet brengen dat sprake is van de situatie van verplaatsing naar een andere locatie binnen hetzelfde bedrijf, als bedoeld in de artikelen 58f en 58s van de Meststoffenwet, kon - anders dan de Raad adviseert - het gebruik van het begrip "locatie" in het besluit niet worden vermeden.
2. De in de bijlage bij het advies gemaakte redactionele kanttekeningen zijn overgenomen.
3. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om artikel 9 van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet aan te passen. De oorspronkelijke bepaling leidde ertoe dat een te grote hoeveelheid fosfaat als "latente ruimte", bedoeld in artikel 58k, eerste lid, onderdeel b, van de Meststoffenwet, in mindering wordt gebracht op het pluimveerecht. Met de nieuwe redactie van artikel 9 wordt dit ondervangen.
4. Voorts is van de gelegenheid gebruik gemaakt het besluit en de nota van toelichting op enkele ondergeschikte punten te wijzigen. Afgezien van de wijziging van de nieuwe artikelen 17a en 17b van het Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet en het nieuwe artikel 5a van het Uitvoeringsbesluit Wet herstructurering varkenshouderij, welke wijziging ertoe strekt bij bedrijfsverplaatsing naast intrekking van de milieuvergunning toe te staan dat de milieuvergunning zodanig wordt gewijzigd dat de dieren van de verplaatste tak niet meer op de oude locatie mogen worden gehouden, gaat het om louter redactionele verbeteringen.
Ik moge U hierbij, in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
(1) Vergelijk aanwijzing 54 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.