Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W13.01.0196/III

Voorstel van wet met memorie van toelichting tot wijziging van de Wet collectieve preventie volksgezondheid.

Kenmerk
W13.01.0196/III
Datum advies
20 juli 2001
Vindplaats
Kamerstukken II 2001/02, 28 063, B
  • Volksgezondheid, Welzijn en Sport
  • Wet

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Voorstel van wet met memorie van toelichting tot wijziging van de Wet collectieve preventie volksgezondheid.

Bij Kabinetsmissive van 26 april 2001, no.01.002071, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mede namens de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet met memorie van toelichting tot wijziging van de Wet collectieve preventie volksgezondheid.

Met het wetsvoorstel wordt beoogd de verantwoordelijkheden van de landelijke overheid en gemeentebesturen op het gebied van de collectieve preventie volksgezondheid helder te formuleren en goed vast te leggen.
De wijzigingen strekken er in hoofdzaak toe, inmiddels gesignaleerde tekortkomingen in de sfeer van zowel effectiviteit als bevoegdheidsverdeling weg te nemen in de daadwerkelijke uitvoering in de collectieve preventie in het belang van de volksgezondheid. Het wetsvoorstel dient ter vervanging van een wetsvoorstel waarover de Raad van State op 31 oktober 2000 een advies (no.W13.00.0372/III) heeft uitgebracht. Blijkens het nader rapport van 20 april 2001 wordt dat advies (dat wel openbaar is gemaakt) buiten verdere behandeling gelaten. Het nieuwe wetsvoorstel alsmede de toelichting daarop bevat een uitbreiding en is overigens (nagenoeg) identiek aan het eerder aan de Raad voorgelegde voorstel. De Raad onderschrijft evenals destijds de strekking van het wetsvoorstel, maar maakt daarbij de volgende kanttekeningen. Daarvan zijn de punten 1, 3 en 4 reeds eerder gemaakt in het advies van 31 oktober 2000.

1. De herformulering van gemeentelijke taken.
Aan artikel 2 worden nieuwe onderdelen toegevoegd waarin gemeentelijke taken op het terrein van collectieve preventie aangaande gezondheidszorg opnieuw worden geformuleerd. Het gaat om het bevorderen van medisch-milieukundige zorg, van technische hygiënezorg en van openbare geestelijke gezondheidszorg. Het wetsvoorstel biedt geen deugdelijke omschrijving en afbakening van deze taken.
Een afdoende afbakening van de genoemde taken is volgens het college onder meer van belang om te bepalen of de Wet collectieve preventie volksgezondheid (Wcpv) op een bepaald zorgsegment van toepassing is. Problemen dienaangaande kunnen vooral worden verwacht indien de grens tussen Wcpv-taken en andere taken niet duidelijk ligt. Het gaat dan vooral om de begrenzing ten opzichte van andere gemeentelijke openbare zorgtaken die volgens het advies van de commissie-Lemstra niet door de Wcpv worden bestreken zoals de zorg voor risicogroepen, de onmiddellijke hulpverlening voor individuele patiënten, de parate
hulpverlening en de sociaal-medische advisering.(zie noot 1) Een nauwkeurig onderscheid is volgens de Raad noodzakelijk omdat collectieve preventie als gemeentelijke taak als bedoeld in de Wcpv niet verder reikt dan de "bewaking en bevordering van de volksgezondheid voor zover deze samenhangt met risico's met een collectief karakter".(zie noot 2) Deze omschrijving van "collectieve preventie" in de Wcpv(zie noot 3) bevat overigens zelf al moeilijk hanteerbare begrippen zoals "voorzover", "samenhangt met" en "risico's met een collectief karakter" en heeft herziening nodig in het belang van de voorgestane verduidelijking van de Wcpv-taken voor de gemeenten. Verder wordt het begrip "technische hygiënezorg" - in de artikelsgewijze toelichting - voorzien van tal van voorbeelden van preventieve zorg tegen de gevaren van legionellabesmetting etc. bij bedrijven, instellingen en grote evenementen. Maar hier wordt aan toegevoegd dat ter beheersing van de bedoelde risico's uiteraard ook regelgeving vanuit het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van kracht is. Gelet hierop wordt het voor gemeenten niet eenvoudig gemaakt om te bepalen welke taken de Wcpv meebrengt.
De Raad beveelt aan in het wetsvoorstel een duidelijke afbakening te geven ten opzichte van andere wetten die tevens het terrein bestrijken waarop collectieve preventietaken worden uitgeoefend. Tevens dienen het hoe en waarom van die afbakening duidelijk te worden uiteengezet in de memorie van toelichting. In ieder geval dient te worden voorkomen dat de gehanteerde termen bij samenloop met andere wetten op bestuurs- en uitvoeringsniveau twijfels veroorzaken over de vraag of de Wcpv wel of niet van toepassing is.

2. Jeugdgezondheidszorg

a. Het voorgestelde artikel 3a Wcpv bepaalt dat de gemeenteraad zorg draagt voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg. Het voorgestelde artikel 1, tweede lid, onder d, bevat een definitie van jeugdgezondheidszorg die niet beperkt is tot preventieve gezondheidszorg.
Hierdoor kan de gemeentelijke taak op het gebied van de jeugdgezondheidszorg ruimer worden opgevat dan alleen de uitvoering van taken in het kader van de collectieve preventie.
De Raad vraagt zich af of dit beoogd is, en zo ja, of de Wcpv de plaats is om niet-preventieve (jeugd)gezondheidszorg te regelen. Hij adviseert hier in de toelichting op in te gaan.

b. Overigens acht het college het uit een oogpunt van wetgevingstechniek niet juist dat op grond van het voorgestelde artikel 1, tweede lid, bij algemene maatregel van bestuur kan worden afgeweken van de in het eerste lid, onder d, genoemde leeftijdsgrens. Daarmee wordt immers de omschrijving van het begrip "jeugdgezondheidszorg" in het eerste lid zinloos. De bepaling in het tweede lid hoort veeleer thuis in het voorgestelde artikel 3a. Het voorstel dient ook in dit opzicht aangepast te worden.

3. De periodieke gemeentelijke nota volksgezondheid
Met dit onderdeel van de Wcpv-herziening worden "gemeenten uitgenodigd om hun ambities op het gebied van het gemeentelijk gezondheidsbeleid te formuleren" en hierover het politieke debat te voeren.(zie noot 4) Uit verricht onderzoek blijken grote verschillen tussen gemeenten in beleidsmatige aanpak van de preventieve collectieve zorg. Het college wijst op de noodzaak voor gemeentebesturen om de periodieke gemeentelijke nota tevens te richten op de verbetering van contacten en communicatie met burgers en met (andere) overheidsinstanties. Daarbij kan vooral gedacht worden aan de bereikbaarheid van de gemeentelijke instantie die een taak heeft in het op een gegeven moment aan de orde zijnde zorgsegment in de preventieve zorg. Zo is onduidelijk wie kan worden gebeld onder welk telefoonnummer als een particuliere hulpverlener wordt geconfronteerd met een geval van een besmettelijke ziekte, bijvoorbeeld open tuberculose. Ook doet zich de vraag voor of bij een dreigende uitbreiding van een besmettelijke ziekte de betrokken collectieve preventie-instantie doelmatig kan worden bereikt, bijvoorbeeld door het bellen van een algemeen bekend nummer.
De Raad adviseert te bevorderen dat de beoogde gemeentelijke beleidsnota tevens doelbewust wordt gericht op verbetering van de communicatie, de bereikbaarheid en de kenbaarheid voor burgers enzovoorts van de bij collectieve zorg betrokken instanties die in het kader van de gemeentelijke beleidsvrijheid daarvoor zijn aangewezen.

4. De rijkstaken
De Stuurgroep basistaken collectieve preventie volksgezondheid (hierna: de Stuurgroep) heeft gewezen op de lessen van de tot nu toe verrichte implementatie van de Wcpv. Die lessen zijn volgens de Stuurgroep in ieder geval dat het formuleren van taken en verantwoordelijkheden voor gemeenteraden, zonder daarbij voldoende aandacht te besteden aan de implementatie, kan leiden tot een suboptimale invulling van de nieuwe rollen. De Stuurgroep doet ter vermijding van dat gevaar het voorstel om bij de implementatie van de adviezen onder meer de volgende elementen te betrekken:
- de communicatie over de basistaken;
- het (doen) opstellen van een Plan van Aanpak over de implementatie van onder andere de Nota Gezondheidsbeleid;
- het versterken en behouden van het draagvlak voor de basistaken;
- het monitoren van de voorstellen die als flankerend beleid geformuleerd zijn.
De Raad beveelt aan die suggesties in de toelichting systematisch te bespreken in hun betekenis voor het voorstel en voor het daarmee samenhangend rijksbeleid.

5. Voor een redactionele kanttekening verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.

De Raad van State geeft U in overweging het voorstel van wet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.

De waarnemend Vice-President van de Raad van State



Bijlage bij het advies van de Raad van State van 20 juli 2001, no.W13.01.0196/III, met een redactionele kanttekening die de Raad in overweging geeft.

In het in artikel I, onderdeel A, onder 3, voorgestelde artikel 1, tweede lid, na "aangewezen taken" toevoegen: met betrekking tot de jeugdgezondheidszorg.



Nader rapport (reactie op het advies) van 19 oktober 2001


De Raad van State onderschrijft de strekking van het wetsvoorstel, maar maakt daarbij de volgende kanttekeningen.

1. De herformulering van gemeentelijke taken
Hoewel wij begrip hebben voor de opvatting van de Raad, menen wij toch dat zij niet tot wijzigingen in het voorstel van wet zou moeten leiden. De reikwijdte van een wet behoort inderdaad duidelijk te zijn. Dat is zelfs de beweegreden voor een aantal van nu voorgestelde wijzigingen. Het is de bedoeling de nu voorgestelde wijziging van de wet, na de parlementaire behandeling ervan, te laten volgen door wijziging van het Besluit collectieve preventie volksgezondheid en invoering van een Besluit jeugdgezondheidszorg. Deze beide projecten van regelgeving zullen duidelijker omschrijvingen van onderdelen van de collectieve preventie omvatten. Naar aanleiding van de kanttekeningen van de Raad is aan de paragraaf Wijzigingsvoorstellen van de Memorie van Toelichting een slotzin toegevoegd.
Wij wijzen echter ook op het bijzondere karakter van de Wcpv. Deze wet geeft de gemeenten veel vrijheid (ook blijkend uit de financiering via het Gemeentefonds) om middelen daar in te zetten waar dat, gegeven de specifieke plaatselijke omstandigheden, het meest aangewezen is. In dat systeem is het betrekkelijk om het even onder welke titel een activiteit in een gemeente ontplooit wordt. Veeleer blijkt telkenmale juist het belang van samenwerking over de binnen- en buitengrenzen van de Wcpv heen. Eigenlijk is dat zelfs de kern van artikel 2, eerste lid, Wcpv.
De Raad moet worden toegegeven dat de omschrijving van de collectieve preventie in de Wcpv enkele minder eenvoudig te hanteren begrippen bevat. Op zijn suggestie de omschrijving van collectieve preventie te herzien reageren wij echter afwijzend. De praktijk blijkt met de bestaande omschrijving uit de voeten te kunnen. Bovendien zij wij van mening dat een nieuwe omschrijving tot nieuwe onduidelijkheden zou leiden. Het is nu eenmaal inherent aan dit type wetgeving dat de daarin vervatte bepalingen een aanzienlijke mate van abstractie vertonen.

2. Jeugdgezondheidszorg

a. Overeenkomstig de strekking van 's Raads advies is het woord "preventieve" ingevoegd in de definitie van het begrip jeugdgezondheidszorg, zodat ook wat dit betreft nog eens wordt onderstreept dat de hier gedane voorstellen zich binnen de Wet collectieve preventie (onderstreping van ons) volksgezondheid bewegen.

b. Uit de opmerking van de Raad maken wij op dat de bedoeling achter de mogelijkheid om bij algemene maatregel van bestuur voor één of meer van de taken af te wijken van de leeftijd van 0 tot 19 jaar, onvoldoende duidelijk is. De leeftijdafgrenzing van 0 tot 19 jaar voor de jeugdgezondheidszorg als geheel is te grofmazig voor een aantal taken daarbinnen.
Een mogelijkheid tot leeftijdsdifferentiatie is geboden. Zo is thans de zorg via consulatiebureaus in beginsel beperkt tot kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar. Het voorgestelde nieuwe derde lid van artikel 1 geeft de mogelijkheid tot leeftijdsdifferentiatie of tot een (leeftijd)cohortgewijze opbouw van de zorg te komen. Ter vergroting van het begrip omtrent deze bedoeling is de memorie van toelichting (artikelsgewijs, onderdeel A, onder 2) ter zake aangevuld.
Omtrent de plaats waar een bepaling neer te leggen op grond waarvan het mogelijk wordt te differentiëren binnen een in een definitie opgenomen leeftijdsgrens zien wij twee mogelijkheden: artikel 1 als de plaats waar alle begripsbepalingen zijn ondergebracht of artikel 3a waar de materie inhoudelijk wordt geregeld. Wij geven er de voorkeur aan de mogelijkheid tot differentiatie op te nemen op een plaats direct na de begripsbepaling waarin die leeftijdsgrens zelf is geregeld, dus in een toe te voegen derde lid van artikel 1.

3. De periodieke gemeentelijke nota gezondheidszorgbeleid
Het pleidooi van de Raad voor goede contacten en communicatie van gemeentebesturen met burgers en andere overheidsinstanties wordt graag onderschreven. Ook het advies van de Raad om de gemeentelijke beleidsnota mede te richten op verbetering van de communicatie, de bereikbaarheid en de kenbaarheid voor burgers wordt onderschreven. In de gemeentelijke nota kan aan dergelijke praktische punten uiteraard aandacht worden besteed. Het voert naar ons oordeel echter te ver dat centraal voor te schrijven. Naar aanleiding van de kanttekeningen van de Raad is aan de paragraaf Gemeentelijke nota gezondheidsbeleid van de Memorie van Toelichting een volzin toegevoegd. Voor de melding van gevallen van besmettelijke ziekten bestaat een naar ons oordeel adequate infrastructuur. Deze is onlangs aan de Tweede Kamer uiteengezet.(zie noot 5)

4. De rijkstaken
Naar aanleiding van de suggestie van de Raad is aan de paragraaf Rijkstaken van de Memorie van Toelichting een volzin toegevoegd.

5. De redactionele kanttekening is verwerkt.

Gezien het inmiddels opgetreden tijdsverloop werd het opportuun geacht de in artikel 7 genoemde tijdsbepaling enigszins te verschuiven: de Rijksnota moet nu in 2002 verschijnen.

Ik moge U, mede namens de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, verzoeken het hierbij gevoegde gewijzigde voorstel van wet en de gewijzigde memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport



(1) Advies van de commissie-Lemstra, bladzijde 11.
(2) Wcpv, de artikelen 1, onder b, en 2.
(3) Wcpv, artikel 1, onder b.
(4) Memorie van toelichting, Algemeen, Gemeentelijke nota gezondheidsbeleid, eerste alinea.
(5) Kamerstukken II, 2000-2001, 25 295 nr.3.

  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon