Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob.
- Kenmerk
- W01.03.0389/I
- Datum advies
- 3 november 2003
- Vindplaats
- Bijvoegsel Staatscourant 9 maart 2004, nr 47
- Algemene zaken
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Volledige tekst
Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob.
Bij Kabinetsmissive van 5 september 2003 no.03.003646, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister-President, Minister van Algemene Zaken, mede namens de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob.
Dit ontwerpbesluit past de onderdelen b, c en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob aan aan de ontwikkelingen in het toezicht op de financiële marktsector. De Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt een tweetal opmerkingen over het ontwerpbesluit en is van oordeel dat het ontwerpbesluit in verband daarmee enige aanpassing behoeft.
1. In de onderdelen b en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob worden De Nederlandsche Bank NV (DNB) respectievelijk de Stichting Autoriteit Financiële Markten beide aangeduid in hun hoedanigheid van rechtspersoon. Daarentegen noemt onderdeel c de Pensioen- & Verzekeringskamer (PVK) zonder de aanduiding als rechtspersoon. De Raad is van oordeel dat dit verschil uitleg behoeft. In dit verband wijst hij ook op zijn advies van 20 oktober 2003 over het wetsvoorstel houdende bepalingen in verband met de fusie van De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer (no.W06.03.0345/IV), waarin hij onder meer de aandacht heeft gevraagd voor het gebruik van de naam “Pensioen- & Verzekeringskamer” na de fusie van DNB en PVK.
Het college adviseert de toelichting gezien het voorgaande aan te vullen en het ontwerp zo nodig aan te passen.
2. Het ontwerpbesluit mist een inwerkingtredingsbepaling. De Raad adviseert deze op te nemen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 29 januari 2004
De Raad van State heeft geadviseerd in dezen een besluit te nemen nadat met een tweetal opmerkingen rekening is gehouden. Hieronder volgt bespreking van deze opmerkingen.
1. De onderdelen b en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob worden De Nederlandse Bank N.V. respectievelijk de Stichting Autoriteit Financiële Markten beide aangeduid in hun hoedanigheid van rechtspersoon. Daarentegen noemt onderdeel c de Pensioen- & Verzekeringskamer zonder de aanduiding als rechtspersoon. De Raad is van oordeel dat dit verschil uitleg behoeft.
In het besluit wordt de Pensioen- & Verzekeringskamer genoemd zonder de aanduiding als rechtspersoon, omdat artikel 2 van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 de Pensioen- & Verzekeringskamer zonder aanduiding van de rechtspersoonlijkheid als bestuursorgaan in het leven roept. De Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer is vervolgens belast met de taken van dat bestuursorgaan. Daarmee is de Pensioen- & Verzekeringskamer het bestuursorgaan dat in het Besluit bestuursorganen WNo en Wob genoemd moet worden. Dit is anders in het geval van De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Autoriteit Financiële Markten. De Nederlandsche Bank N.V. is als zodanig, dus met de aanduiding als rechtspersoon, uit hoofde van de Bankwet 1998 met wettelijke taken belast. De Stichting Autoriteit Financiële Markten oefent haar taken uit op basis van overdracht krachtens een Koninklijk Besluit, waarin .zij als rechtspersoon is aangeduid. Daarom moeten zowel De Nederlandsche Bank N.V. als de Stichting Autoriteit Financiële Markten ook met die aanduiding als bestuursorganen in het Besluit bestuursorganen WNo en Wob genoemd worden. De nota van toelichting is in deze zin aangevuld.
2. De Raad adviseert een inwerkingtredingsbepaling op te nemen.
Het besluit is uitgebreid met een tweede artikel waarin, conform het advies van de Raad van State, het moment van inwerkingtreding wordt bepaald In artikel 2 is voorzien in terugwerkende kracht tot en met het moment waarop de herverdeling van taken en bevoegdheden van de drie financiële toezichthouders heeft plaatsgevonden, te weten 1 september 2002. Naar aanleiding hiervan is eveneens de nota van toelichting aangevuld.
Ik moge U hierbij, mede namens de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister-President, Minister van Algemene Zaken
Dit ontwerpbesluit past de onderdelen b, c en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob aan aan de ontwikkelingen in het toezicht op de financiële marktsector. De Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt een tweetal opmerkingen over het ontwerpbesluit en is van oordeel dat het ontwerpbesluit in verband daarmee enige aanpassing behoeft.
1. In de onderdelen b en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob worden De Nederlandsche Bank NV (DNB) respectievelijk de Stichting Autoriteit Financiële Markten beide aangeduid in hun hoedanigheid van rechtspersoon. Daarentegen noemt onderdeel c de Pensioen- & Verzekeringskamer (PVK) zonder de aanduiding als rechtspersoon. De Raad is van oordeel dat dit verschil uitleg behoeft. In dit verband wijst hij ook op zijn advies van 20 oktober 2003 over het wetsvoorstel houdende bepalingen in verband met de fusie van De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer (no.W06.03.0345/IV), waarin hij onder meer de aandacht heeft gevraagd voor het gebruik van de naam “Pensioen- & Verzekeringskamer” na de fusie van DNB en PVK.
Het college adviseert de toelichting gezien het voorgaande aan te vullen en het ontwerp zo nodig aan te passen.
2. Het ontwerpbesluit mist een inwerkingtredingsbepaling. De Raad adviseert deze op te nemen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 29 januari 2004
De Raad van State heeft geadviseerd in dezen een besluit te nemen nadat met een tweetal opmerkingen rekening is gehouden. Hieronder volgt bespreking van deze opmerkingen.
1. De onderdelen b en d van artikel 1 van het Besluit bestuursorganen WNo en Wob worden De Nederlandse Bank N.V. respectievelijk de Stichting Autoriteit Financiële Markten beide aangeduid in hun hoedanigheid van rechtspersoon. Daarentegen noemt onderdeel c de Pensioen- & Verzekeringskamer zonder de aanduiding als rechtspersoon. De Raad is van oordeel dat dit verschil uitleg behoeft.
In het besluit wordt de Pensioen- & Verzekeringskamer genoemd zonder de aanduiding als rechtspersoon, omdat artikel 2 van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 de Pensioen- & Verzekeringskamer zonder aanduiding van de rechtspersoonlijkheid als bestuursorgaan in het leven roept. De Stichting Pensioen- & Verzekeringskamer is vervolgens belast met de taken van dat bestuursorgaan. Daarmee is de Pensioen- & Verzekeringskamer het bestuursorgaan dat in het Besluit bestuursorganen WNo en Wob genoemd moet worden. Dit is anders in het geval van De Nederlandsche Bank N.V. en de Stichting Autoriteit Financiële Markten. De Nederlandsche Bank N.V. is als zodanig, dus met de aanduiding als rechtspersoon, uit hoofde van de Bankwet 1998 met wettelijke taken belast. De Stichting Autoriteit Financiële Markten oefent haar taken uit op basis van overdracht krachtens een Koninklijk Besluit, waarin .zij als rechtspersoon is aangeduid. Daarom moeten zowel De Nederlandsche Bank N.V. als de Stichting Autoriteit Financiële Markten ook met die aanduiding als bestuursorganen in het Besluit bestuursorganen WNo en Wob genoemd worden. De nota van toelichting is in deze zin aangevuld.
2. De Raad adviseert een inwerkingtredingsbepaling op te nemen.
Het besluit is uitgebreid met een tweede artikel waarin, conform het advies van de Raad van State, het moment van inwerkingtreding wordt bepaald In artikel 2 is voorzien in terugwerkende kracht tot en met het moment waarop de herverdeling van taken en bevoegdheden van de drie financiële toezichthouders heeft plaatsgevonden, te weten 1 september 2002. Naar aanleiding hiervan is eveneens de nota van toelichting aangevuld.
Ik moge U hierbij, mede namens de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister-President, Minister van Algemene Zaken