Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit houdende uitvoering van artikel 1 van de Kwaliteitswet zorginstellingen, met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W13.04.0564/III
- Datum advies
- 24 december 2004
- Vindplaats
- Bijvoegsel Staatscourant 8 maart 2005, nr 47
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Volledige tekst
Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit houdende uitvoering van artikel 1 van de Kwaliteitswet zorginstellingen, met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 19 november 2004, no.04.004376, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit houdende uitvoering van artikel 1 van de Kwaliteitswet zorginstellingen, met nota van toelichting.
Met de voorgelegde wijziging van het besluit van 11 december 1996 (Stb. 639), houdende uitvoering van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen (hierna: Besluit) wordt beoogd om ook die instellingen onder de wet te brengen die zorg verlenen waarvan de kosten gewoonlijk niet door de reguliere ziektekostenverzekeringen worden gedekt. De instellingen die louter deze zorg verlenen, behoren tot het zogenoemde derde compartiment.
De Raad van State onderschrijft het belang om ook deze instellingen te brengen onder het toepassingsbereik van de Kwaliteitswet zorginstellingen (hierna: Kwaliteitswet).
Hij plaatst echter kanttekeningen bij de voorgestelde aanvulling van artikel 1 van het Besluit met onderdeel d.
Onder zorg als bedoeld in de Kwaliteitswet wordt, gelet op artikel 1, aanhef en onder a, verstaan de zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De Kwaliteitswet is van toepassing op instellingen die zorg leveren welke door de reguliere ziektekostenverzekeringen wordt bekostigd alsmede op de zorg die is aangewezen op grond van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet. Deze instellingen behoren tot het zogenoemde eerste en tweede compartiment van de zorg.
Alle vormen van hulp waarbij handelingen worden verricht als bedoeld in artikel 36 van de Wet op de beroepen in de individuele zorg (de Wet BIG), is zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de Algemene Bijzondere Ziektekosten als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder a, van de Kwaliteitswet. Omdat instellingen behorende tot het derde compartiment van de zorg niet worden bekostigd door de reguliere ziektekostenverzekeringen, vallen zij niet onder het toepassingsbereik van de Kwaliteitswet. De Raad is van oordeel dat om te bereiken dat deze instellingen onder de wet gaan vallen, deze vorm van zorg verleend in het derde compartiment in het Besluit dient te worden aangewezen en niet kan worden volstaan met een verwijzing naar artikel 36 van de Wet BIG.
De Raad adviseert de voorgestelde aanvulling van artikel 1 van het Besluit met onderdeel d, in die zin te wijzigen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 18 januari 2005
De Raad van State gaat er ten onrechte van uit dat alle vormen van hulp waarbij handelingen worden verricht als bedoeld in artikel 36 van de Wet BIG, zorg is als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de AWBZ. Als dat zo was, was het wijzigingsbesluit niet nodig geweest. Er worden echter in derde-compartimentsklinieken voorbehouden handelingen verricht die niet zijn omschreven bij of krachtens de genoemde wetten. Voorts gaat de Raad ervan uit dat de bekostiging door de reguliere ziektekostenverzekeringen het criterium is of de betrokken zorg al dan niet onder het bereik van de Kwaliteitswet valt. Ook dat is niet juist; die wet is van toepassing op zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de AWBZ, ongeacht de wijze van bekostiging. Ik zie dan ook geen aanleiding het besluit of de toelichting te wijzigen.
Ik moge U hierbij het ontwerpbesluit en de nota van toelichting wederom doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Met de voorgelegde wijziging van het besluit van 11 december 1996 (Stb. 639), houdende uitvoering van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen (hierna: Besluit) wordt beoogd om ook die instellingen onder de wet te brengen die zorg verlenen waarvan de kosten gewoonlijk niet door de reguliere ziektekostenverzekeringen worden gedekt. De instellingen die louter deze zorg verlenen, behoren tot het zogenoemde derde compartiment.
De Raad van State onderschrijft het belang om ook deze instellingen te brengen onder het toepassingsbereik van de Kwaliteitswet zorginstellingen (hierna: Kwaliteitswet).
Hij plaatst echter kanttekeningen bij de voorgestelde aanvulling van artikel 1 van het Besluit met onderdeel d.
Onder zorg als bedoeld in de Kwaliteitswet wordt, gelet op artikel 1, aanhef en onder a, verstaan de zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De Kwaliteitswet is van toepassing op instellingen die zorg leveren welke door de reguliere ziektekostenverzekeringen wordt bekostigd alsmede op de zorg die is aangewezen op grond van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet. Deze instellingen behoren tot het zogenoemde eerste en tweede compartiment van de zorg.
Alle vormen van hulp waarbij handelingen worden verricht als bedoeld in artikel 36 van de Wet op de beroepen in de individuele zorg (de Wet BIG), is zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de Algemene Bijzondere Ziektekosten als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder a, van de Kwaliteitswet. Omdat instellingen behorende tot het derde compartiment van de zorg niet worden bekostigd door de reguliere ziektekostenverzekeringen, vallen zij niet onder het toepassingsbereik van de Kwaliteitswet. De Raad is van oordeel dat om te bereiken dat deze instellingen onder de wet gaan vallen, deze vorm van zorg verleend in het derde compartiment in het Besluit dient te worden aangewezen en niet kan worden volstaan met een verwijzing naar artikel 36 van de Wet BIG.
De Raad adviseert de voorgestelde aanvulling van artikel 1 van het Besluit met onderdeel d, in die zin te wijzigen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 18 januari 2005
De Raad van State gaat er ten onrechte van uit dat alle vormen van hulp waarbij handelingen worden verricht als bedoeld in artikel 36 van de Wet BIG, zorg is als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de AWBZ. Als dat zo was, was het wijzigingsbesluit niet nodig geweest. Er worden echter in derde-compartimentsklinieken voorbehouden handelingen verricht die niet zijn omschreven bij of krachtens de genoemde wetten. Voorts gaat de Raad ervan uit dat de bekostiging door de reguliere ziektekostenverzekeringen het criterium is of de betrokken zorg al dan niet onder het bereik van de Kwaliteitswet valt. Ook dat is niet juist; die wet is van toepassing op zorg als omschreven bij of krachtens de Ziekenfondswet of de AWBZ, ongeacht de wijze van bekostiging. Ik zie dan ook geen aanleiding het besluit of de toelichting te wijzigen.
Ik moge U hierbij het ontwerpbesluit en de nota van toelichting wederom doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport