Ontwerpbesluit houdende de instelling van een hoofdproductschap alsmede van productschappen voor ondernemingen op het gebied van de teelt van, de be- en verwerking van en de handel in akkerbouwproducten (Instellingsbesluit akkerbouwproductschappen), met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W12.03.0490/IV
- Datum advies
- 11 december 2003
- Vindplaats
- Bijvoegsel Staatscourant 13 januari 2004, nr 7
- Sociale zaken en Werkgelegenheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Volledige tekst
Ontwerpbesluit houdende de instelling van een hoofdproductschap alsmede van productschappen voor ondernemingen op het gebied van de teelt van, de be- en verwerking van en de handel in akkerbouwproducten (Instellingsbesluit akkerbouwproductschappen), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 26 november 2003, no.03.004866 heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, mede namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Minister van Economische Zaken, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende de instelling van een hoofdproductschap alsmede van productschappen voor ondernemingen op het gebied van de teelt van, de be- en verwerking van en de handel in akkerbouwproducten (Instellingsbesluit akkerbouwproductschappen), met nota van toelichting.
In dit ontwerpbesluit worden het Hoofdproductschap Akkerbouw, het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten, het Productschap Diervoerder en het Productschap Wijn, ingesteld bij verordening van de Sociaal-Economische Raad van 20 juni 1997 (hierna: verordening SER), opnieuw ingesteld. Dit is nodig op grond van artikel XIV, tweede lid, van de wet van 3 april 1999 tot wijziging van de Wet op de bedrijfsorganisatie (Wet BO) en enige andere wetten (Wet van 3 april 1999). Dit artikel bepaalt dat uiterlijk binnen vier jaar na inwerkingtreding van die wet (dat was op 1 juli 1999) bedrijfslichamen moeten zijn ingesteld op de in artikel 67 van de Wet op de bedrijfsorganisatie voorziene wijze, te weten bij algemene maatregel van bestuur. Dit ontwerpbesluit strekt daartoe.
De Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt enkele opmerkingen over de tekst van het ontwerpbesluit. Hij is van oordeel dat in verband daarmee het ontwerpbesluit enige aanpassing behoeft.
1. Definities
Anders dan in de verordening SER, zijn de termen "akkerbouwgewassen", "gedestilleerde dranken", "landbouwzaaizaden", "wijn" en "wijnbouwproducten" in het ontwerpbesluit niet gedefinieerd. Teneinde duidelijkheid te geven over de werkingssfeer van het Hoofdproductschap Akkerbouw, het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten, en het Productschap Wijn verdient het aanbeveling de definities van deze termen in het besluit op te nemen.
De Raad adviseert dit alsnog te doen.
2. Overige opmerkingen
a. In artikel 8, tweede lid, onder a, zijn ondernemingen waarin azijn wordt bereid of verhandeld niet uitgezonderd. Dit was wel het geval in de verordening SER.
De Raad adviseert deze wijziging toe te lichten, dan wel het ontwerpbesluit aan te passen.
b. In artikel 12, tweede lid, onder b, wordt alleen nog genoemd de onderneming waarin diervoeder als bijproduct wordt verkregen. In de verordening SER was daarbij ook diervoeder dat als afvalproduct werd verkregen opgenomen.
De Raad adviseert deze wijziging toe te lichten, dan wel het voorstel aan te passen.
c. In artikel 21 is bepaald dat de zittingsperiode van het bestuur eindigt op 1 januari 2004. Hiermee wordt een zekere mate van synchronisatie van de zittingsduur van de bestuursleden nagestreefd. Gezien de te verwachten datum van inwerkingtreding van het onderhavige instellingsbesluit moet deze datum wellicht worden aangepast.
De Raad adviseert de datum van 1 januari 2004, indien dit vanwege de inwerkingtreding van het ontwerpbesluit noodzakelijk is, aan te passen.
3. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State van 11 december 2003, no. W12.03.0490/IV met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
Ontwerpbesluit
- In de aanhef "Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij" telkens vervangen door: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
- Teneinde de schrijfwijze in de Wet op de bedrijfsorganisatie en instellingsbesluiten uniform te houden in de artikelen 3, vierde lid, 8, derde lid, 12, derde lid, en 14, derde lid, "Den Haag" telkens vervangen door: ‘s-Gravenhage.
- In artikel 9, onder f, "voor ondernemingen op het gebied van de meelbe- en verwerkende industrie: " vervangen door: voor ondernemingen op het gebied van de meelbe- en verwerkende industrie: twee leden door organisaties van ondernemers.
- In artikel 9, onder vervanging van h., i., j., en k., door g., h., i., en j., onderdeel g. laten vervallen.
- In artikel 20, vierde lid, "het bij verordening van de raad van 20 juni 1007 ingestelde Productschap Diervoeder" vervangen door: het bij verordening van de raad van 20 juni 1997 ingestelde Productschap Diervoeder.
- In artikel 23 "Dit besluit wordt aangehaald als Instellingsbesluit Akkerbouwproductschappen" vervangen door: Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Akkerbouwproductschappen. (Aanwijzing 185 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.)
Nota van toelichting
- In het onderdeel Artikelen "Artikel 2, derde lid" vervangen door: Artikel 2, tweede lid.
Nader rapport (reactie op het advies) van 17 december 2003
Teneinde duidelijkheid te geven over de werkingssfeer van het besluit adviseert de Raad definities in het besluit op te nemen van de termen "akkerbouwgewassen", "gedestilleerde dranken", "landbouwzaaizaden", "wijn" en "wijnbouwproducten" . Dit advies is overgenomen.
De Raad adviseert enige toelichting te geven, dan wel het besluit aan te passen, op twee punten waar het besluit afwijkt van de verordening van de Sociaal-Economische Raad van 20 juni 1997 waarmee werd voorzien in de instelling van de betrokken productschappen. Dit advies is overgenomen in die zin dat in artikel 8, tweede lid, onder a ook ondernemingen waarin azijn wordt bereid of verhandeld worden uitgezonderd. Daarnaast is in de toelichting aandacht besteed aan het vervallen van ondernemingen waarin diervoeder als bijproduct wordt verkregen in artikel 12, tweede lid, onder b.
Conform het advies van de Raad is de datum van 1 januari 2004 in artikel 16 aangepast.
Behoudens enkele redactionele kanttekeningen, die in het besluit zijn verwerkt, kan de Raad van State zich overigens met het ontwerp verenigen.
Ik doe U hierbij, mede namens mijn ambtgenoot van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit, het ontwerpbesluit en de nota van toelichting toekomen en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
In dit ontwerpbesluit worden het Hoofdproductschap Akkerbouw, het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten, het Productschap Diervoerder en het Productschap Wijn, ingesteld bij verordening van de Sociaal-Economische Raad van 20 juni 1997 (hierna: verordening SER), opnieuw ingesteld. Dit is nodig op grond van artikel XIV, tweede lid, van de wet van 3 april 1999 tot wijziging van de Wet op de bedrijfsorganisatie (Wet BO) en enige andere wetten (Wet van 3 april 1999). Dit artikel bepaalt dat uiterlijk binnen vier jaar na inwerkingtreding van die wet (dat was op 1 juli 1999) bedrijfslichamen moeten zijn ingesteld op de in artikel 67 van de Wet op de bedrijfsorganisatie voorziene wijze, te weten bij algemene maatregel van bestuur. Dit ontwerpbesluit strekt daartoe.
De Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt enkele opmerkingen over de tekst van het ontwerpbesluit. Hij is van oordeel dat in verband daarmee het ontwerpbesluit enige aanpassing behoeft.
1. Definities
Anders dan in de verordening SER, zijn de termen "akkerbouwgewassen", "gedestilleerde dranken", "landbouwzaaizaden", "wijn" en "wijnbouwproducten" in het ontwerpbesluit niet gedefinieerd. Teneinde duidelijkheid te geven over de werkingssfeer van het Hoofdproductschap Akkerbouw, het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten, en het Productschap Wijn verdient het aanbeveling de definities van deze termen in het besluit op te nemen.
De Raad adviseert dit alsnog te doen.
2. Overige opmerkingen
a. In artikel 8, tweede lid, onder a, zijn ondernemingen waarin azijn wordt bereid of verhandeld niet uitgezonderd. Dit was wel het geval in de verordening SER.
De Raad adviseert deze wijziging toe te lichten, dan wel het ontwerpbesluit aan te passen.
b. In artikel 12, tweede lid, onder b, wordt alleen nog genoemd de onderneming waarin diervoeder als bijproduct wordt verkregen. In de verordening SER was daarbij ook diervoeder dat als afvalproduct werd verkregen opgenomen.
De Raad adviseert deze wijziging toe te lichten, dan wel het voorstel aan te passen.
c. In artikel 21 is bepaald dat de zittingsperiode van het bestuur eindigt op 1 januari 2004. Hiermee wordt een zekere mate van synchronisatie van de zittingsduur van de bestuursleden nagestreefd. Gezien de te verwachten datum van inwerkingtreding van het onderhavige instellingsbesluit moet deze datum wellicht worden aangepast.
De Raad adviseert de datum van 1 januari 2004, indien dit vanwege de inwerkingtreding van het ontwerpbesluit noodzakelijk is, aan te passen.
3. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State van 11 december 2003, no. W12.03.0490/IV met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
Ontwerpbesluit
- In de aanhef "Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij" telkens vervangen door: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
- Teneinde de schrijfwijze in de Wet op de bedrijfsorganisatie en instellingsbesluiten uniform te houden in de artikelen 3, vierde lid, 8, derde lid, 12, derde lid, en 14, derde lid, "Den Haag" telkens vervangen door: ‘s-Gravenhage.
- In artikel 9, onder f, "voor ondernemingen op het gebied van de meelbe- en verwerkende industrie: " vervangen door: voor ondernemingen op het gebied van de meelbe- en verwerkende industrie: twee leden door organisaties van ondernemers.
- In artikel 9, onder vervanging van h., i., j., en k., door g., h., i., en j., onderdeel g. laten vervallen.
- In artikel 20, vierde lid, "het bij verordening van de raad van 20 juni 1007 ingestelde Productschap Diervoeder" vervangen door: het bij verordening van de raad van 20 juni 1997 ingestelde Productschap Diervoeder.
- In artikel 23 "Dit besluit wordt aangehaald als Instellingsbesluit Akkerbouwproductschappen" vervangen door: Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Akkerbouwproductschappen. (Aanwijzing 185 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.)
Nota van toelichting
- In het onderdeel Artikelen "Artikel 2, derde lid" vervangen door: Artikel 2, tweede lid.
Nader rapport (reactie op het advies) van 17 december 2003
Teneinde duidelijkheid te geven over de werkingssfeer van het besluit adviseert de Raad definities in het besluit op te nemen van de termen "akkerbouwgewassen", "gedestilleerde dranken", "landbouwzaaizaden", "wijn" en "wijnbouwproducten" . Dit advies is overgenomen.
De Raad adviseert enige toelichting te geven, dan wel het besluit aan te passen, op twee punten waar het besluit afwijkt van de verordening van de Sociaal-Economische Raad van 20 juni 1997 waarmee werd voorzien in de instelling van de betrokken productschappen. Dit advies is overgenomen in die zin dat in artikel 8, tweede lid, onder a ook ondernemingen waarin azijn wordt bereid of verhandeld worden uitgezonderd. Daarnaast is in de toelichting aandacht besteed aan het vervallen van ondernemingen waarin diervoeder als bijproduct wordt verkregen in artikel 12, tweede lid, onder b.
Conform het advies van de Raad is de datum van 1 januari 2004 in artikel 16 aangepast.
Behoudens enkele redactionele kanttekeningen, die in het besluit zijn verwerkt, kan de Raad van State zich overigens met het ontwerp verenigen.
Ik doe U hierbij, mede namens mijn ambtgenoot van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit, het ontwerpbesluit en de nota van toelichting toekomen en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid