Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit begripsomschrijving prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie 1994 en het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag in verband met wijziging methode herziening bedragen kinderbijslag.
- Kenmerk
- W12.03.0290/IV
- Datum advies
- 15 augustus 2003
- Vindplaats
- Bijvoegsel Staatscourant 11 november 2003, nr 218
- Sociale zaken en Werkgelegenheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Volledige tekst
Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit begripsomschrijving prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie 1994 en het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag in verband met wijziging methode herziening bedragen kinderbijslag.
Bij Kabinetsmissive van 16 juli 2003, no.03.002974, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting tot wijziging van het Besluit begripsomschrijving prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie 1994 en het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag in verband met wijziging methode herziening bedragen kinderbijslag.
Het ontwerpbesluit strekt onder meer tot wijziging van artikel 10 van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag (hierna: het Besluit). De Raad van State maakt een opmerking over de voorgestelde verruiming van de subdelegatie in dit artikel. Hij is van oordeel dat het ontwerpbesluit in verband daarmee op dit punt nader dient te worden overwogen.
Artikel 10 van het Besluit strekt ter uitvoering van artikel 7, vierde lid, van de Algemene kinderbijslagwet (AKW). Daarin wordt bepaald dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels kunnen worden gesteld naar welke wordt beoordeeld of een kind in belangrijke mate of grotendeels door de verzekerde wordt onderhouden. Uit de memorie van toelichting bij dit artikel van de AKW blijkt als oogmerk dat de vaste bedragen voor het onderhoud van het kind en voor de inkomsten van het kind worden neergelegd in een algemene maatregel van bestuur, waarbij die algemene maatregel van bestuur de grondslag biedt voor periodieke indexering van deze bedragen bij ministeriële regeling.(zie noot 1) Het thans geldende eerste lid van artikel 10 van het Besluit is overeenkomstig het voorgaande geredigeerd.
Artikel II van het ontwerpbesluit betekent een aanmerkelijke verruiming van artikel 10, eerste lid, van het Besluit, doordat de subdelegatie, anders dan nu, niet langer gespecificeerd is tot aanpassing van de bedragen in verband met indexering, maar open is geformuleerd. Blijkens de nota van toelichting wordt hiermee beoogd de mogelijkheid te creëren voor een aanpassing van de in het Besluit genoemde bedragen "aan de hand van hiervoor door de Minister van SZW relevant geachte ontwikkelingen". De toelichting geeft geen inzicht in het soort ontwikkelingen waaraan in dit verband moet worden gedacht.
De Raad is van oordeel dat de subdelegatie in de voorgestelde bepaling verder gaat dan het door de wetgever in artikel 7, vierde lid, AKW bepaalde kader,
doordat deze subdelegatie niet langer beperkt is tot aanpassing van bedragen op grond van indexering, maar ook de mogelijkheid opent tot wijziging van de desbetreffende bedragen op grond van andere overwegingen. Hij is van oordeel dat indien behoefte bestaat aan die mogelijkheid, dit dient te worden geëffectueerd door aanpassing van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag zelf. Het college adviseert artikel II van het ontwerpbesluit gezien het voorgaande te heroverwegen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen geen besluit te nemen dan nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 25 september 2003
De Raad van State is van oordeel, dat het voorstel tot subdelegatie, omschreven in artikel ll van het ontwerpbesluit verder gaat dan het door de wetgever in artikel 7, vierde lid, van de AKW bepaalde kader. De Raad vindt, dat indien behoefte bestaat aan wijziging van de bedragen in het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag, op grond van andere overwegingen dan op grond van indexering, dit dient te worden geëffectueerd door aanpassing van genoemd besluit zelf.
De opmerkingen van de Raad hebben aanleiding gegeven artikel ll uit het oorspronkelijke ontwerpbesluit te verwijderen, evenals de hierop betrekking hebbende passages in de nota van toelichting.
Er is - omwille van de voortgang van de wijziging, omschreven in artikel I van het ontwerpbesluit - niet voor gekozen de bedragen in het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag bij gelegenheid van dit ontwerpbesluit te wijzigen.
De Raad heeft met betrekking tot artikel I van het ontwerpbesluit geen bedenkingen.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Staatssecretaris voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(1) Kamerstukken II 1993/94, 23 795, nr.3, blz..5 en 9. Overeenkomstig: de nota naar aanleiding van het verslag, Kamerstukken II 1994/95, 23 795, nr.5, blz.6.
Het ontwerpbesluit strekt onder meer tot wijziging van artikel 10 van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag (hierna: het Besluit). De Raad van State maakt een opmerking over de voorgestelde verruiming van de subdelegatie in dit artikel. Hij is van oordeel dat het ontwerpbesluit in verband daarmee op dit punt nader dient te worden overwogen.
Artikel 10 van het Besluit strekt ter uitvoering van artikel 7, vierde lid, van de Algemene kinderbijslagwet (AKW). Daarin wordt bepaald dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels kunnen worden gesteld naar welke wordt beoordeeld of een kind in belangrijke mate of grotendeels door de verzekerde wordt onderhouden. Uit de memorie van toelichting bij dit artikel van de AKW blijkt als oogmerk dat de vaste bedragen voor het onderhoud van het kind en voor de inkomsten van het kind worden neergelegd in een algemene maatregel van bestuur, waarbij die algemene maatregel van bestuur de grondslag biedt voor periodieke indexering van deze bedragen bij ministeriële regeling.(zie noot 1) Het thans geldende eerste lid van artikel 10 van het Besluit is overeenkomstig het voorgaande geredigeerd.
Artikel II van het ontwerpbesluit betekent een aanmerkelijke verruiming van artikel 10, eerste lid, van het Besluit, doordat de subdelegatie, anders dan nu, niet langer gespecificeerd is tot aanpassing van de bedragen in verband met indexering, maar open is geformuleerd. Blijkens de nota van toelichting wordt hiermee beoogd de mogelijkheid te creëren voor een aanpassing van de in het Besluit genoemde bedragen "aan de hand van hiervoor door de Minister van SZW relevant geachte ontwikkelingen". De toelichting geeft geen inzicht in het soort ontwikkelingen waaraan in dit verband moet worden gedacht.
De Raad is van oordeel dat de subdelegatie in de voorgestelde bepaling verder gaat dan het door de wetgever in artikel 7, vierde lid, AKW bepaalde kader,
doordat deze subdelegatie niet langer beperkt is tot aanpassing van bedragen op grond van indexering, maar ook de mogelijkheid opent tot wijziging van de desbetreffende bedragen op grond van andere overwegingen. Hij is van oordeel dat indien behoefte bestaat aan die mogelijkheid, dit dient te worden geëffectueerd door aanpassing van het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag zelf. Het college adviseert artikel II van het ontwerpbesluit gezien het voorgaande te heroverwegen.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen geen besluit te nemen dan nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 25 september 2003
De Raad van State is van oordeel, dat het voorstel tot subdelegatie, omschreven in artikel ll van het ontwerpbesluit verder gaat dan het door de wetgever in artikel 7, vierde lid, van de AKW bepaalde kader. De Raad vindt, dat indien behoefte bestaat aan wijziging van de bedragen in het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag, op grond van andere overwegingen dan op grond van indexering, dit dient te worden geëffectueerd door aanpassing van genoemd besluit zelf.
De opmerkingen van de Raad hebben aanleiding gegeven artikel ll uit het oorspronkelijke ontwerpbesluit te verwijderen, evenals de hierop betrekking hebbende passages in de nota van toelichting.
Er is - omwille van de voortgang van de wijziging, omschreven in artikel I van het ontwerpbesluit - niet voor gekozen de bedragen in het Besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag bij gelegenheid van dit ontwerpbesluit te wijzigen.
De Raad heeft met betrekking tot artikel I van het ontwerpbesluit geen bedenkingen.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Staatssecretaris voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
(1) Kamerstukken II 1993/94, 23 795, nr.3, blz..5 en 9. Overeenkomstig: de nota naar aanleiding van het verslag, Kamerstukken II 1994/95, 23 795, nr.5, blz.6.