Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W02.26.00233/II

Verdrag inzake exportcontrole in het defensiedomein.

Kenmerk
W02.26.00233/II
Datum aanhangig
16 juli 2026
Datum vastgesteld
7 oktober 2026
Datum advies
7 oktober 2026
Datum publicatie
12 oktober 2026
Vindplaats
Website Raad van State
  • Buitenlandse zaken
  • Verdrag

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Bij Kabinetsmissive van 16 juli 2026, no.2026001607, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet houdende goedkeuring van het op 17 september 2021 te Parijs tot stand gekomen Verdrag inzake exportcontrole in het defensiedomein (Trb. 2026, 19), met memorie van toelichting.

Het Verdrag regelt dat wanneer defensiematerieel tussen de verdragsstaten wordt verhandeld, de verdragsstaten vertrouwen op elkaars exportcontrole ten aanzien van eventuele doorvoer van een eindproduct naar een volgend, derde land. (zie noot 1) Zij verrichten die exportcontrole dus niet meer zelf, wanneer zij vergunningen afgeven voor export naar andere verdragsstaten. (zie noot 2) Alleen ‘in uitzonderlijke gevallen’ staat het Verdrag een uitzondering toe op dit interstatelijk vertrouwen, namelijk wanneer een voorgenomen export schadelijk is voor de ‘directe belangen of de nationale veiligheid’ van een verdragsstaat.

De bepalingen uit het Verdrag waarin dit interstatelijk vertrouwen is neergelegd, hebben volgens de toelichting bij het wetsvoorstel geen eenieder verbindende werking. Zij zijn volgens de regering alleen bedoeld om het Koninkrijk te binden ten opzichte van de andere verdragsstaten. (zie noot 3)

De Afdeling advisering van de Raad van State kan deze redenering volgen waar het gaat om artikel 1 en 2 van het Verdrag. Die bepalingen zijn expliciet gericht tot de verdragsstaten in hun onderlinge verhouding, en bevatten een mechanisme op basis waarvan eventuele bezwaren tegen export op diplomatiek niveau worden afgehandeld.

De Afdeling merkt echter op dat artikel 3 van het Verdrag, dat geldt voor defensiegerelateerde producten die buiten het toepassingsgebied van artikel 1 en 2 vallen, anders is geformuleerd. Wanneer aan de vereisten uit die bepaling wordt voldaan, geven de verdragsstaten ‘onverwijld de overeenkomstige uitvoer-, overdrachts- of wederuitvoervergunningen af’, behalve in de hierboven genoemde uitzonderlijke gevallen.

Het is de vraag of deze formulering niet dermate onvoorwaardelijk en nauwkeurig is dat private partijen, zoals producenten van defensiegerelateerde producten, er rechten aan kunnen ontlenen in een procedure over een vergunningaanvraag. (zie noot 4) Bijvoorbeeld wanneer een uitvoervergunning uitblijft of wordt geweigerd om een andere reden dan ‘directe belangen of de nationale veiligheid’.

De Afdeling adviseert om deze vraag te beantwoorden in de toelichting bij het wetsvoorstel.

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een opmerking bij het voorstel en adviseert daarmee rekening te houden voordat het voorstel bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal wordt ingediend.

De vice-president van de Raad van State

Voetnoten

(1) Voor de materiële criteria, zie het VN-Wapenhandelsverdrag en Gemeenschappelijk standpunt 2008/944/GBVB van de Raad van 8 december 2008 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor de controle op de uitvoer van militaire goederen en technologie.
(2) Dit bevordert volgens de regering de Europese defensiesamenwerking, in het bijzonder de gezamenlijke ontwikkeling en productie van defensiematerieel. Zie toelichting bij het wetsvoorstel, paragraaf 2, ‘Aanleiding van toetreding tot het Verdrag’.
(3) Toelichting bij het wetsvoorstel, paragraaf 5, ‘Een ieder verbindende verdragsbepalingen’.
(4) Zie HR 10 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2928, onder 3.5.2-3.5.3 (Rookverbod).


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon