Warenwetbesluit machines 2026.
- Kenmerk
- W12.26.00150/III
- Datum aanhangig
- 3 juni 2026
- Datum vastgesteld
- 8 juli 2026
- Datum advies
- 8 juli 2026
- Datum publicatie
- 13 juli 2026
- Vindplaats
- Staatscourant 2026, 33267
- Sociale zaken en Werkgelegenheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 3 juni 2026, no.2026001189, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Werk en Participatie, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende de vaststelling van regels in verband met de uitvoering van Verordening (EU) 2023/1230 betreffende machines en keuringen van arbeidsmiddelen (Warenwetbesluit machines 2026), met nota van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 4 september 2026
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om een aantal beperkte wijzigingen door te voeren in het ontwerpbesluit en enkele aanpassingen in de nota van toelichting:
- Aan artikel 1 is de begripsbepaling van ‘niet voltooide machine’ toegevoegd.
- Bij de verplichtingen voor marktdeelnemers en EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties zijn enkele omissies hersteld. De verplichtingen van artikel 18 van de verordening bij substantiële wijziging van een machine zijn ook van toepassing op distributeurs. Artikel 4, tweede lid, van het besluit is daarom van overeenkomstige toepassing gemaakt op distributeurs.
- Artikel 8. ‘EU-conformiteitsbeoordeling – aanvraag, beoordeling, verklaring en intrekking’ van het ontwerpbesluit was bij nader inzien niet noodzakelijk voor de uitvoering van de verordening. Dit artikel is daarom komen te vervallen.
- Om aangewezen te worden als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie moet de instantie voldoen aan de eisen zoals opgenomen in artikel 8, tweede lid, van het besluit. Hierin waren per abuis ook verplichtingen opgenomen die pas gelden na aanwijzing als aangemelde instantie. Artikel 38 tot en met 40 van de verordening zijn daarom uit artikel 8, tweede lid, van het besluit gehaald. In artikel 9, tweede lid, onder c, van het besluit was al de mogelijkheid opgenomen om de aanwijzing als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie te schorsen, te wijzigen of in te trekken als niet wordt voldaan aan de wettelijke verplichtingen. Daar is expliciet aan toegevoegd dat ook het niet nakomen van de verplichtingen uit de verordening grond is voor het schorsen, wijzigen of intrekken van een aanwijzing. Op die manier kan worden gehandhaafd op het moment dat een EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie de operationele verplichtingen, zoals artikel 38 tot en met 40, van de verordening niet nakomt.
- In hoofdstuk 3. Gebruik en keuring zijn enkele artikelen opgesplitst in meerdere artikelen om de leesbaarheid te vergroten. Inhoudelijk zijn hier geen wijzigingen mee beoogd. Wat inhoudelijk wel is gewijzigd is de mogelijkheid om de documenten die in de nabijheid van de kraan of het hijs- of hefwerktuig voor beroepsmatig personenvervoer aanwezig moeten zijn, op digitale wijze ter beschikking te stellen.
- Om EU-conformiteitsbeoordelingsinstanties de gelegenheid te geven zich voor 20 januari 2027 te laten aanwijzen als aangemelde instantie onder de Machineverordening, is de inwerkingtredingsbepaling aangepast. De bepalingen die zien op de aanwijzing als EU-conformiteitsbeoordelingsinstantie treden nu in werking met ingang van de dag na de bekendmaking van het besluit. Voor het overige blijft het moment van inwerkingtreding 20 januari 2027.
- In het aan de Afdeling voorgelegde ontwerpbesluit zat al een expliciete mogelijkheid om het zogenoemde kraanboek digitaal beschikbaar te hebben in plaats van altijd fysiek. Dit wordt nu ook expliciet mogelijk gemaakt voor het hijs- en hefwerktuigenboek en het liftenboek. Hetzelfde geldt voor de certificaten van goedkeuring van deze producten.
Bovenstaande aanpassingen hebben geleid tot hernummering van dit besluit. Tot slot zijn er enkele redactionele verbeteringen doorgevoerd in de nota van toelichting en de transponeringstabel.
Ik bied U hierbij het ontwerpbesluit en de nota van toelichting aan en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Werk en Participatie