Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht in verband met de invoering van beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen besluiten met betrekking tot de luchthavens Schiphol, Lelystad en Rotterdam en de militaire luchthaven Eindhoven en van de Wet luchtvaart.
- Kenmerk
- W17.24.00087/IV
- Datum aanhangig
- 22 april 2024
- Datum vastgesteld
- 22 mei 2024
- Datum advies
- 22 mei 2024
- Datum publicatie
- 27 mei 2024
- Vindplaats
- Kamerstukken II 2023/24, 36581, nr. 4
- Infrastructuur en Waterstaat
- Wet
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 22 april 2024, no.2024001005, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, mede namens de Staatssecretaris van Defensie, de Minister voor Rechtsbescherming en de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht in verband met de invoering van beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen besluiten met betrekking tot de luchthavens Schiphol, Lelystad en Rotterdam en de militaire luchthaven Eindhoven en van de Wet luchtvaart in verband met de vantoepassingverklaring van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht op besluiten met betrekking tot de luchthaven Schiphol, de luchthavens van nationale betekenis en militaire luchthavens, met memorie van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen bij het voorstel en adviseert het voorstel bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal in te dienen.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 17 juni 2024
Het voorstel geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om nog een wetstechnische correctie aan te brengen in het voorstel van wet. In artikel 5.10, derde lid, van de Wet luchtvaart wordt bij de aanduiding van provinciale stiltegebieden thans nog verwezen naar artikel 1.2, tweede lid, onder b, van de Wet milieubeheer. Dit artikelonderdeel is echter bij inwerkingtreding van de Invoeringswet Omgevingswet op 1 januari 2024 vervallen. Met artikel II, onderdeel A, van dit voorstel van wet wordt de verwijzing in artikel 5.10, derde lid, van de Wet luchtvaart gecorrigeerd.
Ook is van de gelegenheid gebruik gemaakt om nog enkele tekstuele aanvullingen door te voeren in de memorie van toelichting.
Ik moge U, mede namens mijn ambtgenoot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de Minister voor Rechtsbescherming en de Staatssecretaris van Defensie verzoeken het hierbij gevoegde (gewijzigde) voorstel van wet en de (gewijzigde) memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT