Wijziging van artikel 16 van de Wet op de huurtoeslag (verlaging basishuur).
- Kenmerk
- W04.22.00180/I
- Datum aanhangig
- 29 november 2022
- Datum vastgesteld
- 14 december 2022
- Datum advies
- 14 december 2022
- Datum publicatie
- 19 december 2022
- Vindplaats
- Website Raad van State
- Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 29 november 2022, no.2022002622, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van artikel 16 van de Wet op de huurtoeslag (verlaging basishuur), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit verlaagt de eigen bijdrage van huurders die huursubsidie ontvangen, de zogeheten basishuur, door de opslag op € 0,00 te stellen. Op dit moment bedraagt deze opslag € 16,94 per maand. Deze maatregel beoogt de koopkracht te verbeteren en heeft tot gevolg dat de rijksuitgaven voor de huurtoeslag structureel met € 299 miljoen stijgen.
De Afdeling advisering van de Raad van State begrijpt dat de regering maatregelen treft voor huishoudens die door de hoge inflatie krap bij kas zitten. Zij merkt echter op dat de nu voorgestelde maatregel niet wordt geplaatst in de context van de andere maatregelen die daarmee samenhangen. Te denken valt aan de diverse koopkrachtmaatregelen zoals het wetsvoorstel tot structurele verlaging van de huren van woningen die verhuurd worden door woningcorporaties. (zie noot 1) Ook kan gewezen worden op het wetsvoorstel tot aanpassing van het stelsel van huurtoeslag, dat een verhoging van het inkomensafhankelijke deel van de eigen bijdrage bevat als dekking voor de extra kosten van het voorstel. (zie noot 2)
Dit roept de vraag op hoe deze maatregelen zich onderling verhouden en wat, per saldo, het effect is voor huurders die onder deze maatregelen vallen. Ook is de vraag relevant hoe de diverse maatregelen, in samenhang bezien, uitpakken voor de rijksbegroting. (zie noot 3) Zo zorgt de structurele verlaging van de huren in de corporatiesector voor een besparing op de huurtoeslag terwijl de voorgenomen stelselwijziging van de huurtoeslag een tegengesteld effect heeft door de grotere instroom van huurtoeslagontvangers. De toelichting gaat hier niet op in.
De Afdeling adviseert in de nota van toelichting uiteen te zetten hoe de verschillende huur-maatregelen op elkaar inwerken en wat daarvan, per saldo, de gevolgen zijn voor huurders en voor de overheidsfinanciën.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een opmerking bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 19 december 2022
In 2023 zullen vrijwel alle huurtoeslagontvangers profiteren van deze verlaging van de basishuur (eigen bijdrage). Daarnaast zal een deel van de huurders in een corporatiewoning in aanmerking komen voor een huurverlaging. Dit zullen, vanwege het inkomensbereik van die maatregel, doorgaans ook huurtoeslagontvangers zijn. Hoewel de huurtoeslag van deze huurders ook lager wordt als gevolg van de huurverlaging, zullen zij er per saldo altijd op vooruit gaan, gemiddeld €23 na aftrek van de lagere huurtoeslag. Daarnaast zullen zij er dus ook 16,94 per maand op vooruit gaan door de lagere eigen bijdrage van de huurtoeslag in het voorgestelde besluit. Huurders die ook de huurverlaging krijgen zullen er dus gemiddeld ca. €40 op vooruit gaan. Vanaf 2024 is daarnaast een hervorming van de huurtoeslag beoogd. Hoe dit pakket aan maatregelen voor huurtoeslagontvangers uitpakt, is inclusief de doorwerking van de huurverlaging, in de Memorie van Toelichting op dat wetsvoorstel beschreven. Deze effecten veranderen niet als gevolg van de in dit besluit voorgestelde verhoging van de huurtoeslag.
De huurverlaging leidt in 2023 tot een besparing op de huurtoeslag van € 114 miljoen, doordat minder huurtoeslag wordt uitgekeerd over deze lagere huren. Deze besparing is ingezet als gedeeltelijke dekking voor de verhoging van de huurtoeslag, die € 299 miljoen kost. Per saldo kost deze maatregel dus € 185 miljoen op de rijksbegroting.
De nota van toelichting is op dit punt aangevuld.
Ik bied U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting aan en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Voetnoten
(1) Advies van de Afdeling advisering van de Raad van State, wijziging van de Woningwet (huurverlaging 2023 voor huurders met lager inkomen), advies W04.22.0184/I, vastgesteld 2 november 2022.
(2) Wijziging van de Wet op de huurtoeslag en enige andere wetten (hervorming van de huurtoeslag). Dit wetsvoorstel ligt nu ter advisering voor bij de Afdeling advisering.
(3) Comptabiliteitswet 2016, artikel 3.1 onder c.