Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W04.99.0581/I

Voorlichting inzake de stimulering van bedrijvigheid door middel van de gemeentelijke onroerende-zaakbelastingen.

Kenmerk
W04.99.0581/I
Datum aanhangig
15 november 1999
Datum vastgesteld
31 januari 2000
Datum advies
31 januari 2000
Datum publicatie
16 juni 2022
Vindplaats
Website Raad van State
  • Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties
  • Voorlichting

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Voorlichting door afdeling I van de Raad van State over de stimulering van bedrijvigheid door middel van de gemeentelijke onroerende-zaakbelastingen, naar aanleiding van het verzoek van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties overeenkomstig artikel 18, tweede lid, van de Wet op de Raad van State.

1. Dit verzoek om voorlichting betreft een aantal fiscaal-juridische vragen bij het voornemen om tariefdifferentiaties in de onroerende-zaakbelastingen (OZB) in te voeren om in bepaalde (stedelijke) gebieden de lokale bedrijvigheid te stimuleren. Afdeling I van de Raad van State zal in het navolgende ingaan op de problematiek van fiscale subsidies, alsmede op enkele aspecten, te weten het gelijkheidsbeginsel en staatssteun.

2. De Raad van State heeft reeds meermalen geadviseerd over fiscale subsidies (belastinguitgaven), in het bijzonder met betrekking tot de rijksbelastingen.

Hoewel de Raad het instrument als zodanig niet zonder meer afwijst, heeft het college gewezen op de spanningen die het opnemen van deze fiscale subsidies met het desbetreffende stelsel waarin deze worden opgenomen, oproepen. Deze spanningen kunnen worden verminderd indien de belastinguitgaven duidelijk zijn aangemerkt als fiscale subsidies.

3. De toetsing aan het gelijkheidsbeginsel speelt bij fiscale subsidies een belangrijke rol. Bij de belastingheffing staat voorop dat iedere belastingplichtige onder gelijke omstandigheden op gelijke wijze in de belastingheffing behoort te worden betrokken. Op het terrein van belastingen mogen geen voorrechten worden verleend. Dit uitgangspunt is verzekerd door internationale verdragen die discriminatie verbieden, en waarvan de werking door de Hoge Raad op het terrein van de belastingheffing wordt verzekerd. Subsidiëring staat haaks op gelijkberechtiging, omdat een ongelijkheid wordt gecreëerd met het oog op het bereiken van een niet-fiscaal doel. Zolang duidelijk is dat een bepaalde regeling moet worden aangemerkt als een fiscale subsidie en niet in overeenstemming is met de primaire heffingsstructuur van de wet, kan de (rechterlijke) toetsing van de toepassing van de regeling plaatsvinden binnen het ‘subsidieregime”. Steeds zal duidelijk kenbaar dienen te zijn of een bepaalde faciliteit wel of niet tot de primaire heffingsstructuur moet worden gerekend.

Met inachtneming van het voorgaande biedt de OZB volgens afdeling I in beginsel voldoende ruimte om op gemeentelijk niveau het instrument van fiscale subsidies te hanteren.

4. Ook binnen het kader van het fiscale “subsidieregime’ zoals hiervoor aar de orde is gesteld, moet rekening worden gehouden met toetsing aan het gelijkheidsbeginsel. Een ongelijke behandeling van gelijke gevallen wordt door artikel 26 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en artikel 14 van het Europese Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden slechts verboden als daarvoor niet een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat, of, anders gezegd, indien daarmee niet een gerechtvaardigd doel wordt nagestreefd en indien er voorts niet een redelijke verhouding bestaat tussen het verschil in behandeling en het doel dat wordt nagestreefd. Daarbij komt aan de wetgever een zekere beoordelingsvrijheid toe bij het beantwoorden van de vraag of gevallen voor de toepassing van deze verdragen als gelijk moeten worden beschouwd en of, in het bevestigende geval, een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat om die gevallen niettemin in verschillende zin te regelen.

5. Tot slot zij erop gewezen dat bij fiscale stimuleringsmaatregelen als die, welke thans aan de orde zijn, rekening moet worden gehouden met de regels inzake staatssteun, die in de artikelen 87 en 88 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (hierna: EG-verdrag) zijn neergelegd. Dat regime is van toepassing indien sprake is van maatregelen van de staten (of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd), die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde producties vervalsen of dreigen te vervalsen.

Steunmaatregelen zijn onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt, voor zover deze steun het handelsverkeer tussen de lidstaten ongunstig beïnvloedt. Indien sprake is van een steunmaatregel dient het voornemen daartoe ingevolge artikel 88 van het EG-Verdrag te worden aangemeld bij de Europese Commissie. De maatregel mag niet ten uitvoer worden gelegd zolang deze niet is goedgekeurd door de Europese Commissie.

Van een meer concrete beantwoording van de voorgelegde vragen heeft de afdeling afgezien nu die vragen mogelijk onderwerp zullen zijn van een procedure voor de belastingrechter.


Vragen inzake de stimulering van bedrijvigheid door middel van de gemeentelijke onroerende- zaakbelastingen.

1. De Gemeentewet biedt vanaf 1997 de gemeenten de mogelijkheid om in de OZB een tariefdifferent iatie toe te passen voor woningen en niet-woningen met een maximale bandbreedte groot 20% Tegen deze dooi een gemeente toegepaste tariefdifferentiatie is op dit moment een belasting(proef)procedure aanhangig. De partij die deze procedure heeft aangespannen steil dat sprake is van strijd met artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en van schending van artikel 14 van het Europese verdrag tot bescherming van de rechten .van de mens en de fundamentele vrijheden (betreft discriminatieverbod/gelijkheidsbeginsel). Lijkt het in een eventuele procedure voor de belastingrechter verdedigbaar, met name gelet op het gelijkheidsbeginsel, om naast de bestaande tariefdifferentiatie tevens een tariefdifferentiatie in de Gemeentewet op te nemen die aansluit bij een bepaald gebied binnen de gemeente (bijvoorbeeld een door het rijk als zodanig aangewezen bedrijfsstimuleringsgebied)?

2. Is voornoemde tariefdifferentiatie ook voorstelbaar voor een nader door de gemeente (in plaats van door het rijk) vast te stellen gebied?

3. Is het bij introductie van zo’n tariefdifferentiatie van belang deze te maximeren door middel van het vaststellen van een bandbreedte waarbinnen de tarieven zich mogen bewegen?

4. Lijkt het in een eventuele procedure voor de belastingrechter verdedigbaar om binnen een dergelijk gebied verder te differentiëren naar het type object (bijvoorbeeld woning vs. niet-woning of commerciële versus niet-commerciële niet-woningen?

5. Is het mogelijk om de hiervoor bedoelde tariefdifferentiatie naar gebied toe te passen met een maximale bandbreedte van 100% met andere woorden zou voor een bepaald gebied binnen de gemeente besloten kunnen worden tot het vrijstellen van OZB?

6. Heeft het al dan niet permanente karakter van zo’n differentiatie invloed op de fiscaal-juridische haalbaarheid van een wettelijke regeling in een procedure voor de belastingrechter?


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon