Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202600255/2/R3

Uitspraak 202600255/2/R3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1435
Datum uitspraak
10 maart 2026
Inhoudsindicatie
Het verzoek om een voorlopige voorziening van [verzoeker] richt zich tegen het besluit van het college van gedeputeerde staten van Drenthe van 16 december 2025. Met dat besluit heeft het college aan de raad een aanwijzing gegeven als bedoeld in artikel 3.8, zesde lid, van de Wet ruimtelijke ordening (de reactieve aanwijzing). De reactieve aanwijzing heeft betrekking op het bestemmingsplan "Middenweg Donderen", dat door de raad bij besluit van 10 november 2025 is vastgesteld. De aanwijzing bepaalt dat het onderdeel van het bestemmingsplan als neergelegd in artikel 3 "Woongebied" geen deel uit blijft maken van het bestemmingsplan.
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Drenthe

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202600255/2/R3.
Datum uitspraak: 10 maart 2026

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend in [woonplaats],
verzoeker,

en

het college van gedeputeerde staten van Drenthe,
verweerder.

Openbare zitting gehouden op 10 maart 2026 om 11:00 uur.

Tegenwoordig:
Staatsraad mr. N.H. van den Biggelaar, voorzieningenrechter
griffier: mr. L. Brouwers

Verschenen:
[verzoeker];
Het college, vertegenwoordigd door G.D.R. Lenstra-Verweij, L. Bierhof en G.C. van den Berg;
De raad van de gemeente Tynaarlo, vertegenwoordigd door mr. M.J.F. Nuijens en mr. B.M. Stuart, beiden advocaat in Groningen;
[partij A] en [partij B], bijgestaan door mr. M.J. Smaling, rechtsbijstandverlener in Utrecht.

Het verzoek om een voorlopige voorziening van [verzoeker] richt zich tegen het besluit van het college van 16 december 2025. Met dat besluit heeft het college aan de raad een aanwijzing gegeven als bedoeld in artikel 3.8, zesde lid, van de Wet ruimtelijke ordening (de reactieve aanwijzing). De reactieve aanwijzing heeft betrekking op het bestemmingsplan "Middenweg Donderen", dat door de raad bij besluit van 10 november 2025 is vastgesteld. De aanwijzing bepaalt dat het onderdeel van het bestemmingsplan als neergelegd in artikel 3 "Woongebied" geen deel uit blijft maken van het bestemmingsplan.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Gronden

Met de reactieve aanwijzing is de mogelijkheid voor de bouw van een nieuwe woning uit het bestemmingsplan gehaald. De reactieve aanwijzing belemmert daarmee de voortgang van de beoogde bouw. Als een uitspraak in de hoofdzaak zou moeten worden afgewacht ontstaat volgens [verzoeker] daardoor een zodanige vertraging dat dit leidt tot aanzienlijke financiële schade. Daardoor komt de uitvoerbaarheid van de bouw van de woning volgens [verzoeker] onder druk te staan.

Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is sprake van een spoedeisend belang bij de door [verzoeker] gevraagde voorlopige voorziening.

Onder de gegeven omstandigheden hecht de voorzieningenrechter echter meer waarde aan het voorkomen van mogelijk onomkeerbare gevolgen die schorsing van de reactieve aanwijzing tot gevolg kan hebben, dan aan de in belangrijke mate financiële belangen van [verzoeker]. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af. Daartoe overweegt de voorzieningenrechter als volgt.

Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen is het schorsen van een reactieve aanwijzing verstrekkend. Daarna kan het bestemmingsplan namelijk bekend worden gemaakt en in werking treden. Op basis van het bestemmingsplan kunnen dan omgevingsvergunningen voor bouwen worden verleend. Als de bestreden reactieve aanwijzing in de bodemprocedure vervolgens in stand wordt gelaten, kan die uitkomst mogelijk niet meer van betekenis zijn voor de uitkomst van eventuele procedures tegen de intussen verleende omgevingsvergunningen voor het bouwen. Daarmee kan het schorsen van de reactieve aanwijzing tot onomkeerbare gevolgen leiden.

Daarom bestaat er alleen aanleiding voor een schorsing als op voorhand duidelijk is dat de reactieve aanwijzing in de hoofdzaak niet in stand zal blijven. De voorzieningenrechter verwijst hiervoor naar de uitspraak van de Afdeling van 11 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:532, onder 8 en haar uitspraak van 6 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1551, onder 5.

[verzoeker] betoogt dat het college ten onrechte tot de conclusie is gekomen dat provinciale belangen het met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken om een reactieve aanwijzing te geven. Het college heeft volgens [verzoeker] ten onrechte aan de reactieve aanwijzing ten grondslag gelegd dat de voorziene bouw van de woning een significante aantasting oplevert van de cultuurhistorische kernkwaliteiten. Daarom kon het college volgens [verzoeker] niet tot de conclusie komen dat het bestemmingsplan is vastgesteld in strijd met artikel 2.6 van de Provinciale Omgevingsverordening Drenthe 2018 (de omgevingsverordening).

Het college heeft de bevoegdheid een reactieve aanwijzing te geven die het voor de bescherming van provinciale belangen met het oog op een goede ruimtelijke ordening nodig vindt. Het college zal doorgaans een noodzaak mogen aannemen als een bestemmingsplan in strijd met de omgevingsverordening is vastgesteld. Artikel 2.6, tweede lid, onder b, van de omgevingsverordening bepaalt dat een ruimtelijk plan geen activiteiten mogelijk maakt die de kernkwaliteiten die zijn aangewezen significant aantasten. Voor het plangebied is een cultuurhistorische kernkwaliteit aangewezen. Het plangebied maakt namelijk onderdeel uit van de cultuurhistorische hoofdstructuur. Dit blijkt uit kaart D6 bij de omgevingsverordening.

Daarom zal beoordeeld moeten worden of het bestemmingsplan de aangewezen cultuurhistorische kernkwaliteit significant aantast. Uit de toelichting bij de omgevingsverordening blijkt dat daarvoor een nadere bestudering nodig is van de provinciale Omgevingsvisie en het Cultuurhistorisch Kompas. De voorzieningenrechter ziet in wat daarover is aangevoerd, en in wat [verzoeker] verder heeft aangevoerd, onvoldoende grond om op voorhand duidelijk te achten dat de reactieve aanwijzing in de bodemprocedure niet in stand zal kunnen blijven. Het feit dat sommige aspecten nog nadere opheldering vereisen in de bodemprocedure, leidt niet tot een ander oordeel. Het verzoek wordt daarom afgewezen.

De voorzieningenrechter wijst er hierbij op dat dit oordeel een voorlopig karakter heeft en niet bindend is in de bodemprocedure.

w.g. Van den Biggelaar
voorzieningenrechter

w.g. Brouwers
griffier

1080


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon