Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 125.742
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202503777/1/A2

Bij e-mail van 8 april 2025 heeft het hoofd Onderwijs en Studentenzaken Rechtsgeleerdheid van de faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie van de Universiteit Utrecht medegedeeld dat [appellante] voor het contact met de studieadviseurs slechts gebruik mag maken van één specifiek e-mailadres. De vraag die in deze procedure voorligt, is of de e-mail van 8 april 2025 een beslissing op grond van de Whw is waartegen [appellante] bezwaar kon maken bij het college. In de e-mail van 8 april 2025 heeft het hoofd Onderwijs en Studentenzaken Rechtsgeleerdheid medegedeeld dat [appellante] voor het contact met de studieadviseurs slechts gebruik mag maken van één specifiek e-mailadres. [appellante] betoogt dat de e-mail van 8 april 2025 het karakter heeft van een ordemaatregel in de zin van artikel 7.57h, eerste lid, van de Whw. De opgelegde communicatiebeperking is blijkens de bewoordingen van die e-mail gericht op het handhaven van orde en veiligheid binnen de faculteit. Die ordemaatregel heeft volgens [appellante] het rechtsgevolg dat haar recht op reguliere studiebegeleiding wordt ingeperkt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5596
Datum uitspraak
19 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503777/1/A2

202400877/1/V3

Bij besluit van 31 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5552
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202400877/1/V3

202401052/1/V3.

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om haar een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5551
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202401052/1/V3.

202504275/1/V1

Bij besluit van 7 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5565
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202504275/1/V1

202504339/2/R4

Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Nijkerk het bestemmingsplan "5e Herziening Bestemmingsplan Buitengebied Nijkerk 2017, Veegplan 2" vastgesteld. Het plangebied van het bestemmingsplan, voor zover van belang, maakt onderdeel uit van het Natura 2000-gebied "Arkemheen". Het relevante plangebied heeft de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurwaarden" die afwisselend overlapt met een of meerdere van de volgende gebiedsaanduidingen: "milieuzone - hydrologische beschermingszone", "overige zone - polderlandschap", "overige zone - natura 2000-gebied", "overige zone - gelders natuurnetwerk" en "overige zone - weidevogelgebied". In het voorgaande bestemmingsplan "Buitengebied Nijkerk 2017, Veegplan 2" gold ter plaatse van deze gebiedsaanduidingen een verbod op scheuren en frezen voor graslandvernieuwing of gold een vergunningplicht voor deze activiteit. Het bestemmingsplan past deze regels aan door het scheur- en freesverbod en de vergunningplicht af te schaffen en ter plaatse van de gebiedsaanduiding "overige zone-weidevogelgebied" een meldingsplicht met voorwaarden in te voeren. Verder maakt het plan mogelijk dat overal binnen de bestemming "Agrarisch met waarden - Landschappelijke en natuurwaarden" kan worden doorgezaaid in de bodem tot maximaal 15 cm onder het bestaande maaiveld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5566
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202504339/2/R4

BRS.25.000364

Bij besluit van 18 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5525
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000364

BRS.25.001500

Bij besluit van 14 september 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5534
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001500

202307314/2/A2

Ten aanzien van zaak nr. 202307314/1/A2, die op 24 november 2025 op zitting zal worden behandeld, heeft mr. J. Hoekstra, als lid van de meervoudige kamer belast met de behandeling van deze zaak, op 17 november 2025 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen. De staatsraad heeft te kennen gegeven dat hij bij de voorbereiding van deze zaak heeft geconstateerd dat de minister van Defensie een van de partijen is. De staatsraad is voorzitter van de klachtencommissie politietaken Koninklijke Marechaussee/krijgsmacht. De Koninklijke Marechaussee is een onderdeel van het Ministerie van Defensie. Om iedere schijn van vooringenomenheid bij de behandeling van deze zaak te voorkomen, heeft de staatsraad verzocht zich te mogen verschonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5564
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Verschoning
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202307314/2/A2

202500026/1/A2

Het hoger beroep richt zich tegen de uitspraak van 9 december 2024 van de rechtbank Amsterdam waarbij de rechtbank het beroep van [appellante] tegen het besluit van 28 september 2023 van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam ongegrond heeft verklaard. In dat besluit heeft het college het bezwaar tegen het besluit van 25 februari 2023, waarbij het college [appellante] een bestuurlijke boete van € 12.570,00 heeft opgelegd wegens overtreding van artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014, ongegrond verklaard. Hangende het hoger beroep heeft het college bij besluit van 24 september 2025 het besluit van 28 september 2023 herzien en het bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaard, de boete gematigd naar € 2.500,00, het besluit van 25 februari 2023 herroepen, voor zover het de hoogte van de boete betreft, en bepaald dat de proceskosten in bezwaar worden vergoed.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6259
Datum uitspraak
18 november 2025
  • Hoger beroep
  • Mondelinge uitspraak
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202500026/1/A2

202404598/1/V1

Bij besluit van 21 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5550
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202404598/1/V1

202405076/1/V3

Bij besluit van 10 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5549
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202405076/1/V3

202500669/1/V2.

Bij besluit van 19 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5546
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202500669/1/V2.

202501164/1/V2

Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen. Deze uitspraak gaat over de uitleg en toepassing van artikel 42, eerste lid, van de Vw 2000. Daarin staat dat de minister binnen zes maanden na de ontvangst van een asielaanvraag een besluit moet nemen. Partijen verschillen van mening over het moment waarop de asielaanvraag volgens die bepaling is ontvangen en wanneer de beslistermijn dus aanvangt. Betrokkene stelt dat moet worden uitgegaan van het moment waarop hij zich in persoon heeft gemeld bij de autoriteiten. Daarom moet volgens betrokkene worden uitgegaan van de datum van de zogenoemde loopbrief. Dit is een brief die een vreemdeling van de minister ontvangt op het moment dat die vreemdeling zich voor het eerst heeft gemeld bij een aanmeldcentrum van de IND. De minister stelt daarentegen dat moet worden uitgegaan van het moment waarop een vreemdeling zijn asielaanvraag formeel heeft ingediend met het formulier model M35-H. Deze uitspraak gaat dus over de vraag wanneer de beslistermijn aanvangt. Het antwoord op die vraag is relevant voor het oordeel of, en op welk moment, de minister die termijn heeft overschreden. In zaken zoals deze, waarin het gaat om een beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit, moet de bestuursrechter dit toetsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5543
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501164/1/V2

202504977/3/V3.

Bij besluit van 30 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard, haar opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen haar uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5541
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504977/3/V3.

BRS.25.000680

Bij brief van 11 maart 2025 heeft de minister betrokkene in kennis gesteld van haar besluit om de overdrachtstermijn met twaalf maanden te verlengen (hierna: het verlengingsbesluit).

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5515
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000680

BRS.25.001541

Bij besluiten van 26 februari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5523
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001541

BRS.25.001760 en BRS.25.001761

Bij besluit van 17 oktober 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan appellant verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, ingetrokken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5518
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001760 en BRS.25.001761

BRS.25.001779 en BRS.25.001950

Bij besluit van 16 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5536
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001779 en BRS.25.001950

BRS.25.001958

Bij besluit van 21 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5560
Datum uitspraak
17 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001958

202205992/1/V1

Bij besluit van 14 mei 2022, waarvan hij de motivering heeft aangevuld op 18 en 24 mei 2022, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5526
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202205992/1/V1

202407632/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5528
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202407632/1/V1

202407897/1/V3

Bij besluit van 16 november 2024 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5529
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407897/1/V3

202500081/1/V1

Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5530
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202500081/1/V1

202500842/1/V3

Bij besluit van 28 januari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5531
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500842/1/V3

202501048/1/V3

Bij besluit van 3 februari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5532
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501048/1/V3

202501060/1/V3

Bij besluit van 3 februari 2025 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5533
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202501060/1/V3

202503695/2/R4

Het verzoek richt zich tegen het besluit van de minister van Klimaat en Groene Groei van 23 juni 2025, waarbij is ingestemd met het door de NAM ingediende geactualiseerde winningsplan ZO-Drenthe Zuur. De stichting heeft de voorzieningenrechter verzocht dat besluit te schorsen. Zij vreest dat de gaswinning schade zal veroorzaken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5658
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Overige
  • uitspraakin de zaak202503695/2/R4

202505441/1/R4 en 202505441/2/R4

[appellanten] bezitten ieder samen met een partner een recreatiewoning op het recreatieterrein "De Konijnenberg" aan de Korhoenlaan 2 in Harderwijk. Zij verblijven daar ongeveer de helft van het jaar. De andere helft van het jaar brengen ze, al dan niet in een aaneengesloten periode, in het buitenland door. Volgens het college gebruiken [appellanten] hun recreatiewoningen voor permanente bewoning, omdat uit gegevens uit de Basisregistratie Personen en controles van toezichthouders blijkt dat zij daar hun hoofdverblijf hebben. Volgens het college is sprake van een overtreding van artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, omdat permanente bewoning van een recreatiewoning niet is toegestaan op grond van artikel 11.4.1 van het bestemmingsplan "Veegplan Buitengebied" dat onderdeel uitmaakt van het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Harderwijk. Het college heeft [appellanten] daarom onder oplegging van een dwangsom gelast om het niet-recreatieve gebruik van hun recreatiewoning te beëindigen en beëindigd te houden. In de besluiten op bezwaar heeft het college de lasten onder dwangsom in stand gelaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5527
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202505441/1/R4 en 202505441/2/R4

202505721/1/A2

Bij beslissing van 25 augustus 2025 heeft de examencommissie Geneeskunde van de Universiteit van Amsterdam het verzoek van [verzoeker] om een extra herkansing voor het vak Ontwikkeling, voortplanting en veroudering 3 afgewezen. [verzoeker] wil het tentamen voor het vak OVV uiterlijk herkansen op zaterdag 15 november 2025 om 12:00 uur, zodat zij - bij het behalen van dat vak - op zaterdagmiddag 15 november 2025 kan deelnemen aan de ceremoniële uitreiking van het bachelordiploma Geneeskunde.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5567
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202505721/1/A2

BRS.25.000025

Bij besluit van 22 november 2024 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5507
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000025

BRS.25.000896

Bij besluit van 25 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5514
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000896

BRS.25.001709 en BRS.25.001710

Bij besluit van 1 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid vastgesteld dat appellant niet voldoet aan de vereisten voor tijdelijke bescherming als bedoeld in Richtlijn 2001/55/EG.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5418
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001709 en BRS.25.001710

BRS.25.001924

Bij besluit van 24 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5535
Datum uitspraak
14 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001924

202406041/1/V3

Bij besluiten van 24 juli 2023, 14 augustus 2023 en 14 december 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de verzoeken van de Cypriotische autoriteiten om appellant op grond van de Dublinverordening over te nemen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5519
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202406041/1/V3

202503421/2/R4

Bij besluit van 14 mei 2025 heeft de raad van de gemeente Ermelo het "TAM omgevingsplan De Beek 77" als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Ermelo vastgesteld. Het besluit tot wijziging maakt de bouw van 3 nieuwe woningen mogelijk aan De Beek 77 in Ermelo. Op die locatie was voorheen een veehouderij gevestigd en die is nu wegbestemd. De bestaande boerderij blijft behouden als woning en op de plek van de stallen komt een vrijstaand huis en een twee-onder-een-kap woning. [verzoeker] woont op het aangrenzende perceel en heeft een aantal bezwaren tegen het plan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5516
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202503421/2/R4

202503862/2/A3

Bij besluiten van 27 maart 2023, gehandhaafd bij besluiten van 3 november 2023, heeft de deken van de Orde van Advocaten Gelderland aan [verzoekers] lasten onder dwangsom opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5590
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202503862/2/A3

202504537/1/V3

Bij besluit van 28 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5520
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202504537/1/V3

202504650/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5521
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202504650/1/V1

BRS.25.001347 en BRS.25.001565

Bij besluit van 1 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5512
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001347 en BRS.25.001565

BRS.25.001472

Bij besluit van 25 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5412
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001472

BRS.25.001616

Bij besluit van 24 juli 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om afgifte van een document als bedoeld artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5409
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001616

BRS.25.001703

Bij besluit van 12 augustus 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5413
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001703

202502316/6/R4

Bij besluit van 20 februari 2025 hebben de minister van Defensie en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening het inpassingsplan "Radar Herwijnen" vastgesteld. Al een aantal jaren wil het Ministerie van Defensie in de buurt van het Gelderse dorp Herwijnen een nieuw militair radarstation bouwen, op de plek waar in het verleden een civiele radar van Luchtverkeersleiding Nederland heeft gestaan. Om dat mogelijk te maken is in 2017 een ontwerpbestemmingsplan opgesteld, maar de gemeenteraad van de voormalige gemeente Lingewaal (tegenwoordig de gemeente West Betuwe) heeft in 2018 besloten het bestemmingsplan niet vast te stellen. Daardoor was de bouw van het nieuwe radarstation niet mogelijk. Verweerders hebben vervolgens besloten om zelf een bestemmingsplan - een rijksinpassingsplan geheten - vast te stellen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:6454
Datum uitspraak
13 november 2025
  • Vereenvoudigde behandeling
  • Inpassingsplan
  • uitspraakin de zaak202502316/6/R4

202307233/1/V3

Bij besluit van 18 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5508
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307233/1/V3

202407049/2/R2

Bij besluit van 19 september 2024 heeft de raad van de gemeente Maashorst het bestemmingsplan "[locatie 1]-[locatie 2] en [locatie 3] Schaijk" vastgesteld. Met het bestemmingsplan wordt het mogelijk gemaakt om het landbouwbedrijf van [partij] te verplaatsen van de huidige locatie aan de [locatie 3] te Schaijk naar de [locatie 1]-[locatie 2] te Schaijk. Het bedrijf bevindt zich nu nabij de bebouwde kom en wordt verplaatst naar het buitengebied van Schaijk. Op 1 september 2025 heeft [partij] een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een bedrijfsgebouw, het realiseren van huisvesting en het aanleggen van een uitweg aan de [locatie 1] in Schaijk. Verzoekers wonen aan de Pastoor van Winkelstraat en vrezen voor een onveilige verkeerssituatie op onder meer de Pastoor van Winkelstraat en de Broksteeg vanwege onder meer het landbouw- en vrachtverkeer dat van en naar het bedrijf rijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5417
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202407049/2/R2

202502928/1/V3

Bij besluit van 17 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5509
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202502928/1/V3

BRS.25.000975

Bij besluit van 2 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5396
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000975

BRS.25.001663

Bij besluit van 2 oktober 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5401
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001663

BRS.25.001748

Bij ‘kennisgeving gewijzigde identiteitsgegevens’ van 1 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aan de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel laten weten de geboortedatum van betrokkene te hebben gewijzigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5415
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.001748

202005977/1/R2 en 202206970/1/R2

Bij besluit van 24 september 2020 heeft de raad van de gemeente Haaren het bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2020" vastgesteld. Het plan van Haaren voorziet in een partiële herziening van de plannen "Buitengebied Haaren", "Buitengebied Haaren, correctieve herziening" en "Buitengebied herziening 2014". Deze partiële herziening is bedoeld om bestaand provinciaal en gemeentelijk beleid te verwerken. De gebiedsaanduidingen en daarbij behorende regels zijn aangepast aan de provinciale "Interim omgevingsverordening Noord-Brabant". Daarnaast is het gemeentelijke "Beleid Vrijkomende Agrarische Bebouwing" in het plan van Haaren opgenomen, waardoor het college van burgemeester en wethouders van Haaren het bevoegd gezag is geworden om met toepassing van wijzigingsbevoegdheden te beslissen over initiatieven voor de herbestemming van vrijkomende agrarische bebouwing. Het plan van Haaren beoogt ook de bouwmogelijkheden voor recreatiewoningen in het buitengebied te harmoniseren. De raad van Vught heeft bij het "Herstelbesluit Buitengebied, herziening 2020" van 22 juli 2021 het plan van Haaren op een aantal punten gewijzigd voor het buitengebied dat aan de gemeente Vught is toegevoegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5486
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202005977/1/R2 en 202206970/1/R2

202200620/1/A3

Bij besluit van 14 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van Blue Boat Company om een exploitatievergunning voor het passagiersvaartuig Vossius geweigerd. Bij besluit van 12 oktober 2018 heeft het college, onder wijziging van de motivering, het door Blue Boat Company daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank heeft geoordeeld dat Blue Boat Company geen procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de aanvraag. Met de procedure kan Blue Boat Company immers niet in een betere positie raken. Blue Boat Company beschikt al over een vergunning om met de Vossius in heel Amsterdam te kunnen varen. Blue Boat Company betoogt dat de rechtbank ten onrechte de gewijzigde motivering als rechtmatig heeft beoordeeld. Volgens Blue Boat Company is dit geen weigeringsgrond waarmee op grond van de Vob een vergunning kan worden geweigerd. Verder betoogt Blue Boat Company dat de rechtbank niet heeft onderkend dat er een belang is bij een rechtsoordeel over de beoordeling van de welstand van de Vossius.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5472
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202200620/1/A3

202203919/1/R2

Bij besluit van 9 september 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Utrecht het verzoek van Loonbrouwerij en anderen van 12 mei 2021 om de vergunning van 25 januari 2017 van de rechtsvoorganger van Kanadevia Inova Biogas Cothen B.V., verleend op grond van artikel 2.7, tweede lid, van de Wet natuurbescherming, in te trekken op grond van artikel 5.4, eerste lid en onder c, van diezelfde wet, afgewezen. Loonbrouwerij en anderen hebben verzocht om de natuurvergunning van 25 januari 2017, verleend aan de rechtsvoorganger van Inova, in te trekken. De vergunning is verleend voor het oprichten en in werking hebben van een co-vergistingsinstallatie met be- en verwerking van digestaat aan de Graaf van Lynden van Sandenburgweg nabij 6-8 in Cothen. De vergunning is verleend op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS-vergunning). Loonbrouwerij en anderen hebben verzocht om intrekking op grond van artikel 5.4, eerste lid en onder c, van de Wnb, omdat de PAS-vergunning volgens hen is verleend in strijd met wettelijke voorschriften.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5426
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Natuurbescherming
  • uitspraakin de zaak202203919/1/R2

202204793/1/R2

Bij besluit van 12 mei 2022 heeft de raad van de gemeente Gemert-Bakel het bestemmingsplan "Gemert-Bakel Buitengebied, herziening december 2021" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [appellant] beroep ingesteld. Met het bestemmingsplan wil de raad onder meer de ontwikkeling en instandhouding van natuur en landschap in het kader van de ecologische verbindingszone Esperloop Geneneind-Neerstraat in Bakel mogelijk maken. Het bestemmingsplan voorziet onder meer in een wijziging van de bestemming "Natuur", zodat een bestaande houtwal kan worden verwijderd en verplaatst kan worden en het traject van de waterloop de Esperloop deels kan worden verlegd. [appellant] woont aan [locatie] in Bakel, nabij de gronden waarop het bestemmingsplan betrekking heeft. Hij exploiteert op zijn gronden een intensieve veehouderij en teelt gewassen. Hij is het niet eens met de vaststelling van het bestemmingsplan, onder meer omdat hij vreest voor vernatting die de bedrijfsvoering op zijn gronden aantast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5473
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202204793/1/R2

202301182/1/A3

Bij besluit van 29 juli 2021 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de aanvraag van [appellant] voor een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen. [appellant] verkreeg de Turkse nationaliteit bij geboorte op [geboortedatum] 1968. Hij verkreeg ook de Nederlandse nationaliteit door naturalisatie op [datum] 1991. Op 9 februari 1997 is aan [appellant] voor het laatst een Nederlands paspoort verstrekt, geldig tot 9 februari 2002. [appellant] heeft op 10 juni 2021 bij het Nederlands Consulaat in Turkije een Nederlands paspoort aangevraagd. De minister heeft de aanvraag voor een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen, omdat hij op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (hierna: RWN) het Nederlanderschap van rechtswege op 1 april 2013 zou hebben verloren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5419
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202301182/1/A3

202302145/1/A2

Bij besluit van 28 augustus 2019 heeft de burgemeester van Utrecht de exploitatievergunning van The Palace ingetrokken. Op 30 september 2015 heeft The Palace een aanvraag voor een exploitatievergunning ingediend voor een horecabedrijf inzake zaalverhuur aan de Vlampijpstaat 63 in Utrecht. In het kader van de aanvraag heeft de burgemeester advies gevraagd aan het Landelijk Bureau Bibob. Op 7 april 2016 heeft het LBB geadviseerd dat een ernstig gevaar bestaat dat de verleende vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. De burgemeester heeft bij besluit van 8 september 2016 alsnog de vergunning onder voorschriften verleend. De burgemeester heeft de vergunning ingetrokken, omdat The Palace zich niet aan de daaraan verbonden voorschriften heeft gehouden. Volgens de burgemeester heeft [persoon B] loon ontvangen van [bedrijf A] en heeft hij daarnaast ook namens [bedrijf A] aangifte gedaan bij de politie van oplichting. De rechtbank heeft overwogen dat de burgemeester terecht heeft vastgesteld dat het dienstverband tussen [persoon B] en [bedrijf A] een schending oplevert van voorschrift 1 van de exploitatievergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5488
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Wet Bibob
  • uitspraakin de zaak202302145/1/A2

202302698/1/R1

Bij besluit van 12 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren een omgevingsvergunning voor het gebruik van gronden in strijd met het bestemmingsplan aan de [locatie 1] in Nederhorst den Berg geweigerd. [appellante] wil twee woningen bouwen op een perceel met de bestemming ‘Agrarisch’. Voor het plan is daarom een omgevingsvergunning voor gebruik in strijd met het bestemmingsplan nodig, maar volgens het college is het plan in strijd met de Provinciale Ruimtelijke Verordening en daarmee in strijd met een goede ruimtelijke ordening. [appellante] vindt dat de PRV wel ruimte biedt voor haar plan en is het niet eens met de weigering. Het college betoogt dat het beroep van [appellante] niet-ontvankelijk is, omdat belang bij een behandeling van het hoger beroep ontbreekt. Volgens het college moet het overgangsrecht van de omgevingsverordening NH2020 zo worden uitgelegd dat de PRV - die via het overgangsrecht van de NH2020 toepassing is op het besluit van 22 juli 2022 - na vernietiging van het besluit van 22 juli 2022 niet meer van toepassing is op een eventueel nieuw te nemen besluit.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5421
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202302698/1/R1

202303065/1/A3

Bij besluit van 21 december 2020 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellante sub 2] boetes opgelegd van in totaal € 54.000,00 wegens vijf overtredingen van het Arbeidsomstandighedenbesluit. [appellante sub 2] exploiteert een vastgoedonderhoudsbedrijf. Op 12 november 2019 voerde [appellante sub 2] werkzaamheden uit bij een appartementencomplex in Nijmegen. De werkzaamheden bestonden onder meer uit het saneren van asbesthoudende beglazingskit. Op 12 november 2019 hebben twee arbeidsinspecteurs een inspectie gehouden. Uit het boeterapport van 13 mei 2020 volgt dat op 12 november 2019 twee ingeleende werknemers van [appellante sub 2] asbesthoudende beglazingskit aan het verwijderen waren. Dit zijn werkzaamheden als bedoeld in artikel 4.54a, eerste lid, van het Arbobesluit. Uit de rapportage asbestinventarisatie blijkt dat de beglazingskit 0,1-2 procent chrysotiel bevat en dat de sanering van dergelijke kit standaard wordt uitgevoerd in risicoklasse 2.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5456
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202303065/1/A3

202303651/1/A2

Bij besluit van 3 december 2020 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.[partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5428
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303651/1/A2

202303654/1/A2

Bij besluit van 22 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5422
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303654/1/A2

202303655/1/A2

Bij besluit van 3 december 2020 heeft het college het door [partij] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5440
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303655/1/A2

202303657/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.250,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 februari 2018. [partij] was eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5441
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303657/1/A2

202303659/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 januari 2019. 2.[partij A] en [partij B] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij A] en [partij B] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5442
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303659/1/A2

202303660/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 9.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 29 mei 2019.2.[partij] was eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5443
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303660/1/A2

202303661/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de aanvraag van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw ten westen van appartementengebouw De Hoge Erasmus in Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5423
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303661/1/A2

202303662/1/A2

Bij besluit van 22 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.250,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 2 december 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5444
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303662/1/A2

202303663/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 8 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5424
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303663/1/A2

202303664/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 augustus 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5447
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303664/1/A2

202303665/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [appellant sub 1] een tegemoetkoming in planschade van € 10.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 december 2018. [appellant sub 1] is eigenaar van het appartement [locatie 1] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [appellant sub 1] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5450
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303665/1/A2

202303668/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 december 2018. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5438
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303668/1/A2

202303669/1/A2

Bij besluit van 18 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5437
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303669/1/A2

202303671/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 9.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 mei 2019. 2 [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5448
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303671/1/A2

202303673/1/R2

Bij besluit van 14 augustus 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Land van Cuijk aan [appellante sub 2] een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een luchtkanaal met luchtwasser bij een bestaande varkensstal op het perceel aan de [locatie] in Escharen. [appellante sub 2] voert een varkenshouderij aan de [locatie] in Escharen. De varkenshouderij bestaat uit een boerderij met twee stallen, aangeduid als stal 1 en stal 3. Op 23 juni 2020 heeft [appellante sub 2] een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het realiseren van een luchtwasser en luchtkanaal bij stal 1. Het bouwplan is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Buitengebied, herziening 2018". Bij besluit van 14 augustus 2020 heeft het college met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo, gelezen in samenhang met artikel 5.3.1, onder c, van de planregels, de gevraagde omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wabo verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5455
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202303673/1/R2

202303674/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 3 juni 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5439
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303674/1/A2

202303675/1/A2

Bij besluit van 18 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 16.250,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 mei 2019. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5427
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303675/1/A2

202303677/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 11.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 april 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5432
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303677/1/A2

202303678/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 13.750,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 augustus 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5430
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303678/1/A2

202303680/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.000,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5429
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303680/1/A2

202303682/1/A2

Bij besluit van 30 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [partij] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5433
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303682/1/A2

202303685/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5435
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303685/1/A2

202303689/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 15.250,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 december 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5431
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303689/1/A2

202303691/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 7.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 mei 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5434
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303691/1/A2

202303693/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partijen] een tegemoetkoming in planschade van € 18.750,00 toegekend, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 januari 2019. [partijen] zijn eigenaar van het appartement [locatie] in het appartementengebouw de Hoge Erasmus te Rotterdam. [partijen] hebben verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij hebben gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij hun appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van hun appartement gedaald, waardoor zij schade lijden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5436
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303693/1/A2

202303694/1/A2

Bij besluit van 23 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 6.000,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 april 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren. [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven". Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5449
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303694/1/A2

202303698/1/A2

Bij besluit van 15 september 2020 heeft het college aan[partij] een tegemoetkoming in planschade van € 12.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 9 september 2019. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven).[partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Zij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij haar appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van haar appartement gedaald, waardoor zij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5452
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303698/1/A2

202303699/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij A] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 20 februari 2019. 2. [partij A] is eigenaar van het appartement [locatie in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven). [partij A] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5454
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303699/1/A2

202303721/1/A2

Bij besluit van 28 januari 2020 heeft het college burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [partij] een tegemoetkoming in planschade van € 14.500,00 toegekend, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 augustus 2018. [partij] is eigenaar van het appartement [locatie] in een appartementengebouw aan de noordzijde van de Gedempte Zalmhaven, ten westen van het appartementengebouw de Hoge Heren (hierna: appartementengebouw Gedempte Zalmhaven of de Gedempte Zalmhaven). [partij] heeft verzocht om een tegemoetkoming in planschade als gevolg van het op 9 augustus 2017 in werking getreden bestemmingsplan "Gedempte Zalmhaven" (hierna ook: het nieuwe bestemmingsplan). Hij heeft gesteld dat het nieuwe bestemmingsplan in een gebied vlakbij zijn appartementengebouw (hierna ook: het bouwgebied) nieuwe bebouwing toestaat. Hierdoor is de waarde van zijn appartement gedaald, waardoor hij schade lijdt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5451
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202303721/1/A2

202304748/1/A3

Bij besluit van 6 april 2022 heeft de korpschef een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur van [appellant] afgewezen. Op 23 juli 2021 heeft [appellant] de korpschef op grond van de Wob verzocht om alle informatie openbaar te maken over de bestuurlijke aangelegenheid Pegasus Spyware van het bedrijf NSO. Met het besluit van 6 april 2022 heeft de korpschef openbaarmaking van deze informatie in het geheel geweigerd. Met het besluit van 26 september 2022 is de korpschef, nu op grond van de Wet open overheid en onder intrekking van het besluit van 6 april 2022, bij de volledige weigering gebleven. Op 1 december 2022 heeft de rechtbank uitspraak (ECLI:NL:RBAMS:2022:7647) gedaan over een beroep tegen een besluit over een verzoek om informatie van een derde. Het verzoek van deze derde gaat deels over dezelfde informatie als het verzoek van [appellant]. De korpschef heeft naar aanleiding van de voornoemde uitspraak op 6 maart 2023 een aanvullend besluit genomen over het verzoek van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5458
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202304748/1/A3

202304837/1/R4

Bij besluit van 7 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Nijmegenhet bestemmingsplan "Nijmegen Dukenburg 2021-1 (Winkelcentrum- Weezenhof)" vastgesteld. Het plan maakt de herontwikkeling van het in 2017 afgebrande winkelcentrum Weezenhof mogelijk. Het plan voorziet in maatschappelijke en commerciële functies, waaronder een supermarkt. Verder worden er 119 woningen boven het te herbouwen winkelcentrum mogelijk gemaakt. Bij het herstelbesluit heeft de raad het bestemmingsplan gewijzigd. Naar aanleiding van het beroep van Belangenvereniging Weezenhof heeft de raad besloten nader onderzoek te doen naar de aspecten verkeer en parkeren. Als gevolg daarvan heeft de raad hoofdstuk 4.13 van de plantoelichting aangepast en enkele planregels toegevoegd, dan wel aangepast. Belangenvereniging Weezenhof komt volgens haar statuten op voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in de Weezenhof en omgeving. Zij voert onder meer aan dat zij onvoldoende is betrokken bij de voorbereidingen van de herontwikkeling en wijst op enkele ruimtelijke gevolgen van het plan zoals parkeeroverlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5459
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202304837/1/R4

202305073/1/R1

Bij besluit van 7 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het exploitatieplan "Buiksloterham 5e herziening reparatie" vastgesteld. Het bestemmingsplan Buiksloterham 2009 en de daarop vastgestelde herzieningen daarvan, het exploitatieplan en het herstelplan voorzien in de ontwikkeling van het aan de noordelijke IJ-oever gelegen bedrijventerrein Buiksloterham naar een stedelijk woon-werkgebied. Het totale programma in Buiksloterham omvat ongeveer 1 miljoen m2 bruto vloeroppervlak (bvo). Dat komt neer op een toename van het ruimtegebruik met 700.000 m2 bvo. Een groot deel van het plangebied krijgt een gemengde bestemming waarbinnen verschillende functies zijn toegestaan. Het gaat dan om woningen, bedrijven, kantoren, detailhandel en overige commerciële en niet-commerciële functies. In het zuiden van het bestemmingsplan ligt een gebied waar bestaande bedrijven worden gehandhaafd, maar waar zich ook nieuwe bedrijven kunnen vestigen. Het voorliggende exploitatieplan en het herstelplan vormen de vijfde herziening van het oorspronkelijke met het bestemmingsplan vastgestelde exploitatieplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5490
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202305073/1/R1

202305432/2/R3

Bij besluit van 3 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Kaag en Braassem het bestemmingsplan "Bateweg 25a/25b, Woubrugge" vastgesteld. Het plan maakt een gebouw mogelijk voor acht appartementen in drie bouwlagen aan de Bateweg 25a en 25b in Woubrugge. Daarvoor wordt een bestaand gebouw gesloopt. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat de raad zich niet onder verwijzing naar de Nota Parkeernormen 2018 op het standpunt heeft mogen stellen dat in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. Onder 6.1 van de tussenuitspraak is overwogen dat om te borgen dat in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien in artikel 8.1, onder a, van de planregels van het bij besluit van 3 juli 2023 vastgestelde plan is bepaald dat voorzien moet worden in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig de Parkeernota.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5475
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202305432/2/R3

202306013/1/R3

Bij besluit van 19 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Waddinxveen de Stichting onder oplegging van een dwangsom gelast om de bewoning van de bedrijfswoning aan de [locatie A] in Waddinxveen, voor zover deze bestaat uit de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar, gelet op het legaal gebruik van het gebouw of terrein, niet noodzakelijk is, beëindigd te houden. De Stichting is eigenaar van het bedrijfspand aan de [locatie A] in Waddinxveen. In 2012 heeft het college aan [persoon A], destijds h.o.d.n. [naam bedrijf], een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van de bedrijfswoning. Volgens het college is uit een controle op 19 februari 2019 gebleken dat de bedrijfswoning niet werd bewoond door personen die waren verbonden aan het hier gevestigde bedrijf ([naam bedrijf]) en die niet tezamen één huishouden vormden. Volgens het college heeft de Stichting de last niet nageleefd. Het heeft daarom besloten tot invordering van de aan de last verbonden dwangsom en heeft een nieuwe, gelijkluidende last opgelegd. De Stichting is het niet eens met de opgelegde lasten en de invordering van de dwangsom.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5480
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306013/1/R3

202306074/1/R1

Bij besluit van 18 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Medemblik aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van onder meer een berging op zijn perceel aan de [locatie A] in Wognum. [appellant] woont naast [belanghebbende] op het perceel [locatie B] en is het niet eens met de verleende omgevingsvergunning voor de berging. Hij vreest voor aantasting van zijn woongenot. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college de omgevingsvergunning heeft mogen verlenen. Daarover voert hij aan dat de berging in strijd met het gemeentelijke beleid is, omdat op grond daarvan zijn toestemming vereist is en hij die niet heeft gegeven voor een berging tegen de erfgrens. Hij vindt dat door de berging een rommelig beeld ontstaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5479
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202306074/1/R1

202306139/1/R3

Bij besluit van 14 juni 2023 heeft de raad van de gemeente Noordenveld het bestemmingsplan "Norg-De Tip" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan gaat over een deel van het gebied "De Tip". De Tip is een clustering van ruimtelijk aaneengesloten solitaire recreatiewoningen ten noorden van Norg, met uitzondering van de Norgerberg. Het bestemmingsplan maakt het mogelijk dat de 18 recreatiewoningen in het plangebied permanent mogen worden bewoond. Daarbij worden nieuwe bouwmogelijkheden geboden. Aan de gronden in het plangebied is de bestemming "Bos" toegekend. Per woonperceel is een aanduidingsvlak ofwel gebruikersvlak "wonen" toegekend, waarbinnen een woning, bijbehorende bouwwerken en erfinrichting zijn toegestaan. Verder gaat het bestemmingsplan over een weiland ten zuiden van de Postmaatseweg waar natuurcompensatie is voorzien teneinde de met het bestemmingsplan beoogde ontwikkeling mogelijk te kunnen maken. [appellant] woont aan de [locatie 1] in Norg. Dit is in het plangebied. Hij is het er niet mee eens dat zijn perceel, aangeduid als D1706, buiten het plangebied is gelaten. Daardoor is de op dat perceel staande overkapping met schutting niet mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5500
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Drenthe
  • uitspraakin de zaak202306139/1/R3

202306207/1/R2

Bij besluit van 1 juni 2021 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor de tijdelijke uitbreiding van 36 naar 64 kindplaatsen van kinderdagverblijf "De Dierenvriendjes" op het perceel [locatie 1] in Nistelrode. Op het perceel is een melkveehouderij gevestigd. Bij besluit van 24 mei 2017 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van een agrarisch kinderdagverblijf voor maximaal 36 kinderen in een van de bestaande opstallen op het perceel. De nu voorliggende omgevingsvergunning gaat over de uitbreiding van het kinderdagverblijf naar 64 kindplaatsen voor de duur van vijf jaar. [appellanten] woont op het perceel [locatie 2] naast het kinderdagverblijf en verzet zich tegen de vergunde uitbreiding. Hij vreest voor aantasting van zijn woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5477
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202306207/1/R2

202306561/1/A3

Bij besluit van 31 mei 2022 heeft de minister van Buitenlandse Zaken geweigerd om de aanvraag van [appellante] voor een Nederlands paspoort in behandeling te nemen. [appellante] is geboren op [geboortedatum] 1981 in Amsterdam. Bij geboorte verkreeg zij de Turkse nationaliteit. Sinds 23 april 1996 heeft zij de Nederlandse en de Turkse nationaliteit. Op 1 mei 2002 is [appellante] verhuisd naar Turkije. Op 20 april 2009 is aan haar voor het laatst een Nederlands paspoort verstrekt. Op 11 mei 2022 heeft [appellante] een aanvraag voor een Nederlands paspoort ingediend. De minister heeft geweigerd om deze aanvraag in behandeling te nemen. Hij heeft zich daarbij op het standpunt gesteld dat [appellante] ingevolge artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap het Nederlanderschap niet meer bezit. Volgens de minister heeft zij het Nederlanderschap op 20 april 2019 van rechtswege verloren omdat zij zowel de Nederlandse als de Turkse nationaliteit had, zij op dat moment gedurende een onafgebroken periode van tien jaar hoofdverblijf heeft gehad in Turkije en van stuiting van deze termijn op grond van artikel 15, vierde lid, van de RWN geen sprake is geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5370
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202306561/1/A3

202306562/1/A3

Bij besluit van 14 september 2022 heeft de minister van Buitenlandse Zaken geweigerd de aanvraag van de ouders van [appellante] namens haar voor een Nederlands paspoort in behandeling te nemen. Op 15 augustus 2022 hebben haar ouders voor haar een Nederlands paspoort aangevraagd bij de Nederlandse ambassade in Turkije. De minister heeft geweigerd deze aanvraag in behandeling te nemen. Daarbij heeft hij zich op het standpunt gesteld dat [appellante] op 14 december 2012 het Nederlanderschap heeft verloren. Haar vader heeft namelijk op deze dag afstand gedaan van het Nederlanderschap, wat automatisch het verlies van het Nederlanderschap van zijn minderjarige kinderen met zich brengt. Dit volgt uit de artikelen 15, eerste lid, aanhef en onder b, en 16, eerste lid, aanhef en onder d, van de Rijkswet op het Nederlanderschap. Ook heeft de minister zich op het standpunt gesteld dat hij geen Unierechtelijke evenredigheidstoets kan uitvoeren bij paspoortaanvragen die zijn ingediend na 1 april 2022. Volgens de minister moeten de ouders van [appellante] hiervoor ten behoeve van [appellante] een optieverklaring afleggen in de zin van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder p, van de RWN.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5464
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202306562/1/A3

202306709/1/A3

Bij besluit van 22 juli 2022 heeft de minister van Buitenlandse Zaken geweigerd om de aanvraag van [appellant A] en [appellant B] voor een Nederlands paspoort voor hun zoon in behandeling te nemen. De minister heeft geweigerd om deze aanvraag in behandeling te nemen omdat [appellant C] niet meer in bezit zou zijn van het Nederlanderschap. Volgens de minister is het Nederlanderschap van [appellant C] op 20 april 2019 van rechtswege verloren gegaan omdat zijn moeder, [appellant A], op die datum het Nederlanderschap van rechtswege heeft verloren. Dit volgt uit de artikelen 15, eerste lid, aanhef en onder c, en 16, eerste lid, aanhef en onder d, van de Rijkswet op het Nederlanderschap. De minister wijst er op dat de wijziging van de termijn van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de RWN van tien naar dertien jaar die op 1 april 2022 in werking is getreden niet met terugwerkende kracht is ingevoerd en niet geldt voor personen die voordien het Nederlanderschap al zijn verloren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5465
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Paspoort
  • uitspraakin de zaak202306709/1/A3

202306881/1/A3

Op 28 juli 2021 heeft [appellant], op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming en eventuele andere relevante (internationale) wetgeving en verdragen, de minister verzocht om hem een afschrift te sturen van al zijn persoonsgegevens die aanwezig zijn bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Bij besluit van 25 augustus 2021 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan [appellant] een overzicht van zijn persoonsgegevens verstrekt. Op 28 juli 2021 heeft [appellant], op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming en eventuele andere relevante (internationale) wetgeving en verdragen, de minister verzocht om hem een afschrift te sturen van al zijn persoonsgegevens die aanwezig zijn bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Met het besluit van 25 augustus 2021 heeft de minister aan [appellant] een overzicht verstrekt van de persoonsgegevens die over [appellant] zijn verwerkt. In dat overzicht zijn de categorieën van de persoonsgegevens, een kopie van de verwerkte persoonsgegevens en de herkomst daarvan, weergegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5463
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202306881/1/A3

202306965/1/R3

Bij besluit van 3 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Westerkwartier het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het zonder omgevingsvergunning en in strijd met het bestemmingsplan aanleggen van een sloot, afgewezen. [appellant] woont op het perceel [locatie], kadastraal bekend als Leek, sectie C, nummer 2676. [partij] is eigenaar van het perceel daarnaast en heeft omstreeks 2007 op de grens van de percelen Leek, sectie C, nummers 2676 en 2675, nabij [locatie] in Midwolde, een sloot gegraven. [appellant] heeft op 26 december 2021 een verzoek ingediend bij het college om handhavend op te treden tegen het graven van een sloot zonder de vereiste omgevingsvergunning. Volgens [appellant] is de sloot eveneens gegraven in strijd met het vigerende bestemmingsplan "Buitengebied Leek 2010". [appellant] geeft daarbij in haar handhavingsverzoek aan dat het gaat om de sloot tussen de percelen 2676 en 2675 waarvan het midden van die sloot de erfgrens tussen beide percelen is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5425
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306965/1/R3

202307529/1/A2

Bij besluit van 24 april 2018 heeft het dagelijks bestuur van het Waterschap De Dommel € 18.528,-, vermeerderd met wettelijke rente, aan nadeelcompensatie toegekend aan [appellant]. [appellant] exploiteert een agrarische onderneming aan de [locatie A] in Oisterwijk. De Rosep ontspringt in het Moergestelse Broek, tussen het Wilhelminakanaal en de A58, en stroomt van daaruit in noordoostelijke richting en mondt uit in de benedenloop van de Essche stroom. De Rosep loopt tussen een aantal percelen waarvan [appellant] eigenaar is of die hij pacht. De rechtbank concludeert in de uitspraak van 26 maart 2020 dat het dagelijks bestuur de adviezen van de SAOZ niet aan het besluit van 9 juli 2019 ten grondslag mocht leggen. Ten onrechte is volstaan met een vergelijking van de opbrengsten in 2014 en 2015 en die in 2016.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5484
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202307529/1/A2
vorige pagina1...404142...1.258volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon