Uitspraak 201401279/1/A2
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2014:709
- Datum uitspraak
- 14 februari 2014
- Inhoudsindicatie
- Het beroep richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau van 7 februari 2014 waarbij het de boven de kandidatenlijsten geplaatste aanduidingen van politieke groeperingen heeft beoordeeld.
- Mondelinge uitspraak
- Kieswet
Toon inhoud
201401279/1/A2.
Datum uitspraak: 14 februari 2014
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[appellant], wonend te Landsmeer,
en
het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van Landsmeer,
verweerder.
Openbare zitting gehouden op 14 februari 2014 om 13:00 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. H. Troostwijk voorzitter
Staatsraad mr. A.W.M. Bijloos rapporteur
Staatsraad mr. C.J. Borman lid
ambtenaar van staat mr. M.R. Poot
jurist mr. M. Rijsdijk griffier
Verschenen:
[appellant]
Het beroep richt zich tegen het besluit van het centraal stembureau van 7 februari 2014 waarbij het de boven de kandidatenlijsten geplaatste aanduidingen van politieke groeperingen heeft beoordeeld.
De Afdeling:
verklaart het beroep ongegrond.
Daartoe overweegt de Afdeling het volgende.
[appellant] betoogt dat het centraal stembureau ten onrechte de aanduidingen "CDA", "VVD", "Partij van de Arbeid (P.v.d.A.)" en "Democraten 66 (D66)", zonder de toevoeging "afdeling Landsmeer" of "gemeente Landsmeer" geldig heeft verklaard.
Ingevolge artikel G 4, eerste lid, van de Kieswet geldt, onverminderd het bepaalde in het tweede lid, een geregistreerde aanduiding die overeenkomstig het bepaalde in het achtste lid van artikel G 1 ter openbare kennis is gebracht, tevens voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad.
Ingevolge het tweede lid bepaalt het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad dat de in het eerste lid bedoelde doorwerking van de registratie voor die verkiezing niet plaatsvindt, indien de geregistreerde aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds op de voet van artikel G 3 geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering, en daardoor verwarring te duchten is.
Ingevolge het derde lid wordt een beschikking als bedoeld in het tweede lid genomen uiterlijk op de veertiende dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin de openbare kennisgeving, bedoeld in artikel G 1, achtste lid, is gedaan. De beschikking wordt terstond aan de gemachtigde van de desbetreffende groepering bekendgemaakt.
Gelet op voormelde bepalingen van de Kieswet geldt de registratie van de aanduidingen "CDA", "VVD", "Partij van de Arbeid (P.v.d.A.)" en "Democraten 66 (D66)" voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal tevens voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad, tenzij het centraal stembureau binnen de in artikel G 4, derde lid, van de Kieswet vermelde termijn bepaalt dat bedoelde doorwerking niet plaatsvindt. Daarvan is niet gebleken.
De Kieswet staat eraan in de weg dat het centraal stembureau aanduidingen die op de voet van artikel G 4 gelden voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad wijzigt op de door [appellant] gewenste wijze.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
w.g. Troostwijk w.g. Poot
voorzitter ambtenaar van staat
362-705.