Uitspraak 201306482/3/R6
- ECLI
- ECLI:NL:RVS:2013:2505
- Datum uitspraak
- 11 december 2013
- Inhoudsindicatie
- Bij besluit van 25 april 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Airparc Seppe" vastgesteld.
- Voorlopige voorziening
- RO - Noord-Brabant
Toon inhoud
201306482/3/R6.
Datum uitspraak: 11 december 2013
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
de stichting Stichting Platform Behoud Natuur en Milieu West-Brabant, gevestigd te Etten-Leur, en de stichting Stichting Brabantse Milieufederatie, gevestigd te Tilburg,
verzoekers,
en
de raad van de gemeente Halderberge,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 25 april 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Airparc Seppe" vastgesteld.
Tegen dit besluit hebben de stichtingen beroep ingesteld.
De stichtingen hebben de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De stichtingen, de naamloze vennootschap Airparc Seppe N.V. en anderen en de raad hebben nadere stukken ingediend.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 26 november 2013, waar de stichtingen, vertegenwoordigd door E.L. Baaijens en H.C. Gerringa, beiden werkzaam bij voormelde stichtingen, en bijgestaan door mr. J.E. Dijk, advocaat te Haarlem, en de raad, vertegenwoordigd door mr. R. Timmermans en mr. E.F.A. Wilmsen, beiden werkzaam bij de gemeente, en bijgestaan door ing. P.F.G.M. Kennes, werkzaam bij Oranjewoud B.V., zijn verschenen. Voorts zijn ter zitting Airparc Seppe N.V. en anderen, vertegenwoordigd door ing. A.C.M. Remijn, S.F.M. Have en C.C.M. Jacobs, allen werkzaam bij voormelde vennootschap, en bijgestaan door mr. J.M. van Koeveringe-Dekker, advocaat te Middelburg, als partij gehoord.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van heden in zaak nr. 201306482/1/R6 heeft de Afdeling op het beroep beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. Th.C. van Sloten, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. Z. Huszar, ambtenaar van staat.
w.g. Van Sloten w.g. Huszar
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 11 december 2013
533-668.