Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201309919/2/A1

Uitspraak 201309919/2/A1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2013:2076
Datum uitspraak
15 november 2013
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 25 juli 2013 heeft het college aan [vergunninghoudster] omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van een bedrijfsgebouw op het perceel [locatie] [nummers] te Venray (hierna: het perceel).
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201309919/2/A1.
Datum uitspraak: 15 november 2013

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), hangende het hoger beroep van:

[verzoeker], wonend te Oirlo, gemeente Venray,

tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Limburg van 1 oktober 2013 in de zaken nrs. 13/2613 en 13/2612 in het geding tussen:

[verzoeker]

en

het college van burgemeester en wethouders van Venray.

Procesverloop

Bij besluit van 25 juli 2013 heeft het college aan [vergunninghoudster] omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van een bedrijfsgebouw op het perceel [locatie] [nummers] te Venray (hierna: het perceel).

Bij uitspraak van 1 oktober 2013 heeft de voorzieningenrechter het door [verzoeker] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld. Tevens heeft hij de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

[vergunninghoudster] heeft, daartoe in de gelegenheid gesteld, een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 7 november 2013, waar [verzoeker], bijgestaan door mr. M.A. Koopman en ing. H.N.J.M. Steins, en het college, vertegenwoordigd door mr. E. Smids, werkzaam in dienst van de gemeente, zijn verschenen. Tevens is daar [vergunninghoudster], vertegenwoordigd door [gemachtigden], bijgestaan door mr. J.L. Stoop, advocaat te Roermond, gehoord.

Overwegingen

1. Het verzoek strekt ertoe dat de verleende omgevingsvergunning wordt geschorst om te voorkomen dat met de bouw wordt voortgegaan en het gebouwde in gebruik wordt genomen, voordat de Afdeling uitspraak in de bodemprocedure heeft gedaan.

2. Besluiten zijn in het algemeen uitvoerbaar, ook als daartegen een rechtsmiddel is aangewend. Dit geldt temeer, indien, zoals in dit geval, de rechter in eerste aanleg het daartegen ingestelde beroep ongegrond heeft bevonden.

3. [vergunninghoudster] heeft aangevoerd dat de rechtbank heeft miskend dat [verzoeker], nu hij op 350 meter afstand woont van de plaats, waar het bouwwerk wordt opgericht en hij daarop geen zicht, althans geen onbelemmerd zicht heeft, door het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning niet rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen. Zij heeft hem ten onrechte in het beroep ontvangen, aldus [vergunninghoudster].

De voorzitter hoeft aan beantwoording van die vraag niet toe te komen, nu hetgeen [verzoeker] in hoger beroep heeft aangevoerd, geen grond biedt om het verzoek toe te wijzen. Naar voorlopig oordeel heeft de voorzieningenrechter in hetgeen [verzoeker] in beroep naar voren heeft gebracht, betreffende onder meer het ontbreken van een al dan niet ontvankelijke aanvraag om vergunningverlening en een deugdelijke belangenafweging, alsmede het gestelde met betrekking tot de Flora- en faunawet, terecht geen grond gevonden voor het oordeel dat het besluit van 25 juli 2013 niet in stand kan blijven. In elk geval geeft het in hoger beroep aangevoerde geen grond om op voorhand aan te nemen dat de conclusie zal zijn dat geen omgevingsvergunning mocht of mag worden verleend, als is gebeurd.

Het verzoek zal daarom worden afgewezen.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. D.L. Bolleboom, ambtenaar van staat.

w.g. Loeb w.g. Bolleboom
voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 15 november 2013

641.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon