Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201306381/2/R2

Uitspraak 201306381/2/R2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2013:1487
Datum uitspraak
3 oktober 2013
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 23 april 2013, kenmerk Z/12/18379-VB/12/02274, heeft de raad het bestemmingsplan "Kockengen" vastgesteld.
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Utrecht

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201306381/2/R2.
Datum uitspraak: 3 oktober 2013

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend te Kockengen, gemeente Breukelen,

en

de raad van de gemeente Stichtse Vecht,
verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 23 april 2013, kenmerk Z/12/18379-VB/12/02274, heeft de raad het bestemmingsplan "Kockengen" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld. Bij deze brief heeft [verzoeker] de voorzitter tevens verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 27 augustus 2013, waar [verzoeker], bijgestaan door [gemachtigde], en de raad, vertegenwoordigd door ing. S.J. Haak en A.F.J.M. Emmelot, beiden werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

[verzoeker] heeft een nader stuk ingediend.

Overwegingen

1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2. Het plan heeft betrekking op de kern Kockengen en is hoofdzakelijk conserverend van aard.

3. Ter zitting heeft [verzoeker] verduidelijkt dat hij schorsing verzoekt van het bestreden besluit, voor zover het het plandeel met de bestemming "Tuin" voor zijn perceel aan de [locatie] betreft. Hij vreest dat door inwerkingtreding van dit deel van het plan hij zijn bouwwerkzaamheden voor een overkapping op het perceel moet staken omdat deze bouwwerkzaamheden in dat geval niet langer vergunning vrij zijn en hij zodoende de overkapping niet kan afbouwen. Hij wijst op hetgeen is bepaald in artikel 3 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht.

3.1. De voorzitter stelt vast dat het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht bij besluit van 24 juli 2013 heeft gelast om met onmiddellijke ingang de bouwwerkzaamheden op het perceel [locatie] te staken en gestaakt te houden voor wat betreft het gedeelte van de overkapping, onder verbeurte van een eenmalige dwangsom van € 10.000,00. Hiertegen is door [verzoeker] een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. Dit verzoek is door de voorzieningenrechter van de rechtbank Midden-Nederland bij uitspraak van 20 september 2013, zaaknummer UTR 13/4069, afgewezen.

3.2. Het voorgaande betekent dat ongeacht het planologisch regime, de overkapping thans rechtens niet kan worden afgebouwd. Gelet hierop is naar het oordeel van de voorzitter reeds hierom met het verzoek geen spoedeisend belang gemoeid dat het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigt. Hierbij overweegt de voorzitter dat op voorhand ook geen aanleiding bestaat voor het oordeel dat de raad niet in redelijkheid de bestemming "Tuin" heeft kunnen toekennen aan het perceel [locatie], zodat er ook daarom geen aanleiding is om vooruitlopend op het oordeel van de Afdeling een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek zal derhalve worden afgewezen.

3.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.E.M. Polak, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. J.J. Westland, ambtenaar van staat.

w.g. Polak w.g. Westland
voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 3 oktober 2013

647.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon