Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201306533/2/V3

Uitspraak 201306533/2/V3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2013:599
Datum uitspraak
25 juli 2013
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 26 juni 2013 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201306533/2/V3.
Datum uitspraak: 25 juli 2013

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, hangende het hoger beroep van:

[de vreemdeling],

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 15 juli 2013 in zaak nr. 13/16641 in het geding tussen:

de vreemdeling

en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie.

Procesverloop

Bij besluit van 26 juni 2013 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld.

Bij uitspraak van 15 juli 2013 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling hoger beroep ingesteld.
Voorts heeft de vreemdeling de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1. Het gestelde belang van de vreemdeling bij de gevraagde voorziening is hierin gelegen, dat wordt voorkomen dat hij wordt uitgezet zolang niet is beslist op het door hem ingestelde hoger beroep.

2. Hoewel de vreemdeling blijkens de op de zaak betrekking hebbende stukken reeds op 5 juli 2013 is aangekondigd dat hij op 21 juli 2013 via Delhi zal worden uitgezet naar Kabul, heeft zijn gemachtigde eerst in een zeer laat stadium, buiten de reguliere openingstijden van de Raad van State, verzocht om bij wijze van een voorlopige voorziening te bepalen dat de vreemdeling niet op voormelde datum mag worden uitgezet. Doordat de gemachtigde dit verzoek vervolgens niet telefonisch onder de aandacht van de Afdeling heeft gebracht, kon het niet tijdig in behandeling worden genomen.

3. Hoewel door de vreemdeling is gesteld dat hij met uitzetting wordt bedreigd en die uitzetting inmiddels heeft plaatsgevonden, ziet de voorzitter geen aanleiding die uitzetting alsnog te verbieden en de staatssecretaris op te dragen de vreemdeling naar Nederland te doen terugbrengen, omdat daarvoor in beginsel alleen grond kan zijn, indien in hoger beroep de toelatingsvraag aan de orde is. Dan moet immers een voorziening mogelijk zijn die voorkomt dat een vreemdeling wordt uitgezet van wie nadien blijkt dat hij aanspraak op toelating heeft. In dit hoger beroep is echter slechts aan de orde of de vreemdeling zijn vrijheid mocht worden ontnomen. Zelfs als blijkt dat de vreemdeling ten onrechte in bewaring zou zijn gesteld, doet dat in dit geval niet af aan de bevoegdheid van de staatssecretaris om tot zijn uitzetting over te gaan, aangezien niet in geschil is dat de vreemdeling niet rechtmatig in Nederland verblijft en niet binnen de hem daartoe gestelde termijn aan zijn vertrekplicht heeft voldaan.

4. Het verzoek dient dan ook als kennelijk ongegrond te worden afgewezen.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

6. Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, als voorzitter, in tegenwoordigheid van M.E. van Laar LLM, ambtenaar van staat.

w.g. Lubberdink w.g. Van Laar
voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 25 juli 2013

551


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon