Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201202485/1/A2

Uitspraak 201202485/1/A2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2012:BY0386
Datum uitspraak
17 oktober 2012
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 juni 2011 heeft de raad een verzoek om van een besluit van 30 augustus 2010 terug te komen afgewezen.
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201202485/1/A2.
Datum uitspraak: 17 oktober 2012

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant sub 1] en [appellant sub 2], beiden wonend te [woonplaats], (hierna tezamen en in enkelvoud: [appellant]),
appellanten,

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 3 februari 2012 in zaak nr. 11/5122 in het geding tussen:

[appellant]

en

de raad voor rechtsbijstand Amsterdam (lees: het bestuur van de raad voor rechtsbijstand).

Procesverloop

Bij besluit van 1 juni 2011 heeft de raad een verzoek om van een besluit van 30 augustus 2010 terug te komen afgewezen.

Bij besluit van 14 september 2011 heeft de raad het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 3 februari 2012 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld.

De raad heeft een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

Nadat partijen daartoe toestemming hadden verleend, heeft de Afdeling bepaald dat behandeling van de zaak ter zitting achterwege blijft en het onderzoek gesloten.

Overwegingen

1. De Afdeling heeft deze zaak gevoegd behandeld met zaak nr. 201203234/1/A2 vanwege de onderlinge samenhang. Vóór de uitspraken zijn de zaken gesplitst.

2. Bij het besluit van 30 augustus 2010 heeft de raad een aanvraag van [appellant] om een toevoeging voor rechtsbijstand afgewezen.

Aan het besluit van 1 juni 2011 heeft de raad ten grondslag gelegd dat niet is gebleken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden, als bedoeld in artikel 4:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

3. Het besluit van 1 juni 2011 ziet, evenals dat van 30 augustus 2010, op weigering van de gevraagde toevoeging. De rechtbank heeft het verzoek dan ook, anders dan [appellant] aanvoert, terecht aangemerkt als een nieuwe aanvraag na een eerdere afwijzing, als bedoeld in artikel 4:6, eerste lid, van de Awb.

4. [appellant] betoogt verder dat de rechtbank heeft miskend dat het klachtendossier van de zaak, waarvoor hij rechtsbijstand heeft aangevraagd, een nieuw feit of veranderde omstandigheid oplevert die meebrengt dat het verzoek niet louter met verwijzing naar het eerdere besluit mocht worden afgewezen.

4.1. [appellant] heeft het klachtendossier bij de raad op 6 oktober 2010 ingediend. Het bestaat uit stukken die nagenoeg alle dateren van vóór de aanvraag om toevoeging van 6 juli 2010. Aangezien voorts niet is gesteld dat [appellant] het niet vóór het eerdere afwijzende besluit van 30 augustus 2010 heeft kunnen inbrengen, heeft de rechtbank dit dossier terecht niet als nieuw feit of veranderde omstandigheid in evenbedoelde zin aangemerkt.

Het betoog faalt.

5. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.M. van Meurs-Heuvel, ambtenaar van staat.

w.g. Loeb w.g. Van Meurs-Heuvel
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 17 oktober 2012

47-615.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon