Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200504398/2

Uitspraak 200504398/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2005:AT8428
Datum uitspraak
24 juni 2005
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 mei 2004 heeft verzoeker aan de gemeente Tilburg bouwvergunning verleend voor het plaatsen van een lichtreclame aan de gevel van het wijkgebouw aan de Kerkenbosplaats 1 te Tilburg.
  • Voorlopige voorziening
  • Bouwen

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200504398/2.
Datum uitspraak: 24 juni 2005

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

het college van burgemeester en wethouders van Tilburg,
verzoeker,

tegen de uitspraak in zaak no. 04/1280 VEROR van de rechtbank Breda van 25 april 2005 in het geding tussen:

[wederpartij], wonend te [woonplaats]

en

verzoeker.

1. Procesverloop

Bij besluit van 24 mei 2004 heeft verzoeker aan de gemeente Tilburg bouwvergunning verleend voor het plaatsen van een lichtreclame aan de gevel van het wijkgebouw aan de Kerkenbosplaats 1 te Tilburg.

Bij besluit van 24 november 2004 heeft verzoeker het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 25 april 2005, verzonden op diezelfde datum, heeft de rechtbank Breda (hierna: de rechtbank) het daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, de bestreden beslissing op bezwaar vernietigd en het college opgedragen, met in achtneming van de uitspraak, een nieuw besluit te nemen op het bezwaarschrift binnen 10 weken na verzending van deze uitspraak.

Tegen deze uitspraak heeft verzoeker bij brief van 12 mei 2005, bij de Raad van State ingekomen op 18 mei 2005, hoger beroep ingesteld.
Bij brief van 12 mei 2005, bij de Raad van State ingekomen op 18 mei 2005, heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 16 juni 2005, waar verzoeker, vertegenwoordigd door mr. J.M.B. van Overdijk, ambtenaar van de gemeente, is verschenen.
Voorts is [wederpartij], bijgestaan door mr. M.A. Buntsma, advocaat te Breda, daar gehoord.

2. Overwegingen

2.1. In hetgeen verzoeker naar voren heeft gebracht, wordt geen aanleiding gevonden voor het oordeel dat sprake is van onverwijlde spoed, die, gelet op de betrokken belangen, het treffen van een voorlopige voorziening vereist.

Hierbij wordt in aanmerking genomen dat niet valt in te zien dat sprake zal zijn van onomkeerbare gevolgen, indien verzoeker, gevolg gevend aan de uitspraak van de rechtbank, wederom advies inwint van de welstandscommissie. Bij deze advisering kan alsdan, gelet op het bepaalde in artikel 12, eerste lid, van de Woningwet, niet uitsluitend het uiterlijk en de plaatsing van het bouwwerk op zichzelf maar tevens in verband met zijn omgeving, aan de orde worden gesteld.

2.2. Gelet hierop, ziet de Voorzitter geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.

2.3. Verzoeker dient op de na te melden wijze in de proceskosten van [wederpartij] te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. wijst het verzoek af;

II. veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van Breda tot vergoeding van bij [wederpartij] in verband met de behandeling van het verzoek opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 322,00 (zegge: driehonderd tweeëntwintig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; het dient door de gemeente Tilburg aan [wederpartij] onder vermelding van het zaaknummer te worden betaald.

Aldus vastgesteld door mr. C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. A.L.M. Steinebach-de Wit, ambtenaar van Staat.

w.g. Ligtelijn-van Bilderbeek w.g. Steinebach-de Wit
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 juni 2005

328.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon