Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200308582/1

Uitspraak 200308582/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2004:AR7113
Datum uitspraak
8 december 2004
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 juli 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oudewater (hierna: het college) appellante gelast de bouwwerkzaamheden op het perceel [locatie] te [plaats] stil te leggen.
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200308582/1.
Datum uitspraak: 8 december 2004

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellante], wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht van 28 november 2003 in het geding tussen:

appellante

en

het college van burgemeester en wethouders van Oudewater.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 juli 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Oudewater (hierna: het college) appellante gelast de bouwwerkzaamheden op het perceel [locatie] te [plaats] stil te leggen.

Bij besluit van 26 november 2002 heeft het college het daartegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 28 november 2003, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank Utrecht (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief van 17 december 2003, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 23 februari 2004. Deze brieven zijn aangehecht.

Bij brief van 9 maart 2004 heeft het college van antwoord gediend.

Na afloop van het vooronderzoek zijn nadere stukken ontvangen van appellante. Deze zijn aan de andere partij toegezonden.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 25 oktober 2004, waar appellante in persoon, bijgestaan door mr. L.J.L. Heukels, advocaat te Haarlem en ing. G.C.M. Verklei, en het college, vertegenwoordigd door mr. C.P.W. van den Berg en A.B. den Boer, ambtenaren van de gemeente, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Vast staat dat de bouwwerkzaamheden waarvan de stillegging is gelast betrekking hadden op de bouw van een woning met garage. Vast staat voorts dat appellante in weerwil van het gehandhaafde besluit van 16 juli 2002 de woning en garage geheel heeft voltooid.

Ter zitting is van de zijde van appellante verklaard dat zij van dit besluit geen nadeel heeft ondervonden en dat het hoger beroep er uitsluitend toe strekt om met het oog op de door het college ter zake van de bouw van de woning met garage opgelegde last onder dwangsom een uitspraak te verkrijgen over de vraag of in afwijking van de bouwvergunning is gebouwd.

De vraag of is gebouwd in afwijking van de bouwvergunning kan evenwel ten volle aan de orde worden gesteld - hetgeen appellante ook heeft gedaan - in de procedure ter zake van het dwangsombesluit.

Gelet hierop is van enig belang bij een inhoudelijke beoordeling van de rechtmatigheid van de opgelegde bouwstop geen sprake meer.

2.2. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. D.A.C. Slump, Voorzitter, en mr. P.A. Offers en mr. R. van der Spoel, Leden, in tegenwoordigheid van mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, ambtenaar van Staat.

w.g. Slump w.g. Wilbers-Taselaar
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 8 december 2004

71-412.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon