Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200306015/2

Uitspraak 200306015/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:AN9294
Datum uitspraak
25 november 2003
Inhoudsindicatie
Bij brief van 18 juni 2002 heeft het hoofd Vastgoed van de Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn van de gemeente Den Haag aan het bestuur van de stichting "Stichting Confessioneel Onderwijs [naam]" (hierna: de stichting) meegedeeld geen aanleiding te zien het eerder ingenomen gemeentelijk standpunt inzake het economisch claimrecht met betrekking tot het schoolgebouw [locatie] te [plaats] te herzien.
  • Voorlopige voorziening
  • Geld

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200306015/2.
Datum uitspraak: 25 november 2003

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) hangende het hoger beroep van:

het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
verzoeker,

tegen de uitspraak van de rechtbank te 's-Gravenhage van 28 juli 2003 in het geding tussen:

het bestuur van de stichting "Stichting Confessioneel Onderwijs [naam]", gevestigd te Den Haag

en

verzoeker.

1. Procesverloop

Bij brief van 18 juni 2002 heeft het hoofd Vastgoed van de Dienst Onderwijs, Cultuur en Welzijn van de gemeente Den Haag aan het bestuur van de stichting "Stichting Confessioneel Onderwijs [naam]" (hierna: de stichting) meegedeeld geen aanleiding te zien het eerder ingenomen gemeentelijk standpunt inzake het economisch claimrecht met betrekking tot het schoolgebouw [locatie] te [plaats] te herzien.

Bij besluit van 11 september 2002 heeft verzoeker het daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 28 juli 2003, verzonden op 30 juli 2003, heeft de rechtbank te 's-Gravenhage (hierna: de rechtbank) het daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, de bestreden beslissing op bezwaar vernietigd en verzoeker opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van hetgeen in deze uitspraak is overwogen.

Tegen deze uitspraak heeft verzoeker bij brief van 9 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, hoger beroep ingesteld.
Bij brief van 14 oktober 2003, bij de Raad van State ingekomen op 21 oktober 2003, heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 20 november 2003, waar verzoeker, vertegenwoordigd door mr. M.B.A. Alkema en mr. drs. A.C.B. van Dam, beiden ambtenaar van de gemeente, is verschenen. Voorts is de stichting, vertegenwoordigd door mr. W.A.H.A. Veeren, gemachtigde, en [gemachtigde], beleidsmedewerkster, daar gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Verzoeker heeft de Voorzitter verzocht bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat het hem wordt toegestaan om de uitspraak van de Afdeling op het door hem ingestelde hoger beroep af te wachten en hij niet reeds thans gevolg hoeft te geven aan de uitspraak van de rechtbank.

2.2. Tegenover het belang van verzoeker, zoals dat in het verzoek en ter zitting is toegelicht, staat het belang van de stichting om reeds – al was het maar voorlopig – een oordeel omtrent de zaak te verkrijgen. Nu geen bijzondere omstandigheden zijn gesteld of gebleken, weegt het reeds om die reden als onvoldoende spoedeisend niet op tegen het hiervoor bedoelde belang van verzoeker.

2.3. Het verzoek dient op na te melden wijze te worden toegewezen.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bepaalt bij wijze van voorlopige voorziening dat verzoeker geen nieuwe beslissing op het bezwaarschrift van het bestuur van de Stichting Confessioneel Onderwijs [naam] hoeft te nemen, totdat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist.

Aldus vastgesteld door mr. H. Troostwijk, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. L. Groenendijk, ambtenaar van Staat.

w.g. Troostwijk w.g. Groenendijk
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 25 november 2003

164.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon