Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202502955/1/V1

Uitspraak 202502955/1/V1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2817
Datum uitspraak
25 juni 2025
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag om appellant 1 een visum voor kort verblijf te verlenen, afgewezen.
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202502955/1/V1.
Datum uitspraak: 25 juni 2025

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[appellant 1] en [appellant 2],
appellanten,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 24 april 2025 in zaak nr. NL24.25974 in het geding tussen:

appellant 1

en

de minister van Buitenlandse Zaken.

Procesverloop

Bij besluit van 10 oktober 2023 heeft de minister een aanvraag om appellant 1 een visum voor kort verblijf te verlenen, afgewezen.

Bij besluit van 8 juli 2024 heeft de minister het daartegen door appellanten gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 24 april 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant 1 ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak hebben appellanten, vertegenwoordigd door mr. H.H.R. Bruggeman, advocaat in Leiderdorp, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1.       De uitspraak van de rechtbank gaat over een visum voor een verblijf van 90 dagen of minder. Hiertegen kan geen hoger beroep worden ingesteld (artikel 84, aanhef en onder b, van de Vw 2000).

1.1.    Wat appellanten in hoger beroep aanvoeren, is geen reden om het hoger beroep toch in behandeling te nemen. Het verbod op hoger beroep kan alleen worden doorbroken als er geen eerlijk proces is geweest. Dat doet zich hier niet voor.

2.       De Afdeling is onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

verklaart zich onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. E.E. Pronk, griffier.

w.g. Sevenster
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Pronk
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 25 juni 2025

1028


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon