Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak BRS.25.000340

Uitspraak BRS.25.000340

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2239
Datum uitspraak
20 mei 2025
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 7 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.
  • Hoger beroep
  • Bewaring

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

BRS.25.000340
ECLI:NL:RVS:2025:2239
Datum uitspraak: 20 mei 2025

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het hoger beroep van:

[appellant],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Zwolle, van 28 maart 2025 in zaak nr. NL25.11125 in het geding tussen:

[appellant]

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 7 maart 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld.

Bij uitspraak van 28 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. S.R. den Toonder, advocaat in Amsterdam, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1.        Appellant klaagt in de eerste grief dat de rechtbank niet binnen de wettelijke termijn uitspraak heeft gedaan.

1.1.        Gelet op artikel 94, vijfde lid, van de Vw 2000 wordt in bewaringszaken uitspraak gedaan binnen zeven dagen na de sluiting van het onderzoek. Een uitspraak is pas binnen zeven dagen gedaan als dat ook in het openbaar is gebeurd. Dat volgt uit artikel 8:78 van de Awb. Als de termijn van zeven dagen wordt overschreden, dan leidt dat tot onrechtmatigheid van de bewaring, vanaf de dag nadat de termijn voor het doen van de uitspraak was geëindigd. Dat is alleen anders als er sprake was van feiten en omstandigheden die een overschrijding van de termijn kunnen rechtvaardigen. Dat heeft de Afdeling overwogen in haar uitspraak van 29 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4321, onder 1.1.

1.2.        In dit geval is het onderzoek op de zitting van 20 maart 2025 gesloten. Maar onder de uitspraak van de rechtbank staat dat deze in het openbaar is uitgesproken en is bekendgemaakt op 28 maart 2025. De rechtbank heeft dus niet binnen de termijn van zeven dagen uitspraak gedaan.

1.3.        De Afdeling heeft de rechtbank daarom verzocht de overschrijding van de termijn te verklaren. De rechtbank heeft daarop toegelicht dat de overschrijding te wijten is aan een interne storing bij de administratieve verwerking van de uitspraak. Dat heeft geleid tot een vertraging bij de openbaarmaking van de uitspraak.

1.4.        De Afdeling ziet in die verklaring geen bijzondere omstandigheid die een schending van de termijn rechtvaardigt. De grief slaagt daarom.

2.        Wat appellant verder heeft aangevoerd, leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het verder aangevoerde geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

3.        De Afdeling ziet ambtshalve geen reden om de bewaring al vanaf een eerdere datum onrechtmatig te achten. Het hoger beroep is gegrond. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank. Het beroep is gegrond. Omdat de maatregel van bewaring al is opgeheven, is een bevel tot opheffing niet nodig. Appellant heeft wel recht op schadevergoeding (artikel 106, eerste lid, van de Vw 2000). Deze vergoeding wordt daarom aan appellant toegekend. De minister moet de proceskosten vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        verklaart het hoger beroep gegrond;

II.        vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Zwolle, van 28 maart 2025 in zaak nr. NL25.11125;

III.        verklaart het beroep gegrond;

IV.        kent aan appellant een vergoeding toe van € 800,00 over de periode van 28 maart 2025 tot en met 4 april 2025, ten laste van de Staat der Nederlanden, te betalen door de griffier van de Raad van State;

V.        veroordeelt de minister van Asiel en Migratie tot vergoeding van bij appellant in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 2.721,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. M. den Heyer, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Kraak, griffier.

w.g. Den Heyer
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Kraak
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 20 mei 2025

959


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon