Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200306497/2

Uitspraak 200306497/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:AN7976
Datum uitspraak
6 november 2003
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 augustus 2003, kenmerk MW02.25857, heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan verzoekster een vergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het bewaren, bewerken en verwerken van van buiten de inrichting afkomstige (gevaarlijke) scheepsafvalstoffen op het perceel [locatie] te [plaats], kadastraal bekend gemeente [plaats], sectie [-], nummers [-], [-] en [-]. Dit besluit is op 21 augustus 2003 ter inzage gelegd.
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200306497/2.
Datum uitspraak: 6 november 2003

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid "Inzamelstation Nijmegen B.V.", gevestigd te Nijmegen,
verzoekster,

en

het college van gedeputeerde staten van Gelderland,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 5 augustus 2003, kenmerk MW02.25857, heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan verzoekster een vergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor het bewaren, bewerken en verwerken van van buiten de inrichting afkomstige (gevaarlijke) scheepsafvalstoffen op het perceel [locatie] te [plaats], kadastraal bekend gemeente [plaats], sectie [-], nummers [-], [-] en [-]. Dit besluit is op 21 augustus 2003 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit heeft verzoekster bij brief van 29 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op 30 september 2003, beroep ingesteld.
Bij brief van 29 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op 30 september 2003, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 27 oktober 2003, waar verzoekster, vertegenwoordigd door [gemachtigde], en verweerder, vertegenwoordigd door mr. J.F.M. Verbunt en ing. D. Mulder, ambtenaren van de provincie, zijn verschenen.
Voorts is de regionaal inspecteur VROM regio Oost, vertegenwoordigd door [gemachtigde], gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. De inrichting waarvoor vergunning is verleend bestaat uit twee vastliggende pontons en drijvende installaties, die in de Waal zijn gelegen.

2.3. Verzoekster kan zich niet verenigen met het aan de vergunning verbonden voorschrift 3.4. Hierin is, voorzover van belang, bepaald dat voor het ponton Hulhuizen binnen de inrichting een geldig communautair certificaat binnenschepen aanwezig dient te zijn. Leidingen, appendages en verbindingen op het ponton Hulhuizen dienen ten minste eenmaal per vijf jaar aan een inspectie door een externe deskundige te worden onderworpen. Deze inspectie moet worden uitgevoerd conform voorschrift 4.2.1 en 4.2.2 van de circulaire CPR 9-6.

Verzoekster betoogt dat het stellen van voorschrift 3.4 neerkomt op een gedeeltelijke weigering van de vergunning. In dit verband voert zij aan dat voor pontons zoals Hulhuizen geen communautair certificaat kan worden afgegeven, omdat hiervoor geen wettelijke basis bestaat. Verder betoogt zij dat de bestaande leidingen, appendages en verbindingen van het ponton niet volgens de CPR 9-6, maar volgens de voor de scheepvaart gebruikelijke kwaliteitseisen van hoofdstuk 9 van het ADNR zijn gefabriceerd en geïnstalleerd. Inspectie overeenkomstig de voorschriften 4.2.1 en 4.2.2 van de CPR 9-6 is daarom naar haar mening niet mogelijk.

2.4. Verweerder heeft betoogd dat het vanwege het belang van de bescherming van het milieu noodzakelijk is dat voorschriften worden gesteld ten aanzien van de externe veiligheid en het voorkomen van emissies naar de lucht of het water in geval van calamiteiten en dat hierom een communautair certificaat benodigd is.

2.5. De Voorzitter overweegt dat de vraag of verweerder het aanwezig hebben van een geldig communautair certificaat in redelijkheid noodzakelijk heeft kunnen achten in het belang van de bescherming van het milieu nader onderzoek vergt, waarvoor de onderhavige procedure zich niet leent. In het kader van de behandeling van het geding in de bodemprocedure kan dit aspect aan de orde komen. Gelet hierop en nu niet is gebleken dat de bestaande bedrijfsvoering zodanig is dat de mogelijk nadelige gevolgen voor het milieu zich keren tegen een voortzetting daarvan, in ieder geval in afwachting van de behandeling van het geding in de bodemprocedure, ziet de Voorzitter na afweging van de betrokken belangen aanleiding de hierna te melden voorlopige voorziening te treffen. Gelet op de stukken en het verhandelde ter zitting ziet de Voorzitter overigens aanleiding de behandeling van het geding in de bodemzaak te bespoedigen.

2.6. Met betrekking tot het betoog dat niet aan voorschrift 3.4 kan worden voldaan voorzover het de inspectie overeenkomstig de CPR 9-6 betreft, overweegt de Voorzitter dat nu deze inspectie ingevolge voorschrift 3.4 eerst binnen vijf jaar na het in werking treden van de vergunning dient te zijn verricht, er naar zijn oordeel geen spoedeisend belang bestaat bij het treffen van een voorlopige voorziening op dit punt.

2.7. Verweerder dient op na te melden wijze in de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. schorst bij wijze van voorlopige voorziening het besluit van het college van gedeputeerde staten van Gelderland van 5 augustus 2003, kenmerk MW02.25857, voorzover het voorschrift 3.4, voorzover daarin is bepaald dat voor het ponton Hulhuizen binnen de inrichting een geldig communautair certificaat binnenschepen aanwezig dient te zijn, betreft;

II. veroordeelt het college van gedeputeerde staten van Gelderland in de door verzoekster in verband met de behandeling van het verzoek gemaakte proceskosten tot een bedrag van € 46,37; het bedrag dient door de provincie Gelderland te worden betaald aan verzoekster;

III. gelast dat de provincie Gelderland aan verzoekster het door haar voor de behandeling van het verzoek betaalde griffierecht (€ 232,00) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. J. Heijerman, ambtenaar van Staat.

w.g. Brink w.g. Heijerman
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 6 november 2003

255-361.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon