Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200305856/1

Uitspraak 200305856/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:AL8908
Datum uitspraak
6 oktober 2003
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 augustus 2003, kenmerk 2003000888, heeft verweerder het verzoek van verzoeker van 23 mei 2003 betreffende de inrichting van de [vergunninghouder] afgewezen.
  • Voorlopige voorziening
  • Milieu - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200305856/1.
Datum uitspraak: 6 oktober 2003

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoeker], wonend te [woonplaats],

en

het college van burgemeester en wethouders van Liesveld,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 27 augustus 2003, kenmerk 2003000888, heeft verweerder het verzoek van verzoeker van 23 mei 2003 betreffende de inrichting van de [vergunninghouder] afgewezen.

Tegen dit besluit heeft verzoeker bezwaar gemaakt.
Bij brief van 2 september 2003, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde datum, heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 29 september 2003, waar verzoeker, vertegenwoordigd door mr. A. van Diermen, gemachtigde, en verweerder, vertegenwoordigd door C. Benschop, ambtenaar van de gemeente, en H.G.J. Scholts, ambtenaar van de milieudienst Zuid-Holland Zuid, zijn verschenen. Voorts is vergunninghoudster, vertegenwoordigd door mr. drs. E.D.M. Knegt, advocaat te Breda, en bijgestaan door [gemachtigde], daar gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Bij besluit van 2 mei 2003 heeft verweerder aan [vergunninghouder] een revisievergunning verleend. Deze vergunning was ten tijde van het nemen van het nemen van het bestreden besluit in werking getreden en onherroepelijk geworden.

2.2. Verzoeker is thans eigenaar van een perceel in de nabijheid van de onderhavige inrichting en zal in de toekomst mogelijk eigenaar worden van andere naburige percelen. Hij vreest geluidhinder vanwege de inrichting. Verzoeker meent dat in strijd met artikel 5.10, eerste lid, van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer (hierna: het Ivb) bij de aanvraag om evengenoemde vergunning achterwege is gelaten een akoestisch rapport over te leggen. Hij heeft verweerder verzocht om via het opleggen van een last onder dwangsom wegens overtreding van evengenoemd artikel, dan wel via het intrekken van de vergunning op grond van artikel 8.25, derde lid jo. het eerste lid, onder a, van de Wet milieubeheer het indienen van een dergelijk rapport alsnog af te dwingen.

2.3. Verweerder heeft het verzoek opgevat als zijnde een verzoek om handhaving en een apart verzoek om intrekking van de vergunning op grond van artikel 8.25, derde lid jo. het eerste lid, onder a, van de Wet milieubeheer. Verweerder heeft eerstgenoemd verzoek afgewezen omdat hij zich - kort gesteld - niet bevoegd acht om tot handhaving over te gaan. Het verzoek om intrekking van de vergunning heeft verweerder niet toegewezen omdat de door de inrichting veroorzaakte nadelige gevolgen voor het milieu zijns inziens voldoende worden beperkt door de aan de - recent verleende – revisievergunning verbonden voorschriften.

2.4. Artikel 5.10 van het Ivb bepaalt dat indien de aanvraag om vergunning betrekking heeft op een inrichting, die behoort tot een categorie, die is genoemd in bijlage I, onder 11.1, 12.1, 13.1, onder a, 1°tot en met 3°, 17, onder a, 18 of 19, of die behoort tot een categorie, waarvoor gedeputeerde staten, Onze Minister, Onze Minister van Economische Zaken of Onze Minister van Verkeer en Waterstaat bevoegd zijn te beslissen op de aanvraag, de aanvrager op verzoek van het bevoegd gezag in of bij de aanvraag vermeldt:

a. de aard van de geluiden en hoogte van de te verwachten geluidsbelasting welke de inrichting binnen een door het bevoegd gezag aangegeven gebied buiten de inrichting kan veroorzaken;

b. de tijden waarop die geluidsbelasting zich zal voordoen;

c. de methode waarmee de aard van de geluiden en hoogte van de geluidsbelasting zijn vastgesteld.

Artikel 8.25, eerste lid, onder a, van de Wet milieubeheer bepaalt dat het bevoegd gezag - onverminderd het in de artikelen 8.34, 8.38, 8.39 en 18.12 bepaalde - een vergunning voor een inrichting geheel of gedeeltelijk kan intrekken indien de inrichting ontoelaatbaar nadelige gevolgen voor het milieu veroorzaakt en toepassing van artikel 8.23 redelijkerwijs daarvoor geen oplossing biedt.

Het derde lid van dit artikel bepaalt dat een ieder, met uitzondering van de vergunninghouder, het bevoegd gezag kan verzoeken een vergunning met toepassing van het eerste lid in te trekken.

2.5. De Voorzitter overweegt dat, nog daargelaten de vraag of in het onderhavige geval sprake is van een inrichting als bedoeld in dit artikel, uit artikel 5.10 van het Ivb geen verplichting voor vergunninghoudster kan worden afgeleid om bij het indienen van een aanvraag om vergunning een akoestisch rapport over te leggen. Het artikel schept slechts een bevoegdheid voor het bevoegd gezag een dergelijk rapport van de aanvrager te verlangen in gevallen waarin zij dit nodig acht. Verweerder heeft aangegeven dat hij hiertoe bij het verlenen van de vergunning geen aanleiding heeft gezien. Verweerder heeft er voorts op gewezen dat verzoeker tegen het verlenen van de vergunning geen bedenkingen heeft ingediend. Gelet op het vorenstaande kan naar het oordeel van de Voorzitter niet gesteld worden dat sprake is van een overtreding van het betreffende artikel. Verweerder heeft zich derhalve terecht niet bevoegd geacht om tot handhaving over te gaan.

De Voorzitter overweegt voorts dat, gelet op hetgeen verzoekster hiertoe heeft aangevoerd en verweerder ter weerlegging hiervan heeft gesteld, geen aanknopingspunten zijn om tot het oordeel te komen dat verweerder tot intrekking van de vergunning had moeten overgaan.

2.6. Gelet op het vorenstaande wijst de Voorzitter het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.M. Boll, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. S. Scheerhout, ambtenaar van Staat.

w.g. Boll w.g. Scheerhout
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 6 oktober 2003

318.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon