Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202205158/1/V3

Uitspraak 202205158/1/V3

ECLI
ECLI:NL:RVS:2022:3120
Datum uitspraak
1 november 2022
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 2 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring gesteld.
  • Voorlopige voorziening
  • Bewaring

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202205158/1/V3.
Datum uitspraak: 1 november 2022

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[de vreemdeling],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, van 23 augustus 2022 in zaak nr. NL22.15030 in het geding tussen:

de vreemdeling

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Procesverloop

Bij besluit van 2 augustus 2022 heeft de staatssecretaris de vreemdeling in bewaring gesteld.

Bij uitspraak van 23 augustus 2022 heeft de rechtbank het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. M.H.K. van Middelkoop, advocaat te Haarlem, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1.       Wat de vreemdeling in de tweede en derde grief heeft aangevoerd, leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat deze grieven geen vragen bevatten die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

2.       De vreemdeling klaagt in zijn eerste grief terecht dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de staatssecretaris de vreemdeling op grond van artikel 50, tweede lid, van de Vw 2000 heeft mogen ophouden. Uit de stukken volgt namelijk dat al voor aanvang van de ophouding aan de hand van biometrische gegevens onderzoek is verricht naar de identiteit van de vreemdeling. Uit dat onderzoek volgt dat de door de vreemdeling bij zijn op 9 maart 2022 ingediende aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd verstrekte gegevens over zijn identiteit overeenkomen met de door hem in de strafrechtelijke procedure verstrekte gegevens over zijn identiteit.

Uit de stukken volgt verder dat ook al voor aanvang van de ophouding bekend was dat Ierland op grond van de Dublinverordening had ingestemd met de terugname van de vreemdeling en dat hij na het indienen van zijn aanvraag op 19 maart 2022 met onbekende bestemming was vertrokken, zodat hij geen rechtmatig verblijf meer had (zie de uitspraak van de Afdeling van 11 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1164).

Hoewel de klacht terecht is voorgedragen, leidt de grief niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.

Anders dan de vreemdeling betoogt, had hij niet op grond van artikel 50a van de Vw 2000, maar op grond van artikel 50, derde lid, van de Vw 2000 moeten worden opgehouden. De identiteit van de vreemdeling was namelijk al vastgesteld en hij bleek geen rechtmatig verblijf te hebben.

De ernst van het gebrek weegt niet op tegen de belangen die met de maatregel van bewaring gediend zijn. De maximale duur van de ophouding op grond van het tweede of het derde lid bedraagt evenveel uren. Verder volgt uit wat onder 1 is overwogen dat de bewaring zelf rechtmatig is. Daaruit volgt dat in rechte vast staat dat een significant risico bestaat op onderduiken. Aan de inbewaringstelling heeft de staatssecretaris onder meer ten grondslag gelegd dat de vreemdeling op 19 maart 2022 met onbekende bestemming is vertrokken. Het gebrek in de ophouding leidt daarom niet tot onrechtmatigheid van de maatregel van bewaring.

De grief faalt.

3.       Het hoger beroep is ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd met verbetering van de gronden waarop deze rust. De staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden, gelet op de uitspraak van de Afdeling van 3 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1498, onder 2.2.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        bevestigt de aangevallen uitspraak;

II.       veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 2.277,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, voorzitter, en mr. B. Meijer en

mr. J.C.A. de Poorter, leden, in tegenwoordigheid van mr. J. van de Kolk, griffier.

w.g. Verheij
Voorzitter

w.g. Van De Kolk
griffier

347-102


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon