Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.867
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202400768/1/A2

Bij besluit van 20 december 2022 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant] een schadevergoeding van € 2154,04, te vermeerderen met de wettelijke rente, voor de waardedaling van zijn woning toegekend. [appellant] is sinds 29 maart 1978 eigenaar van de woning aan [locatie] te Leens. Op 15 november 2022 heeft [appellant] een aanvraag voor vergoeding van de waardedaling van zijn woning ingediend. Het Instituut heeft bij besluit van 20 december 2022, gehandhaafd bij besluit van 25 april 2023, aan [appellant] een vergoeding van € 2.154,04, te vermeerderen met de wettelijke rente, toegekend voor de waardedaling van zijn woning door ligging in het aardbevingsgebied.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:739
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202400768/1/A2

202400789/3/R3

Bij tussenuitspraak van 23 oktober 2024, ECLI:NL:RVS:2024:4277, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Kaag en Braassem opgedragen om binnen 12 weken na verzending van de tussenuitspraak het geconstateerde gebrek in het besluit van 18 december 2023 te herstellen. Bij besluit van 16 december 2024 heeft de raad het bestemmingsplan "Kerkstraat 1-2, Oude Wetering" gewijzigd vastgesteld. [appellant A] en anderen hebben geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om daarover een zienswijze naar voren te brengen. NU Projectontwikkeling B.V. heeft dat wel gedaan. Het plangebied ligt aan de Kerkstraat in Oude Wetering. NU Projectontwikkeling wil op de locatie elf koopwoningen bouwen. Dit is in strijd met het bestemmingsplan "Oude Wetering". Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken, heeft de raad het bestemmingsplan "Kerkstraat 1-2, Oude Wetering" vastgesteld. [appellant A] en [appellant B] wonen op het perceel [locatie 1]. Daar is ook het bedrijf van [appellant A] en de praktijk van [appellant B] gevestigd. [appellant C] en [appellant D] wonen op het perceel [locatie 2]. Zij vrezen voor een aantasting van hun woon-, leef- en ondernemersklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:781
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202400789/3/R3

202401125/1/A2

Bij besluiten van 21 oktober 2021 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven uitkeringen van € 10.000,- en € 5.000,- uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven toegekend. Op 19 mei 2021 heeft de CSG twee aanvragen van [appellant] om een uitkering uit het schadefonds ontvangen. Aan de eerste aanvraag heeft hij ten grondslag gelegd dat hij vanaf 1988 tot en met 1991 op jonge leeftijd is misbruikt door een man die deel uitmaakte van een pedofielennetwerk. De tweede aanvraag betreft misbruik door een stiefoom van [appellant] in 1991 en/of 1992. Als gevolg van het seksueel misbruik heeft hij psychisch en lichamelijk letsel opgelopen. [appellant] is van mening dat hij op basis van letselcategorie 6 een uitkering van € 35.000,- moet ontvangen. Aan het besluit van 12 juni 2023 dat ziet op seksueel misbruik in de periode 1988 tot en met 1991 heeft de CSG ten grondslag gelegd dat [appellant] op zeer jonge leeftijd over een periode van vier jaar zeer frequent seksueel misbruik onder verzwarende omstandigheden heeft ondervonden. Van het misbruik is beeldmateriaal gemaakt dat op grote schaal is verspreid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:749
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202401125/1/A2

202401637/1/A2

Bij besluit van 14 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wageningen de aanvraag van [partij] en de stichting om tegemoetkoming in planschade afgewezen. De stichting is eigenaar van het rijksmonument met bijbehorend perceel aan de Grebbedijk 6-6a in Wageningen (hierna: het perceel). Het perceel had onder het bestemmingsplan Plan Nude de bestemming "Berm, groenstrook of plantsoen". Bij besluit van 23 maart 2015 is het bestemmingsplan Bedrijventerreinen vastgesteld. Onder het nieuwe bestemmingsplan heeft het perceel de bestemming "Groen". Het college heeft een advies van de SAOZ van 1 november 2021 ten grondslag gelegd aan zijn besluiten. Het college heeft op basis van dat advies onder meer geconcludeerd dat het nieuwe bestemmingsplan voor de stichting niet heeft geleid tot planologisch nadeel. De oude en de nieuwe bestemming verschillen slechts op ondergeschikte punten van elkaar.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:763
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202401637/1/A2

202401725/1/A2

Bij besluit van 23 september 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] woont met haar twee kinderen in Den Haag. Zij heeft een urgentieverklaring aangevraagd omdat zij in haar huidige woning is bedreigd door drie vrouwen die bij haar hebben aangebeld. Door deze traumatische gebeurtenis voelt zij zich niet meer veilig in haar woning. [appellant] is gediagnostiseerd met PTSS. Het verblijf in de woning veroorzaakt ernstige ontwrichting in haar leven en staat haar behandeling in de weg. [appellant] verwijst naar de brieven van haar behandelend psycholoog van 28 juli 2022 en 13 maart 2023, waarin staat dat de psycholoog meent dat het verhuizen naar een andere woning [appellant] helpt om haar depressieve klachten te verminderen. Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat het huisvestingsprobleem onvoldoende wordt opgelost met een verhuizing. Bovendien heeft [appellant] niet eerst voorafgaand aan de aanvraag drie maanden zelf aantoonbaar gereageerd op het beschikbare woningaanbod.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:748
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202401725/1/A2

202401914/1/A2

Bij besluit van 24 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] woont sinds maart 2022 in een tweekamerwoning op de eerste verdieping aan de [locatie] in Den Haag. Hij heeft een urgentieverklaring aangevraagd op medische gronden omdat hij in deze woning, en met name zijn slaapkamer, veel geluidsoverlast ervaart. Vanwege zijn psychische problematiek is [appellant] extra gevoelig voor geluid en hij ervaart hiervan veel problemen. Het college heeft de aanvraag van [appellant] afgewezen omdat hij niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 4:5, aanhef en onder b, g en m van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019. Volgens het college is er geen urgent huisvestingsprobleem, wordt het onderliggende probleem niet opgelost met een verhuizing naar een andere woning en heeft [appellant] de drie maanden voorafgaand aan de aanvraag niet aantoonbaar gereageerd op het beschikbare woningaanbod.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:750
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202401914/1/A2

202402083/1/A2

Bij besluit van 3 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] staat ingeschreven op het adres van zijn moeder, waar hij gedurende de week of af en toe verblijft. Vanwege de slechte relatie met zijn moeder, slaapt [appellant] de rest van de tijd bij kennissen of vrienden. Hij heeft een urgentieverklaring aangevraagd omdat hij een eigen woning nodig heeft om te kunnen werken aan zijn psychische problemen. Uit een advies van de GGD blijkt dat [appellant] een beperkte belastbaarheid heeft en dat het inwonen bij familie tot de nodige spanningen kan leiden, maar dat er geen medische noodzaak is dat [appellant] op korte termijn zou moet verhuizen. Het college heeft de aanvraag daarom afgewezen op grond van artikel 2.6.5, eerste lid, aanhef en onder b, van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2020. Volgens het college is er geen urgent huisvestingsprobleem als iemand op diverse plekken inwonend is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:746
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202402083/1/A2

202403083/1/R3

Bij besluit van 19 maart 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee het wijzigingsplan "Scharloo 19, Brielle" vastgesteld. Op het perceel Scharloo 19 in Brielle was een timmerbedrijf gevestigd. Enkele jaren geleden is met de bedrijfsvoering gestopt en het pand staat al een tijd leeg. 2P Investments wil op het perceel vijf woningen bouwen, bestaande uit een woongebouw met vier appartementen aan de straatzijde en een vrijstaande woning daarachter. Deze ontwikkeling is in strijd met de bestemming "Bedrijf", die het perceel heeft in het bestemmingsplan "Vesting". Het college heeft het wijzigingsplan vastgesteld met toepassing van artikel 3.5 van de regels van het bestemmingsplan, waarin een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen. [appellant A] en anderen betogen dat het college niet bevoegd was het wijzigingsplan vast te stellen. Zij voeren aan dat de wijzigingsbevoegdheid het mogelijk maakt om de bestemming "Bedrijf" te wijzigen naar "Wonen" en "Tuin", maar niet (ook) om het bouwvlak te wijzigen. En dat is hier wel gebeurd. In de bestaande situatie was er één (groot) bouwvlak en in de nieuwe situatie wordt dat bouwvlak verkleind en komt er een nieuw bouwvlak bij.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:780
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202403083/1/R3

202404435/1/R4

Bij besluit van 28 april 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 8 april 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 8 april 2024 is aangetroffen naast een ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van het Hofwijckplein 10 in Den Haag. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden omdat daarop een adreslabel zat met haar naam- en adresgegevens. [appellant] betwist niet dat de doos van haar afkomstig is, maar stelt dat zij niet degene is geweest die de doos naast de ORAC heeft neergezet. Ze stelt dat ze de lege doos op 7 april op haar balkon heeft neergezet met daarop een zware vuilniszak, met de bedoeling deze op een later moment weg te gooien. [appellant] stelt daarbij dat ze vanwege de onveiligheid van haar woonbuurt in het donker niet naar buiten durft te gaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:768
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202404435/1/R4

202405421/1/A2

Bij beslissing van 12 juni 2024 is aan [appellant] het cijfer voor het centraal examen Wiskunde B VWO bekend gemaakt. [appellant] heeft in het schooljaar 2023-2024 als VAVO-student het VWO gevolgd aan het ROC Mondriaan. In het eerste tijdvak heeft hij op 23 mei 2024 centraal examen wiskunde B afgelegd. Op 12 juni 2024 is de normering voor de centrale eindexamens bekend gemaakt. Hierdoor zijn de eindresultaten van [appellant] bekend geworden. Hij heeft diezelfde dag een herkansing aangevraagd voor het vak scheikunde. Op 14 juni 2024 heeft [appellant] het centraal examen voor het vak scheikunde ingezien. De herkansing van dit vak vond op 24 juni 2024 plaats. Op 1 juli 2024 heeft hij zijn centraal examen van wiskunde B ingezien. Tijdens die inzage vernam [appellant] dat de eerste en tweede corrector van mening verschilden over de beantwoording van een aantal vragen, maar dat zij in onderling overleg tot overeenstemming waren gekomen over de score. [appellant] heeft op 2 juli 2024 bezwaar bij de examencommissie gemaakt tegen deze beoordeling.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:779
Datum uitspraak
26 februari 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202405421/1/A2
vorige pagina1...947948949...12.687volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon