Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 127.111
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202402521/1/R4

Bij besluit van 15 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 24 november 2023 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 van de gemeente Den Haag aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat een gedeelte van de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 199,57, voor rekening van [appellante] komt. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een platgemaakte doos die op 24 november 2023 is aangetroffen naast de ondergrondse restafvalcontainer ter hoogte van de Tasmanstraat 6 in Den Haag. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat haar naam en adres op het adreslabel op de doos staan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1703
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202402521/1/R4

202403308/1/V6

Bij besluit van 1 maart 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 27 januari 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij van 1 juli 2008 tot en met 31 oktober 2010 heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; hierna: de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt. De minister heeft zich in het besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] ook niet onder de tweede groep valt, omdat hij niet rechtstreeks in dienst was bij het ministerie van Defensie, maar bij een onderaannemer.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1729
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202403308/1/V6

202403309/1/V6

Bij besluit van 4 juli 2023 (hierna: het besluit) heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 29 maart 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij tussen 2006 en 2010 een à twee jaar heeft gewerkt als bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; hierna: de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen. Partijen zijn het erover eens dat [appellant] niet is genomineerd door een ngo in het kader van de speciale voorziening en hij dus niet onder die groep van de speciale voorziening valt. De minister heeft zich in het besluit op het standpunt gesteld dat [appellant] ook niet onder de tweede groep valt, omdat hij niet voorkomt in de database van het ministerie van Defensie met meldingen van Nederlandse veteranen en van hulpverzoeken die uiterlijk 11 oktober 2021 zijn gedaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1683
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202403309/1/V6

202404320/1/R1

Bij besluit van 26 april 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Texel de door [appellant] aangevraagde omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van een gebouw als woonruimte op het perceel [locatie] in Den Burg geweigerd. [appellant] woont in een stolpwoning (hierna: de woning) op het perceel [locatie] in Den Burg. Naast de stolpwoning stond op het perceel ook een schuur van ongeveer 60 m². Ook is een hal van ongeveer 170 m² aanwezig. [appellant] wil op het perceel een gebouw met een nokhoogte van 5 meter bouwen met een woonkamer- en een slaapkamergedeelte, douche, toilet en een glazen corridor naar de woning. Hij heeft daarom een omgevingsvergunning aangevraagd voor dit bouwplan. Het gebouw heeft een oppervlakte van ongeveer 46 m2. In de aanvraag staat dat het gaat om levensloopbestendig wonen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1710
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202404320/1/R1

202404656/1/R4

Bij besluit van 23 april 2024 heeft de raad van de gemeente Rheden het bestemmingsplan "Landelijk Gebied, locatie langs de spoorlijn tussen Biljoen en [locatie]" vastgesteld. Het plangebied bestaat uit twee locaties. Een hoofdlocatie en een locatie voor natuurcompensatie. De hoofdlocatie wordt gevormd door een bestaande weg die parallel loopt aan, en ten zuiden ligt van, de spoorlijn Arnhem-Zutphen. De weg bevindt zich tussen de straat Biljoen en het Blauwe laantje. De weg vormt de ontsluiting van de boerderij aan de [locatie] in Velp die is gesitueerd op het rijksmonumentale landgoed Biljoen. Het landgoed Biljoen inclusief de boerderij is in eigendom van Stichting Het Geldersch Landschap. De boerderij wordt gepacht door [appellante]. De weg is aangelegd, omdat die boerderij werd ontsloten via een particuliere en onbewaakte spoorovergang die onderdeel uitmaakt van het Blauwe laantje. Omdat de weg niet paste in het vorige bestemmingsplan "Landelijk Gebied", heeft de raad het plan vastgesteld. Met het plan heeft de raad de enkelbestemming "Verkeer" aan de hoofdlocatie toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1718
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202404656/1/R4

202404741/1/A2

Bij besluit van 12 april 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Weert aan [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 5.450,00, te vermeerderen met wettelijke rente, toegekend. [partij] was ten tijde van belang eigenaar van het perceel met vrijstaande woning aan de [locatie] te Stramproy. Bij besluit van 8 mei 2019, in werking getreden op 20 juni 2019, heeft het college Vimo een omgevingsvergunning verleend (hierna: de omgevingsvergunning) om in afwijking van het bestemmingsplan Altweerterheide, Laar, Stramproy, en Tungelroy tien appartementen te realiseren aan de Julianastraat 26 te Stramproy (hierna: het perceel). Vimo heeft met de gemeente Weert een overeenkomst als bedoeld in artikel 6.4a van de Wet ruimtelijke ordening gesloten. Daarin heeft Vimo zich ertoe verbonden om aan de gemeente het totale bedrag te compenseren van de planschade die voortvloeit uit de verlening van de omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1696
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202404741/1/A2

202404983/1/A2

Bij besluiten van 9 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Roermond, voor zover hier van belang, [partij A] en [partij B] een tegemoetkoming in planschade van € 5.600,00 toegekend en [partij C] en [partij D] een tegemoetkoming in planschade van € 1.900,00 toegekend. Bij besluit van 20 oktober 2011 is het bestemmingsplan Buitengebied Asenray vastgesteld. Onder dit bestemmingsplan had het perceel gedeeltelijk een woonbestemming en voor het overige een agrarische bestemming. Binnen de agrarische bestemming was het planologisch mogelijk om een agrarisch bedrijf, zoals een productiegerichte paardenhouderij, te vestigen. Voor het toestaan van een gebruiksgerichte paardenhouderij binnen de agrarische bestemming was een wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Omdat het perceel geen bouwvlak had, was het niet toegestaan om te bouwen. Dit betekent dat het voor [appellante] niet mogelijk was om, naast de toen al bestaande paardenbak en wei, een (overdekte) rijhal voor een paardenhouderij te bouwen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1690
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202404983/1/A2

202405519/1/R2

Bij besluit van 2 juli 2024 heeft het college het wijzigingsplan "Genderen: Doeverensestraat" vastgesteld. Aan de zuidwestzijde van Genderen ligt een langgerekt kavel aan de Doeverensestraat dat momenteel in gebruik is voor agrarische doeleinden. Het plangebied ligt in het verlengde en aan de overkant van bestaande woningen aan die straat. Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 1,3 hectare. De initiatiefnemer wenst deze locatie te ontwikkelen voor 11 vrijstaande woningen inclusief de landschappelijke inpassing daarvan. [appellant] en anderen zijn het niet eens met dit plan. Zij vrezen om verschillende redenen dat hun woon-en leefklimaat door dit plan wordt aangetast. In het bijzonder is volgens hen binnen het plangebied voldoende ruimte om de woningen meer naar het westen en verder van de weg af te plaatsen. Hierdoor vormen de woningen een minder grote aantasting van het woon-en leefklimaat van de bestaande bewoners en kunnen de woningen landschappelijk beter worden ingepast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1692
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202405519/1/R2

202406594/1/R4

Bij besluit van 3 april 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tilburg zijn beslissing om op 26 maart 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening gemeente Tilburg 2019 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Bij brief van 5 juni 2024 heeft het college [appellant] gevraagd of hij een verschoonbare reden heeft voor het te laat indienen van het bezwaarschrift en hem gevraagd om uiterlijk 19 juni 2024 contact op te nemen via de contactgegevens in de brief. Bij e-mail van 24 juni 2024 heeft [appellant] in reactie daarop medegedeeld dat hij wel bezwaar heeft ingediend, maar niet op tijd heeft kunnen bellen, omdat hij druk was met werken en het was vergeten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1682
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202406594/1/R4

202406968/1/A2

Bij besluit van 21 december 2023 heeft de CSG aan [appellante] een uitkering van € 2.500,00 (letselcategorie 2) uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven toegekend. [appellante] heeft op 13 juli 2023 een uitkering uit het schadefonds aangevraagd, omdat zij slachtoffer is geweest van stelselmatig huiselijk geweld door haar ex-partner. Volgens de CSG was het aannemelijk dat zij vanaf 2019 tot in 2022 in Tilburg slachtoffer van stelselmatig huiselijk geweld is geweest. Ook was het aannemelijk dat [appellante] daarna nog enkele keren is lastiggevallen en slachtoffer werd van een mishandeling op 22 juni 2023 door haar ex-partner, waardoor zij ernstig letsel opliep. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het niet onredelijk is dat de CSG een uitkering uit het schadefonds behorend bij letselcategorie 2 in plaats van letselcategorie 3 heeft toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1723
Datum uitspraak
16 april 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202406968/1/A2
vorige pagina1...884885886...12.712volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon