Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 103.286
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202400273/1/A2

Bij uitspraak van 30 november 2023 heeft de rechtbank het verzoek van [appellant] om het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam te veroordelen tot vergoeding van schade afgewezen. In geschil is of [appellant] recht heeft op een schadevergoeding, omdat de GGD Rotterdam-Rijnmond zijn persoonsgegevens uit de systemen heeft gewist en de GGD een belhistorie bijhoudt waarin zijn persoonsgegevens zijn verwerkt. Naar aanleiding van een bij hem af te nemen coronatest heeft [appellant] op 21 maart 2021 via het contactformulier de GGD te kennen gegeven dat hij na ontvangst van de uitslag daarvan wenst dat zijn persoonsgegevens worden verwijderd. Hiermee wilde hij voorkomen dat zijn persoonsgegevens verhandeld zouden worden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1812
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202400273/1/A2

202400674/1/R1

Bij besluit van 21 september 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrecht geweigerd aan [appellant] een omgevingsvergunning te verlenen voor het vergroten van de bovenste verdieping van de woning aan de [locatie] in Utrecht. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie] in Utrecht. De woning bestaat uit vier bouwlagen. De vierde bouwlaag is aan de achterzijde van de woning terugliggend ten opzichte van de twee daaronder gelegen bouwlagen. [appellant] wil de vierde bouwlaag vergroten tot het oppervlak van de daaronder gelegen bouwlagen zodat niet langer sprake zal zijn van een terugliggende bouwlaag. Aldus kan er een extra kamer aan de achterzijde van de woning komen. Om dit plan te kunnen realiseren heeft hij een aanvraag om een omgevingsvergunning ingediend voor het vergroten van het hoofdgebouw.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1838
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202400674/1/R1

202400879/1/A3

Bij twee onderscheiden besluiten van 26 mei 2021 en twee onderscheiden besluiten van 5 juli 2021 heeft de burgemeester van Brunssum [appellant] en anderen te kennen gegeven bestuursdwang te zullen toepassen als zij overgaan tot de door hen aangekondigde acties. [appellant] en anderen hebben de burgemeester te kennen gegeven op een aantal verschillende, gespecificeerde momenten te zullen betogen op het grasveld tegenover Kennedylaan 48 in Brunssum en in het Trichterbos, tussen de Maastrichterstraat en de Pinksterblom. Met deze betogingen wilden [appellant] en anderen aandacht vragen voor het gebrekkige woonwagenbeleid van de provincie Limburg in het algemeen en de gemeente Brunssum in het bijzonder. De burgemeester heeft bij twee onderscheiden besluiten van 26 mei 2021 en twee onderscheiden besluiten van 5 juli 2021 te kennen gegeven dat hij de acties van [appellant] en anderen niet ziet als betogingen, maar als een dwangmiddel om woonwagenstandplaatsen toegewezen te krijgen. Als [appellant] en anderen overgaan tot de door hen aangekondigde acties, zal bestuursdwang worden toegepast, aldus de burgemeester.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1837
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202400879/1/A3

202401403/1/R3

Bij besluit van 28 september 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag besloten tot invordering van de door [appellant] verbeurde dwangsom van € 2.500,00. Bij besluit van 26 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft bij [appellant] een dwangsom van € 2.500,00 ingevorderd, omdat op 19 juli 2021 is geconstateerd dat het achtererf van zijn pand aan de Kaapstraat 129 in Den Haag nog steeds, in strijd met het bestemmingsplan, werd gebruikt als opslag voor goederen voor de supermarkt in het naastgelegen pand. Niet in geschil is dat de dwangsom van rechtswege is verbeurd. De last onder dwangsom is niet aangevochten en is dus onherroepelijk. [appellant] betoogt in hoger beroep dat hij ten onrechte is aangemerkt als overtreder, omdat niet hij maar zijn huurder de overtreding feitelijk en fysiek heeft gepleegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1823
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202401403/1/R3

202401901/2/V3

Bij besluit van 23 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat betrokkene geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. In deze uitspraak staan twee rechtsvragen centraal. Dit besluit heeft de staatssecretaris op 5 februari 2024 ingetrokken, omdat de Afdeling bij uitspraak van 17 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:32, had bepaald dat het recht op bescherming dat betrokkene geniet op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming, van rechtswege eindigde op 4 maart 2024. De eerste rechtsvraag gaat over de duur van de tijdelijke bescherming waarvoor de minister gebruik heeft gemaakt van de in artikel 7, eerste lid, van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming geboden mogelijkheid om onverplicht andere categorieën ontheemden tijdelijke bescherming te bieden (hierna: facultatieve tijdelijke bescherming) en over het moment waarop de minister deze facultatieve tijdelijke bescherming mocht beëindigen. De tweede rechtsvraag gaat over het moment waarop de minister van Asiel en Migratie een terugkeerbesluit mocht uitvaardigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1829
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202401901/2/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202401901/2/V3

202402020/3/V3

Bij besluit van 16 augustus 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat appellant geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. In deze uitspraak staan twee rechtsvragen centraal. Dit besluit heeft de staatssecretaris op 29 januari 2024 ingetrokken, omdat de Afdeling bij uitspraak van 17 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:32, had bepaald dat het recht op bescherming dat appellant geniet op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming, van rechtswege eindigde op 4 maart 2024. De eerste rechtsvraag gaat over de duur van de tijdelijke bescherming waarvoor de minister van Asiel en Migratie gebruik heeft gemaakt van de in artikel 7, eerste lid, van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming geboden mogelijkheid om onverplicht andere categorieën ontheemden tijdelijke bescherming te bieden en over het moment waarop de minister van Asiel en Migratie deze facultatieve tijdelijke bescherming mocht beëindigen. De tweede rechtsvraag gaat over het moment waarop de minister van Asiel en Migratie een terugkeerbesluit mocht uitvaardigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1827
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202402020/3/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202402020/3/V3

202402066/2/V3

In deze uitspraak staan twee rechtsvragen centraal. De eerste rechtsvraag gaat over de duur van de tijdelijke bescherming waarvoor de minister van Asiel en Migratie gebruik heeft gemaakt van de in artikel 7, eerste lid, van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming geboden mogelijkheid om onverplicht andere categorieën ontheemden tijdelijke bescherming te bieden en over het moment waarop de minister deze facultatieve tijdelijke bescherming mocht beëindigen. De tweede rechtsvraag gaat over het moment waarop de minister een terugkeerbesluit mocht uitvaardigen. De minister heeft betrokkene opgedragen om de EU te verlaten, omdat hij met ingang van 5 maart 2024 niet langer rechtmatig in Nederland zou verblijven doordat de bescherming die hij op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming genoot, na 4 maart 2024 eindigde. Volgens de rechtbank is de aan betrokkene verleende bescherming niet per 4 maart 2024 van rechtswege geëindigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1836
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202402066/2/V3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202402066/2/V3

202402350/1/R4

Bij besluit van 30 januari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Soest het wijzigingsplan "Stationsweg 7-11 Soest" vastgesteld. Het wijzigingsplan maakt het mogelijk voor ontwikkelaar RV&O B.V. om op een perceel tegenover het historische voormalige stationsgebouw van Soest een twee-onder-een-kapwoning en een vrijstaande woning te realiseren. Daarvoor zal de aanwezige begroeiing worden verwijderd. Het wijzigingsplan maakt het mogelijk voor ontwikkelaar RV&O B.V. om op een perceel tegenover het historische voormalige stationsgebouw van Soest een twee-onder-een-kapwoning en een vrijstaande woning te realiseren. Daarvoor zal de aanwezige begroeiing worden verwijderd. Het college heeft het wijzigingsplan vastgesteld met toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in artikel 34.8 van het bestemmingsplan ‘Soest Midden en Zuid’. Dat aan de voorwaarden wordt voldaan om aan deze wijzigingsbevoegdheid toepassing te geven, is niet in geschil.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1813
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202402350/1/R4

202402705/1/R4

Bij besluit van 31 maart 2022 heeft het college [appellant] onder oplegging van een dwangsom gelast om diverse overtredingen op het perceel [locatie] in Amersfoort te beëindigen. Op 25 juli 2019 heeft het college een omgevingsvergunning verleend aan [appellant] voor het uitbreiden van de woning op het perceel. Naar aanleiding van de uitgevoerde werkzaamheden op het perceel is door meerdere omwonenden verzocht om handhavend op te treden tegen, voor zover hier nog van belang, een overtreding van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo en artikel 17.2.2, aanhef en onder f, van de regels van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Schothorst-Zielhorst". Het college heeft [appellant] vervolgens onder oplegging van een dwangsom gelast de totale oppervlakte van de bijbehorende bouwwerken op het perceel en de overkapping terug te brengen tot maximaal 57,4 m2 om zo de overtreding te beëindigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1816
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202402705/1/R4

202403847/1/R1

Bij besluit van 25 april 2024 heeft de raad van de gemeente Bergen het bestemmingsplan "Laanweg 55-57 Schoorl" vastgesteld. Bij besluit van 9 mei 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen (NH) een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een woongebouw met 12 appartementen en bergingen op het adres Laanweg 55a tot en met 55n in Schoor. Het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning maken de bouw van twaalf gestapelde woningen mogelijk op het perceel Laanweg 55-57 in Schoorl. Op dit moment is hier een horecapand aanwezig, dat zal worden gesloopt om plaats te maken voor een appartementencomplex. [appellant] en anderen wonen op percelen in de directe nabijheid van het plangebied. Zij vrezen dat het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning leiden tot een ernstige verslechtering van hun woon- en leefklimaat. [partij]. is de ontwikkelaar van het project en de aanvrager van de omgevingsvergunning. [appellant] en anderen betogen dat de gemeente heeft nagelaten om het vastgestelde plan en de omgevingsvergunning te publiceren op de website van de gemeente.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1818
Datum uitspraak
23 april 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bouwen
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202403847/1/R1
vorige pagina1...614615616...10.329volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon